<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2023:1873</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-05-26T09:17:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-05-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-05-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10288390 \\ CV EXPL  23-201</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2023:1873">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2023:1873</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-05-26T09:16:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-05-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2023:1873 Rechtbank Overijssel , 23-05-2023 / 10288390 \\ CV EXPL  23-201</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2023:1873:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De vordering tot betaling van een factuur van een advocaat wordt toegewezen. Gedaagden hebben onvoldoende weersproken dat AdvoConsult de werkzaamheden heeft uitgevoerd voor gedaagden, en niet voor de B.V. van gedaagden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2023:1873:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">OVERIJSSEL</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 10288390 \\ CV EXPL  23-201</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 23 mei 2023</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">ADVOCONSULT B.V.</emphasis>, handelend onder de naam <emphasis role="bold">ADVOCONSULT ADVOCATUUR</emphasis>,<?linebreak?>gevestigd en kantoorhoudende in 's-Gravenhage,</para>
      <para>eisende partij, hierna te noemen AdvoConsult,</para>
      <para>gemachtigde: mr. F.E. Boonstra,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [gedaagde 1] ,</title>
    <parablock>
      <para>2.	<emphasis role="bold">[gedaagde 2]</emphasis>,<?linebreak?>beiden wonende in [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partijen, hierna te noemen [gedaagden] ,</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het tussenvonnis van 28 februari 2023, waarin is bepaald dat een mondelinge behandeling zou worden gehouden;</para>
      <para>- de akte met de aanvullende producties 7 tot en met 35 van AdvoConsult;</para>
      <para>- de e-mails van 10 maart 2023, 15 maart 2023 en 23 april 2023 van [gedaagden] ;</para>
      <para>- de mondelinge behandeling van 26 april 2023, waar mr. Boonstra namens AdvoConsult is verschenen. [gedaagden] zijn niet verschenen. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat er is besproken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte heeft de kantonrechter bepaald dat vandaag vonnis zal worden gewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Inleiding</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Dit geschil gaat over de vraag of AdvoConsult werkzaamheden heeft uitgevoerd in opdracht en voor rekening van [gedaagden] of in opdracht en voor rekening van [bedrijf] B.V., een B.V. waarvan [gedaagde 1] enig eigenaar is.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat AdvoConsult de werkzaamheden heeft uitgevoerd voor [gedaagden] . De vorderingen van AdvoConsult zullen worden toegewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wat staat er vast?</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>AdvoConsult heeft tussen 29 november 2021 en 18 februari 2022 werkzaamheden uitgevoerd. Daartoe heeft AdvoConsult op 15 oktober 2021 een opdrachtbevestiging verzonden naar het emailadres van [bedrijf] B.V. In de e-mail staat als zaaknaam<emphasis role="italic"> “ [gedaagde 1] /advies”</emphasis>. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Op 10 februari 2022 heeft [gedaagde 2] aan AdvoConsult gemaild:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">“(…)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Bij deze bevestig ik bij deze dat u ook namens mij mag optreden.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic"> (…)”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>De eerste factuur voor de werkzaamheden is betaald door [bedrijf] B.V. De tweede factuur van 24 februari 2022 ten bedrage van € 7.925,19 is niet betaald.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wat wil AdvoConsult?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>AdvoConsult wil dat [gedaagden] de factuur van 24 februari 2022 betalen. AdvoConsult vordert daarom dat de kantonrechter [gedaagden] hoofdelijk zal veroordelen om een bedrag van € 7.949,07 aan AdvoConsult te betalen, te vermeerderen met de buitengerechtelijke incassokosten, de wettelijke rente en de proceskosten.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wat vinden [gedaagden] ?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>
        [gedaagden] hebben per e-mail verweer gevoerd. Zij betwisten dat zij een overeenkomst met AdvoConsult hebben gesloten. De overeenkomst is volgens [gedaagden] gesloten met [bedrijf] B.V. Daarnaast voeren [gedaagden] aan dat AdvoConsult de werkzaamheden niet goed heeft uitgevoerd.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wat vindt de kantonrechter?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>Op de mondelinge behandeling heeft AdvoConsult toegelicht dat [gedaagde 1] AdvoConsult opdracht heeft gegeven hem bij te staan in een privé-geschil met de Rabobank. [gedaagde 2] heeft later bevestigd dat AdvoConsult in het betreffende geschil (ook) namens haar op mocht treden. [gedaagde 1] heeft gevraagd de facturen op naam van [bedrijf] B.V. te zetten, omdat hij vreesde voor problemen in verband met het geschil met de Rabobank. Alle werkzaamheden zijn echter uitgevoerd voor [gedaagden] . Dat blijkt ook uit het feit dat het geschil met de Rabobank ging over problemen met de borgstelling en over (het voorkomen van) uitwinning van de privéwoning van [gedaagden] . De vaststellingsovereenkomst die uiteindelijk met Rabobank is gesloten, is door [gedaagden] ondertekend en niet namens de B.V. De werkzaamheden werden dus niet uitgevoerd voor [bedrijf] B.V., aldus AdvoConsult. Omdat [gedaagden] niet op de zitting zijn verschenen, hebben zij deze stellingen niet weersproken. De kantonrechter neemt het voorgaande dan ook als vaststaand aan en concludeert dat de werkzaamheden door AdvoConsult voor [gedaagden] zijn uitgevoerd.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>Dat AdvoConsult de werkzaamheden niet naar behoren heeft uitgevoerd, hebben [gedaagden] niet onderbouwd. Daarom gaat de kantonrechter aan dat verweer voorbij.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <para>AdvoConsult heeft een bedrag van € 7.949,07 gevorderd. De factuur bedraagt echter € 7.925,19. AdvoConsult heeft desgevraagd niet kunnen verklaren waarom het gevorderde bedrag hoger is dan het bedrag op de factuur. Er zal dan ook een bedrag van € 7.925,19 worden toegewezen. De wettelijke rente over dit bedrag zal worden toegewezen vanaf 11 maart 2022 (de datum waarop [gedaagden] de factuur uiterlijk hadden moeten betalen) tot de dag van volledige betaling.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.9.</nr>
      <para>De vordering tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten zal worden toegewezen voor een bedrag van € 771,26. AdvoConsult heeft aan [gedaagden] een aanmaning gestuurd die voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW. Het in de dagvaarding genoemde bedrag van € 772,45 is echter gebaseerd op het bedrag van € 7.949,07 en is dus hoger dan het in het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten genoemde tarief. Het bedrag van € 771,26, dat in de aanmaning wel correct is vermeld, komt overeen met het in het Besluit genoemde tarief en zal wel worden toegewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.10.</nr>
      <para>
        [gedaagden] zullen, zoals gevorderd, hoofdelijk worden veroordeeld om de genoemde bedragen te betalen. Dat betekent dat als één van beiden betaalt, de ander ook van de betalingsverplichting zal zijn bevrijd.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De proceskosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.11.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [gedaagden] worden in deze procedure in het ongelijk gesteld. Zij moeten daarom de proceskosten van AdvoConsult betalen. Deze worden tot op heden begroot op:</para>
        <para>kosten dagvaarding:	€    107,29</para>
        <para>griffierecht:		€    514,00</para>
        <para>salaris gemachtigde	<emphasis role="underline">€    660,00</emphasis> (2 punten x tarief € 330,00)</para>
        <para>totaal			€ 1.281,29</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagden] hoofdelijk, in die zin dat indien de één betaalt, de ander zal zijn bevrijd, om aan AdvoConsult een bedrag van € 7.925,19 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf 11 maart 2022 tot de dag van volledige betaling;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagden] hoofdelijk, in die zin dat indien de één betaalt, de ander zal zijn bevrijd, om aan AdvoConsult een bedrag van € 771,26 aan buitengerechtelijke incassokosten te betalen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagden] hoofdelijk, in die zin dat indien de één betaalt, de ander zal zijn bevrijd, in de proceskosten, tot op heden aan de zijde van AdvoConsult begroot op € 1.281,29;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. R.F. van Aalst en in het openbaar uitgesproken op 23 mei 2023. (SB)</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>