<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2024:6421</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-12-03T11:06:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-12-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-02-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">81.249034.22</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2024:6421">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2024:6421</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-12-03T11:05:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-12-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2024:6421 Rechtbank Overijssel , 08-02-2024 / 81.249034.22</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2024:6421:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank verklaart de dagvaarding nietig. De dagvaarding is niet op de bij de wet voorgeschreven wijze aan verdachte betekend en verdachte is niet verschenen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2024:6421:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team Strafrecht </para>
    <para>Meervoudige economische kamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 81-249034-22 (P)</para>
      <para>Datum vonnis: 8 februari 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in de zaak van de officier van justitie tegen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1968 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende aan [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 8 februari 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte en haar raadsman, mr. K.B.H. Welvaart, advocaat te Maastricht, zijn niet verschenen. Het Openbaar Ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door de officier van justitie mr. J.P. Senior.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1:</emphasis> telefonisch diergeneesmiddelen heeft voorgeschreven ten behoeve van dieren bij de [stichting] zonder de dieren zelf te hebben onderzocht, terwijl dat in strijd was met de voor die diergeneesmiddelen afgegeven vergunningen;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2:</emphasis> diergeneesmiddelen, die uitsluitend door dierenartsen mogen worden gebruikt, heeft afgeleverd aan de [stichting] , terwijl dat in strijd was met de voor die diergeneesmiddelen afgegeven vergunningen;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 3: </emphasis>ten onrechte gebruik heeft gemaakt van de uitzondering om diergeneesmiddelen voor te schrijven en/of af te leveren voor een andere diersoort dan waarvoor die diergeneesmiddelen waren bestemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1</para>
      <para>zij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 2017 tot en </para>
      <para>met 31 december 2019 te Amsterdam en/of te Naarden, gemeente Gooise Meren, </para>
      <para>althans in Nederland,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,</para>
      <para>opzettelijk,</para>
      <para>(een) diergeneesmiddel(en) heeft voorgeschreven als bedoeld in artikel 5.8, aanhef </para>
      <para>en onder a, van het Besluit diergeneesmiddelen, terwijl zij, als dierenarts die de </para>
      <para>medische zorg op zich heeft genomen, de omstandigheden waaronder het dier </para>
      <para>en/of de groep dieren werd gehouden niet kende en niet beschikte over de </para>
      <para>medicatiehistorie van het dier of de groep dieren,</para>
      <para>immers heeft zij en/of hebben haar mededaders,</para>
    </parablock>
    <para>- op of omstreeks 20 september 2017 het/de diergeneesmiddel(en) Cavasan oogzalf </para>
    <para>en/of Sulfatrim drops; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 29 mei 2017 het diergeneesmiddel Cavasan oogzalf; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 14 maart 2018 het/de diergeneesmiddel(en) Spartrix en/of </para>
    <para>Clavubactin 500/125; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 16 juli 2018 het diergeneesmiddel Sulfatrim drops; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 30 augustus 2018 het/de diergeneesmiddel(en) Spartrix en/of </para>
    <para>Sulfatrim drops; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 14 februari 2019 het diergeneesmiddel Spatrix; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 24 mei 2019 het/de diergeneesmiddel(en) Spartrix en/of </para>
    <para>Clavubactin 500/125; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 2 december 2019 het/de diergeneesmiddel(en) Spartrix en/of </para>
    <parablock>
      <para>Clavubactin 250/62,5 en/of Clavubactin 50/12,5;</para>
      <para>althans (een) diergeneesmiddel(en), voorgeschreven na telefonische aanvraag, aan </para>
      <para>dieren die verbleven bij de [stichting] </para>
      <para>zonder de dieren zelf te hebben onderzocht;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2</para>
      <para>zij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 2017 tot en </para>
      <para>met 31 december 2019 te Amsterdam en/of te Naarden, gemeente Gooise Meren, </para>
      <para>althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans </para>
      <para>alleen,</para>
      <para>opzettelijk,</para>
      <para>handelingen heeft verricht die ertoe strekte een diergeneesmiddel te bereiden, te </para>
      <para>bewerken, te verwerken, te verpakken, te etiketteren, in de handel te brengen, in of </para>
      <para>buiten Nederland te brengen, te vervoeren, aan te bieden, aan te prijzen, af te </para>
      <para>leveren, te ontvangen, voorhanden of in voorraad te hebben, terwijl</para>
      <para>deze handeling(en) niet is/zijn toegestaan krachtens een vergunning die was </para>
      <para>verstrekt ingevolge een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur ter uitvoering van een bindend onderdeel van een EU-rechtshandeling vastgesteld </para>
      <para>voorschrift of een bij ministeriële regeling aangewezen voorschrift van een </para>
      <para>EU-verordening inzake het in de handel brengen, vervaardiging, invoer, of het bezit </para>
      <para>van, handel in of verstrekken van een diergeneesmiddel,</para>
      <para>immers heeft zij en/of haar medeverdachten:</para>
    </parablock>
    <para>- op of omstreeks 22 april 2016, 250 althans één of meer tablet(ten) Sulfatrim 80/400 en/of 100, althans één of meer tablet(ten) Clavubactin 500/125 en/of 250 één of meer tablet(ten) Doxoral 15 mg en/of en/of 250 één of meer tablet(ten) Doxoral 150 mg; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 15 maart 2017, 200, althans één of meer tablet(ten) Spartrix 10 mg; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 19 maart 2018, 100, althans één of meer tablet(ten) Clavubactin 500/125; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 30 augustus 2018, 50, althans één of meer tablet(ten) Spartrix 10 mg; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 24 mei 2019, 100, althans één of meer tablet(ten) Clavubactin 500/125; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 14 februari 2019, 50, althans één of meer tablet(ten) Spartrix 10 mg; en/of</para>
    <para>- op of omstreeks 4 december 2019, 100, althans één of meer tablet(ten) Spartrix 10 mg en/of 100, althans één of meer tablet(ten) Clavubactin 250/62,5 100, althans één of meer tablet(ten) Clavubactin 50/12,5;</para>
    <para>althans (een) UDD-diergeneesmiddel(en) afgeleverd aan de [stichting] ;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>3</para>
      <para>zij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2019 te Amsterdam en/of te Naarden, gemeente Gooise Meren, </para>
      <para>althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans </para>
      <para>alleen,</para>
      <para>opzettelijk,</para>
      <para>als dierenarts ten onrechte gebruik heeft gemaakt van de uitzondering om in </para>
      <para>afwijking van de vergunning voor het in de handel brengen van een </para>
      <para>diergeneesmiddel, bedoeld in artikel 2.19, eerste lid, van de Wet dieren,</para>
      <para>bij dieren waarvoor hij/zij, als dierenarts, de verantwoording had en die niet voor de </para>
      <para>productie van levensmiddelen waren bestemd, met name teneinde deze dieren </para>
      <para>onaanvaardbaar lijden te besparen, voor een aandoening waarvoor in Nederland </para>
      <para>geen diergeneesmiddel in de handel was gebracht,</para>
      <para>een dier heeft behandelend met een diergeneesmiddel waarvoor een vergunning als </para>
      <para>bedoeld in artikel 2.1 van het Besluit diergeneesmiddelen was verstrekt voor </para>
      <para>toepassing bij andere diersoorten of voor een andere aandoening bij dezelfde </para>
      <para>diersoort,</para>
      <para>immers heeft zij en/of hebben haar mededaders:</para>
    </parablock>
    <para>- Sulfatrim met als doeldier knaagdieren; en/of</para>
    <para>- Clavubactin met als doeldier hond en kat; en/of</para>
    <para>- Novacam met als doeldier hond en kat; en/of</para>
    <para>- Cavasan oogzalf met als doeldier hond en kat,</para>
    <parablock>
      <para>althans (een) diergeneesmiddel(en) voorgeschreven en/of afgeleverd dat/die voor </para>
      <para>andere dieren dan vogels was/waren geregistreerd terwijl (een) </para>
      <para>diergeneesmiddel(en) voor vogels verkrijgbaar was/waren.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De geldigheid van de dagvaarding</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>In de aktes van uitreiking van 19 januari 2024 en 31 januari 2024 is vermeld dat de dagvaarding niet is uitgereikt omdat de geadresseerde niet aanwezig was. De dagvaarding is niet vervolgens conform de betekeningsvoorschriften uitgereikt aan het Openbaar Ministerie, met afschrift aan het inschrijfadres (een zogenaamde ‘OM-betekening’). </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt vast dat de dagvaarding niet op de bij de wet voorgeschreven wijze aan verdachte is betekend. Nu verdachte niet is verschenen, dient de dagvaarding dan ook nietig te worden verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart de dagvaarding nietig.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.H.W.R. Orriëns-Schipper, voorzitter, mr. M. van Berlo en mr. R.P. van Campen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A. Lautenbag, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 8 februari 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>Mr. Van Berlo is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>