<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2022:4072</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-05-04T13:34:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-04-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-04-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08/960021-20 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2022:4072">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2022:4072</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-05-04T13:33:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-05-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2022:4072 Rechtbank Overijssel , 26-04-2022 / 08/960021-20 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2022:4072:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden en een taakstraf van 80 uren, nadat zij schuldig is gevonden van het deelnemen aan een organisatie, in samenwerking met anderen, die tot oogmerk had het plegen van witwassen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2022:4072:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team Strafrecht </para>
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 08/960021-20 (P)</para>
      <para>Datum vonnis: 26 april 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum 1] 1989 in [geboorteplaats 1] ,</para>
      <para>wonende aan het [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 17 februari 2022 en 13 april 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. N. Huisman en van wat door verdachte en haar raadsman mr. T. Deckwitz, advocaat te 's-Hertogenbosch, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1:</emphasis> heeft deelgenomen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van Opiumwetmisdrijven en het (telkens) voorbereiden en/of bevorderen van die misdrijven;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2:</emphasis> heeft deelgenomen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven, te weten witwassen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">1.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">zij in of omstreeks de periode van 1 januari 2014 tot en met 28 februari </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2015, te Steenbergen en/of Zwanenburg en/of Breda, alhans (elders) in </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Nederland, heeft deelgenomen aan een </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">organisatie, welke organisatie werd gevormd door een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, waartoe zij, verdachte en/of haar mededader(s) en/of één </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">of meer andere perso(o)n(en), behoorden, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">welke organisatie het oogmerk had </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">het plegen van misdrijven als bedoeld in artikel 10, vierde en vijfde lid </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of 10a eerste lid, te weten </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">- het (telkens) opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland brengen van </emphasis>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">één of meer hoeveelheden cocaïne en/of heroïne, zijnde cocaïne en heroïne </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, in elk geval </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(telkens) (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">- het (telkens) opzettelijk bereiden en/of bewerken en/of verwerken en/of </emphasis>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">verkopen en/of, afleveren en/of verstrekken en/of vervoeren en/of aanwezig </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hebben en/of vervaardigen van hoeveelheden cocaïne en/of heroïne, zijnde </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">cocaïne en heroïne middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">I, in elk geval (telkens) (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">behorende lijst I en/of </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">- het (telkens) voorbereiden en/of bevorderen van feiten als bedoeld in </emphasis>
    </para>
    <bridgehead role="italic">artikel 2 juncto artikel 10 vierde en/of vijfde lid van de Opiumwet</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">zij in of omstreeks de periode van 1 maart 2015 tot en met 26 mei 2020, te </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Steenbergen en/of Zwanenburg en/of Breda, althans (elders) in Nederland, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">heeft deelgenomen aan een </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">organisatie, welke organisatie werd gevormd door een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, waartoe zij, verdachte en/of haar mededader(s) en/of één </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">of meer andere perso(o)n(en), behoorden,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">welke organisatie het oogmerk had het plegen van misdrijven als bedoeld in </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">artikel 10, vierde en vijfde lid en/of 10a eerste lid, te weten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="italic"> - het (telkens) opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland brengen van </emphasis></para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">één of meer hoeveelheden cocaïne en/of heroïne, zijnde cocaïne en heroïne </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, in elk geval </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(telkens) (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">- het (telkens) opzettelijk bereiden en/of bewerken en/of verwerken en/of </emphasis>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">verkopen en/of, afleveren en/of verstrekken en/of vervoeren en/of aanwezig </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hebben en/of vervaardigen van hoeveelheden cocaïne en/of heroïne, zijnde </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">cocaïne en heroïne middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">I, in elk geval (telkens) (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">behorende lijst I en/of </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">- het (telkens) voorbereiden en/of bevorderen van feiten als bedoeld in </emphasis>
    </para>
    <bridgehead role="italic">artikel 2 juncto artikel 10 vierde en/of vijfde lid van de Opiumwet;</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">2.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">zij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 2014 tot en met 26 mei 2020, te Steenbergen en/of Zwanenburg en/of Breda, althans (elders) in Nederland, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">heeft deelgenomen aan een organisatie, welke organisatie werd gevormd door </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, waartoe zij, verdachte </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of haar mededader(s) en/of één of meer andere perso(o)n(en), behoorden, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten: </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">- witwassen.</emphasis>
    </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">4. De bewijsoverwegingen</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_eb06339d-002b-41a6-bd51-74990abd528a" />
        <emphasis role="bold"> en bespreking van de bewijsverweren</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Leeswijzer</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank zal ten behoeve van de leesbaarheid van dit vonnis de bewijsoverwegingen als volgt indelen. </para>
        <para>Allereerst zal de rechtbank de aanleiding en het verloop van het onderzoek 26Eufaula uiteenzetten. Vervolgens zullen de standpunten van het Openbaar Ministerie en de verdediging ten aanzien van de ten laste gelegde feiten (kort) worden weergegeven. Daarna zal de rechtbank in haar bewijsoverweging een paragraaf wijden aan de identificatie van de in dit onderzoek gedagvaarde verdachten. In deze paragraaf zal de rechtbank een oordeel geven of en welke bijnamen/schermnamen (onder meer uit de kinderserie Sesamstraat) te koppelen zijn aan een bepaalde verdachte. In de daarop volgende paragraaf zal de rechtbank de criminele organisatie en haar oogmerken bespreken. Tot slot zal de rechtbank per feit een oordeel geven of er al dan niet voldoende wettig en overtuigend bewijs is om voor verdachte tot een bewezenverklaring te komen van de ten laste gelegde feiten en op welke periode die bewezenverklaring ziet. In het geval van een bewezenverklaring zullen de bewijsmiddelen worden opgenomen in de voetnoten. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Aanleiding (en verloop) onderzoek 26Eufaula</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>In november 2017 kwam een melding binnen bij de Financial Intelligence Unit (hierna: FIU) afkomstig van de ING-bank over een aantal ongebruikelijke transacties. Deze meldingen zagen op medeverdachte [medeverdachte 1] (hierna: [medeverdachte 1] ) en de bedrijven [bedrijf 1] en [bedrijf 2] BV. Op 13 maart 2018 werd [medeverdachte 1] aangehouden in het onderzoek 26Ephraim op verdenking van witwassen. Op 10 december 2018 is hij door de meervoudige strafkamer van de Rechtbank Overijssel veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaren voor witwassen. In het onderzoek 26Ephraim zijn meerdere verdachten en getuigen gehoord. Daarnaast hebben door het gehele land doorzoekingen plaatsgevonden, waaronder op de adressen [adres 1] , [adres 2] en [adres 3] . De [adres 1] betrof de verblijfplaats van [medeverdachte 1] . Hier zijn ruim € 90.000,-- aan contant geld, aantekeningen, telefoons en USB-sticks aangetroffen. De [adres 2] is het woonadres van één van de zussen van [medeverdachte 1] . Hier zijn eveneens aantekeningen aangetroffen. De [adres 3] is het woonadres van medeverdachte [medeverdachte 2] . Hier zijn </para>
        <para>€ 30.000,-- aan contant geld, aantekeningen en telefoons aangetroffen. Op basis van de bij de doorzoekingen aangetroffen aantekeningen en de verhoren in het onderzoek 26Ephraim is een verdenking ontstaan dat sprake is van een criminele organisatie met – kort gezegd – als oogmerk het binnen het Nederlands grondgebied brengen van verdovende middelen, alsmede witwassen.</para>
        <para>Op basis van de inhoud van zogeheten Ennetcom -berichten is de verdenking ontstaan dat [medeverdachte 1] een leidinggevende rol had binnen het criminele samenwerkingsverband net als zijn medeverdachten [medeverdachte 3] (hierna: [medeverdachte 3] ) en [medeverdachte 4] (hierna: [medeverdachte 4] ). Samen zouden zij een driemanschap vormen en andere leden van het – bedrijfsmatig ingerichte – criminele samenwerkingsverband aansturen, met het oog op het plegen van Opiumwetmisdrijven en het witwassen van de daaruit verkregen geldbedragen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 19 april 2018 is door een onderzoeksteam van de Dienst Landelijke Recherche het strafrechtelijk onderzoek 26Eufaula gestart. De informatie uit het onderzoek 26Ephraim is overgedragen naar het onderzoek 26Eufaula. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op grond van de door [medeverdachte 2] afgelegde verklaringen (in het onderzoek 26Ephraim), in combinatie met de inhoud van Ennetcom -berichten uit verkregen Ennetcom -data is het vermoeden ontstaan van het bestaan van een crimineel samenwerkingsverband (hierna: CSV), waarbij gebruikt wordt gemaakt van een groot aantal bedrijven die zich ogenschijnlijk bezighouden met de legale handel in fruit, maar feitelijk bedoeld zijn voor het faciliteren van de smokkel van verdovende middelen en/of het witwassen van crimineel geld. </para>
        <para>Binnen dit samenwerkingsverband zou gebruik worden gemaakt van zogenaamde PGP-telefoons, waarbij in de onderlinge communicatie via Ennetcom niet de eigen namen worden gebruikt, maar (onder meer) bijnamen uit de kinderserie Sesamstraat, zoals bijvoorbeeld [alias 1] , [alias 2] , [alias 3] , [alias 4] en [alias 5] . Binnen het CSV zou sprake zijn van een langdurige samenwerking, met een duidelijke taakverdeling en een zekere hiërarchie. Naast de afgeschermde onderlinge communicatie via PGP-telefoons<footnote-ref linkend="_135f9554-91f4-4e0a-8324-8f28fabdc5a3" /> en het gebruik van schuilnamen worden ook de betrokken bedrijven niet bij naam genoemd, maar zijn deze alle voorzien van een code. Verdachte zou onderdeel hebben uitgemaakt van dit CSV. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van het Openbaar Ministerie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het Openbaar Ministerie vordert bewezenverklaring van beide ten laste gelegde feiten, waarbij voor wat betreft de bestaansduur van de criminele organisatie is verzocht om als pleegperiode bewezen te verklaren de periode tot 20 april 2019 en voor de periode daarna vrij te spreken. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman van verdachte bepleit ten aanzien van feit 1 en feit 2 primair dat verdachte integraal dient te worden vrijgesproken, wegens het ontbreken van voldoende wettig en overtuigend bewijs voor de – voor deelneming vereiste – onvoorwaardelijk wetenschap.</para>
        <para>Subsidiair bepleit de raadsman van verdachte ten aanzien van feit 1 en feit 2 dat verdachte partieel dient te worden vrijgesproken, in die zin dat als pleegperiode slechts de periode van november 2016 tot en met januari 2017 bewezen kan worden verklaard. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>4.5.1.</nr>
        <para>
          <emphasis role="italic">Identificatie van de verdachten </emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit het dossier blijkt dat de politie naar aanleiding van de verkregen Ennetcom -data ten aanzien van de verdachten onderzoek heeft gedaan naar de door hen in de onderlinge communicatie gebruikte schermnamen/schuilnamen/aliassen. Daarnaast heeft de politie onderzoek gedaan naar de hierbij door verdachten gebruikte PGP-adressen, op grond waarvan bepaalde schermnamen/schuilnamen/aliassen aan verschillende verdachten zijn gekoppeld. De rechtbank stelt vast dat er zich naast de (aanvullende) processen-verbaal van identificatie in het dossier nog aanvullende bewijsmiddelen bevinden die het verband tussen bepaalde schermnamen/schuilnamen/aliassen en PGP-adressen en bepaalde verdachten ondersteunen. Voor zover van belang worden deze bewijsmiddelen hieronder weergegeven. Op grond van de voorhanden zijnde bewijsmiddelen komt de rechtbank tot de navolgende vaststellingen, waarbij de rechtbank in het bijzonder betekenis toekent aan de verklaringen van medeverdachte [medeverdachte 2]<footnote-ref linkend="_646b10c7-99c8-46a0-b0a2-817deec41d2b" /> en de inhoud van de Ennetcom -berichten, zoals is gerelateerd in het proces-verbaal van bevindingen 26Eufaula-523 inzake de <emphasis role="italic">“CSV Sesamstraatgroepering”</emphasis>.<footnote-ref linkend="_2bbbc238-a891-4b4a-9126-070f06f476c8" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 3]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Op basis van de Ennetcom -data in combinatie met de overige bevindingen staat naar het oordeel van de rechtbank vast dat degene die in de Ennetcom -berichten met ‘ [alias 2] ’ en ‘ [alias 2] ’ wordt aangeduid, wordt bedoeld [medeverdachte 3] , geboren op [geboortedatum 2] 1981 te [geboorteplaats 2] .<footnote-ref linkend="_d4d15d00-a121-4227-909e-09d4539f5c03" /></para>
          <para>Op grond van het aanvullende proces-verbaal van bevindingen betreffende de identificatie van ‘ [alias 2] ’ staat naar het oordeel van de rechtbank eveneens vast dat [medeverdachte 3] in de onderlinge communicatie in de periode van 2 juli 2014 tot en met 19 april 2016 behalve de schermnamen/schuilnamen/aliassen ‘ [alias 2] ’ en ‘ [alias 2] ’ ook gebruik heeft gemaakt van de schermnamen/schuilnamen/aliassen ‘ [alias 2] ’, ‘ [alias 2] ’, ‘ [alias 2] ’ en ‘ [alias 2] ’.<footnote-ref linkend="_92efc1cd-5ce7-4fa6-873a-df299ae839fe" /></para>
          <para>Uit Ennetcom -berichten van augustus 2015 tussen ‘ [alias 2] ’ en ‘ [alias 5] ’ blijkt dat ‘ [alias 2] ’ de verjaardag van <emphasis role="italic">“ [alias 7] ”</emphasis> op [geboortedatum 3] moet vieren. Uit het GBA blijkt dat [medeverdachte 3] een zoon heeft genaamd [naam 1] , geboren [geboortedatum 3] 2001.<footnote-ref linkend="_476c2287-ae2c-4d96-85bf-bb989362afd5" /> Daarnaast stuurt ‘ [alias 5] ’ op              27 augustus 2015 de nieuwe namen door naar de leden. ‘ [alias 2] ’ betreft de nieuwe naam van ‘ [alias 2] ’. Voorts wordt ‘ [alias 2] ’ ook ‘ [alias 2] ’ genoemd.<footnote-ref linkend="_7ed5b695-6d0b-4eb6-9d2f-5e211c5311ed" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 1]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Uit de verklaringen van [medeverdachte 2]<footnote-ref linkend="_804b1559-1374-4a00-b7dd-b061222627d4" /> volgt naar het oordeel van de rechtbank dat met degene die in de Ennetcom -berichten met ‘ [alias 1] ’ wordt aangeduid, wordt bedoeld [medeverdachte 1] , geboren op [geboortedatum 4] 1962 te [geboorteplaats 3] .</para>
          <para>In de onder [medeverdachte 2] in beslag genomen PGP-telefoon is communicatie aangetroffen waarin de geboortedatum van ‘ [alias 1] ’ wordt gevraagd, waarna de datum [geboortedatum 4] 1962 wordt gegeven. Dit betreft de geboortedatum van [medeverdachte 1] . [medeverdachte 2] heeft verder verklaard dat hij deze PGP-telefoon heeft ontvangen van [medeverdachte 1] en dat hij de PGP-telefoon alleen gebruikte voor zijn contacten met [medeverdachte 1] , ‘ [alias 3] ’, ‘ [alias 2] ’ en ‘ [alias 8] ’.<footnote-ref linkend="_c6638923-f378-4888-b817-d0830db64ab5" /></para>
          <para>Op basis van de Ennetcom -data staat naar het oordeel van de rechtbank vast dat [medeverdachte 1] in de periode van 1 oktober 2013 tot en met 19 april 2016 behalve van de naam ‘ [alias 1] ’ in de onderlinge communicatie ook gebruik heeft gemaakt van de schermnamen/schuilnamen/aliassen ‘ [alias 1] ’, ‘ [alias 1] ’, ‘ [alias 1] ’, ‘ [alias 1] ’, ‘ [alias 1] ’ en ‘ [alias 1] ’.<footnote-ref linkend="_c67d78c5-2298-4827-ba0f-64928b1b1874" /></para>
          <para>Uit een Ennetcom -bericht van ‘ [alias 5] ’ van 27 augustus 2015 blijkt dat ‘ [alias 1] ’ de nieuwe naam is van [alias 1] .<footnote-ref linkend="_1940ca8b-7032-4d66-9ae7-957cf7a361c3" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 4]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Uit de inhoud van de Ennetcom -data in combinatie met de overige bevindingen volgt naar het oordeel van de rechtbank dat met degene die in de Ennetcom -berichten met ‘ [alias 5] ’ wordt aangeduid, wordt bedoeld [medeverdachte 4] , geboren op [geboortedatum 5] 1982 te [geboorteplaats 4] .</para>
          <para>Op basis van de inhoud van de Ennetcom -data staat naar het oordeel van de rechtbank eveneens vast dat [medeverdachte 4] in de periode van 29 augustus 2014 tot en met 19 april 2016<footnote-ref linkend="_c6c57a33-3c98-4ef3-853c-12d730cbd0e9" /> behalve van de naam ‘ [alias 5] ’ in de onderlinge communicatie ook gebruik heeft gemaakt van de schermnamen/schuilnamen/aliassen ‘ [alias 5] ’, ‘ [alias 5] ’, ‘ [alias 5] ’, ‘ [alias 5] ’, ’ [alias 5] ’ en ‘ [alias 5] ’.<footnote-ref linkend="_ba05d24a-dfe7-4558-a1b7-782e5b09814c" /><?linebreak?>Er zijn meerdere Ennetcom -berichten aangetroffen die afkomstig zijn van [medeverdachte 4] (schermnamen [alias 5] / [alias 5] / [alias 5]  / [alias 5] / [alias 5] ) en [medeverdachte 5] (schermnamen [alias 6] / [alias 6] ), waarin wordt gesproken over hun gezin, hun liefdesrelatie en hun problemen. In deze gesprekken worden onder andere de drie namen van hun kinderen, [naam 2] , [naam 3] en [naam 4] , genoemd. Verder wordt er door hen gesproken over de inloggegevens van [bedrijf 4] .<footnote-ref linkend="_3aae2071-55e6-495d-b64b-f2ba4934df45" /> Uit de gegevens van de Kamer van Koophandel blijkt dat [bedrijf 4] stond ingeschreven op de [vestigingsplaats] , waar [medeverdachte 5] en later ook [medeverdachte 4] stonden ingeschreven.<?linebreak?>Daarnaast blijkt uit de verklaring van [betrokkene 1] van 25 oktober 2017 – in het onderzoek Oceans – dat [medeverdachte 4] ‘ [alias 5] ’ wordt genoemd.<footnote-ref linkend="_50263efc-e81c-475a-b831-e7293f160840" /></para>
          <para>Voorts volgt uit de verklaring van medeverdachte [medeverdachte 6] dat [medeverdachte 4] door hem ook ‘ [alias 5] ’ werd genoemd.<footnote-ref linkend="_ae79dd78-e785-49b1-b448-e0db325d8b97" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 7]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Uit analyse van de Ennetcom -data volgt naar het oordeel van de rechtbank dat [medeverdachte 7] , geboren op [geboortedatum 6] 1985, actief is geweest binnen Ennetcom tussen 15 juni 2013 en 19 april 2016, waarbij hij gebruik maakte van de aliassen ‘ [alias 3] ’ en ‘ [alias 3] ’.<footnote-ref linkend="_df909369-2b33-49dd-8bd7-907cc510c860" /> Voorts stond de naam ‘ [alias 3] ’ met bijbehorend e-mailadres voorgeprogrammeerd in de één-op-één-telefoon van [medeverdachte 2] . [medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij meerdere malen enveloppen met geld kreeg van een persoon die hij kende als ‘ [alias 3] ’.<footnote-ref linkend="_df5b97b1-50a0-4b22-a69d-21bb1e0a3020" /> Het signalement dat [medeverdachte 2] daarbij van ‘ [alias 3] ’ en diens auto heeft gegeven, komt overeen met het signalement van [medeverdachte 7] en het voertuig dat hij op zijn naam had staan.<footnote-ref linkend="_eb045b53-fe93-4ae7-8369-fac5359cebe6" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 5]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Uit de inhoud van de Ennetcom -data in combinatie met de overige bevindingen volgt naar het oordeel van de rechtbank dat degene die in de Ennetcom -berichten met ‘ [alias 6] ’, ‘ [alias 6] ’ en ‘ [alias 6] ’ wordt aangeduid, wordt bedoeld [medeverdachte 5] , geboren op [geboortedatum 7] . Van den [medeverdachte 5] heeft in de jaren 2014, 2015 en 2016 gebruik gemaakt van vier PGP-adressen.<?linebreak?>Er zijn meerdere Ennetcom -berichten aangetroffen die afkomstig zijn van [medeverdachte 4] (schermnamen [alias 5] / [alias 5] / [alias 5]  / [alias 5] / [alias 5] ) en [medeverdachte 5] (schermnamen [alias 6] / [alias 6] ), waarin wordt gesproken over hun gezin, hun liefdesrelatie en hun problemen. In deze gesprekken worden onder andere de drie namen van hun kinderen, [naam 2] , [naam 3] en [naam 4] , genoemd.<footnote-ref linkend="_b3fa593b-7c58-44dc-b20b-e5f4a0886bb8" /> Verder wordt er door hen gesproken over de inloggegevens van [bedrijf 4] . Uit de gegevens van de Kamer  van Koophandel blijkt dat [bedrijf 4] stond ingeschreven op de [vestigingsplaats] , waar [medeverdachte 5] stond ingeschreven.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 8] </emphasis>
          </para>
          <para>Uit analyse van de Ennetcom -data volgt dat [medeverdachte 8] , geboren op [geboortedatum 8] 1983, actief is geweest binnen Ennetcom tussen 16 juli 2015 en 19 april 2016. Uit de Ennetcom -berichten in combinatie met de e-mails vanuit handelsonderneming [bedrijf 5] B.V., respectievelijk [bedrijf 6] B.V., volgt naar het oordeel van de rechtbank dat degene die in de Ennetcom -berichten ‘Zoon’ wordt genoemd en die versleuteld communiceert onder de naam ‘ [alias 9] ’, [medeverdachte 8] betreft.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 6]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Uit de Ennetcom -data volgt naar het oordeel van de rechtbank dat [medeverdachte 6] , geboren op [geboortedatum 9] 1975, gebruik heeft gemaakt van de schermnaam/schuilnaam/alias ‘ [alias 10] ’.<footnote-ref linkend="_a8daff0b-1aa0-4699-af8f-3652d1719322" /></para>
          <para>Voorts heeft [medeverdachte 6] ter terechtzitting van 14 februari 2022 bevestigd dat hij degene is die in de Ennetcom -berichten met ‘ [alias 10] ’ wordt aangeduid. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 9] </emphasis>
          </para>
          <para>Uit analyse van de Ennetcom -data volgt naar het oordeel van de rechtbank dat [medeverdachte 9] , geboren op [geboortedatum 10] 1967, gebruik heeft gemaakt van de schermnamen/schuilnamen/aliassen ‘ [alias 8] ’, ‘ [alias 8] ’, ‘ [alias 8] ’ en ‘ [alias 8] ’.<footnote-ref linkend="_3cd87c6b-f808-47cb-be08-6e5ff6d064d3" /></para>
          <para>
            [medeverdachte 9] is binnen Ennetcom actief geweest tussen 19 september 2013 en 19 april 2016. Voorts heeft  [medeverdachte 10] , de halfbroer van [medeverdachte 9] , verklaard dat zijn broer [medeverdachte 9] ‘ [alias 8] ’ werd genoemd.<footnote-ref linkend="_2343e2bb-bd90-4ab0-b550-2d1bcaacf08d" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 11]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Uit analyse van de Ennetcom -data volgt naar het oordeel van de rechtbank dat [medeverdachte 11] , geboren op [geboortedatum 11] 1992, gebruik heeft gemaakt van de schermnamen/schuilnamen/aliassen ‘ [alias 11] ’ en ‘ [alias 11] ’.<footnote-ref linkend="_846735fe-00ba-41ae-8d2f-5648f99715d9" />  is binnen Ennetcom actief geweest tussen 23 juli 2014 en 19 april 2016. </para>
          <para>Voorts heeft [medeverdachte 10] verklaard dat [medeverdachte 11] ‘ [alias 11] ’ werd genoemd.<footnote-ref linkend="_a27623b0-c315-4eca-ae3a-b9acbdadb775" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <para />
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 10]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Uit analyse van de Ennetcom -data volgt naar het oordeel van de rechtbank dat [medeverdachte 10] , geboren op [geboortedatum 12] 1972, gebruik heeft gemaakt van de schermnaam/schuilnaam/alias ‘ [alias 12] ’.<footnote-ref linkend="_af6dd6e3-9fa6-4010-b3a2-9217ff959823" /> Hij is binnen Ennetcom actief geweest tussen 2 juni 2014 en 15 september 2015. </para>
          <para>Voorts heeft [medeverdachte 10] bij de politie en ter terechtzitting van 15 februari 2022 verklaard dat hij degene is die met de schuilnaam ‘ [alias 12] ’ werd aangeduid.<footnote-ref linkend="_0482cdbc-a6b9-4973-81ab-f510d9e79c97" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 12]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Uit de analyse van de Ennetcom -data volgt naar het oordeel van de rechtbank dat [medeverdachte 12] , geboren op [geboortedatum 13] 1974, gebruik heeft gemaakt van de schermnamen/schuilnamen/aliassen ‘ [alias 4] ’, ‘ [alias 4] ’, ‘ [alias 4] ’ en ‘ [alias 4] ’.<footnote-ref linkend="_17094818-3eca-4639-a022-08dc5bdbc051" /> Hij is binnen Ennetcom actief geweest tussen 1 november 2014 tot en met 19 april 2016. <?linebreak?>Voorts heeft [medeverdachte 12] ter terechtzitting van 15 februari 2022 verklaard dat het klopt dat hij de aliassen ‘ [alias 4] ’, ‘ [alias 4] ’, ‘ [alias 4] ’ en ‘ [alias 4] ’ heeft gebruikt.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 13]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Uit analyse van de Ennetcom -data volgt naar het oordeel van de rechtbank dat [medeverdachte 13] , geboren op [geboortedatum 14] 1968, gebruik heeft gemaakt van de schermnaam/schuilnaam/alias ‘ [alias 13] ’.<footnote-ref linkend="_4d61910c-1b90-4715-af52-779bd131f7c5" />  is binnen Ennetcom actief geweest tussen 25 juli 2015 en 19 april 2016. </para>
          <para>Op 30 mei 2016 zegt [alias 13] tegen [alias 14] dat gisteren de KLPD ‘ [naam 5] ’ aanhield, omdat er een boete van € 76,-- open stond. Uit de politiesystemen blijkt dat de politie op 29 mei 2016 [naam 5] , geboren [geboortedatum 15] 1973, te [geboorteplaats 5] heeft staande gehouden wegens een openstaande boete van € 76,--. [naam 5] is de echtgenote van [medeverdachte 13] .<footnote-ref linkend="_1569f9ed-09ca-463a-ab1f-51a563d9e4bb" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 14] </emphasis>
          </para>
          <para>Van [medeverdachte 14] is geen schermnaam/schuilnaam/alias bekend geworden.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 2]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Uit analyse van de Ennetcom -data volgt naar het oordeel van de rechtbank dat [medeverdachte 2] , geboren op [geboortedatum 16] 1955, gebruik heeft gemaakt van de schermnaam/schuilnaam/alias ‘ [alias 15] ’.<footnote-ref linkend="_96ce1958-524d-4060-8a2b-148178752ae8" /></para>
          <para>Voorts heeft [medeverdachte 2] zelf verklaard dat hij degene is die met ‘ [alias 15] ’ werd aangeduid.<footnote-ref linkend="_a18e444c-74e1-4654-b202-42d9212a7876" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [verdachte]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Op 17 april 2018 heeft [medeverdachte 2] verklaard dat de schermnaam/schuilnaam/alias van zijn dochter [verdachte] ‘ [alias 16] ’ is.<footnote-ref linkend="_017c2bec-a6e2-413e-9f73-f96455447228" /></para>
          <para>Voorts heeft [verdachte] ter terechtzitting van 17 februari 2022 verklaard dat het klopt dat haar alias ‘ [alias 16] ’ was.</para>
        </parablock>
        <para />
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 15] </emphasis>
          </para>
          <para>Op 17 april 2018 heeft [medeverdachte 2] verklaard dat de schermnaam/schuilnaam/alias van zijn dochter [medeverdachte 15] ‘ [alias 17] ’ is.<footnote-ref linkend="_bb3d5cdc-663e-427e-9cb7-407091d542d5" /><?linebreak?>Voorts heeft [medeverdachte 15] ter terechtzitting van 17 februari 2022 verklaard dat het klopt dat haar alias ‘ [alias 17] ’ was en dat zij deze bijnaam van haar vader had gekregen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">
              [medeverdachte 16]
            </emphasis>
          </para>
          <para>Op 17 april 2018 heeft [medeverdachte 2] verklaard dat de schermnaam/schuilnaam/alias van de vriendin van zijn dochters [medeverdachte 16] ‘ [alias 18] ’ is.<footnote-ref linkend="_4c9ea3aa-fea7-46fc-8147-bf62513f6f87" /><?linebreak?>Voorts heeft [medeverdachte 16] ter terechtzitting van 17 februari 2022 verklaard dat het klopt dat haar alias ‘ [alias 18] ’ was en dat zij deze bijnaam van [medeverdachte 2] had gekregen.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.5.2.</nr>
        <para>
          <emphasis role="italic">De criminele organisatie</emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>Voor de beoordeling van de vraag of verdachte heeft deelgenomen aan een organisatie als bedoeld in artikel 11b van de Opiumwet (hierna: OW) en artikel 140 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) zal de rechtbank de volgende onderdelen van de tenlastelegging afzonderlijk bespreken:</para>
          <para>
            <?linebreak?>              I.	Organisatie;<?linebreak?>              II. 	Oogmerk van de organisatie;<?linebreak?>              III. 	Opzettelijke deelneming en;<?linebreak?>              IV. 	Conclusie;<?linebreak?>              V. 	Periode.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Gelet op de samenhang tussen de strafzaken van verdachte en haar medeverdachten zal, met het oog op de leesbaarheid van het vonnis, verdachte verder telkens worden aangeduid als verdachte of [verdachte] en zullen de medeverdachten verder steeds worden aangeduid met hun achternamen en zo nodig voorletters.<?linebreak?>In artikel 11b OW is sinds 1 maart 2015 strafbaar gesteld, de deelname aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van een misdrijf als bedoeld in artikel 10, derde, vierde en vijfde lid, 10a, eerste lid, 11, derde en vijfde lid, of 11a van de OW. Tot 1 maart 2015 stond in artikel 11a van de OW materieelrechtelijk dezelfde regeling, de wetgever heeft deze strafbepaling, ingaande 1 maart 2015, vernummerd tot artikel 11b OW. Artikel 11b OW betreft een lex specialis van de lex generalis uit artikel 140 Sr. Als specifieke aanvullende eis ten opzichte van de strafbaarstelling in artikel 140 Sr geldt dat de criminele organisatie het oogmerk heeft het plegen van Opiumwetmisdrijven. Voor de betekenis, strekking en reikwijdte van de verschillende bestanddelen in artikel 11b OW moet dan ook aansluiting worden gezocht bij de rechtspraak over artikel 140 Sr. De overwegingen van de rechtbank ten aanzien van het bestanddeel ‘organisatie’ zijn voor feit 1 en feit 2 gelijkluidend en worden hieronder weergegeven.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">I. Organisatie </emphasis>
            <?linebreak?>Een <emphasis role="italic">organisatie</emphasis> in de zin van artikel 140 Sr is een samenwerkingsverband tussen twee of meer personen met een zekere duurzaamheid en structuur. Niet is vereist dat verdachte heeft samengewerkt of bekend was met alle deelnemers van de organisatie. Het oogmerk van de organisatie moet gericht zijn op het plegen van misdrijven. Voor een bewezenverklaring is voldoende dat het plegen van misdrijven door de organisatie wordt beoogd. Dat betekent dat er nog geen aanvang hoeft te zijn gemaakt met het daadwerkelijke plegen daarvan (vgl. HR 20 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:378, r.o. 2.2.2.).</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">Ennetcom -data</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank acht voor de beantwoording van de vraag of sprake is van een organisatie in de zin van artikel 140 Sr allereerst van belang dat het samenwerkingsverband in elk geval in de periode van 1 maart 2014 tot en met 19 april 2016 gebruik maakte van PGP-telefoons. PGP-telefoons worden gebruikt om versleutelde of gecrypte berichten te versturen, in voornoemde periode veelal via de providers Ennetcom en [bedrijf 7] . </para>
          <para>Op 19 april 2016 is de server van Ennetcom door overheidsdiensten uit de lucht gehaald. </para>
          <para>Uit een eerdere steekproef van onderschepte Ennetcom -data is gebleken dat zo’n 75 procent van de berichten aan criminaliteit te relateren is. Het gebruik van deze afgeschermde vorm van communicatie draagt daarom naar het oordeel van de rechtbank bij aan het vermoeden dat sprake was van een crimineel oogmerk bij het samenwerkingsverband.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Naast het gebruik van afgeschermde communicatiemiddelen, is uit onderzoek van Ennetcom -data gebleken dat er in de onderlinge communicatie via de PGP-telefoons gebruik is gemaakt van schuilnamen/aliassen, zoals hiervoor onder het kopje ‘<emphasis role="italic">4.5.1. Identificatie van de verdachten</emphasis>’ al is besproken. In de in beslag genomen PGP-telefoon<footnote-ref linkend="_019a4209-4d61-48fb-b58f-c3f63d204458" /> van [medeverdachte 2] , die hij had ontvangen van [medeverdachte 1] , is een contactlijst aangetroffen met de namen ‘ [alias 1] ’, ‘ [alias 3] ’, ‘ [alias 16] ’, ‘ [alias 8] ’, ‘ [alias 17] ’, ‘ [alias 2] ’, ‘ [alias 5] ’ en ‘ [alias 18] ’ én de bijbehorende PGP-mailadressen. Tijdens het onderzoek door de politie zijn een aantal PGP-mailadressen gekoppeld aan de bijbehorende gebruikers.<footnote-ref linkend="_10d3c67e-0d09-406d-9afc-53d893d7db39" /> Uit de onderzochte Ennetcom -data zijn voorts de schuilnamen/aliassen ‘ [alias 10] ’, ‘ [alias 9] ’, ‘ [alias 13] ’, ‘ [alias 12] ’, ‘ [alias 15] ’, ‘ [alias 16] ’ en ‘ [alias 17] ’ naar voren gekomen. Door het gebruik van deze namen werden de leden van de organisatie nog meer afgeschermd. De schuilnamen/aliassen zijn gedurende de onderzoeksperiode in een aantal gevallen (meermalen) gewijzigd. Dit blijkt onder andere uit het e-mailbericht van 27 augustus 2015 van ‘ [alias 1] ’ met als onderwerp <emphasis role="italic">“nieuwe namen”.</emphasis><footnote-ref linkend="_10e3d335-2308-4998-ae98-4bd65929ec1b" /> Uit dit bericht blijkt dat het samenwerkingsverband al vóór augustus 2015 met elkaar samenwerkte via schuilnamen/aliassen.<footnote-ref linkend="_0c813466-f3c7-4b91-a466-db92e123f65a" /> Hiervoor is steun te vinden in het bericht van 8 augustus 2015, waarin onder meer uiteen wordt gezet dat het samenwerkingsverband in augustus 2013 is begonnen met [medeverdachte 1] .<footnote-ref linkend="_f930055a-70b2-46f2-ba9b-1066daf2cb52" /><?linebreak?></para>
          <para>Uit de aard van de onderlinge communicatie en berichtgeving volgt naar het oordeel van de rechtbank verder dat er binnen de groep van deelnemers sprake was van regels, een rolverdeling en een zekere vorm van hiërarchie. Daarbij werd de leiding van de organisatie gevormd door ‘ [alias 1] ’ ( [medeverdachte 1] ), ‘ [alias 5] ’ ( [medeverdachte 4] ) en ‘ [alias 2] ’ ( [medeverdachte 3] ), waarbij ‘ [alias 1] ’ de uiteindelijke beslissingen nam, de meeste opdrachten aan anderen gaf en belangrijke zaken besprak met ‘ [alias 5] ’ en ‘ [alias 2] ’. Daarnaast zijn vier categorieën deelnemers te onderscheiden, te weten:</para>
        </parablock>
        <para />
        <orderedlist numeration="arabic">
          <listitem>
            <para>De <emphasis role="underline">assistenten,</emphasis> die hand- en spandiensten verrichten. De werkzaamheden variëren van het verdelen van geld tot het daadwerkelijk lossen van de vracht;</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>De <emphasis role="underline">typers</emphasis>, die de mailboxen en in sommige gevallen ook de bankrekeningen beheren van één of meerdere bedrijven;</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>De <emphasis role="underline">transporttak-deelnemers</emphasis>, die het vervoer van de ladingen verzorgen vanuit de haven naar de loodsen waar de ladingen worden gelost, waarbij zij tijdens dat vervoer contact hebben met de leiding van het CSV;</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>De <emphasis role="underline">storters</emphasis>, die contant geld aannemen en in opdracht afstorten op bankrekeningen, die gekoppeld zijn aan malafide bedrijven, in beheer bij het CSV. De storters ontvangen het contante geld van [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 7] .<footnote-ref linkend="_961cffff-1650-4afd-91a3-7178cacb2237" /></para>
          </listitem>
        </orderedlist>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">In beslag genomen bedrijfsadministratie</emphasis>
            <?linebreak?>Naar het oordeel van de rechtbank worden de bevindingen uit de Ennetcom -data ondersteund door de bij de verschillende doorzoekingen in beslag genomen (bedrijfs-) administratie. Vast staat dat door het CSV meerdere fruitbedrijven zijn opgericht.<footnote-ref linkend="_7eba4800-c2d8-4de9-b9ac-9aa2486656dc" /> Bij de doorzoeking in de woning van [medeverdachte 2] is een krat met prepaid telefoons aangetroffen. Deze telefoons waren voorzien van coderingen. Deze coderingen zijn eveneens aangetroffen in aantekeningen op de bij [medeverdachte 1] in beslag genomen computer en USB-sticks. Dezelfde coderingen van de fruitbedrijven zijn verder aangetroffen in de verblijfplaats van [medeverdachte 1] aan de [adres 1] .<footnote-ref linkend="_91133587-5df5-439a-87c2-bc61e22e8a53" /> De gebruikte coderingsmethodiek komt vaak terug in de onderlinge communicatie tussen de verschillende deelnemers van het CSV via Ennetcom .<?linebreak?>Bij de oprichting van de fruitbedrijven is door het CSV gebruik gemaakt van katvangers. Deze katvangers lijken verder niet betrokken te zijn geweest bij de (illegale) activiteiten van de betrokken fruitbedrijven. De naam van deze katvangers werd door het CSV wel gebruikt bij de ondertekening van de e-mailberichten.<footnote-ref linkend="_6604d11a-bb3d-436e-bb04-ec026c423f87" /><?linebreak?>Tot slot volgt uit de Ennetcom -data dat er binnen de organisatie afspraken zijn gemaakt over de frequentie waarop de e-mail van de fruitbedrijven werd gecontroleerd.<footnote-ref linkend="_620b639d-11f9-4863-8a30-6b4eb769457c" /> Dit alles geeft naar het oordeel van de rechtbank blijk van een gestructureerde, georganiseerde en professionele werkwijze binnen het CSV.  </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">Verhoren [medeverdachte 2] en [medeverdachte 12] </emphasis>
            <?linebreak?>Het bestaan van een ‘organisatie’ en de uitgebreide interne afspraken over de werkwijze van deze organisatie blijkt ook uit de verklaring van [medeverdachte 2] . Hij verklaart voor [medeverdachte 1] te werken. Verder verklaart hij contact te hebben gehad met ‘ [alias 3] ’. Dit contact verliep via een één-op-één-telefoon, die hij eind 2015/begin 2016 had ontvangen van [medeverdachte 1] , met de in die telefoons voorgeprogrammeerde contacten, te weten: ‘ [alias 1] ’, ‘ [alias 3] ’, ‘ [alias 2] ’ en ‘ [alias 8] ’. In eerste instantie had [medeverdachte 2] van [medeverdachte 1] in een plastic tas ongeveer twaalf setjes ontvangen, bestaande uit een bankpas, een telefoon en een bijbehorende code, alsmede een overzicht van de bedrijven die bij de desbetreffende codes hoorden. [medeverdachte 2] verklaart dat hij diverse malen contante geldstortingen heeft verricht op bankrekeningen van de gecodeerde bedrijven. Via de telefoon werd door ‘ [alias 3] ’ een afspraak met [medeverdachte 2] gemaakt voor een ontmoeting. Tijdens die ontmoetingen hoorde hij van ‘ [alias 3] ’ welke geldbedragen voor welke bedrijven gestort moesten worden. Hij kreeg vervolgens de geldbedragen van ‘ [alias 3] ’, variërend tussen de € 10.000,-- en <?linebreak?>€ 50.000,-- euro, telkens in enveloppes waarop de naam van het bedrijf stond en de rekening waarop gestort moest worden. De te storten bedragen waren soms hoger dan het toegestane maximum waardoor [medeverdachte 2] langs verschillende bankautomaten moest gaan. In 2016 heeft hij ook van ‘ [alias 2] ’ twee- of driemaal geld ontvangen dat vervolgens door hem op een ING-rekening van één van de gecodeerde bedrijven is gestort. De stortingen werden door [medeverdachte 2] bij een geldautomaat gedaan en uitgevoerd met bankpassen en de TAN-codes die hij ontving op de telefoons, die hij van [medeverdachte 1] had ontvangen.<footnote-ref linkend="_08fa3908-ce0e-41be-8185-9f030f029e58" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Voorts verklaart [medeverdachte 12] (hierna: [medeverdachte 12] ) over het bestaan van de organisatie. Uit de door hem afgelegde verklaring volgt dat hij € 500,-- per week ontving voor zijn werkzaamheden en dat hij van de organisatie een genoegdoening wenste te ontvangen voor het feit dat hij had vastgezeten.<footnote-ref linkend="_93c90579-62bb-43e7-98bd-b812f2f6ee31" /> [medeverdachte 12] bevestigt verder de in de Ennetcom -berichten uiteengezette afspraken over het bijhouden van de e-mail van de fruitbedrijven. Op 4 juni 2020 verklaart hij immers dat het zijn taak was om de e-mail in de gaten te houden en dat hij vervolgens letterlijk doorkreeg van andere deelnemers van de organisatie wat hij terug moest sturen.<footnote-ref linkend="_5a0bbf7a-05d3-42f5-a0fa-daadc1d18ae7" /></para>
          <para>
            <?linebreak?>De rechtbank is op basis van het voorgaande van oordeel dat gesproken kan worden van een duurzaam en gestructureerd samenwerkingsverband, met het oogmerk het plegen van misdrijven, en daarmee van ‘een organisatie’, zoals bedoeld in artikel 140 Sr respectievelijk 11b OW.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">II. Oogmerk van de organisatie</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Het oogmerk van de organisatie moet weliswaar gericht zijn op het plegen van misdrijven, maar niet is vereist dat het plegen van misdrijven de belangrijkste bestaansgrond van de organisatie is (vgl. HR 15 juni 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK6148). Voor een bewezenverklaring is voldoende dat het plegen van misdrijven wordt beoogd, zodat geen aanvang hoeft te zijn gemaakt met het daadwerkelijk plegen daarvan. Voor de bewijsvoering van het bestanddeel ‘oogmerk’ zal onder meer betekenis kunnen toekomen aan misdrijven die in het kader van de organisatie zijn gepleegd, aan het meer duurzaam of gestructureerde karakter van de samenwerking, zoals kan blijken uit de onderlinge verdeling van werkzaamheden of onderlinge afstemming van activiteiten van deelnemers binnen de organisatie met het oog op het bereiken van het gemeenschappelijke doel van de organisatie, en, meer algemeen, aan de planmatigheid of stelselmatigheid van de met het oog op dit doel verrichte activiteiten van deelnemers binnen de organisatie (vgl. HR 15 mei 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA0502, NJ 2008/559).</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">Oogmerk op Opiumwet misdrijven</emphasis>
            <?linebreak?>De rechtbank is van oordeel dat op grond van de aanwezige bewijsmiddelen in het dossier wettig en overtuigend bewezen kan worden dat sprake is van een criminele organisatie die (onder andere) tot oogmerk heeft het binnen het Nederlands grondgebied brengen, afleveren én aanwezig hebben van cocaïne. De rechtbank overweegt daarover het navolgende.<?linebreak?>Zoals onder het kopje ‘organisatie’ al is uiteengezet, kan naar het oordeel van de rechtbank worden gesproken van een gestructureerde samenwerking met een duurzaam karakter. De duurzaamheid blijkt onder andere uit het feit dat de organisatie al in 2013 lijkt te zijn opgericht en zeker heeft bestaan tot en met 2019. Het gestructureerde karakter van de samenwerking volgt uit de onderlinge verdeling van de werkzaamheden. De leden van het CSV zijn onderverdeeld in typers, storters, assistenten en transporteurs. Iedere groep verricht zijn of haar eigen taken en houdt zich bezig met zijn of haar eigen activiteiten. Deze taken en activiteiten worden binnen de organisatie door de leden onderling op elkaar afgestemd, met het oog op het bereiken van het gemeenschappelijk doel van de organisatie, te weten het plegen van Opiumwetmisdrijven. De verrichte activiteiten vinden bovendien planmatig en stelselmatig plaats. De rechtbank overweegt hierover aanvullend het navolgende.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Gecodeerde (fruit)bedrijven </emphasis>
            <?linebreak?>Tijdens de doorzoeking in de woning van [medeverdachte 2] (in het kader van het opsporingsonderzoek 26Ephraim) zijn onder meer bankpassen en diverse documenten met aantekeningen aangetroffen, waarin zowel de namen en codes van bedrijven alsook de inlogcodes van de bankrekeningen van de desbetreffende bedrijven vermeld stonden. <?linebreak?>Ook zijn in de woning van [medeverdachte 2] in een krat diverse telefoons voorzien van een sticker met een code aangetroffen. Vastgesteld is dat de op de stickers vermelde code overeenkomt met de code van het desbetreffende (gecodeerde) bedrijf.<?linebreak?>Deze telefoons werden uitsluitend gebruikt voor het ontvangen van TAN-codes, die nodig waren om digitaal financiële transacties (overboekingen) uit te voeren. <?linebreak?>Voorts is tijdens de doorzoeking in de verblijfplaats van [medeverdachte 1] onder meer een USB-stick aangetroffen die import- en exportgegevens, betalingen, codes en bedrijfsnamen bevatte van diezelfde bedrijven als de bedrijven waarvan de codes en bedrijfsnamen vermeld staan in de documenten met aantekeningen die zijn aangetroffen in de woning van [medeverdachte 2] .<footnote-ref linkend="_958797a6-f2e7-49cc-bd3b-fe6691d2a7fc" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De criminele organisatie heeft gedurende de onderzoeksperiode (januari 2014 tot en met december 2019) gebruik gemaakt van minimaal 52 gecodeerde bedrijven die veelal gerelateerd zijn aan de import van fruit. De gecodeerde bedrijven werden formeel vertegenwoordigd door binnen- en buitenlandse katvangers, maar feitelijk beheerd door leden van het CSV, zijnde de zogenaamde ‘typers’. Zij hadden toegang tot de mailbox en de bankrekeningen van de gecodeerde bedrijven en stonden in nauw contact met de leiding van het CSV. De ‘typers’ onderhielden (voornamelijk) via de mail onder meer contacten met opdrachtgevers, buitenlandse leveranciers, expediteurs, transportbedrijven en opkopers van fruit.</para>
          <para>De rechtbank stelt verder vast dat van de onderzochte gecodeerde bedrijven geen reguliere bedrijfsadministratie is aangetroffen, waarin een duidelijk overzicht van de kosten en baten van deze bedrijven is opgenomen. De administratie die wel is aangetroffen is fragmentarisch en in ieder geval niet bedoeld om externe audits te faciliteren. Het aan deze administratie verrichte onderzoek biedt wel inzicht in de kosten- en batenstructuur van de import van een lading verdovende middelen.<footnote-ref linkend="_c14b143e-9d84-45d0-96d9-1ed73d712599" /> Daaruit volgt dat sprake is van extra kosten. Deze kosten zijn enkel te verklaren wanneer de administratie bekeken wordt in het licht van een kosten-batenanalyse van de import van een hoeveelheid verdovende middelen. <?linebreak?>In dit verband kent de rechtbank bewijskracht toe aan de omstandigheid dat verschillende partijen fruit van de betrokken bedrijven na aankomst in de haven van Antwerpen niet zijn opgehaald of zelfs zijn vernietigd<footnote-ref linkend="_ac77889a-a722-4f20-aef9-57933e99d794" />.<?linebreak?>Daarnaast draagt ook het uitgebreide overzicht van een heimelijke codering bij aan het bewijs dat de bedrijven enkel ten doel hadden ten dienste te staan van de invoer van verdovende middelen.<footnote-ref linkend="_3c559e6c-342e-415a-a37f-a57c9d86287b" /><?linebreak?>Tot slot overweegt de rechtbank dat uit eerdere Belgische onderzoeken en onderzoeken van verschillende bedrijven blijkt dat ook daadwerkelijk partijen cocaïne zijn onderschept in ladingen van bedrijven die zijn genoemd in de gevonden administratie van bedrijven bij [medeverdachte 1] .</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank zal haar oordeel dat de organisatie het oogmerk had op Opiumwetmisdrijven nader onderbouwen door de handelswijze van de organisatie ten aanzien van vier van de door de organisatie opgerichte bedrijven te bespreken. Drie van de vier bedrijven komen met bijbehorende bankrekeningen, inlogcodes van e-mailaccounts en contactgegevens van katvangers, voor op de USB-stick die is aangetroffen in de verblijfplaats van [medeverdachte 1] tijdens de doorzoeking in het kader van het onderzoek 26Ephraim.<footnote-ref linkend="_a39eaec7-f291-4a8c-9ebb-c69319f063c1" /> Over het vierde bedrijf, te weten [bedrijf 8] , heeft [medeverdachte 2] verklaard dat dit bedrijf nog maar net was opgericht.<footnote-ref linkend="_74d6d15f-79f7-47ee-a2b9-7bb6771a610e" /> De bedrijven hebben verder gemeen dat ze in de administratie van het CSV met codes (BE3, D1, BF en H5) zijn aangeduid en er met deze codes corresponderende prepaid telefoons zijn aangetroffen bij [medeverdachte 2] . Daarnaast is gebleken dat de personen die zijn opgevoerd als directeur katvanger waren. Op de bankrekeningen van deze gecodeerde bedrijven werd voornamelijk contant geld gestort, dat vervolgens werd gebruikt voor de inkoop van fruit (als deklading voor verdovende middelen) uit Zuid- of Midden-Amerika en voor de betalingen van borgsommen aan transporteurs, expediteurs en verhuurbedrijven.<footnote-ref linkend="_1cf7237d-c581-41fe-a1e6-74cdb12734db" /></para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [bedrijf 9] GMBH</title>
    <para>In de periode van 20 mei 2017 tot en met 10 december 2017 hebben bij [bedrijf 9] GMBH (BE3) dertien transporten plaatsgevonden, bestaande uit negentien containers met ananassen, vanuit Costa Rica naar Antwerpen. Het Belgische bedrijf [bedrijf 10] is verantwoordelijk voor de transporten en verzorgt de douaneformaliteiten. Uit onderzoek blijkt dat elk transport in die periode verliesgevend is geweest. Met een omzet van € 59.686,--, afgezet tegen de kosten van € 250.138,--, leed [bedrijf 9] GMBH een totaalverlies van € 190.452,--.<footnote-ref linkend="_e29f9fdd-00da-4c6f-87e6-9034314660d4" /> Dat de fruittransporten slechts bijzaak waren, blijkt naar het oordeel van de rechtbank uit het navolgende. <?linebreak?>In juni 2017 zijn drie containers vervoerd van Costa Rica naar Antwerpen. Deze containers werden op 18 juni 2017 in de haven van Antwerpen verwacht. Meerdere pallets met geïmporteerde goederen van de zogenaamde transporten 3 en 9 zijn vervolgens nooit verkocht.<footnote-ref linkend="_70b13349-502c-4185-aaeb-f5f5b6136fa6" /> Daarnaast zijn op 14 november 2017 in een lading ananassen (container [nummer 1] ) 150 pakketten cocaïne aangetroffen met een totaalgewicht van 1.498 kilogram (onderzoek Abrusco &amp; Sporaden). Uit de aangetroffen documenten bleek dat de lading bestemd was voor het bedrijf ‘ [bedrijf 9] GMBH’.<footnote-ref linkend="_20b1ab2a-e4a5-4eee-8381-6ba82dd6e437" /></para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr> [bedrijf 11] BV <?linebreak?>De bankrekening van [bedrijf 11] BV werd in 2015 en 2016 (nagenoeg) alleen gevoed door contante stortingen en in 2017 en 2018 door verkopen aan [bedrijf 12] BV. Het is opvallend dat deze twee bedrijven, die ogenschijnlijk niet aan elkaar gelieerd zijn, op deze manier handelen. In totaal ontvangt [bedrijf 11] BV € 127.928,-- van [bedrijf 12] BV in verband met facturen afkomstig van [bedrijf 13] . Op de bankrekening is niet te zien dat het voor [bedrijf 13] bestemde geld is overgemaakt aan [bedrijf 13] BV, of een andere daaraan gelieerde onderneming. <?linebreak?>Voorts komt de rechtbank tot het oordeel dat uit de e-mailbox van [bedrijf 11] BV en de Ennetcom -data volgt dat [bedrijf 11] BV gebruikt is door het CSV met het doel om verdovende middelen te importeren, waarbij fruit, vis of andere levensmiddelen werden gebruikt als deklading. In de Ennetcom -data is te lezen dat [medeverdachte 9] ( [alias 8] ) en [medeverdachte 13] ( [alias 13] ) op 16 april 2016 met elkaar communiceren over de opslag van 17 containers met daarin ongeveer 9.000 zakken.<footnote-ref linkend="_dc95d9a5-86bc-4f62-9b0d-7c9ae142c2ca" /><?linebreak?>Tussen 17 en 19 april 2016 wordt door leden van het CSV veelvuldig met elkaar, via PGP-telefoons, gecommuniceerd. [medeverdachte 13] en [medeverdachte 3] communiceren over het regelen van mensen en gemaakte kosten. [medeverdachte 4] en [medeverdachte 13] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] , communiceren over het feit dat enkel een persoon die wordt aangeduid met ‘aap’<footnote-ref linkend="_d2cda4c3-8dcf-482f-a4e3-33f2a400214b" />de container losknipt. [betrokkene 3] en [medeverdachte 3] communiceren met elkaar dat er sporttassen uit zouden kunnen vallen. In deze sporttassen zitten vermoedelijk verdovende middelen.<footnote-ref linkend="_69c3f037-b712-4a2f-98b6-77ffe7acac84" /></title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr> [bedrijf 14] BV</title>
    <para>
      [bedrijf 14] BV is op 5 januari 2017 opgericht met als handelsomschrijving <emphasis role="italic">“groothandel in groente en fruit/goederenvervoer over de weg”. </emphasis>Op 16 mei 2018 is het bedrijf weer uitgeschreven bij de Kamer van Koophandel, omdat er geen baten meer aanwezig waren.<footnote-ref linkend="_4e07c5a9-1433-46fd-ba14-8a0d77cca9b5" /><?linebreak?>De bankrekening, met openingsdatum 17 januari 2017, heeft nog geen anderhalf jaar bestaan.  Op de bankrekening van [bedrijf 14] hebben tussen 17 februari 2017 en 6 november 2017, 16 contante stortingen plaatsgevonden. In totaal gaat het daarbij om een bedrag van <?linebreak?>€ 128.350,--. De herkomst van dit geld is niet te herleiden.<footnote-ref linkend="_21e3b761-028e-4288-87e9-9a21707437e4" /> Uit mailverkeer blijkt dat [bedrijf 14] bananen importeert uit Colombia. In opdracht van [bedrijf 14] hebben tussen 5 januari 2017 en 16 mei 2018 zes leveringen plaatsgevonden van in totaal negen containers. Bij elke levering blijkt er iets mis te zijn met een container en wordt de container laat vrijgegeven en/of laat opgehaald uit de haven van Antwerpen. In één geval laat [bedrijf 14] circa zes weken lang niets van zich horen, terwijl een container met (rottende) bananen in de haven van Antwerpen staat. Er wordt door [bedrijf 14] op elke container fors verlies geleden.<footnote-ref linkend="_aced15f9-3942-475a-a5cf-c00299f2c07d" /><?linebreak?>Uit het mailverkeer van [bedrijf 14] blijkt dat op 1 februari 2018 wordt gecommuniceerd over een container met nummer [nummer 2] , omdat de container niet tegelijk met de andere bestelde container ( [nummer 3] ) is aangekomen in de haven van Antwerpen. Er wordt gesproken over de <emphasis role="italic">“gestolen”</emphasis> container met nummer [nummer 2] .<footnote-ref linkend="_f79d6146-10ea-4c5e-80a9-4aafb934e254" /> Tijdens de doorzoeking van 11 december 2019 in de verblijfplaats van [medeverdachte 1] en de woning van [medeverdachte 14] , zijn transportdocumenten aangetroffen van deze container. Daarbij zijn ook de douanevervoer- en begeleidingsdocumenten aangetroffen.<footnote-ref linkend="_98514fc7-e8c6-4e80-94fc-0933d192e218" /> Voorts is onderzoek verricht naar drie audiobestanden die betrekking blijken te hebben op de vermiste container. Deze audiobestanden zijn aangetroffen op een USB-stick<footnote-ref linkend="_00cb708b-056f-4d5a-8520-c59c658ca079" /> in de verblijfplaats van [medeverdachte 1] en op een iPhone<footnote-ref linkend="_818a039a-c3fe-4fdd-8b71-dbd1809e0085" /> en computer<footnote-ref linkend="_eb93ae24-b6c1-474c-95a6-954e8969f79e" /> in de woning van [medeverdachte 14] .<footnote-ref linkend="_56dd5723-3449-4c21-bb84-521cf91fe9b9" /></para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr> [bedrijf 8] BV</title>
    <parablock>
      <para>
        [bedrijf 8] BV is op 30 januari 2018 opgericht en heeft als handelsomschrijving <emphasis role="italic">“Groothandel in landbouwmachines, werktuigen en tractoren”</emphasis>. Het bedrijf heeft geen website en wordt aangeduid met de code D1. [naam 6] staat als bestuurder ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Op 24 oktober 2019 is [naam 6] gehoord en verklaart hij onder andere dat hij het bedrijf [bedrijf 8] BV niet kent en dat hij hier ook nog nooit van heeft gehoord. Tijdens het doorzoeken van de woning van [medeverdachte 2] op 22 maart 2018 werd een bankpas ten name van [bedrijf 8] BV aangetroffen en € 30.000,-- aan contant geld. [medeverdachte 2] verklaarde het geld en de bankpas van [medeverdachte 1] te hebben ontvangen, met daarbij de opdracht het geld op de rekening van [bedrijf 8] BV te storten.<?linebreak?>Onderzoek naar de bankrekening van [bedrijf 8] BV wijst uit dat de rekening wordt gevoed door contante stortingen. Ook blijkt [bedrijf 8] zaken te doen met [bedrijf 15] . Dat is een bedrijf uit Costa Rica dat zich bezig houdt met de export van fruit. Het feit dat [bedrijf 8] BV zaken doet met [bedrijf 15] levert niet alleen een branchevreemde transactie op – [bedrijf 8] BV is een groothandel in landbouwmachines – maar daarnaast was [bedrijf 15] de leverende partij van de container, waarin op 14 november 2017 1.498 kilogram cocaïne werd aangetroffen tussen het fruit (zie hierboven onder ‘ [bedrijf 9] ’). In de administratie van [bedrijf 8] BV zijn voorts geen inkomsten opgenomen uit de verkoop van fruit.<footnote-ref linkend="_a063269d-4201-462e-80e1-b8908cfaff6d" /></para>
      <para>
        <?linebreak?>De rechtbank is van oordeel dat uit het voren overwogene blijkt dat al deze bedrijven door het CSV zijn opgericht met het doel het binnen Nederlands grondgebied brengen van hoeveelheden verdovende middelen. De import van fruit was slechts van -hooguit- onderschikt belang.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Onderschepte partijen verdovende middelen in Belgische onderzoeken</emphasis>
        <?linebreak?>Voor de bewijsvoering van het bestanddeel ‘oogmerk’ kan ook betekenis toekomen aan misdrijven die in het kader van de organisatie reeds zijn gepleegd. De rechtbank betrekt daarom in haar oordeel de hierna beschreven Belgische onderzoeken ‘Westlab’ en ‘Salt’. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">1. Onderzoek Westlab</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_deeacd5a-a391-4156-900e-a5bd9c5921a0" />
      </para>
      <para>In een door [bedrijf 16] BV geïmporteerde container met nummer [nummer 4] , is bij controle op 15 april 2016 in Zuid-Afrika 385 kilogram heroïne aangetroffen, verstopt tussen tegels in houten kratten.<?linebreak?>Uit onderzoek blijkt dat [bedrijf 17] BV eind 2015 eenmalig 21 paletten met in totaal 1.664 blikken ananas van Citrocal invoerde via de Antwerpse haven. Van deze ingevoerde hoeveelheid ananas in blik bleken er bij de doorzoeking op 14 september 2017 zes paletten te ontbreken. <?linebreak?>Tot slot is gebleken dat [bedrijf 17] BV in 2016 twee keer bevroren fruitpulp invoerde vanuit Colombia. De in augustus 2016 ingevoerde fruitpulp werd opgehaald door [bedrijf 18] BV, opgericht op 7 januari 2015 met [medeverdachte 13] als bestuurder. [medeverdachte 13] was zelf ook chauffeur van dit transport op 13 september 2016. De eind 2016 ingevoerde fruitpulp werd niet opgehaald, maar werd na zeven maanden stalling vernietigd op verzoek van [bedrijf 17] BV, bij gebrek aan een koper. De lading vertegenwoordigde een waarde van tienduizenden euro’s. Voorts bleken de in een loods aangetroffen restanten te zijn geïmporteerd door [bedrijf 16] BV of [bedrijf 17] BV.<footnote-ref linkend="_16fe243f-ecbc-4559-bc8e-d6c2c8aa8e58" /> Deze twee bedrijven komen voor in de aantekeningen die zijn aangetroffen bij [medeverdachte 2] .<footnote-ref linkend="_d5471517-b169-4142-83c2-12669235b25a" /> [medeverdachte 13] is in dit onderzoek aangemerkt als lid van de criminele organisatie en veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht jaren en een geldboete van € 40.000,--.<footnote-ref linkend="_c410c0c6-32cc-49bb-a749-a29d59761fa4" /></para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Onderzoek Salt</title>
    <para>Door de Belgische autoriteiten is in januari 2017 een partij van 675 kilogram cocaïne onderschept in de haven van Antwerpen. De cocaïne zat verstopt onder een deklading zout. Uit het onderzoek is gebleken dat de container met cocaïne werd opgehaald door [bedrijf 19] . [betrokkene 2] , bestuurder van [bedrijf 19] , heeft dit bedrijf opgericht in opdracht van [medeverdachte 13] . [betrokkene 2] fungeerde slechts als katvanger.<footnote-ref linkend="_966e5e8f-3761-4a94-82fc-4ff6dd18847d" /><?linebreak?>De rechtbank stelt vast dat bij de oprichting van [bedrijf 19] dezelfde werkwijze is terug te zien als bij de oprichting van de andere bedrijven die in beheer zijn van het CSV: een persoon wordt vanuit de organisatie benaderd, moet een bedrijf oprichten, een bankrekening openen, een e-mailaccount aanmaken en inlogcodes afstaan. Ook in dit onderzoek was [medeverdachte 13] als lid van het CSV indirect betrokken bij de import van de verdovende middelen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Versluierd taalgebruik </emphasis>
      </para>
      <para>In de Ennetcom -berichten wordt onder meer gesproken over <emphasis role="italic">“+ transporten</emphasis>” en “<emphasis role="italic">c+</emphasis>”. Deze termen komen eveneens terug in de in beslag genomen aantekeningen. Typers krijgen een bonus bij een <emphasis role="italic">“+ transport”</emphasis>. Verder stijgen de kosten bij een dergelijk transport. <footnote-ref linkend="_e592aff6-fb22-4ab7-b253-07cb93f7e6b3" /> Ook wordt bij deze transporten een extra typer geregeld. Deze extra typer moet voorkomen dat e-mails onnodig lang onbeantwoord blijven.<footnote-ref linkend="_fac85b8a-c868-4e60-8c45-8affff02d70d" /> Daaruit volgt naar het oordeel van de rechtbank dat bij <emphasis role="italic">“+ transporten</emphasis>” en “<emphasis role="italic">c+</emphasis>” – in versluierd taalgebruik – wordt gesproken over transporten waarbij naast de deklading ook verdovende middelen worden ingevoerd.</para>
      <para>Er wordt, zoals hierboven reeds beschreven, tussen 17 en 19 april 2016 door onder meer [medeverdachte 4] , [medeverdachte 13] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] gecommuniceerd over het feit dat enkel ‘ [alias 19] ’ de container losknipt. Daarnaast communiceren [betrokkene 3] en [medeverdachte 3] naar elkaar dat er sporttassen uit kunnen vallen. Naar het oordeel van de rechtbank kan dit dan ook alleen maar gaan om sporttassen met verdovende middelen. </para>
      <para>Tot slot wordt in Ennetcom -berichten gesproken over 169 stukken dan wel blokken die uit de wand of bodem van een geprepareerde container zijn gehaald. Deze container is vanuit de haven van Antwerpen naar een loods vervoerd, terwijl de container eigenlijk voor controle naar de scan bij de douane moest. Nadat de 169 blokken uit de container zijn gehaald, wordt de container door een lasser gerepareerd.<footnote-ref linkend="_fef6345c-b896-4d4f-be69-be20222bdd8d" /> De rechtbank is van oordeel dat het gezien de context van dit onderzoek niet anders kan dan dat met deze 169 stukken/blokken, stukken/blokken cocaïne worden bedoeld. Dit oordeel wordt ondersteund door het Ennetcom -bericht van [alias 5] aan [alias 8] op 6 augustus 2015. <emphasis role="italic">“Prijzen van die rommel is ook 26 a 27. Je kan ook stukken krijgen he”.</emphasis><footnote-ref linkend="_81e00efe-2680-4a9c-81b3-617d434bb98e" /> De rechtbank merkt op dat haar ambtshalve bekend is dat de kiloprijs van cocaïne rond de € 26.000,- ligt. Naar het oordeel van de rechtbank kan het, alles in samenhang bezien, niet anders zijn dan dat met deze getallen de kiloprijs van cocaïne wordt aangeduid. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Oogmerk op witwassen</emphasis>
        <?linebreak?>De rechtbank is van oordeel dat op grond van de aanwezige bewijsmiddelen in het dossier wettig en overtuigend bewezen is dat sprake is van een criminele organisatie die (onder andere) witwassen tot oogmerk heeft. De rechtbank verwijst naar hetgeen hiervoor reeds is overwogen ten aanzien van de gecodeerde bedrijven en het versluierd taalgebruik én overweegt aanvullend het volgende.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Contante geldstromen </emphasis>
        <?linebreak?>In de periode van [geboortedatum 3] 2014 tot en met 24 augustus 2018 hebben in totaal <?linebreak?>€ 5.590.005,20 aan contante stortingen plaatsgevonden en in totaal € 913.047,-- aan contante opnamen.<footnote-ref linkend="_3e9abe48-c265-4335-856c-646456f17178" /></para>
      <para>Op de bankrekeningen van de gecodeerde bedrijven werd voornamelijk contant geld gestort, dat werd gebruikt voor de inkoop van fruit uit Zuid- of Midden-Amerika (als deklading voor de te smokkelen verdovende middelen) en voor de betalingen van borgsommen aan transporteurs, expediteurs en verhuurbedrijven.<footnote-ref linkend="_a5db6067-cdb4-496e-b26d-bdc7b90377ec" /></para>
      <para>Verder blijkt dat de contante gelden nagenoeg de enige bron van inkomsten zijn van deze bedrijven. Uit de analyse van de geldstromen die te relateren zijn aan de (fictieve) onderneming “ [bedrijf 9] ” blijkt bijvoorbeeld dat deze alleen maar verlies draait op in- en verkopen van fruit. </para>
      <para>Het oogmerk op witwassen blijkt voorts uit de volgende financiële transacties, waarbij de contante opnamen worden gebruikt voor de betaling van de kosten en vergoedingen aan leden van de criminele organisatie:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> Op 24 augustus 2015 krijgt [medeverdachte 11] van haar vader [medeverdachte 9] de opdracht om € 5.000,-- aan ‘ [alias 13] ’ ( [medeverdachte 13] ) te geven. Dit bedrag had zij eerder in [locatie] opgenomen van de bankrekening van [bedrijf 20] BV, en;</para>
      <para> Op 19 en 20 april 2016 werd in totaal € 11.000,-- opgenomen van de bankrekening van [bedrijf 13] BV. Uit de berichten blijkt dat dit bedrag grotendeels of geheel bestemd was voor [medeverdachte 9] en [betrokkene 4]<footnote-ref linkend="_feb1df15-800e-4b9f-a2bb-a991df53512b" />, en;</para>
    </parablock>
    <parablock>
      <para> Op 30 december 2016 is [verdachte] onder meer naar Etten-Leur gereden. Daar werd in totaal € 5.000,-- van de rekening van [bedrijf 21] BV opgenomen, en;</para>
      <para> Uit de berichten blijkt dat [verdachte] daarna ‘iets’, vermoedelijk een envelop met geld, aan een vrouwelijk persoon heeft afgegeven.<footnote-ref linkend="_d447da12-d302-428a-b9e6-1cdc7a9678ae" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voorts volgt uit de inhoud van de Ennetcom -berichten dat op 19 april 2016 een gesprek plaatsvindt tussen “ [alias 8] ’( [medeverdachte 9] ) en ‘ [alias 4] ’ ( [medeverdachte 12] ) waarin door ‘ [alias 8] ’ tegen ‘ [alias 4] ’ wordt gezegd: “<emphasis role="italic">Dan gaan we voor witwassen</emphasis>”, waarop ‘ [alias 4] ’reageert met: “<emphasis role="italic">Ah ok</emphasis>.”<footnote-ref linkend="_463dfb12-89f4-4fa1-948f-ea3f782062e4" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het oogmerk op witwassen kan eveneens worden afgeleid uit het feit dat de opbrengsten van [bedrijf 11] BV werden verdeeld onder de leden van de organisatie. [medeverdachte 9] en [medeverdachte 11] hebben het via Ennetcom over het opnemen en storten van geld op bankrekeningen van bedrijven en het afgeven van opgenomen gelden aan [medeverdachte 13] in België. Verder blijkt uit berichten dat [medeverdachte 3] contant geld komt brengen, waarna het totaalbedrag van € 6.500,--, nadat [medeverdachte 11] een deel van het opgenomen geld eraan toegevoegd heeft, op de bankrekeningen van [bedrijf 11] gestort moet worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van het voorgaande zijn naar het oordeel van de rechtbank meerdere zogenoemde witwastypologieën van toepassing, op basis waarvan kan worden vastgesteld dat de criminele organisatie witwassen tot oogmerk had. Grote contante geldbedragen in grote coupures worden steeds met gebruikmaking van dezelfde modus operandi in kleinere delen gestort op de bankrekening van een van de voornoemde 52 gecodeerde bedrijven. Ook vinden de contante geldstortingen steeds plaats tot een bedrag van maximaal €15.000,--, waarmee wordt voorkomen dat een melding bij de FIU plaatsvindt. Het geld wordt gestort bij geldstortautomaten, waardoor wordt voorkomen dat de storter zich in een bankfiliaal moet legitimeren. Het vervoeren van dergelijke hoeveelheden contant geld is zeer ongebruikelijk, onder meer vanwege de veiligheidsrisico’s. Het is bovendien een feit van algemene bekendheid dat diverse vormen van criminaliteit gepaard gaan met grote hoeveelheden contant geld. <?linebreak?>Naar het oordeel van de rechtbank duiden de contante geldstortingen onmiskenbaar op inkomsten uit de invoer van cocaïne en/of de met het oog daarop noodzakelijke (faciliterende) handelingen, zoals het kopen van dekladingen. Uit het voorgaande volgt naar het oordeel van de rechtbank dat de hiervoor beschreven gedragingen en handelingen van de leden van de criminele organisatie naar hun uiterlijke verschijningsvorm (kennelijk) erop gericht zijn geweest om de criminele herkomst van de geldbedragen te verbergen/verhullen en deze geldbedragen (met haar criminele herkomst) te verwerven, voorhanden te hebben, om te zetten en over te dragen. <?linebreak?></para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <para>
        <emphasis role="italic">III. Opzettelijke deelneming</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Om van deelneming te kunnen spreken is vereist dat verdachte tot het samenwerkingsverband behoorde en dat zij een aandeel had in – of ondersteuning gaf aan – gedragingen die strekten tot óf rechtstreeks verband hielden met de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie. In het bestanddeel deelneming aan een organisatie ligt tevens het <emphasis role="italic">opzet</emphasis> van verdachte besloten. Verdachte moet dus opzettelijk hebben deelgenomen aan een organisatie die het plegen van misdrijven tot oogmerk had. Dat betekent dat zij in zijn algemeenheid moet hebben geweten dat de organisatie het plegen van misdrijven beoogde. Niet is vereist dat het opzet van verdachte zelf was gericht op het plegen van misdrijven of dat zij heeft deelgenomen aan (reeds binnen de organisatie gepleegde) misdrijven. Voor een bewezenverklaring is evenmin vereist dat verdachte heeft geweten van alle soorten misdrijven waarop het oogmerk van de organisatie was gericht (vgl. HR 5 september 2006, NJ 2007, 336, r.o. 7.3).</para>
        <para>
          <emphasis role="underline">Feit 1 (Artikel 11b Opiumwet)</emphasis>
          <?linebreak?>De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte onder feit 1 is ten laste gelegd, zodat zij haar daarvan zal vrijspreken. De rechtbank overweegt daartoe het volgende.</para>
        <para>Op grond van het reeds hiervoor overwogene stelt de rechtbank vast dat er een criminele organisatie heeft bestaan die tot oogmerk had, het plegen van Opiumwetmisdrijven. Voorts stelt de rechtbank vast dat verdachte tot deze criminele organisatie behoorde en hieraan heeft deelgenomen. Echter, niet kan worden vastgesteld dat verdachte een aandeel had in – of ondersteuning gaf aan – gedragingen die strekten tot óf rechtstreeks verband hielden met de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie, te weten het plegen van Opiumwetmisdrijven. Ook kan naar het oordeel van de rechtbank niet worden vastgesteld dat verdachte in zijn algemeenheid wist of had moeten weten dat de organisatie het plegen van Opiumwetmisdrijven beoogde, zodat het opzet op haar deelname aan de criminele organisatie ontbreekt. </para>
        <para>Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat niet wettig en overtuigend is bewezen dat verdachte opzettelijk heeft deelgenomen aan een criminele organisatie die tot oogmerk had het plegen van Opiumwetmisdrijven, zodat zij verdachte hiervan zal vrijspreken. </para>
        <para>
          <emphasis role="underline">Feit 2 (Artikel 140 Sr)</emphasis>
          <?linebreak?>De rechtbank is van oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte het onder feit 2 ten laste gelegde heeft begaan. De rechtbank overweegt daartoe het volgende.</para>
        <para>De rechtbank leidt uit de inhoud van het dossier af dat de verdenking van verdachte voor wat betreft het deelnemen aan een criminele organisatie met als oogmerk witwassen, zoals bedoeld in artikel 140 Sr, met name ziet op het doen van contante geldstortingen op de bankrekeningen van de (malafide) fruitbedrijven.</para>
        <para>Uit de inhoud van de verklaring van verdachte ter terechtzitting van 17 februari 2022<footnote-ref linkend="_6932bfbc-a65b-4f26-84a9-f17d3a6fa12f" /> volgt dat zij (net als haar zus), op het moment dat er stortingen moesten worden verricht, een bericht ontving van haar vader [medeverdachte 2] . Als verdachte vrij was ging ze bij hem langs en kon ze gaan storten. Hiervoor kreeg verdachte van [medeverdachte 2] contante gelden, een bankpas en in eerste instantie ook een telefoon. In een later stadium ontving ze enkel nog de contante gelden en de bankpas. De contante gelden zaten altijd in een envelop. Soms kreeg verdachte de contante gelden niet van haar vader [medeverdachte 2] , maar kreeg zij een locatie door waar zij iemand ontmoette die haar de te storten contante gelden gaf. Met dit geld reed verdachte vervolgens naar de betreffende bank. Eenmaal aangekomen bij de bank stopte verdachte de pinpas in de pinautomaat, voerde zij de pincode – die achter op de telefoon of op een briefje stond geschreven – in, stopte ze het geld in de automaat en haalde ze de pinpas er weer uit. Dat het contact over de stortingen via haar vader [medeverdachte 2] liep blijkt ook uit zijn eigen verklaring. Hij had vervolgens weer contact met [medeverdachte 1] en [alias 3] . [medeverdachte 2] verklaart verder dat hij degene was die zijn dochters het geld en de bankpas gaf, samen met de bijbehorende locatie waar gestort moest worden. [medeverdachte 1] wist volgens [medeverdachte 2] dat hij <emphasis role="italic">“door de meiden”</emphasis> geholpen werd en heeft hun bijnamen verzonnen.<footnote-ref linkend="_2d3f3fcd-ceca-4de3-9450-0ce199bc228b" /></para>
        <para>De rechtbank heeft reeds vastgesteld dat de bijnaam van verdachte ‘ [alias 16] ’ was. Dit blijkt onder andere uit de verklaring van [medeverdachte 2] , waarin hij verklaart dat ook ‘ [alias 17] ’, ‘ [alias 16] ’ en ‘ [alias 18] ’ geldbedragen hebben gestort. [alias 16] betreft de bijnaam van zijn dochter [verdachte] .<footnote-ref linkend="_2fcc8b61-1595-412f-9b10-b028610b5d04" /> Voorts wordt ook door verdachte ter terechtzitting van 17 februari 2022 bevestigd dat haar bijnaam ‘ [alias 16] ’ was.<footnote-ref linkend="_495ada8b-7550-4da0-9d48-0fc3f9a0051a" /></para>
        <para>Op grond van het voorgaande kan naar het oordeel van de rechtbank worden vastgesteld dat verdachte een aandeel had in – of ondersteuning gaf aan – gedragingen die strekten tot óf rechtstreeks verband hielden met de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie, te weten witwassen. De vraag die nog ter beantwoording open ligt, is of verdachte <emphasis role="italic">opzettelijk</emphasis> heeft deelgenomen aan de criminele organisatie.</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Opzet</emphasis>
          <?linebreak?>Uit de verklaring van [medeverdachte 2] leidt de rechtbank af dat verdachte een vergoeding kreeg voor het storten van het contante geld. Volgens [medeverdachte 2] kregen de geldkoeriers een vaste vergoeding van € 1.000,-- per maand en een onkostenvergoeding van € 0,25 per kilometer.<footnote-ref linkend="_228bb2cd-e312-441b-8a82-95176d8fc1a5" /> Op basis van de digitale en papieren rittenstaten<footnote-ref linkend="_a0f176bf-a1ff-4974-871b-0964fe98c6d7" /> die bij [medeverdachte 2] zijn aangetroffen, stelt de rechtbank vast dat verdachte € 3.795,-- heeft ontvangen als vergoeding voor haar werkzaamheden en de gereden kilometers.<footnote-ref linkend="_86bea225-23d7-4ca6-a73e-c82ee3175270" /> Het feit dat verdachte een (forse) vergoeding ontving voor de door haar verrichtte werkzaamheden, draagt naar het oordeel van de rechtbank bij aan de opzettelijkheid van haar deelneming.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Voorts is de rechtbank van oordeel dat de opzet van verdachte blijkt uit het geheel van omstandigheden, op basis waarvan kan worden vastgesteld dat verdachte in zijn algemeenheid wist dat de organisatie het plegen van misdrijven, in dit geval witwassen, beoogde. De rechtbank betrekt daarbij dat het grote contante geldbedragen betroffen, er gebruik werd gemaakt van bijnamen, er slechts tot een maximum gestort kon worden, omdat verdachte geen gemachtigde was van de bankrekeningen, waardoor zij niet bij de bank naar binnen kon gaan en er daarom bij verschillende ING-filialen gestort werd (en een enkele keer bij de Bruna). De rechtbank is anders dan door de verdediging is bepleit, van oordeel dat al deze omstandigheden in combinatie met de gedragingen van verdachte van zodanige aard zijn, dat daarin het opzet op de deelneming aan een criminele organisatie het oogmerk op  witwassen ligt besloten. Verder overweegt de rechtbank dat voor een bewezenverklaring niet noodzakelijk is dat verdachte bekend was met alle leden van de organisatie, maar wel dat zij een aandeel heeft gehad in het plegen van strafbare feiten door de organisatie. In dit geval betreft dit aandeel van verdachte het storten van (grote) contante geldbedragen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">IV. Conclusie</emphasis>
        </para>
        <para>Uit het voorgaande, in onderling verband en samenhang bezien, volgt naar het oordeel van de rechtbank dat verdachte deel heeft uitgemaakt van een organisatie die witwassen tot oogmerk had. Deze organisatie werd gevormd door een gestructureerd en duurzaam samenwerkingsverband van diverse personen. Verdachte heeft met haar gedragingen een essentieel en voor de organisatie onmisbaar aandeel vervuld in de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie. De gedragingen van verdachte zijn daarnaast van zodanige aard, dat daarin ook het opzet op de deelneming aan de criminele organisatie ligt besloten.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">V. Periode</emphasis>
        </para>
        <para>Gelet op het voorgaande en de inhoud van de overige bewijsmiddelen zal de rechtbank in de bewezenverklaring de pleegperiode voor wat betreft de deelneming van verdachte aan de criminele organisatie met tot oogmerk witwassen, vaststellen op de periode van 1 november 2016 tot en met 31 januari 2017. De rechtbank zal verdachte voor het overige deel van de ten laste gelegde periode vrijspreken. <?linebreak?><emphasis role="italic">4.6. De bewezenverklaring</emphasis></para>
        <para>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 2 ten laste gelegde feit heeft begaan, met dien verstande dat:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">zij op een of meer tijdstippen in de periode van 1 november 2016 tot en met 31 januari 2017, </emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">in Nederland, </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">heeft deelgenomen aan een organisatie, welke organisatie werd gevormd door een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, waartoe zij, verdachte en haar mededaders behoorden, </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten: </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">- witwassen;</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte onder 2 meer of anders is ten laste gelegd, zodat zij haar daarvan zal vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd in de bewezenverklaring. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het bewezen verklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde is strafbaar gesteld in artikel 140 Sr. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Het bewezen verklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2: </emphasis>deelneming aan een criminele organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor de bewezen verklaarde feiten.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">7. De op te leggen straf of maatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>7.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het Openbaar Ministerie heeft gevorderd aan verdachte op te leggen een taakstraf voor de duur van 80 uren en een geldboete ter hoogte van € 2.000,--. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Voor het geval het tot een strafoplegging mocht komen, heeft de raadsman - met een beroep op meerdere strafmatigende en/of bijzondere persoonlijke omstandigheden - primair verzocht om een geheel voorwaardelijke straf op te leggen. Subsidiair, indien dit onvoldoende aansluit bij de ernst van de verdenking, verzoekt de raadsman om in het kader van een onvoorwaardelijke straf, een werkstraf op te leggen. De raadsman bepleit nadrukkelijk om in elk geval geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De gronden voor een straf of maatregel</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van verdachte, zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. De rechtbank acht daarbij in het bijzonder het volgende van belang. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft met meerdere medeverdachten deel uitgemaakt van een criminele organisatie die witwassen tot oogmerk had. Het deelnemen aan een criminele organisatie is als zelfstandig delict strafbaar gesteld, omdat van dergelijke samenwerkingsverbanden een bijzondere dreiging richting de maatschappij uitgaat. Het is een misdrijf tegen de openbare orde. Criminele organisaties ondermijnen de rechtsorde, veroorzaken maatschappelijke onrust en berokkenen de maatschappij veel (financieel) nadeel. De strafwaardigheid van deelneming aan een criminele organisatie wordt niet alleen bepaald door de organisatiegraad en (de mate van) het ontwrichtende karakter daarvan voor de openbare orde, maar ook door de aard en ernst van de misdrijven die worden beoogd. Het misdrijf dat in de onderhavige zaak aan de orde is, geldt als een ernstig misdrijf. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het witwassen van gelden vormt een ernstige bedreiging van de legale economie en tast de integriteit van het financiële en economische verkeer aan. Daarnaast vormt het, vanwege de corrumperende invloed ervan op het reguliere bankverkeer, ook een bedreiging voor de samenleving. Door opbrengsten van misdrijven aan het zicht van justitie en de fiscus te onttrekken, wordt het plegen van criminele activiteiten in stand gehouden en indirect ook bevorderd.</para>
        <para>De rechtbank neemt ook in overweging dat sprake was van een groots opgezette organisatie, waarin een groot aantal fictieve bedrijven is opgericht om een schijnbaar legale vorm van import van onder andere fruit op te zetten, en dat sprake was van vele deelnemers om taken uit te voeren en geld wit te wassen. Verdachte heeft met haar handelen aan dit alles bijgedragen en de rechtbank neemt dit verdachte dan ook kwalijk.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De deelnemers van de criminele organisatie hadden elk een eigen rol met bijbehorende verantwoordelijkheden. Verdachte is als deelnemer van de criminele organisatie actief betrokken geweest bij storten van grote contante geldbedragen op de bankrekeningen van verschillende (malafide) fruitbedrijven.</para>
        <para>Verdachte heeft met de ten aanzien van haar bewezen verklaarde gedraging weliswaar een beperkte, maar wel een wezenlijke – en voor de organisatie onmisbare - ondersteunende rol vervuld en zij heeft daarmee de witwasactiviteiten van de criminele organisatie gefaciliteerd.  </para>
        <para>Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht en de straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd. </para>
        <para>De rechtbank heeft acht geslagen op het Uittreksel Justitiële Documentatie van 14 februari  2022 van verdachte, waaruit blijkt dat zij niet eerder in aanraking is geweest met politie en/of justitie.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft in het bijzonder acht geslagen op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en haar gezin, zoals die naar voren gebracht zijn ter terechtzitting van 17 februari 2022.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Naar het oordeel van de rechtbank kan op het bewezen verklaarde feit in beginsel niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf.</para>
        <para>De rechtbank ziet echter in de relatief beperkte rol van verdachte, het feit dat zij door haar vader hierbij betrokken is geraakt, de kortere duur van deelname aan de criminele organisatie en de naar voren gebrachte, als zwaarwegend aangemerkte, persoonlijke omstandigheden van verdachte en haar gezin aanleiding om een andersoortige straf op te leggen, in die zin dat zij een onvoorwaardelijke taakstraf zal opleggen met een voorwaardelijke gevangenisstraf als stok achter de deur.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles afwegende acht de rechtbank in dit geval oplegging van een taakstraf voor de duur van 80 uren passend en geboden. Daarnaast legt de rechtbank aan verdachte op een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zes maanden, met een proeftijd van twee jaren. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De hierna te nemen beslissing berust op het hiervoor genoemde wetsartikel Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c en 22d Sr.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">vrijspraak </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart niet bewezen dat verdachte het onder 1 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt haar daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart bewezen dat verdachte het onder 2 ten laste gelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;</para>
    <para>- verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd en spreekt haar daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid feiten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar;</para>
    <para>- verklaart dat het bewezen verklaarde het volgende strafbare feit oplevert:</para>
    <para>
      <emphasis role="italic">feit 2: </emphasis>deelneming aan een criminele organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart verdachte strafbaar voor het onder 2 bewezen verklaarde;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot een<emphasis role="bold"> gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">6 (zes) maanden</emphasis>;</para>
    <para>- bepaalt dat deze gevangenisstraf <emphasis role="bold">in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de <emphasis role="bold">proeftijd van 2 (twee) jaren</emphasis> de navolgende voorwaarde(n) niet is nagekomen:</para>
    <para>- stelt als <emphasis role="bold">algemene voorwaarde</emphasis> dat de verdachte:</para>
    <para>- zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.</para>
    <para>- veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis>, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van <emphasis role="bold">80 (tachtig) uren</emphasis>;</para>
    <para>- beveelt, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, dat <emphasis role="bold">vervangende hechtenis</emphasis> zal worden toegepast voor de duur van <emphasis role="bold">40 (veertig) dagen</emphasis>.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. S.H. Peper, voorzitter, mr. D ten Boer en mr. V. Wolting, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S. Jentzsch en H. Kamp, griffiers, en is in het openbaar uitgesproken op 26 april 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>Mr. Ten Boer is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen. </para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_eb06339d-002b-41a6-bd51-74990abd528a" label="1">
    <para> Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit het dossier van de Landelijke Eenheid, Dienst Landelijke Recherche, Team FinEc – Fraude 1, met nummer LEREA18001-2869, onderzoek 26Eufaula / LEREA18001, met de daarvan deel uitmakende bijlagen. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.</para>
    <para />
  </footnote>
  <footnote id="_135f9554-91f4-4e0a-8324-8f28fabdc5a3" label="2">
    <para> Pretty Good Privacy telefoon. PGP-telefoons worden gebruikt om versleutelde of gecrypte berichten te versturen. Criminelen maken gebruik van communicatie via PGP telefoons om buiten het zicht van justitie en</para>
    <para>opsporingsdiensten  te blijven. Aanbieders van PGP producten en diensten waren onder andere [bedrijf 7] en</para>
    <para>Ennetcom . Naar aanleiding van de onderzoeken 26Sassenheim en 26DeVink heeft de politie de beschikking</para>
    <para>over de data van deze twee bedrijven.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_646b10c7-99c8-46a0-b0a2-817deec41d2b" label="3">
    <para> 26Ephraim-310/371PV verhoor [code 1]</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2bbbc238-a891-4b4a-9126-070f06f476c8" label="4">
    <para> 26Eufaula-523, PV CSV Sesamstraatgroepering, bijlage 29</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d4d15d00-a121-4227-909e-09d4539f5c03" label="5">
    <para> 26Eufaula-523, pagina 4-5 (1123-1124) en Proces-verbaal 26Eufaula-434</para>
  </footnote>
  <footnote id="_92efc1cd-5ce7-4fa6-873a-df299ae839fe" label="6">
    <para> 26Eufaula-1856 PV aanvullende identificatie [alias 2]</para>
  </footnote>
  <footnote id="_476c2287-ae2c-4d96-85bf-bb989362afd5" label="7">
    <para> 26Eufaula-1856 PV aanvullende identificatie [alias 2] , pagina 192.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7ed5b695-6d0b-4eb6-9d2f-5e211c5311ed" label="8">
    <para> 26Eufaula-1856 PV aanvullende identificatie [alias 2] , pagina 190.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_804b1559-1374-4a00-b7dd-b061222627d4" label="9">
    <para> 26Ephraim-374 PV Verhoor [code 1]</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c6638923-f378-4888-b817-d0830db64ab5" label="10">
    <para> 26Eufaula-523, pagina 2-3 (121-122) en Proces-verbaal 26Eufaula-525</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c67d78c5-2298-4827-ba0f-64928b1b1874" label="11">
    <para> 26Eufaula-1734 OV aanvullende identificatie </para>
  </footnote>
  <footnote id="_1940ca8b-7032-4d66-9ae7-957cf7a361c3" label="12">
    <para> 26Eufaula-1734 PV bevindingen met betrekking tot identiteit ‘ [alias 1] ’, pagina 180.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c6c57a33-3c98-4ef3-853c-12d730cbd0e9" label="13">
    <para> Op 19 april 2016 werd de server van Ennetcom door overheidsdiensten uit de lucht gehaald. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_ba05d24a-dfe7-4558-a1b7-782e5b09814c" label="14">
    <para> Proces-verbaal 26Eufaula-523, pagina 3-4 (122-1123) en Proces-verbaal 26Eufaula-753 Pv ID [code 2] , bijlage 13</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3aae2071-55e6-495d-b64b-f2ba4934df45" label="15">
    <para> 26Eufaula-753 PV identificatie [alias 5] ; 26Eufaula-1733 aanvullend PV identificatie [alias 5] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_50263efc-e81c-475a-b831-e7293f160840" label="16">
    <para> 26Eufaula-1132 PV bevindingen met betrekking tot onderzoeksgegevens uit het Belgische strafrechtelijke onderzoek Oceans, pagina 1816.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ae79dd78-e785-49b1-b448-e0db325d8b97" label="17">
    <para> 26Eufaula-2747 PV Verhoor [code 3]</para>
  </footnote>
  <footnote id="_df909369-2b33-49dd-8bd7-907cc510c860" label="18">
    <para> 26Eufaula-547 PV identificatie [code 4] en 26Eufaula-1791 PV identificatie [code 4] aanvulling. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_df5b97b1-50a0-4b22-a69d-21bb1e0a3020" label="19">
    <para> 26Ephraim-310 PV verhoor [code 1] . </para>
  </footnote>
  <footnote id="_eb045b53-fe93-4ae7-8369-fac5359cebe6" label="20">
    <para> 26Ephraim-500 PV verhoor [code 1] . </para>
  </footnote>
  <footnote id="_b3fa593b-7c58-44dc-b20b-e5f4a0886bb8" label="21">
    <para> 26Eufaula-753 PV identificatie [alias 5] ; 26Eufaula-1733 aanvullend PV identificatie [alias 5] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a8daff0b-1aa0-4699-af8f-3652d1719322" label="22">
    <para> 26Eufaula-1802 PV identificatie [alias 10] . </para>
  </footnote>
  <footnote id="_3cd87c6b-f808-47cb-be08-6e5ff6d064d3" label="23">
    <para> 26Eufaula-739 PV identificatie [alias 8] ; 26Eufaula-1744 Aanvullend PV identificatie [alias 8] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2343e2bb-bd90-4ab0-b550-2d1bcaacf08d" label="24">
    <para> 26Eufaula-2531 PV verhoor [code 5] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_846735fe-00ba-41ae-8d2f-5648f99715d9" label="25">
    <para> 26Eufaula-681 PV identificatie [code 6] ; 26Eufaula-2195 PV identificatie [code 6] aanvulling.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a27623b0-c315-4eca-ae3a-b9acbdadb775" label="26">
    <para> 26Eufaula-2531 PV verhoor [code 5] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_af6dd6e3-9fa6-4010-b3a2-9217ff959823" label="27">
    <para> 26Eufaula-2213 PV identificatie [alias 12] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0482cdbc-a6b9-4973-81ab-f510d9e79c97" label="28">
    <para> 26Eufaula-2531 PV verhoor [code 5] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_17094818-3eca-4639-a022-08dc5bdbc051" label="29">
    <para> 26Eufaula-569 PV identificatie [code 7] . </para>
  </footnote>
  <footnote id="_4d61910c-1b90-4715-af52-779bd131f7c5" label="30">
    <para> 26Eufaula-1116 PV identificatie [code 8] ; 26Eufaula-1803 PV identificatie [code 8] aanvulling.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1569f9ed-09ca-463a-ab1f-51a563d9e4bb" label="31">
    <para> 26Eufaula-1803 PV identificatie [alias 13] , pagina 1480. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_96ce1958-524d-4060-8a2b-148178752ae8" label="32">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 104. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_a18e444c-74e1-4654-b202-42d9212a7876" label="33">
    <para> 26Ephraim-500 PV verhoor [code 1] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_017c2bec-a6e2-413e-9f73-f96455447228" label="34">
    <para> 26Ephraim-500 PV verhoor [code 1] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bb3d5cdc-663e-427e-9cb7-407091d542d5" label="35">
    <para> 26Ephraim-500 PV verhoor [code 1] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4c9ea3aa-fea7-46fc-8147-bf62513f6f87" label="36">
    <para> 26Ephraim-500 PV verhoor [code 1] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_019a4209-4d61-48fb-b58f-c3f63d204458" label="37">
    <para> ME076.01.02.003.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_10d3c67e-0d09-406d-9afc-53d893d7db39" label="38">
    <para> Pv 26Eufaula-926, eerste aanvulling, bijlage 2, pagina’s 507-515, met bijlagen</para>
  </footnote>
  <footnote id="_10e3d335-2308-4998-ae98-4bd65929ec1b" label="39">
    <para> Algemeen dossier, pagina 11; Zaaksdossier 11b 140 pagina 20.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0c813466-f3c7-4b91-a466-db92e123f65a" label="40">
    <para> Algemeen dossier, pagina 257. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_f930055a-70b2-46f2-ba9b-1066daf2cb52" label="41">
    <para> Algemeen dossier, pagina 258.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_961cffff-1650-4afd-91a3-7178cacb2237" label="42">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina’s 16 en 17.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7eba4800-c2d8-4de9-b9ac-9aa2486656dc" label="43">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 28</para>
  </footnote>
  <footnote id="_91133587-5df5-439a-87c2-bc61e22e8a53" label="44">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 23.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6604d11a-bb3d-436e-bb04-ec026c423f87" label="45">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 34</para>
  </footnote>
  <footnote id="_620b639d-11f9-4863-8a30-6b4eb769457c" label="46">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 44. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_08fa3908-ce0e-41be-8185-9f030f029e58" label="47">
    <para> 26Eufaula-310 PV verhoor [medeverdachte 2]</para>
  </footnote>
  <footnote id="_93c90579-62bb-43e7-98bd-b812f2f6ee31" label="48">
    <para> 26Eufaula-2656 PV verhoor [medeverdachte 12] , pagina 502.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5a0bbf7a-05d3-42f5-a0fa-daadc1d18ae7" label="49">
    <para> 26Eufaula-2656 PV verhoor [medeverdachte 12] , pagina 502.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_958797a6-f2e7-49cc-bd3b-fe6691d2a7fc" label="50">
    <para> Proces-verbaal Algemeen Dossier, pagina’s 6-15</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c14b143e-9d84-45d0-96d9-1ed73d712599" label="51">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 38.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ac77889a-a722-4f20-aef9-57933e99d794" label="52">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 56.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3c559e6c-342e-415a-a37f-a57c9d86287b" label="53">
    <para> Zaaksdossier PV codes bedrijven, pagina 1203. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_a39eaec7-f291-4a8c-9ebb-c69319f063c1" label="54">
    <para> 26Eufaula-147 PVB USB-stick KO.022.03.03.002.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_74d6d15f-79f7-47ee-a2b9-7bb6771a610e" label="55">
    <para> 26Ephraim-374 Verhoor [code 1] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1cf7237d-c581-41fe-a1e6-74cdb12734db" label="56">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 27. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_e29f9fdd-00da-4c6f-87e6-9034314660d4" label="57">
    <para> 26Eufaula-1051 Dossier [bedrijf 9] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_70b13349-502c-4185-aaeb-f5f5b6136fa6" label="58">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina’s 46 en 47.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_20b1ab2a-e4a5-4eee-8381-6ba82dd6e437" label="59">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 47.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_dc95d9a5-86bc-4f62-9b0d-7c9ae142c2ca" label="60">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 54.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d2cda4c3-8dcf-482f-a4e3-33f2a400214b" label="61">
    <para> Ambtshalve bekend dat 'aap' een verwijzing is naar een persoon van de leverende partij en afkomstig uit het bronland.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_69c3f037-b712-4a2f-98b6-77ffe7acac84" label="62">
    <para> 26Eufaula-1508 PV niet onderschepte drugs.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4e07c5a9-1433-46fd-ba14-8a0d77cca9b5" label="63">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 49.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_21e3b761-028e-4288-87e9-9a21707437e4" label="64">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 49.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_aced15f9-3942-475a-a5cf-c00299f2c07d" label="65">
    <para> 26Eufaula-1118 PV [bedrijf 14] .	</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f79d6146-10ea-4c5e-80a9-4aafb934e254" label="66">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 50.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_98514fc7-e8c6-4e80-94fc-0933d192e218" label="67">
    <para> 26Eufaula-1118 PV [bedrijf 14] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_00cb708b-056f-4d5a-8520-c59c658ca079" label="68">
    <para> KO022.01.01.001.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_818a039a-c3fe-4fdd-8b71-dbd1809e0085" label="69">
    <para> NA004.04.02.004.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_eb93ae24-b6c1-474c-95a6-954e8969f79e" label="70">
    <para> NA004.04.02.002.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_56dd5723-3449-4c21-bb84-521cf91fe9b9" label="71">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 50.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a063269d-4201-462e-80e1-b8908cfaff6d" label="72">
    <para> 26Eufaula-1031 bevindingen [bedrijf 8] BV.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_deeacd5a-a391-4156-900e-a5bd9c5921a0" label="73">
    <para> Vonnis Rechtbank Antwerpen, eerste aanleg, afdeling Antwerpen van 10 januari 2019.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_16fe243f-ecbc-4559-bc8e-d6c2c8aa8e58" label="74">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 56 en 57. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_d5471517-b169-4142-83c2-12669235b25a" label="75">
    <para> ME076.03.01.032.001.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c410c0c6-32cc-49bb-a749-a29d59761fa4" label="76">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 57.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_966e5e8f-3761-4a94-82fc-4ff6dd18847d" label="77">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 57. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_e592aff6-fb22-4ab7-b253-07cb93f7e6b3" label="78">
    <para> IBN KO022.03.01.004 Excelbestand: “ [bestandsnaam 1] ”, [bestandsnaam 2] ; Zaaksdossier 11b 140, pagina 39.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fac85b8a-c868-4e60-8c45-8affff02d70d" label="79">
    <para> 26Eufaula-2452 PV bevindingen verdienmodel CSV; Zaaksdossier 11b 140, pagina 35.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fef6345c-b896-4d4f-be69-be20222bdd8d" label="80">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 54.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_81e00efe-2680-4a9c-81b3-617d434bb98e" label="81">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 55.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3e9abe48-c265-4335-856c-646456f17178" label="82">
    <para> Overzicht contante transacties, bijlage 26, pagina’s 938 tot en met 940 26Eufaula.  </para>
  </footnote>
  <footnote id="_a5db6067-cdb4-496e-b26d-bdc7b90377ec" label="83">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina 27.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_feb1df15-800e-4b9f-a2bb-a991df53512b" label="84">
    <para> Overzicht Ennetcom -berichten [medeverdachte 11] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d447da12-d302-428a-b9e6-1cdc7a9678ae" label="85">
    <para> Overzicht WhatsApp-berichten [verdachte] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_463dfb12-89f4-4fa1-948f-ea3f782062e4" label="86">
    <para> Zaaksdossier 11b 140, pagina’s 93 en 94.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6932bfbc-a65b-4f26-84a9-f17d3a6fa12f" label="87">
    <para> Verklaring [verdachte] ter terechtzitting van 17 februari 2022.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2d3f3fcd-ceca-4de3-9450-0ce199bc228b" label="88">
    <para> 26Ephraim-500 verhoor [code 1] en 26Ephraim-521 verhoor [code 1] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2fcc8b61-1595-412f-9b10-b028610b5d04" label="89">
    <para> 26Ephraim-500 verhoor [code 1] en 26Ephraim-521 verhoor [code 1] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_495ada8b-7550-4da0-9d48-0fc3f9a0051a" label="90">
    <para> Verklaring [verdachte] ter terechtzitting van 17 februari 2022.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_228bb2cd-e312-441b-8a82-95176d8fc1a5" label="91">
    <para> 26Ephraim-500 verhoor [code 1] en 26Ephraim-521 verhoor [code 1] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a0f176bf-a1ff-4974-871b-0964fe98c6d7" label="92">
    <para> ME076.02.08.005.001 en ME976.02.08.005.002.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_86bea225-23d7-4ca6-a73e-c82ee3175270" label="93">
    <para> 26Eufaula-1270 Beheer (gecodeerde bedrijven).</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>