<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2021:548</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-09T13:41:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-02-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-02-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08/770037-19 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2021:548">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2021:548</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-09T13:40:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-02-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2021:548 Rechtbank Overijssel , 09-02-2021 / 08/770037-19 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2021:548:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Voor het medeplegen van het dealen van harddrugs is een 31-jarige man door de rechtbank Overijssel veroordeeld tot een taakstraf van 80 uur. De op te leggen straf is gelijk aan de eis van de officier van justitie.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2021:548:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team Strafrecht </para>
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 08/770037-19 (P)</para>
      <para>Datum vonnis: 9 februari 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1989 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende aan [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 26 januari 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie </para>
      <para>mr. A.E.M. Doedens en van hetgeen door verdachte en de raadsman mr. S.B.J. Hiemstra, advocaat te Haarlem, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er na wijziging van de tenlastelegging van 26 januari 2021, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte, samen met anderen of alleen, grote hoeveelheden harddrugs buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, heeft gedeald en aanwezig heeft gehad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 november 2017 tot en met 9 november 2017 te Deventer, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met medeverdachten [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht en/of heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd en/of opzettelijk aanwezig heeft gehad: </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">-een grote hoeveelheid XTC, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">bevattende MDMA, althans 2 tabletten MDMA en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">-een grote hoeveelheid amfetamine, in elk geval een hoeveelheid van een </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">materiaal bevattende amfetamine en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">-een grote hoeveelheid heroïne, althans 8 gram heroïne, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">-een grote hoeveelheid cocaïne, althans ongeveer 15,5 gram cocaïne, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">-een grote hoeveelheid 2C-B, althans 160 tabletten 2-CB, (- 4-broom-2,5-dimethoxyfenethylamine, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2C-B zijnde (telkens) MDMA en/of amfetamine en/of heroïne en/of cocaïne en/of 2C-B (- 4-broom-2,5-dimethoxyfenethylamine) (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet; </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">4. De bewijsoverwegingen</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_6c8a63ec-007b-4c44-bc53-706c8b088e52" />
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Inleiding</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte is in beeld gekomen in een onderzoek naar verdachte [medeverdachte 3] (hierna: [medeverdachte 3] ) die zou handelen in soft- en harddrugs. In dat onderzoek is verdachte [medeverdachte 1] (hierna: [medeverdachte 1] ) aangehouden en uit onderzoek van de telefoon van [medeverdachte 1] is verdachte naar voren gekomen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden, telkens met uitzondering van het woordje <emphasis role="italic">‘grote’</emphasis> in de tekst <emphasis role="italic">‘een grote hoeveelheid’.</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte integraal van het ten laste gelegde moet worden vrijgesproken. Hij heeft daartoe aangevoerd dat het dossier onvoldoende wettig en overtuigend bewijs bevat om verdachte te kunnen linken aan het telefoonnummer [telefoonnummer] in de WhatsApp-gesprekken die op de telefoon van [medeverdachte 1] zijn aangetroffen. Verdachte heeft ontkend zich schuldig te hebben gemaakt aan het ten laste gelegde.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank overweegt ten aanzien van het telefoonnummer [telefoonnummer] het volgende.</para>
        <para>In het proces-verbaal van verhoor verdachte van 29 oktober 2018, heeft verbalisant [verbalisant] gerelateerd dat hij het telefoonnummer [telefoonnummer] van verdachte zelf heeft gekregen. De verbalisant heeft vervolgens gerelateerd dat hij verdachte in januari 2018 op dat telefoonnummer heeft gebeld, waarop door verdachte is opgenomen.<footnote-ref linkend="_cd909a3e-d17a-46a0-b786-2eedcb8ef3b3" /> In een WhatsApp-gesprek tussen [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] zegt [medeverdachte 1] : <emphasis role="italic">“hij heeft nieuwe nr”. </emphasis>Vervolgens stuurt [medeverdachte 1] het telefoonnummer [telefoonnummer] met daarbij de naam ‘ [verdachte] ’ aan [medeverdachte 3] .<footnote-ref linkend="_2a1e2676-76ce-43e6-80dc-8ba7ad2a2cdd" /></para>
        <para>Op 9 november 2018 haalt verdachte [medeverdachte 1] op met de auto nadat [medeverdachte 1]  meerdere keren heeft geappt naar telefoonnummer [telefoonnummer] : <emphasis role="italic">“Inval”, “huis”, “Help me”</emphasis> en <emphasis role="italic">“haal me op”.</emphasis><footnote-ref linkend="_706cc024-122a-47ea-ac8a-d196b2e3ddb6" />Bij de aanhouding van [medeverdachte 1] treft de politie [medeverdachte 1] en verdachte samen aan in de auto van verdachte.<footnote-ref linkend="_1a737bf2-ba47-468d-b8ca-257bce9f2e4e" /> Verdachte heeft verklaard dat toen hij werd gebeld door [medeverdachte 1] hij toevallig in de buurt was en dat hij [medeverdachte 1] heeft opgehaald.<footnote-ref linkend="_28cec451-343b-4215-8d8e-f9aa7e41aa09" /></para>
        <para>In de telefoon van [medeverdachte 1] staat een foto van een schermafdruk van een laptop waarop ‘accepted orders’ van verdovende middelen te zien zijn met daarbij een lijst met vermoedelijke afnemers (hierna: de bestellijst) en rechtsboven in het scherm is de naam van verdachte te lezen.<footnote-ref linkend="_041731c1-0040-47ea-a478-52db5cb44bc0" /> De screenshot is afkomstig van het telefoonnummer [telefoonnummer] .</para>
        <para>Op grond van de hiervoor weergegeven bevindingen stelt de rechtbank vast dat verdachte degene is geweest die in de ten laste gelegde periode gebruik maakte van het telefoonnummer [telefoonnummer] .</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In het dossier bevindt zich een groot aantal WhatsApp-berichten in de ten laste gelegde periode tussen verdachte – die gebruik maakte van het telefoonnummer [telefoonnummer] – en [medeverdachte 1] .<footnote-ref linkend="_632153e2-b69e-48c7-a9ab-a4ae945eceb0" /> Verdachte en [medeverdachte 1] bespreken daarin het opzetten van een site en het maken van een logo met de naam <emphasis role="italic">‘Drogenfahndung’.</emphasis><footnote-ref linkend="_9fe9b211-585d-44ee-893b-84cb73e19cad" />Verdachte appt op 4 november 2017 aan [medeverdachte 1] : <emphasis role="italic">“100x champagne maar werd meteen geannuleerd”</emphasis> en “<emphasis role="italic">bijna alles online”.</emphasis> [medeverdachte 1] appt terug: <emphasis role="italic">“orders binnen verder?”</emphasis> en verdachte antwoordt: <emphasis role="italic">“2 kleine”.</emphasis><footnote-ref linkend="_b536647b-9690-4056-b65a-d6715cedc2df" />Later appt verdachte aan [medeverdachte 1] : <emphasis role="italic">“nieuwe order he, 25 x nijntje”</emphasis> en <emphasis role="italic">“1 pil en 2 pillen”.</emphasis><footnote-ref linkend="_ce6252ac-628c-465a-aaf0-933b79786cb4" />Op 5 november 2017 appt [medeverdachte 1] : <emphasis role="italic">“5 orders, eerste doekoe weer verdiend”.</emphasis> Verdachte appt aan [medeverdachte 1] : <emphasis role="italic">“wie gaat morgen rijden?”</emphasis> en <emphasis role="italic">“ [medeverdachte 3] staat de hele dag bij de grens zei die, Zollfahndung opwachten”</emphasis>.<footnote-ref linkend="_5de41ccb-d41e-4244-91d6-e3f5f3d5bcef" /> Op <?linebreak?>6 november 2017 stuurt verdachte een screenshot van een order van XTC en heroïne aan [medeverdachte 1] en [medeverdachte 1] antwoordt: <emphasis role="italic">“lekker, eerste barkie al bijna verdient”.</emphasis><footnote-ref linkend="_1c230e63-193a-45b6-bab3-14b2c150aaa7" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 9 november 2017 wordt [medeverdachte 1] aangehouden en in zijn auto worden 11 pakketjes met drugs aangetroffen en in beslag genomen.<footnote-ref linkend="_6da9214d-9bcb-423e-af39-18559640da54" /> Op die pakketjes bevinden zich stickers met daarop de namen die overeenkomen met voornoemde bestellijst die is gestuurd door verdachte aan [medeverdachte 1] .<footnote-ref linkend="_efed2340-e314-4e7b-919d-2895db6d986a" /> Bij de indicatieve test uitgevoerd door de politie wordt vastgesteld dat de inhoud van de pakketjes bestaat uit een hoeveelheid cocaïne, 2 XTC-pillen en een hoeveelheid pillen die 2C-B bevatten.<footnote-ref linkend="_0c9cc3b6-0361-4b11-8bb5-30c6653e8e3e" /></para>
        <para>Deze resultaten zijn vervolgens geanalyseerd door een deskundige van het NFI, die rapporteert dat het onderzoeksmateriaal positief scoort op cocaïne, MDMA, heroïne en <?linebreak?>2C-B.<footnote-ref linkend="_db0219b1-91df-4f36-a664-60977470564d" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is op basis van bovenstaande bevindingen van oordeel dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich in de periode van 1 november 2017 tot en met 9 november 2017 heeft schuldig gemaakt aan het samen met anderen dealen van harddrugs. De rechtbank zal verdachte vrijspreken van het tezamen en in vereniging opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland brengen, telen, bereiden, bewerken, verwerken, vervoeren, verstrekken en aanwezig hebben van drugs, aangezien het procesdossier daarvoor onvoldoende wettig en overtuigend bewijs bevat. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht op grond van de hiervoor genoemde bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, met dien verstande dat:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">hij op meer tijdstippen in de periode van 1 november 2017 tot en met 9 november 2017 te Deventer, tezamen en in vereniging met anderen, meermalen, telkens opzettelijk heeft verkocht en/of afgeleverd: </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">-een hoeveelheid XTC, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA en</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">-een hoeveelheid heroïne en</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">-een hoeveelheid cocaïne en</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">-een hoeveelheid 2C-B (- 4-broom-2,5-dimethoxyfenethylamine).</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd in de bewezenverklaring. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het bewezen verklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde is strafbaar gesteld in de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet en artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het bewezen verklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>het misdrijf: <emphasis role="bold">medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor het bewezen verklaarde feit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De op te leggen straf of maatregel</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>7.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd  aan verdachte een taakstraf op te leggen voor de duur van 80 uren.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat – mocht de rechtbank tot een bewezenverklaring komen – de eis van de officier van justitie een passende eis is. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De gronden voor een straf of maatregel</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. De rechtbank acht daarbij het volgende van belang.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft zich gedurende de periode van 1 november 2017 tot 9 november 2017 samen met anderen schuldig gemaakt aan het dealen van harddrugs. </para>
        <para>Handel in harddrugs dient krachtig bestreden te worden, nu het gebruik daarvan gevaar oplevert voor de gezondheid van de (vaak jonge) gebruikers en kan leiden tot verslaving. Het gebruik van en de handel in drugs leidt bovendien direct en indirect tot vele vormen van criminaliteit en vormt zo een bron van overlast voor de samenleving. Verdachte heeft door zijn handelen hieraan bijgedragen. De rechtbank neemt het verdachte kwalijk dat hij kennelijk alleen oog heeft gehad voor zijn eigen financiële gewin, zonder stil te staan bij de nadelige consequenties van zijn gedrag voor anderen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de straf de geldende oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) als uitgangspunt genomen. Voor het dealen van harddrugs tot een gewicht van 100 gram geldt als oriëntatiepunt een taakstraf voor de duur van 100 uren.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft acht geslagen op het uittreksel justitiële documentatie van </para>
        <para>8 december 2020 waaruit blijkt dat verdachte niet recentelijk is veroordeeld voor soortgelijke feiten.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Voorts heeft de rechtbank kennis genomen van het reclasseringsadvies van Reclassering Nederland van 7 januari 2021. De reclassering heeft daarin geadviseerd verdachte een straf op te leggen zonder bijzondere voorwaarden, omdat zij, gelet op de ontkennende houding van verdachte, geen mogelijkheden ziet de risico’s in te schatten en met interventies of toezicht de risico’s te beperken of het gedrag van verdachte te veranderen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Al met al, ook rekening houdend met het tijdsverloop, is de rechtbank van oordeel dat de eis van de officier van justitie een passende straf is. De rechtbank zal verdachte een taakstraf opleggen voor de duur van 80 uren.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De hierna te nemen beslissing berust op de hiervoor genoemde wetsartikelen. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 22c, 22d en 57 Sr.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;</para>
    <para>- verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid feit</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar;</para>
    <para>- verklaart dat het bewezen verklaarde het volgende strafbare feit oplevert:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>het misdrijf: <emphasis role="bold">medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart verdachte strafbaar voor het bewezen verklaarde;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis>, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van <emphasis role="bold">80 (tachtig) uren</emphasis>;</para>
    <para>- beveelt, voor het geval dat verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, dat <emphasis role="bold">vervangende hechtenis</emphasis> zal worden toegepast voor de duur van <emphasis role="bold">40 (veertig) dagen</emphasis>;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. C.A. Peterzon, voorzitter, mr. A. van Holten en mr. J. Faber, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A. de Bruin, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 9 februari 2021.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_6c8a63ec-007b-4c44-bc53-706c8b088e52" label="1">
    <para> Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit het dossier van de regiopolitie Oost-Nederland met nummer 2017519448, Onderzoek ON14017004 SIXT. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cd909a3e-d17a-46a0-b786-2eedcb8ef3b3" label="2">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte van 29 oktober 2018, pagina’s 75 tot en met 79.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2a1e2676-76ce-43e6-80dc-8ba7ad2a2cdd" label="3">
    <para>Proces-verbaal App’s tussen [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] (Bijlage A), pagina 114.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_706cc024-122a-47ea-ac8a-d196b2e3ddb6" label="4">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen App’s tussen [medeverdachte 1] en [verdachte] (bijlage B), pagina’s 75 en 75.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1a737bf2-ba47-468d-b8ca-257bce9f2e4e" label="5">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen van 9 november 2018, pagina 103.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_28cec451-343b-4215-8d8e-f9aa7e41aa09" label="6">
    <para>Proces-verbaal van verhoor verdachte van 29 oktober 2018, pagina 74.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_041731c1-0040-47ea-a478-52db5cb44bc0" label="7">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen poststukken van 14 november 2018, pagina 108 tot en met 121.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_632153e2-b69e-48c7-a9ab-a4ae945eceb0" label="8">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen App’s tussen [medeverdachte 1] en [verdachte] (bijlage B).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9fe9b211-585d-44ee-893b-84cb73e19cad" label="9">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen App’s tussen [medeverdachte 1] en [verdachte] (bijlage B), volgnummer WhatsApp-bericht 92.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b536647b-9690-4056-b65a-d6715cedc2df" label="10">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen App’s tussen [medeverdachte 1] en [verdachte] (bijlage B), volgnummer WhatsApp-bericht 609 e.v.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ce6252ac-628c-465a-aaf0-933b79786cb4" label="11">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen App’s tussen [medeverdachte 1] en [verdachte] (bijlage B), volgnummer WhatsApp-bericht 655 e.v.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5de41ccb-d41e-4244-91d6-e3f5f3d5bcef" label="12">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen App’s tussen [medeverdachte 1] en [verdachte] (bijlage B), volgnummer WhatsApp-bericht 847 e.v.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1c230e63-193a-45b6-bab3-14b2c150aaa7" label="13">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen App’s tussen [medeverdachte 1] en [verdachte] (bijlage B), volgnummer WhatsApp-bericht 965 e.v.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6da9214d-9bcb-423e-af39-18559640da54" label="14">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen van 13 november 2017, pagina 106 en 107.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_efed2340-e314-4e7b-919d-2895db6d986a" label="15">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen poststukken van 14 november 2018, pagina 108 tot en met 121.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0c9cc3b6-0361-4b11-8bb5-30c6653e8e3e" label="16">
    <para>Proces-verbaal onderzoek verdovende middelen van 9 januari 2018, pagina’s 122 tot en met 133.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_db0219b1-91df-4f36-a664-60977470564d" label="17">
    <para>Een geschrift zijnde een Rapport identificatie van veelvoorkomende drugs van het NFI van 25 januari 2018, pagina’s 135 tot en met 136.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>