<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2025:4884</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-22T16:06:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08-123797-24 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2025:4884">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2025:4884</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-22T16:06:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2025:4884 Rechtbank Overijssel , 22-07-2025 / 08-123797-24 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2025:4884:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een taakstraf van 20 uren en een rijontzegging van 12 maanden.</para>
        <para>De verdachte is schuldig bevonden aan een verkeersovertreding.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2025:4884:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team Strafrecht </para>
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 08-123797-24 (P)</para>
      <para>Datum vonnis: 22 juli 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1965 in [geboorteplaats],</para>
      <para>wonende aan de [woonplaats].</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van </para>
      <para>8 juli 2025.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van wat door de verdachte naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ook heeft de rechtbank kennisgenomen van de slachtofferverklaring van [slachtoffer 1] en van wat namens haar door [naam], casemanager GTPA bij de politie-eenheid Oost-Nederland, is aangevoerd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en zakelijk weergeven, op neer dat de verdachte op 9 april 2024 in Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">feit 1</emphasis>
        <emphasis role="italic">: </emphasis>heeft geprobeerd [slachtoffer 1], [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] van het leven te beroven, door in zijn auto, terwijl hij dronken was, op hen af te rijden (<emphasis role="underline italic">primair</emphasis>), dan wel heeft geprobeerd hen zwaar lichamelijk letsel toe te brengen (<emphasis role="underline italic">subsidiair</emphasis>), dan wel door zijn rijgedrag opzettelijk levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor anderen heeft veroorzaakt (<emphasis role="underline italic">meer subsidiair</emphasis>);</para>
      <para>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="underline italic">feit 2</emphasis>
        <emphasis role="italic">:</emphasis> onder invloed van 590 microgram alcohol per liter uitgeademde lucht een personenauto heeft bestuurd (<emphasis role="underline italic">primair</emphasis>), dan wel onder invloed van alcohol (al dan niet in combinatie met een andere stof die de rechtvaardigheid vermindert) een personenauto heeft bestuurd (<emphasis role="underline italic">subsidiair</emphasis>).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">feit 1</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 9 april 2024 te Zwolle, op de Wijheseweg, ter uitvoering van het</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 1], [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic"> opzettelijk van het leven te beroven, terwijl hij verkeerde in kennelijke staat</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">van dronkenschap, met een door hem bestuurde auto door/langs een afzetting is</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">gereden, hij geen vaart heeft geminderd, dan wel zijn snelheid niet aan de</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verkeerssituatie ter plaatse heeft aangepast en op die [slachtoffer 1], [slachtoffer 2] en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [slachtoffer 3] is afgereden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">voltooid;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 9 april 2024 te Zwolle, op de Wijheseweg, ter uitvoering van het</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer 1], [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic"> opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, terwijl hij verkeerde in</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">kennelijke staat van dronkenschap, met een door hem bestuurde auto door/langs</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">een afzetting is gereden, hij geen vaart heeft geminderd, dan wel zijn snelheid niet</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">aan de verkeerssituatie ter plaatse heeft aangepast en op die [slachtoffer 1], [slachtoffer 2]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic"> en [slachtoffer 3] is afgereden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">misdrijf niet is voltooid;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>meer subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 9 april 2024 te Zwolle, als bestuurder van een voertuig</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(personenauto), daarmee rijdende op de weg, de Wijheseweg,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">terwijl hij verkeerde in de toestand als bedoeld in artikel 8, eerste of tweede lid van</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">de Wegenverkeerswet 1994 en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">terwijl het donker was,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">niet is gestopt voor een aldaar, door de politie, middels hun</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(politie/dienst)voertuigen, opgeworpen (weg)blokkade/(weg)versperring, maar</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">deze, al dan niet met hoge snelheid, heeft gepasseerd en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">zijn snelheid niet of onvoldoende aan de verkeerssituatie heeft aangepast en/of niet</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">of onvoldoende heeft geremd en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">is afgereden op een of meerdere kwetsbare verkeersdeelnemers/voetgangers ([slachtoffer 1]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">, [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3]), waardoor een of meerdere (van de</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">eerdergenoemde) kwetsbare verkeersdeelnemers/voetgangers moesten uitwijken</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of aan de kant/opzij moesten springen om aanrijdingen te voorkomen en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">in strijd met het gestelde in artikel 19 van het Reglement Verkeersregels en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verkeerstekens 1990 de snelheid van de door hem bestuurde voertuig niet zodanig</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">heeft geregeld dat hij in staat was zijn voertuig tot stilstand te brengen binnen de</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">afstand waarover hij die weg kon overzien en waarover deze vrij was en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">is gebotst tegen, althans in aanrijding is gekomen met, een ander stilstaand voertuig, en aldus in strijd met het in artikel 5a van de WVW94 gestelde verbod, zich</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">opzettelijk zodanig in het verkeer heeft gedragen dat voormelde verkeersregels in</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">ernstige mate werden geschonden, waardoor daarvan levensgevaar of gevaar voor</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">zwaar lichamelijk letsel voor (een) ander(en) te duchten was;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 9 april 2024 te Zwolle, als bestuurder van een motorrijtuig,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(personenauto), dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte in zijn adem bij een onderzoek, als</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">590 microgram, in elk geval hoger dan 220 microgram, alcohol per liter</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">uitgeademde lucht bleek te zijn;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 9 april 2024 te Zwolle, als bestuurder van een voertuig,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(personenauto), dit voertuig heeft bestuurd, terwijl hij verkeerde onder zodanige</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">invloed van alcohol, waarvan hij wist of redelijkerwijs moest weten, dat het gebruik</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">daarvan - al dan niet in combinatie met het gebruik van een andere stof - de</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">rijvaardigheid kon verminderen, dat hij niet tot behoorlijk besturen in staat moest</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">worden geacht</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De bewijsmotivering</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gesteld dat verdachte wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs van het onder feit 1 primair en subsidiair ten laste gelegde moet worden vrijgesproken. </para>
        <para>Het onder feit 1 meer subsidiair en feit 2 primair ten laste gelegde is volgens de officier van justitie wettig en overtuigend bewezen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdediging heeft bepleit dat verdachte integraal van het onder feit 1 ten laste gelegde moet worden vrijgesproken. Ten aanzien van het onder feit 2 ten laste gelegde heeft de verdediging zich aan het oordeel van de rechtbank gerefereerd. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Ten aanzien van het onder feit 1 ten laste gelegde</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">Poging doodslag dan wel zware mishandeling?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat op basis van de inhoud van het strafdossier en de behandeling op de zitting er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is om vast te kunnen stellen dat verdachte op 9 april 2024 in Zwolle opzet had, evenmin in voorwaardelijke zin, op de dood van, dan wel om zwaar lichamelijk letsel toe te brengen bij [slachtoffer 1], [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3]. De rechtbank zal verdachte daarom vrijspreken van het onder feit 1 primair en subsidiair ten laste gelegde. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">Levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Voor een bewezenverklaring van een overtreding van artikel 5a van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) is vereist dat verdachte opzet heeft gehad op zowel het schenden van de verkeersregels als het in ernstige mate schenden van die regels. Indien vast komt te staan dat verdachte een of meer verkeersovertredingen heeft begaan waardoor een zeer gevaarlijke situatie is ontstaan en verdachte dus onaanvaardbare risico’s heeft genomen, levert dit gedrag per definitie het opzettelijk in ernstige mate schenden van de verkeersregels op.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank stelt op basis van de inhoud van het strafdossier en de behandeling op de zitting vast dat verdachte in de nacht van 9 april 2024 onder invloed van alcohol als bestuurder van een personenauto over de Wijheseweg in Zwolle heeft gereden. Hij heeft een (gedeeltelijke) wegafzetting gepasseerd en is met een snelheid van tussen de 47 en 53 kilometer per uur tegen een reeds verongelukte zwarte Mercedes aangereden. De verbalisant [slachtoffer 1], de ambulancebroeder [slachtoffer 3] en de persfotograaf [slachtoffer 2] moesten wegduiken om te voorkomen dat zij zouden worden geraakt. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft verklaard dat de Wijheseweg niet van verkeersverlichting is voorzien. Hij heeft tussen de 60 en 70 kilometer per uur gereden op een weg waar 80 kilometer per uur is toegestaan. Verdachte heeft de wegafzetting niet gezien. Ook heeft hij de verongelukte Mercedes en de personen daaromheen niet gezien, omdat verdachte naar eigen zeggen door verstralers van een sleepwagen werd verblind. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat de hiervoor beschreven feiten en omstandigheden, ook in onderling verband en samenhang bezien, onvoldoende zijn voor de vaststelling dat verdachte  opzet heeft gehad op het in ernstige mate schenden van de verkeersregels. Dit brengt met zich dat het onder feit 1 meer subsidiair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen. De rechtbank zal verdachte hiervan vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Ten aanzien van het onder feit 2 primair ten laste gelegde</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op grond van de inhoud van de bewijsmiddelen<footnote-ref linkend="_f841d7ee-26c0-4b37-b4d3-fec0e0442606" /> komt de rechtbank tot een bewezenverklaring van het onder feit 2 primair ten laste gelegde overtreden van artikel 8, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Verdachte heeft dit feit bekend. Tijdens de zitting is door verdachte of zijn raadsman geen vrijspraak bepleit. De rechtbank zal om die reden - overeenkomstig artikel 359,derde lid, laatste volzin, van het Wetboek van Strafvordering - met de volgende opsomming van de bewijsmiddelen volstaan:</para>
      </parablock>
      <orderedlist numeration="arabic">
        <listitem>
          <para>de (bekennende) verklaring van verdachte, afgelegd tijdens het onderzoek ter terechtzitting van 8 juli 2025;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het proces-verbaal van bevindingen van 10 april 2024 (pagina 20);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een schriftelijk bescheid, inhoudende een resultaat van een ademonderzoek van 10 april 2024.</para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht op grond van de inhoud van de opgegeven bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen dat:</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">feit 2 primair</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">hij op 9 april 2024 te Zwolle als bestuurder van een motorrijtuig (personenauto) dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank dat het alcoholgehalte in zijn adem bij een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994, 590 microgram alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn</emphasis>.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De strafbaarheid van het bewezen verklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde is strafbaar gesteld in de artikelen 8 en 176 WVW 1994. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het bewezen verklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">feit 2 primair</emphasis>
      </para>
      <para>het misdrijf: <emphasis role="bold">overtreding van artikel 8, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor het bewezen verklaarde feit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De op te leggen straf of maatregel</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een taakstraf van 120 uren. Daarnaast heeft de officier van justitie gevorderd dat aan verdachte wordt opgelegd een voorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen voor de duur van één jaar, met aftrek van de tijd dat het rijbewijs reeds is ingenomen geweest, met een proeftijd van twee jaren.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdediging heeft verzocht te volstaan met de oplegging van een taakstraf en een rijontzegging die qua de duur gelijk is aan de periode dat het rijbewijs reeds ingehouden is geweest.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De gronden voor een straf of maatregel</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder deze is begaan en de persoon van verdachte, zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. </para>
        <para>De rechtbank acht daarbij in het bijzonder het volgende van belang. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">De aard en de ernst van het gepleegde feit</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het op de openbare weg besturen van een personenauto, terwijl hij onder invloed was van een aanzienlijke hoeveelheid alcohol (590 microgram alcohol per uitgeademde liter lucht). Alcohol in het verkeer leidt jaarlijks tot vele ongelukken, met schade, letsel of soms zelfs de dood tot gevolg. Met zijn gedrag heeft verdachte zijn verantwoordelijkheid als verkeersdeelnemer veronachtzaamd en niet alleen zijn eigen veiligheid maar ook die van andere weggebruikers in gevaar gebracht. Dit gevaar heeft zich in dit geval ook verwezenlijkt in de vorm van een aanrijding met een ander (verongelukt) voertuig, waarbij omstanders moesten wegduiken om te voorkomen dat zij zouden worden geraakt. Voor verdachte, andere verkeersdeelnemers en de samenleving als geheel moet duidelijk zijn dat dergelijk risicovol gedrag in het verkeer onaanvaardbaar is.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">De persoon van verdachte</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Wat betreft de persoon van de verdachte heeft de rechtbank acht geslagen op het strafblad van verdachte van 26 mei 2025. Hieruit blijkt dat verdachte al eerder, in 2017, voor een soortgelijk strafbaar feit is veroordeeld. Daarnaast heeft de rechtbank kennisgenomen van het reclasseringsrapport van GGZ Tactus Zwolle van 29 april 2025. Ook heeft de rechtbank kennisgenomen van wat verdachte ter terechtzitting over zijn persoonlijke omstandigheden heeft verteld.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte is een 60-jarige man met een eigen woning en is werkzaam in de technische dienstverlening. Hij heeft geen schulden. Verdachte heeft na het incident op 9 april 2024 hulp gezocht bij Tactus Verslavingszorg. Vanwege een (ernstige) alcoholverslaving heeft hij gedurende zes maanden op vrijwillige basis een ambulante behandeling ondergaan. Tijdens deze behandeling is verdachte abstinent geworden en heeft hij handvatten gekregen in de vorm van een signalerings- en preventieplan. Alhoewel verdachte tot op heden abstinent is gebleven, sluit hij niet uit dat hij op termijn tijdens bijzondere aangelegenheden eens alcohol gaat drinken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">De strafoplegging</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank neemt bij het bepalen van de straf en de hoogte ervan de oriëntatiepunten voor straftoemeting van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) voor het rijden onder invloed van alcohol in een motorrijtuig als uitgangspunt: een onvoorwaardelijke geldboete van € 650,-- en een ontzegging van de rijbevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen voor een periode van drie maanden. Dit oriëntatiepunt ziet op een verdachte die zich niet eerder schuldig heeft gemaakt aan een dergelijk feit. Verdachte is al eerder veroordeeld voor het rijden onder invloed. Dit weegt de rechtbank in strafverzwarende zin mee. Daar komt bij dat hij onder invloed van alcohol een verkeerongeval heeft veroorzaakt, wat eveneens strafverzwarend doorwerkt. De oplegging van een geldboete is daarom niet op zijn plaats. Een taakstraf en een langere ontzegging van de rijbevoegdheid zijn aangewezen. De rechtbank acht het positief dat verdachte zelf hulp heeft gezocht voor zijn alcoholverslaving en nadien abstinent is gebleven. Toch baart het de rechtbank wel enige zorgen dat verdachte voor de toekomst niet uitsluit weer alcohol te gaan drinken. De rechtbank houdt er rekening mee dat verdachte zijn rijbewijs nodig heeft voor zijn werk en dat het Openbaar Ministerie het rijbewijs van verdachte reeds voor een periode van zes maanden, van 10 april 2024 tot en met 7 oktober 2024, heeft ingehouden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht het, alles afwegend, passend en geboden om aan verdachte op te leggen een taakstraf van twintig uren en een ontzegging van de rijbevoegdheid van twaalf maanden, met aftrek van de duur dat het rijbewijs reeds is ingehouden geweest, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Dit voorwaardelijk strafdeel moet verdachte ervan weerhouden opnieuw de fout in te gaan. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De vordering van de benadeelde partij</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">De vordering</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [slachtoffer 1] heeft zich als benadeelde partij in dit strafproces gevoegd. De benadeelde partij vordert verdachte te veroordelen tot betaling van € 650,-- aan immateriële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop de schade is ontstaan. Ook is verzocht de schadevergoedingsmaatregel op te leggen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte wordt integraal van het onder feit 1 ten laste gelegde vrijgesproken. De rechtbank zal de benadeelde partij daarom op de voet van artikel 361, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering niet-ontvankelijk verklaren in de vordering en bepalen dat de benadeelde partij haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen. Ook bepaalt de rechtbank dat de benadeelde partij en verdachte ieder de eigen kosten dragen, die ten aanzien van de vordering zijn gemaakt. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De hierna te nemen beslissing berust op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 8, 176 en 179 WVW 1994. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart niet bewezen dat verdachte het onder feit 1 primair, subsidiair en meer subsidiair ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart bewezen dat verdachte het onder feit 2 primair ten laste gelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;</para>
    <para>- verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid feiten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar;</para>
    <para>- verklaart dat het bewezen verklaarde het volgende strafbare feit oplevert:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">feit 2 primair </emphasis>
      </para>
      <para>het misdrijf: <emphasis role="bold">overtreding van artikel 8, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994</emphasis>; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart verdachte strafbaar voor het bewezen verklaarde;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis>, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van <emphasis role="bold">20 (twintig) uren</emphasis>;</para>
    <para>- beveelt, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, dat <emphasis role="bold">vervangende hechtenis</emphasis> zal worden toegepast voor de duur van <emphasis role="bold">10 (tien) dagen</emphasis>;</para>
    <para />
    <para>-	<emphasis role="bold">ontzegt</emphasis> verdachte de <emphasis role="bold">bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">12 (twaalf) maanden</emphasis>;</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>beveelt dat de tijd gedurende welke het rijbewijs ingevorderd en ingehouden is geweest, ingevolge artikel 164 van de Wegenverkeerswet 1994, afgetrokken wordt van de duur van de ontzegging;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat van deze ontzegging een gedeelte van <emphasis role="bold">6 (zes) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten als verdachte voor het einde van de <emphasis role="bold">proeftijd van 2 (twee) jaren</emphasis> de navolgende voorwaarde niet is nagekomen: de <emphasis role="bold">algemene voorwaarde</emphasis> dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">de vordering van de benadeelde partij</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- bepaalt dat de <emphasis role="bold">benadeelde partij</emphasis> ten aanzien van het onder feit 1 ten laste gelegde in het geheel <emphasis role="bold">niet-ontvankelijk</emphasis> is in de vordering en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;</para>
    <para>- bepaalt dat de benadeelde partij en verdachte ieder de eigen kosten dragen, die ten aanzien van de vordering zijn gemaakt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J. de Ruiter, voorzitter, mr. S.H. Peper en mr. A.A. Jacobs, rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.L. Struik, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 22 juli 2025.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>Mr. Jacobs is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_f841d7ee-26c0-4b37-b4d3-fec0e0442606" label="1">
    <para>Wanneer hierna wordt verwezen naar documenten/dossierpagina’s zijn dit documenten of (de doorgenummerde) pagina’s uit het dossier van de politie-eenheid Oost-Nederland van 10 juni 2024, met dossiernummer PL0600-2024162092. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.</para>
    <para />
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>