<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2024:6172</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-11-22T10:46:21</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-11-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-11-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11164139 \ CV EXPL  24-2334</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2024:6172">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2024:6172</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-11-22T10:45:29</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-11-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2024:6172 Rechtbank Overijssel , 19-11-2024 / 11164139 \ CV EXPL  24-2334</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2024:6172:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Eiseres heeft zonwering bij gedaagde geplaatst. Eiseres heeft hiervoor een factuur bij gedaagde in rekening gebracht, maar gedaagde weigert te betalen. Eiseres vordert in deze procedure onder meer betaling van de factuur. Gedaagde voert verweer. Het verweer slaagt niet en de kantonrechter veroordeelt gedaagde tot betaling.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2024:6172:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">OVERIJSSEL</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 11164139 \ CV EXPL  24-2334</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 19 november 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de besloten vennootschap [eiseres] B.V.</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [eiseres] ,</para>
      <para>gemachtigde: DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringmaatschappij N.V.,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding van 11 juni 2024;<?linebreak?>- de conclusie van antwoord;<?linebreak?>- de brief van 9 juli 2024 waarin een mondelinge behandeling is bepaald;<?linebreak?>- de brief van 21 augustus 2024 van [eiseres] , met stukken;</para>
      <para>- de mondelinge behandeling van 8 oktober 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Hierna is vonnis bepaald.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>
      <?linebreak?>2.	Samenvatting</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] heeft zonwering bij [gedaagde] geplaatst. [eiseres] heeft hiervoor een factuur bij [gedaagde] in rekening gebracht, maar [gedaagde] weigert te betalen. [eiseres] vordert in deze procedure onder meer betaling van de factuur. [gedaagde] voert verweer. Het verweer slaagt niet en de kantonrechter veroordeelt [gedaagde] tot betaling. Dit oordeelt wordt hierna toegelicht.  <?linebreak?></para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Op 31 juli 2023 heeft [eiseres] een offerte gestuurd naar [gedaagde] voor de plaatsing van zonwering. Dit betreft zonweringsdoeken met een transparantie (lichtdoorlatendheid) van 5%. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Op 1 november 2023 heeft [eiseres] de zonwering bij [gedaagde] geïnstalleerd. Hiervoor heeft [eiseres] een bedrag van € 3.228,- bij [gedaagde] in rekening gebracht.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Op 13 november 2023 heeft [gedaagde] via een appbericht aan [eiseres] laten weten dat de screens ontzettend netjes hangen. Vervolgens schrijft [eiseres] dat je van buiten heel goed naar binnen kunt kijken en vraagt zij aan [eiseres] of zij wel hetzelfde zonweringsdoek heeft gekregen als dat van de familie [naam 1] , die ook (een) zonweringsdoek(en) heeft laten plaatsen door [eiseres] . Partijen hebben daarna gediscussieerd over de lichtdoorlatendheid van de zonweringsdoeken die bij [gedaagde] hangen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Op 28 november 2023 heeft [eiseres] bij [gedaagde] kosteloos nieuwe, minder doorschijnende zonweringsdoeken geplaatst. Deze zonweringsdoeken hebben een lichtdoorlatendheid van 3%. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Op 7 december 2023 heeft [gedaagde] aan [eiseres] laten weten dat de zonwering vreselijk is als de zon erop schijnt en eist ze dat alles verwijderd moet worden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>Op 23 februari 2024 heeft [eiseres] [gedaagde] gesommeerd om de factuur van <?linebreak?>€ 3.228,- te betalen. [gedaagde] heeft de factuur niet betaald. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>Partijen zijn daarna in onderhandeling getreden en [eiseres] heeft [gedaagde] tevergeefs een vaststellingsovereenkomst aangeboden.  <?linebreak?></para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 3.228,-, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 10 maart 2024 tot aan de dag van de volledige betaling. Ook vordert [eiseres] veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een bedrag van € 447,80 aan buitengerechtelijke incassokosten en de proceskosten, vermeerderd met de wettelijke rente. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>
        [eiseres] legt aan de vordering ten grondslag dat partijen een overeenkomst met elkaar hebben gesloten op grond waarvan [eiseres] voor [gedaagde] zonwering heeft besteld en geïnstalleerd. [gedaagde] is haar betalingsverplichting niet nagekomen, ondanks sommatie, aldus [eiseres] . <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen van <?linebreak?>[eiseres] . </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.</para>
      <para />
      <para />
      <para>
        <?linebreak?>
      </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>De vraag die in deze zaak beantwoord moet worden is of [gedaagde] de factuur voor de zonwering moet betalen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Partijen hebben een overeenkomst met elkaar gesloten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [gedaagde] heeft allereerst aangevoerd dat zij geen overeenkomst met [eiseres] heeft gesloten. Dit verweer strookt echter niet met haar nadere toelichting ter zitting. [gedaagde] heeft op de rolzitting toegelicht dat dit geschil niet zozeer gaat over de prijs van de zonweringsdoeken, maar over de kleur daarvan. Dit suggereert dat [gedaagde] niet tevreden is over de nakoming van de overeenkomst en dus niet dat zij geen overeenkomst met [eiseres] heeft gesloten. Op de mondelinge behandeling heeft [gedaagde] toegelicht dat zij na</para>
        <para>15 mei 2023, de dag waarop [eiseres] een eerder offerte aan [gedaagde] stuurde, de zonweringsdoeken van [eiseres] toch wel wilde hebben. [eiseres] heeft de zonweringsdoeken vervolgens besteld bij haar leverancier. Op de mondelinge behandeling heeft [eiseres] verklaard dat zij tot aan het belmoment met [eiseres] in oktober 2023, waarbij [eiseres] liet weten dat zij de spullen ontvangen had, nog niet had nagedacht over de kleur van de zonweringsdoeken. [eiseres] heeft de zonweringsdoeken vervolgens op </para>
        <para>1 november 2023 bij [gedaagde] gemonteerd. Op 13 november 2023 heeft [gedaagde] via een appbericht aan [eiseres] laten weten dat de screens ontzettend netjes hangen. Ook heeft [gedaagde] via [naam 1] , die ter zitting ook aanwezig was, verklaard dat de aluminium onderdelen van de zonwering goed waren. Uit de hiervoor weergegeven feiten en omstandigheden en gelet op de toelichting van [gedaagde] volgt naar het oordeel van de kantonrechter dat partijen wel degelijk een overeenkomst met elkaar hebben gesloten. Het verweer van [gedaagde] op dit punt wordt daarom verworpen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">
            [gedaagde] heeft gekregen wat zij heeft besteld</emphasis>
          <?linebreak?>5.3.	Verder heeft [gedaagde] , zo begrijpt de kantonrechter, aangevoerd dat [eiseres] de overeenkomst niet correct is nagekomen. Volgens [gedaagde] heeft zij niet de juiste kleur doeken gekregen. [gedaagde] heeft echter in dit verband een warrig en tegenstrijdig betoog gehouden. Enerzijds stelt [gedaagde] dat zij dezelfde kleur doeken zou krijgen als [naam 1] , dat is de kleur antraciet. Anderzijds stelt [gedaagde] dat zij zwarte zonweringsdoeken zou krijgen, net als de familie [naam 2] die ook zonweringsdoeken heeft laten plaatsen door [eiseres] . [gedaagde] heeft echter op de mondelinge behandeling ook verklaard dat zij tot eind oktober 2023 niet heeft nagedacht over de kleur van de zonweringsdoeken. Dat vindt de kantonrechter niet geloofwaardig. [eiseres] heeft op haar beurt met verwijzing naar de beide offertes overtuigend toegelicht dat [gedaagde] dezelfde kleur (antraciet) zonweringsdoeken heeft gekregen als [naam 1] , hetgeen ook volgens [eiseres] met [gedaagde] voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst bij haar thuis is besproken. Dat de fabrikanten van de zonweringsdoeken verschillende kleurcodes gebruiken voor de kleur antraciet is daarbij niet relevant. Ten slotte heeft [gedaagde] geen verklaring gegeven voor het feit dat zij na montage op 1 november 2023 zelfs in haar genoemde appbericht van 13 november 2023 helemaal niets over de kleur van het doek heeft gezegd. Ook dat maakt [gedaagde] ’ stelling dat afgesproken zou zijn dat zij zwart doek zou krijgen, ongeloofwaardig, omdat een andere kleur dan overeengekomen onmiddellijk zou (moeten) zijn opgevallen.    <?linebreak?></para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [gedaagde] heeft verder toegelicht dat de bij haar geïnstalleerde zonweringsdoeken meer licht doorlaten dan zij verwachtte. Voor zover zij hiermee bedoelt te betogen dat op [eiseres] een bijzondere zorgplicht rust, in die zin dat [eiseres] bij het sluiten van de overeenkomst had moeten uitleggen dat zonweringsdoeken verschillende percentages lichtdoorlatendheid hebben, is dit door [eiseres] betwist en verder niet door [gedaagde] onderbouwd. Bovendien heeft [eiseres] onweersproken gesteld dat een zonweringsdoek altijd wel een beetje licht doorlaat, ook als het doek de laagste lichtdoorlatendheid heeft van 1%. In aanvulling hierop heeft [eiseres] onbetwist naar voren gebracht dat het ongebruikelijk is om zonweringsdoeken met een lichtdoorlatendheid van 1% bij consumenten te plaatsen, omdat deze alleen bij scholen en kantoren worden toegepast. </para>
        <para>Dat [gedaagde] , nu zij later op de hoogte is geraakt van het bestaan van verschillende percentages lichtdoorlatendheid, bij nader inzien wellicht een andere keuze zou willen hebben gemaakt, betekent nog niet dat [eiseres] is tekortgeschoten in enige op hem rustende verplichting om [gedaagde] te informeren over het bestaan van de diverse mogelijkheden.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>Bij dit alles komt dat [gedaagde] [eiseres] niet in gebreke heeft gesteld vanwege een tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst. Terecht, want op grond van het voorgaande is de slotsom juist dat [eiseres] de overeenkomst correct is nagekomen. [gedaagde] heeft dus precies gekregen wat zij heeft besteld. [gedaagde] is op haar beurt in verzuim met betaling van de factuur en zij is alsnog gehouden de factuur te betalen, vermeerderd met de gevorderde en niet bestreden rente. [gedaagde] zal hiertoe worden veroordeeld.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Buitengerechtelijke incassokosten </emphasis>
          <?linebreak?>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.6.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [eiseres] vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. [eiseres] heeft aan [gedaagde] een aanmaning gestuurd die voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten komt overeen met het in het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten bepaalde tarief en zal worden toegewezen.</para>
        <para>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">Proceskosten</emphasis>
          <?linebreak?>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.7.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiseres] worden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- kosten van de dagvaarding</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>113,54</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- griffierecht</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>496,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris gemachtigde</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>476,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2 punten × € 238,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>119,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>1.204,54</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 3.228,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 10 maart 2024, tot de dag van volledige betaling,</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 447,80 aan buitengerechtelijke incassokosten,<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.204,54, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.4.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para>
        <?linebreak?>
      </para>
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. R.F. van Aalst en in het openbaar uitgesproken op <?linebreak?>19 november 2024. (dg)</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>