<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2022:3639</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-06T14:00:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-12-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08-770003-20</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2022:3639">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2022:3639</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-06T13:52:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2022:3639 Rechtbank Overijssel , 06-12-2022 / 08-770003-20</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2022:3639:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank Overijssel verlengt de terbeschikkingstelling van de 34-jarige man met twee jaren. Aan de criteria voor de verlenging van de terbeschikkingstelling is voldaan. Op grond van hetgeen door de kliniek in haar rapportage is vermeld en ter zitting is toegelicht, stelt de rechtbank vast dat nog sprake is van een aanwezige stoornis en dat tevens sprake is van recidiverisico.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2022:3639:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team Strafrecht </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 08-770003-20</para>
      <para>Datum uitspraak: 6 december 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing </emphasis>op de vordering van het Openbaar Ministerie tot verlenging van de terbeschikkingstelling van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [betrokkene]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1988 te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>verblijvende in de Forensische Psychiatrische Kliniek (FPK) Assen, onderdeel van GGZ Drenthe, Circuit Forensische Psychiatrie,</para>
      <para>hierna te noemen: betrokkene.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De aanleiding</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Betrokkene is bij vonnis van de rechtbank Overijssel van 3 november 2020 ter beschikking gesteld met bevel tot verpleging van overheidswege, na bewezenverklaring van het misdrijf: <emphasis role="italic">bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd</emphasis> en <emphasis role="italic">bedreiging met zware mishandeling</emphasis> en <emphasis role="italic">bedreiging met verkrachting, meermalen gepleegd</emphasis> en b<emphasis role="italic">edreiging met feitelijke aanranding van de eerbaarheid</emphasis>, <emphasis role="italic">meermalen gepleegd</emphasis>. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De terbeschikkingstelling is ingegaan op 18 november 2020 en eindigt, behoudens nadere voorziening, op 8 november 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De stukken</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennis genomen van de op grond van artikel 6:6:12 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) overgelegde stukken, te weten:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het verlengingsadvies van GGZ Drenthe – Circuit Forensische Psychiatrie – FPK Assen  van 15 september 2022, opgemaakt en ondertekend door R.J. Hanhart, psychiater en C.M. Feij, manager behandelbeleid;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een afschrift van de wettelijke aantekeningen.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Openbaar Ministerie heeft op 3 oktober 2022 een vordering ingediend tot verlenging van bovenvermelde termijn met twee jaren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onderzoek van de zaak heeft plaatsgevonden op de openbare terechtzitting van               22 november 2022.</para>
      <para>De rechtbank heeft op de openbare terechtzitting gehoord:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>betrokkene, bijgestaan door zijn raadsman mr. C.Y. Kekik, advocaat te Rotterdam;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de officier van justitie mr. C.P. Dronkers;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>R.J. Hanhart, voornoemd, als deskundige.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft zijn vordering tot verlenging van de termijn van terbeschikkingstelling met twee jaren, gehandhaafd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Betrokkene en zijn raadsman hebben zich primair op het standpunt gesteld dat de vordering tot verlenging moet worden afgewezen. Subsidiair hebben zij zich op het standpunt gesteld dat de verlengingstermijn dient te worden beperkt tot een jaar. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vordering is op 3 oktober 2022 ingediend. Dit is tijdig.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank dient op grond van het bepaalde in de artikelen 38d en 38e van het Wetboek </para>
      <para>van Strafrecht (Sr) te bepalen of de termijn van de maatregel van terbeschikkingstelling moet worden verlengd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank neemt bij haar overwegingen het over betrokkene opgemaakte advies van de kliniek, het afschrift van de wettelijke aantekeningen en de toelichting van de deskundige ter zitting in aanmerking.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het rapport van de kliniek houdt, zakelijk weergegeven, onder meer het volgende in.</para>
      <para>Er is bij betrokkene sprake van schizofrenie, paranoïde type, een autismespectrumstoornis, een stoornis in alcoholgebruik (ernstig), in remissie in een gereguleerde setting en een stoornis in cannabisgebruik (matig, ernstig) in remissie in een gereguleerde setting.</para>
      <para>Op 27 januari 2021 is betrokkene opgenomen op afdeling de Plecht, een behandelafdeling voor patiënten met een psychotische kwetsbaarheid. Betrokkene is goed ingesteld op een antipsychoticum, hij is abstinent van middelen en er zijn geen psychotische symptomen meer aanwezig. Betrokkene zet zich in voor de behandeling. Hij volgt muziektherapie, arbeidstherapie, psychomotirische therapie (PMT) en de Libermantraining. Bij de PMT vindt hij het moeilijk om zijn gevoel te bespreken en zijn emoties zichtbaar te maken. </para>
      <para>Daarnaast kreeg betrokkene autismespectrumstoornis (ASS) training, maar hier is hij mee gestopt omdat hij onvoldoende profiteerde van de aangeboden stof en betrokkene niet herkent dat hij autisme heeft. </para>
      <para>Er heeft een delictanalyse plaatsgevonden en nadat verdachte een aantal pakjes sigaretten uit de Parlevinker, het winkeltje binnen de FPK waar betrokkene werkte, had gestolen is deze delictanalyse aangepast en is een aantal nieuwe delictrisicofactoren naar voren gekomen. Vanaf 14 maart 2022 praktiseerde betrokkene begeleide verloven maar deze verloven zijn door voormeld incident tijdelijk gepauzeerd, en nadat de delictanalyse was aangepast weer herstart. </para>
      <para>Het recidiverisico bij (voorwaardelijke) beëindiging van de maatregel wordt geschat op  hoog. Betrokkene staat nog relatief aan het begin van zijn behandeling en heeft nog niet langdurig kunnen oefenen met verloven en het resocialiseren is nog niet gestart. Verder is het risico op medicatie-ontrouw en middelengebruik nog te hoog uit zorg. Uit de risicotaxatie-instrumenten blijkt dat het niet meer gebruiken van antipsychoticum het risico sterk verhoogd met betrekking tot belaging. Ook zal dit het vermogen van betrokkene om zich in te leven sterk negatief beïnvloeden. </para>
      <para>Geschat wordt dat eind 2022 dan wel begin 2023 onbegeleid verlof wordt aangevraagd. Verder wordt onderzocht welke beschermde woonvormen passend zijn bij de zorgbehoefte van betrokkene om hem tijdig aan te kunnen melden. Dit traject zal meerdere jaren in beslag nemen, in elk geval twee jaar. Het huidige beveiligingsniveau met intensieve behandeling is nog noodzakelijk. In het verleden stopte betrokkene met medicatie en behandeling als het juridisch kader wegviel en dan recidiveerde hij in psychose en risicovol gedrag.</para>
      <para>Betrokkene zet zich enerzijds naar vermogen in voor de behandeling, anderzijds zal het probleembesef en zijn vermogen hulp te vragen en te kunnen aanvaarden nog sterk moeten toenemen voordat van een overgang naar een lager beveiligingsniveau sprake kan zijn.  </para>
      <para>De kliniek adviseert daarom de TBS-maatregel met 2 jaar te verlengen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deskundige Hanhart heeft de rapportage van de kliniek ter zitting aangevuld. </para>
      <para>Hij heeft toegelicht dat sprake is van een positieve ontwikkeling en dat op 23 november 2022 een aanvraag voor onbegeleid verlof door de interne verloftoetsingscommissie wordt besproken. Daarna volgt dan de beoordeling door het adviescollege verloftoetsing AVT en als dat positief adviseert, zal de machtiging worden toegekend en dan kan betrokkene met onbegeleid verlof. Door middel van dit verlof zal worden getoetst of betrokkene verleidingen buiten de kliniek kan weerstaan, moeilijke situaties kan herkennen en ook om hulp kan vragen. In het verleden was dit een groot probleem. Verdachte is nu gemotiveerd om zijn medicatie te nemen maar hij heeft een lange historie waarin hij stopt met medicatie zodra het beter met hem gaat. Het komt er nu op aan of betrokkene, nu hij meer vrijheid en verantwoordelijkheid krijgt, zijn positieve ontwikkeling kan bestendigen. </para>
      <para>Aangezien sprake is van complexe problematiek waar betrokkene nog verder aan moet werken, en het traject dat aanstaande is nog zeker een jaar zal vergen, en ook daarna nog een duidelijk juridisch kader nodig blijft om betrokkene gemotiveerd te houden, is een verlenging van de maatregel voor de duur van 2 jaar noodzakelijk. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>Gelet op het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen eist dat de maatregel van terbeschikkingstelling wordt verlengd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de criteria voor de verlenging van de terbeschikkingstelling is voldaan. Op grond van hetgeen door de kliniek in haar rapportage is vermeld en ter zitting is toegelicht, stelt de rechtbank vast dat nog sprake is van een aanwezige stoornis en dat tevens sprake is van recidiverisico.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank ziet onvoldoende grond voor een verlengingstermijn van één jaar, zoals door de raadsman van betrokkene subsidiair is bepleit. De rechtbank hanteert als uitgangspunt dat, indien aannemelijk is geworden dat de behandeling meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging met een jaar, de terbeschikkingstelling in beginsel verlengd dient te worden met een termijn van twee jaren. De rechtbank stelt vast dat niet te verwachten is dat binnen één jaar gronden aanwezig zullen zijn die een voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege rechtvaardigen.  </para>
      <para>Weliswaar heeft betrokkene vooruitgang geboekt, en zet hij zich positief in voor zijn behandeltraject en heeft dit erin geresulteerd dat inmiddels onbegeleid verlof is aangevraagd, maar betrokkene staat nog maar aan het begin van zijn resocialisatietraject. Gelet op de toelichting van de deskundige dient dit traject heel geleidelijk en zorgvuldig te verlopen. Nu er nog een aantal belangrijke stappen in het resocialisatietraject gezet moet worden en het niet te voorzien is dat deze stappen al binnen een jaar kunnen worden gezet, zal de rechtbank de terbeschikkingstelling met twee jaren verlengen. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat uit de rapportage van de kliniek blijkt dat de kliniek adequaat inspeelt op het gegeven dat de maatregel over twee jaar eindigt. Zo is de reclassering reeds aanwezig bij de Zorg Afstemming Gesprekken om de uitstroom vroegtijdig in gang zetten. Het uiteindelijke uitstroomdoel is een vorm van forensisch beschermd wonen in de regio Zwolle.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het voorgaande zal de rechtbank de terbeschikkingstelling met twee jaren verlengen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- verlengt de terbeschikkingstelling van <emphasis role="bold">[betrokkene]</emphasis> met twee jaren;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gegeven door mr. S.H. Peper, voorzitter, mr. A. van Holten en mr. W.W. van Tol, rechters, in tegenwoordigheid van mr. H.R. Lageveen als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 december 2022.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>