<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2024:4204</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-08-06T13:51:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-08-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-08-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08.295338.23 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2024:4204">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2024:4204</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-08-06T10:14:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-08-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2024:4204 Rechtbank Overijssel , 06-08-2024 / 08.295338.23 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2024:4204:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank veroordeelt een 85-jarige man tot een voorwaardelijke taakstraf van 60 uren met een proeftijd van 2 jaren. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het veroorzaken van verkeersgevaarlijk rijgedrag, waardoor een verkeersongeval is ontstaan. Verdachte is achteruit zijn oprit afgereden en is tegen de zevenjarige fietser aangereden, waarbij het slachtoffer ter plaatse aan zijn verwondingen is overleden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2024:4204:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team Strafrecht </para>
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 08.295338.23 (P)</para>
      <para>Datum vonnis: 6 augustus 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1939 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende aan de [adres 1] ,</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 23 juli 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie en van wat door verdachte en zijn raadsvrouw mr. J.C.H. Pronk, advocaat in Apeldoorn, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ook heeft de rechtbank kennisgenomen van de door de moeder van [slachtoffer] (hierna: [slachtoffer] ) namens haar en de vader van [slachtoffer] voorgedragen verklaring als nabestaanden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
      <para>op 21 juni 2023 in Diepenveen als bestuurder van een motorrijtuig door zijn schuld een verkeersongeval heeft veroorzaakt, waardoor [slachtoffer] is overleden, dan wel dat verdachte gevaar/hinder op de weg heeft veroorzaakt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 21 juni 2023 te Diepenveen, gemeente Deventer, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig, daarmede </emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">achterwaarts rijdende</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">vanuit een in- en/of uitrit, behorende bij perceel [adres 1] en/of gekomen nabij de weg, de [adres 2] ,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig en/of onoplettend, </emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">gekomen nabij de weg, de [adres 2] , al accelererend met zijn motorrijtuig achterwaarts te rijden en/of de [adres 2] op te rijden en/of (daarbij)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">een medeweggebruiker (fietser), die zijn, verdachtes, motorrijtuig al zeer dicht was genaderd en/of zich achter het motorrijtuig van verdachte bevond, geen </emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">onbelemmerde doorgang te verlenen en/of (vervolgens)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">op/tegen voornoemde medeweggebruiker te botsen en/of te rijden en/of (daarbij) accelererend over voornoemde medeweggebruiker te rijden en/of (vervolgens)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">op/tegen een aan de overzijde van de [adres 2] staande boom te botsen en/of te rijden, </emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">waardoor een ander (genaamd [slachtoffer] ) werd gedood;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 21 juni 2023 te Diepenveen, gemeente Deventer, als bestuurder van een voertuig (personenauto), daarmee achterwaarts rijdende </emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">vanuit een in- en/of uitrit, behorende bij perceel [adres 1] en/of gekomen nabij de weg, de [adres 2] ,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">al accelererend met zijn motorrijtuig achterwaarts is gereden en/of de [adres 2] is opgereden en/of (daarbij) een medeweggebruiker (fietser), die zijn, verdachtes, motorrijtuig al zeer dicht was </emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">genaderd en/of zich achter het motorrijtuig van verdachte bevond, geen onbelemmerde doorgang heeft verleend en/of (vervolgens)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">op/tegen voornoemde medeweggebruiker is gebotst en/of gereden en/of (daarbij) accelererend over voornoemde medeweggebruiker is gereden en/of (vervolgens)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">op/tegen een aan de overzijde van de [adres 2] staande boom is gebotst en/of gereden,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt, </emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd, </emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">althans kon worden gehinderd.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is en dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">Ontvankelijkheid officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft het verweer gevoerd dat de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard moet worden omdat de vervolging van verdachte geen enkel doel meer treft, gelet op het al toegevoegde leed.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt dat om te komen tot niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie er sprake moet zijn van ernstige inbreuken op de beginselen van een behoorlijke procesorde, waardoor doelbewust of met grove veronachtzaming van de belangen van verdachte aan diens recht op een eerlijke behandeling van zijn zaak is tekortgedaan. </para>
      <para>De beslissing om tot vervolging over te gaan leent zich in zeer beperkte mate voor een inhoudelijke rechterlijke toetsing. Slechts in uitzonderlijke gevallen is plaats voor een niet-ontvankelijkverklaring van de officier van justitie op de grond dat het instellen of voortzetten van die vervolging onverenigbaar is met beginselen van een behoorlijke procesorde. Daarbij geldt als criterium dat geen redelijk handelend lid van het Openbaar Ministerie heeft kunnen oordelen dat met (voortzetting van) de vervolging enig door strafrechtelijke handhaving beschermd belang gediend kan zijn. De rechtbank is van oordeel dat daarvan in dit geval geen sprake is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De bewijsmotivering</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft – overeenkomstig een aan de rechtbank overgelegd schriftelijk requisitoir – gevorderd verdachte vrij te spreken van het primair ten laste gelegde. Ter onderbouwing daarvan heeft zij aangevoerd dat geen sprake is van een aanmerkelijke mate van schuld. Ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde heeft zij gerekwireerd tot een bewezenverklaring.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsvrouw heeft – overeenkomstig een aan de rechtbank overgelegde pleitnota – algehele vrijspraak betoogd. Ter onderbouwing daarvan heeft zij aangevoerd dat verdachte een enkele bedieningsfout heeft gemaakt. Dit is onvoldoende om schuld in de zin van artikelen 6 en 5 van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW) aan te nemen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">Ten aanzien van het primair ten laste gelegde </emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank overweegt, op grond van de hierna in de voetnoten vermelde bewijsmiddelen, het navolgende.<footnote-ref linkend="_2e6779a8-e383-4b07-8633-84147c3a9af3" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">Feiten en omstandigheden</emphasis>
        </para>
        <para>De volgende feiten en omstandigheden kunnen op grond van het procesdossier worden vastgesteld. Deze feiten hebben op de terechtzitting niet ter discussie gestaan en kunnen zonder nadere motivering dienen als vertrekpunt voor de beoordeling van de bewijsvraag. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 21 juni 2023 rond 16:30 uur wilde verdachte met zijn personenauto van het merk BMW type X1, achteruitrijden van de oprit van zijn woning aan de [adres 1] , gemeente Deventer, de doorgaande weg op. Hij wilde de [adres 2] op rijden richting de [adres 3] . Toen zag hij een jongen (de zevenjarige [slachtoffer] ) en een vrouw (de moeder van [slachtoffer] ), beiden op een fiets, naderen over de [adres 2] en stopte hij. Verdachte wilde ruimte maken voor hen en zijn auto weer iets naar voren rijden, maar hij reed, voor iedereen onverwachts, achteruit.</para>
        <para>Op het moment dat [slachtoffer] achter de BMW fietste, werd hij door de achteruitrijdende BMW geraakt. [slachtoffer] kwam ten val en raakte met zijn fiets beklemd onder de achterzijde van de BMW. Verdachte remde hierop niet, maar reed verder achteruit. De BMW kwam tot stilstand tegen een boom, waarbij de fiets en [slachtoffer] deels ingeklemd kwamen tussen de boom en de achter/onderzijde van de BMW.<footnote-ref linkend="_5671c3e4-560f-4c2e-abb7-f5325206781a" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          [slachtoffer] overleed ter plaatse aan zijn verwondingen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Na het ongeval is onderzoek gedaan door de forensische opsporing verkeer. Zij concludeerden dat het ongeval niet te wijten was aan een technische bijzonderheid van de BMW.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">Ten aanzien van schuld in de zin van artikel 6 WVW</emphasis>
        </para>
        <para>Volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad valt in zijn algemeenheid niet aan te geven of één verkeersovertreding voldoende is voor een bewezenverklaring van schuld in de zin van artikel 6 WVW. Daarvoor zijn verschillende factoren van belang, zoals het geheel van de gedragingen van verdachte, de aard en de ernst daarvan en de overige omstandigheden van het geval. Uit de ernst van de gevolgen van het verkeersgedrag kan niet worden afgeleid dat sprake is van schuld in de zin van artikel 6 WVW. Van schuld in de zin van dit artikel is pas sprake in het geval van een aanmerkelijke mate van verwijtbare onvoorzichtigheid. Beoordeeld dient dus te worden of sprake is van ten minste een aanmerkelijke mate van verwijtbare onvoorzichtigheid. De rechtbank overweegt ten aanzien daarvan als volgt.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft ter terechtzitting op 23 juli 2024 onder meer verklaard:</para>
        <para>…”<emphasis role="italic">Ik reed achteruit in mijn BMW op de oprit bij mijn woning om de [adres 2] op te rijden. Ik zag toen [slachtoffer] en zijn moeder en stopte voor hen. Daarna maakte ik de beslissing om weer vooruit de oprit op te rijden om duidelijk te maken aan hen dat ik ze had gezien. Op het moment dat ik stopte met de auto, stond de versnellingsbak in de R. Met een klein knopje op de pook moet je schakelen naar de D. Ik dacht ik geschakeld had naar D en gaf gas, maar in plaats van vooruit te gaan, ging ik naar achteren. Ik raakte in paniek en heb de versnellingspook er helemaal uitgeduwd en er vervolgens uitgetrokken. Mijn intentie was om weer naar voren te rijden.</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">…Ik rijd een automaat. Als je je voet van de rem afhaalt, gaat de auto rijden. Ik stond stil. Als je dan iets wil veranderen, vooruit of achteruit, moet je voet van de rem af.”</emphasis>
          <footnote-ref linkend="_29e9f2b7-8942-4de9-8d4a-fc995a83b32c" />
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank overweegt dat uit voornoemde feiten en omstandigheden en verklaring van verdachte blijkt dat verdachte een bedieningsfout heeft gemaakt toen hij weer vooruit wilde rijden op de oprit aan de [adres 2] . De BMW ging – door het niet zetten van de versnelling in de D – achteruit. Daardoor raakte verdachte in paniek, gaf hij meer gas in de hoop vooruit te rijden en trok hij uiteindelijk de versnellingspook los. Ondanks dat dit handelen desastreuse gevolgen heeft gehad, is deze enkele bedieningsfout van verdachte naar het oordeel van de rechtbank niet aan te merken als een verwijt dat valt in de termen van schuld in de zin van artikel 6 WVW. Nu geen sprake is van zeer, althans aanmerkelijk onvoorzichtig en/of onoplettend handelen zal de rechtbank verdachte vrijspreken van het primair ten laste gelegde. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">Ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Gevaarzettend gedrag in de zin van artikel 5 WVW?</emphasis>
        </para>
        <para>Bij de beoordeling of verdachte een overtreding van artikel 5 WVW heeft begaan moet worden vastgesteld of verdachte zich zodanig heeft gedragen dat gevaar op de weg werd veroorzaakt of kon worden veroorzaakt of dat het verkeer op de weg werd gehinderd of kon worden gehinderd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Gelet op de bewijsmiddelen is de rechtbank van oordeel dat hiervan sprake is. Verdachte is immers achteruitgereden op de oprit behorend bij het perceel [adres 1] de doorgaande weg op, terwijl op dat moment daar [slachtoffer] en zijn moeder fietsten. Hierdoor heeft de verdachte gevaar op de weg veroorzaakt, welk gevaar zich ook heeft verwezenlijkt in het verkeersongeval. Dit maakt dan ook dat de rechtbank van oordeel is dat de subsidiair ten laste gelegde overtreding van artikel 5 WVW wettig en overtuigend is bewezen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht op grond van de hiervoor opgegeven bewijsmiddelen waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, met dien verstande dat:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">subsidiair</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">hij op 21 juni 2023 te Diepenveen, gemeente Deventer, als bestuurder van een voertuig (personenauto), daarmee achterwaarts rijdende </emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">vanuit een in- en uitrit, behorende bij perceel [adres 1] en gekomen nabij de weg, de [adres 2] ,</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">al accelererend met zijn motorrijtuig achterwaarts is gereden en de [adres 2] is opgereden en (daarbij) een medeweggebruiker (fietser), die zijn, verdachtes, motorrijtuig al zeer dicht was </emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">genaderd en zich achter het motorrijtuig van verdachte bevond, geen onbelemmerde doorgang heeft verleend en (vervolgens)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">tegen voornoemde medeweggebruiker is gebotst en gereden en(daarbij) accelererend over voornoemde medeweggebruiker is gereden en (vervolgens)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">tegen een aan de overzijde van de [adres 2] staande boom is gebotst en </emphasis>
          <?linebreak?>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte subsidiair meer of anders is ten laste gelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het bewezen verklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde is strafbaar gesteld in artikel 5 en 177 WVW. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">overtreding van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor het bewezen verklaarde feit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De op te leggen straf of maatregel</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>7.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gelet op de richtlijnen van het Openbaar Ministerie en het overlijden van [slachtoffer] als gevolg van het gevaarlijke verkeersgedrag van verdachte gevorderd een taakstraf van 60 uren op te leggen aan verdachte.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsvrouw heeft geen opmerkingen met betrekking tot een op te leggen straf gemaakt.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De gronden voor een straf of maatregel</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. De rechtbank acht daarbij in het bijzonder het volgende van belang. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ernst van het strafbare feit</emphasis>
        </para>
        <para>Verdachte heeft zich op 21 juni 2023 in Diepenveen schuldig gemaakt aan het veroorzaken van verkeersgevaarlijk rijgedrag. Dit gedrag heeft geresulteerd in een verkeersongeval. Verdachte is achteruit zijn oprit afgereden en is tegen de zevenjarige [slachtoffer] , die op weg was met zijn moeder naar de voetbaltraining, aangereden. [slachtoffer] kwam daardoor ten val en verdachte is over hem heengereden. [slachtoffer] is ter plaatse aan het opgelopen hoofdletsel overleden. Het leven van de mensen die [slachtoffer] lief hadden is plotseling rigoureus veranderd. Het gemis is voor hen, zoals ook uit de door [slachtoffer] moeder voorgedragen verklaring blijkt, enorm. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Persoon van verdachte</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van verdachte van 11 juni 2024. Hieruit blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld voor een strafbaar feit. Verdachte heeft ter terechtzitting verteld dat hij nog altijd met zijn partner aan de desbetreffende weg woont. Na het ongeval is hij vier maanden zijn rijbewijs kwijt geweest en heeft hij opnieuw rijexamen moeten doen. Ook heeft verdachte verklaard dat hij nog dagelijks aan het ongeval en het overlijden van [slachtoffer] denkt en dat dit zwaar op hem drukt. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Strafoplegging</emphasis>
        </para>
        <para>Bij haar beslissing over de strafmodaliteit heeft de rechtbank acht geslagen op vergelijkbare strafzaken en het ernstige gevolg dat het gevaarlijke verkeersgedrag heeft gehad, te weten het overlijden van een jong kind. Ook weegt de rechtbank mee dat – naast het enorme verdriet dat de nabestaanden hebben – verdachte dagelijks geconfronteerd wordt met het ongeval en het overlijden van [slachtoffer] en met het besef van verantwoordelijkheid voor de dood van [slachtoffer] zal moeten leven. Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat het opleggen van een taakstraf van 60 uren, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren passend is.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De hierna te nemen beslissing berust op het hiervoor genoemde wetsartikel. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c en 22d Sr.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart niet bewezen dat verdachte het <emphasis role="underline">primair ten laste</emphasis> gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart bewezen dat verdachte het subsidiair ten laste gelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;</para>
    <para>- verklaart niet bewezen wat aan verdachte subsidiair meer of anders is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid feit</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het subsidiair bewezen verklaarde strafbaar;</para>
    <para>- verklaart dat het subsidiair bewezen verklaarde het volgende strafbare feit oplevert:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">overtreding van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart verdachte strafbaar voor het onder subsidiair bewezen verklaarde;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis>, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van <emphasis role="bold">60 (zestig) uren</emphasis>;</para>
    <para>- beveelt, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, dat <emphasis role="bold">vervangende hechtenis</emphasis> zal worden toegepast voor de duur van <emphasis role="bold">30 (dertig) dagen</emphasis>;</para>
    <para>- bepaalt dat deze taakstraf <emphasis role="bold">in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de <emphasis role="bold">proeftijd van 2 (twee) jaren</emphasis> de navolgende algemene voorwaarde niet is nagekomen:</para>
    <para>- stelt als <emphasis role="bold">algemene voorwaarde</emphasis> dat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A. van Holten, voorzitter, mrs. S.H. Peper en M. ter Riet, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J.E. Doornwaard, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 6 augustus 2024.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_2e6779a8-e383-4b07-8633-84147c3a9af3" label="1">
    <para> Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit het dossier van de politie-eenheid Oost-Nederland, met nummer PL0600—2202327997-1. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5671c3e4-560f-4c2e-abb7-f5325206781a" label="2">
    <para>Pagina 15, alinea 4 en 7. Pagina 16, alinea 5 en 6.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_29e9f2b7-8942-4de9-8d4a-fc995a83b32c" label="3">
    <para>Zie het proces-verbaal ter terechtzitting van de meervoudige strafkamer van 23 juli 2024.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>