<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2021:3520</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-09-16T14:33:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-09-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-09-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08-952207-16 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2021:3520">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2021:3520</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-09-16T14:32:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-09-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2021:3520 Rechtbank Overijssel , 16-09-2021 / 08-952207-16 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2021:3520:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank Overijssel veroordeelt een 42-jarige man tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 3 jaar en een taakstraf van 100 uur voor faillissementsfraude. De man hield onder andere de administratie voor 2 bedrijven niet goed bij, waardoor de curator geen goed zicht op de situatie kon krijgen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2021:3520:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team Strafrecht </para>
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 08-952207-16 (P)</para>
      <para>Datum vonnis: 16 september 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1969 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende aan de [adres 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van </para>
      <para>2 september 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie </para>
      <para>mr. A.A. Reah en van wat door verdachte en zijn raadsvrouw mr. M.G. Pekkeriet-Bischop, advocaat te Deventer, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1:</emphasis> schuldeisers van zijn failliet verklaarde besloten vennootschappen heeft benadeeld door goederen te onttrekken uit de boedel;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2:</emphasis> (ter benadeling van schuldeisers) geen (volledige) administratie heeft gevoerd en/of bewaard van zijn failliet verklaarde besloten vennootschappen;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 3:</emphasis> verkeerde inlichtingen heeft verstrekt aan de curator ten aanzien van zijn failliet verklaarde vennootschappen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">1</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij in of omstreeks de periode van 1 juni 2014 tot en met 14 augustus 2015 te Kampen en/of te Lelystad en/of te Putten en/of Zwolle en/of Amsterdam en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, als feitelijk/indirect bestuurder van (een) rechtsperso(o)nen, te weten de </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">besloten vennootschap [bedrijf 1] B.V. en/of de besloten vennootschap [bedrijf 2] </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic"> B.V. welke besloten vennootschap(pen) -respectievelijk- op 7 april 2015 door de </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Rechtbank Overijssel (zittingsplaats Zwolle) en op 16 juni 2015 door de </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Rechtbank Midden-Nederland (zittingsplaats Lelystad) failliet waren/was </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten van de schuldeiser(s) van die </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">besloten vennootschap(pen) lasten heeft verdicht en/of baten niet heeft </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verantwoord en/of enig goed aan de boedel heeft onttrokken, immers heeft/hebben verdachte en/of verdachtes mededader(s) met dat opzet een of meer van de hieronder genoemde goederen onttrokken aan de boedel van </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">voornoemde rechtsperso(o)n(en), te weten: - een Chrysler Grand Voyager met kenteken [kenteken] en/of - de inventaris en de (bedrijfs)voorraden van bovengenoemde rechtspersonen, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">onder andere bestaande uit parket/laminaat, verlichting/lampen, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(rol)gordijnen, gordijnstoffen, tapijt, bedden, schilderijen en vloerbedekking; </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">2</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Primair</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij in of omstreeks de periode van 1 juni 2014 tot en met 14 augustus 2015 te Kampen en/of te Lelystad en/of te Putten en/of Zwolle en/of Amsterdam en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, als </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feitelijk/indirect bestuurder van (een) rechtsperso(o)nen, te weten de </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">besloten vennootschap [bedrijf 1] B.V. en/of de besloten vennootschap [bedrijf 2] </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic"> B.V. welke besloten vennootschap(pen) -respectievelijk- op 7 april 2015 door de </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Rechtbank Overijssel (zittingsplaats Zwolle) en op 16 juni 2015 door de </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Rechtbank Midden-Nederland (zittingsplaats Lelystad) failliet waren/was </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten van de schuldeiser(s) van die </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">besloten vennootschap(pen) niet heeft voldaan aan de op hem rustende </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verplichtingen ten opzichte van het voeren van een administratie ingevolge </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">artikel 10, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, artikel 15i, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek of artikel 5, eerste lid, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">van de Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen in samenhang met artikel </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">10, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, en het bewaren en/of te </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">voorschijn brengen van de boeken, bescheiden en/of andere gegevensdragers in </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">die/dat artikel(en) bedoeld, immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededaders met dat opzet geen (volledige) administratie gevoerd en/of bewaard en/of (vervolgens) op (een) daartoe strekkend(e) verzoek(en)/vra(a)g(en) van </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">de curator die (volledige) administratie niet aangeleverd in het/de </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">faillissement(en) van [bedrijf 1] B.V. en/of [bedrijf 2] B.V.; </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Subsidiair</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">dat aan hem, verdachte, te wijten is dat in of omstreeks de periode van 1 juni 2014 tot en met 14 augustus 2015 te Kampen en/of te Lelystad en/of te Putten en/of Zwolle en/of Amsterdam en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, als feitelijk/indirect bestuurder van (een) rechtsperso(o)nen, te weten de </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">besloten vennootschap [bedrijf 1] B.V. en/of de besloten vennootschap [bedrijf 2] </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic"> B.V. welke besloten vennootschap(pen) -respectievelijk- op 7 april </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2015 door de Rechtbank Overijssel (zittingsplaats Zwolle) en op 16 juni 2015 </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">door de Rechtbank Midden-Nederland (zittingsplaats Lelystad) failliet </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">waren/was verklaard, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">-niet is voldaan aan de ingevolge artikel 10, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, artikel 15i, eerste lid, van Boek 3 van het </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Burgerlijk Wetboek of artikel 5, eerste lid, van de Wet op de formeel </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">buitenlandse vennootschappen in samenhang met artikel 10, eerste lid, van Boek </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2 van het Burgerlijk Wetboek omschreven verplichtingen ten opzichte van het </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">voeren van een administratie, en/of -dat de boeken, bescheiden en/of andere gegevensdragers waarmee volgens die </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">artikelen administratie is gevoerd en de boeken, bescheiden en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">gegevensdragers die ingevolge die artikelen zijn bewaard, niet in ongeschonden staat tevoorschijn zijn gebracht, immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededaders geen (volledige) </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">administratie van voornoemde rechtsperso(on)en gevoerd en/of bewaard, althans </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">onvoldoende maatregelen genomen om de administratie te (laten) voeren en/of te </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(laten) bewaren en/of (vervolgens) op (een) daartoe strekkend(e) vordering(en) </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of verzoek(en) en/of vra(a)g(en) van de curator die (volledige) </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">administratie niet tevoorschijn gebracht of aangeleverd of laten tevoorschijn </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">brengen of laten aanleveren in het/de faillissement(en) van [bedrijf 1] B.V. en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [bedrijf 2] B.V.; </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">3</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op een of meer momenten in of omstreeks de periode van 7 april 2015 tot en </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">met 14 augustus 2015 te Kampen en/of te Lelystad en/of te Putten en/of Zwolle </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of Amsterdam en/of (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, als feitelijk/indirect bestuurder van (een) rechtsperso(o)nen, te weten de </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">besloten vennootschap [bedrijf 1] B.V. en/of de besloten vennootschap [bedrijf 2] </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic"> B.V. terwijl deze besloten vennootschap(pen) -respectievelijk- op 7 april 2015 door </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">de Rechtbank Overijssel (zittingsplaats Zwolle) en op 16 juni 2015 door de </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Rechtbank Midden-Nederland (zittingsplaats Lelystad) failliet waren/was </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verklaard, en meerdere malen door de curator wettelijk opgeroepen tot het geven van </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">inlichtingen opzettelijk verkeerde/onjuiste inlichtingen heeft gegeven immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededaders -op (een) daartoe strekkende verzoek(en)/vra(a)g(en) van de curator </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">medegedeeld dat [bedrijf 1] B.V. en [bedrijf 2] B.V. op 21 januari 2015 </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">niet insolvabel waren en/of dat er voldoende activa in genoemde ondernemingen </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">aanwezig waren en/of dat er aanmerkelijke debiteurenstanden waren.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De bewijsoverwegingen</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat alle (primair) ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend bewezen kunnen worden. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsvrouw heeft bepleit dat verdachte in augustus 2014 met medeverdachte [medeverdachte] overeen was gekomen dat hij de crediteurenpositie in kaart zou brengen en een crediteurenakkoord tot stand zou proberen te brengen, omdat de bedrijven van [medeverdachte] in zwaar weer verkeerden. Verdachte heeft zich ook daadwerkelijk met die werkzaamheden bezig gehouden, maar is nooit bestuurder van de vennootschappen geweest. Verdachte kan alleen als bestuurder worden aangemerkt als hij richtinggevend beleid zou bepalen of [medeverdachte] de touwtjes totaal aan hem uit handen zou hebben gegeven. Nergens blijkt uit dat de rol van verdachte bij de vennootschappen verder ging dan advisering of uitvoering van de door [medeverdachte] verlangde sanering. Ten aanzien van het nieuwe pand aan de [adres 2] heeft verdachte slechts gegevens uitgewisseld, maar niet geadviseerd over de huur van de ruimte. De huurovereenkomst is door [medeverdachte] zelf ondertekend. Verdachte heeft [medeverdachte] per brief geadviseerd om zijn aandelen in [bedrijf 1] B.V. en [bedrijf 2] B.V. (verder [bedrijf 1] en [bedrijf 2] ) niet te verkopen. De stelling van [medeverdachte] dat die brief hem nooit bereikt heeft is niet aannemelijk. De verkoop van [bedrijf 1] en [bedrijf 2] was dus niet de beslissing van verdachte. Verdachte blijft erbij dat hij geen contact heeft opgenomen met verdachte [naam 1] , ondanks dat [naam 1] anders heeft verklaard. De raadsvrouw heeft vrijspraak bepleit van feit 1, omdat verdachte de auto en goederen niet zelf aan de boedel heeft onttrokken. Ook is geen sprake van een intensieve samenwerking of onderlinge taakverdeling daartoe met medeverdachte [medeverdachte] . In de tenlastegelegde periode voerde verdachte niet de administratie voor de vennootschappen en hij beschikte daar ook niet over. Hij heeft slechts administratie opgebouwd ten aanzien van de crediteuren en deze administratie kan niet worden beschouwd als administratie van de B.V.’s en die hoefde dus niet aan de curator te worden aangeleverd. Ook hier is van medeplegen geen sprake. Ten aanzien van feit 3 is verdachte slechts uitgegaan van de informatie die hij van [medeverdachte] had ontvangen. Verdachte ontkent dus dat hij met opzet verkeerde inlichtingen heeft verstrekt aan de curator.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_a4842210-2cca-4dc6-9f2a-b989aeb2b5cf" />
      </para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>4.3.1</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">feitelijk/indirect bestuurder</emphasis>
          </para>
          <para>De uitleg van het begrip ‘bestuurder van een rechtspersoon’ is bij de Wet herziening strafbaarstelling faillissementsfraude neergelegd in artikel 348a Wetboek van Strafrecht (Sr) en in werking getreden op 1 juli 2016. Dat betekent dat dit artikel in de tenlastegelegde periode nog niet bestond. De betekenis van het begrip ‘bestuurder van een rechtspersoon’ dient dus gevonden te worden in de destijds geldende regelgeving en jurisprudentie.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Vastgesteld kan worden dat verdachte nooit formeel bestuurder is geweest van [bedrijf 1] en [bedrijf 2] . Tevens moet worden opgemerkt dat de rechtbank Overijssel in haar civiele vonnis van 14 juni 2017 geoordeeld heeft dat verdachte niet als ware hij bestuurder aansprakelijk kon worden gehouden voor het boedeltekort in het faillissement van [bedrijf 1] en [bedrijf 2] . De vraag is of verdachte in strafrechtelijke zin als bestuurder kan worden aangemerkt. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Het komt bij de beoordeling daarvan aan op de maatschappelijke realiteit: wie treedt feitelijk als bestuurder op.</para>
          <para>Verdachte was in juni 2014 in contact gekomen met medeverdachte [medeverdachte] , omdat diens vennootschappen [bedrijf 1] en [bedrijf 2] in financieel slecht weer verkeerden. Op 17 augustus 2014 heeft verdachte met [bedrijf 1] , vertegenwoordigd door medeverdachte [medeverdachte] een overeenkomst van opdracht getekend.<footnote-ref linkend="_f9e8ddd6-00dd-48bb-a357-e9a2a3e1a1ce" /> Op 22 september 2014 heeft [medeverdachte] een volmacht verleend aan verdachte om als gemachtigde <emphasis role="italic">“onze zaken te regelen en te behartigen betreffende de reorganisatie van ons bedrijf”.</emphasis><footnote-ref linkend="_089edeff-60ed-4206-9265-47e458f2da4a" />Volgens de website van het bedrijf van verdachte ( [bedrijf 3] B.V. in IJsselmuiden) helpt hij bedrijven die in financiële moeilijkheden zitten en bij aanstaande dreigende faillissementen.<footnote-ref linkend="_25556652-62bd-49b2-b44a-b13a61061d34" /> Verdachte heeft brieven verstuurd aan crediteuren, waarin hij aangeeft dat het financieel slecht gaat en dat zijn bedrijf het crediteuren- en debiteurenbestand heeft overgenomen en alle correspondentie via hem dient te verlopen.<footnote-ref linkend="_b7743f8d-ed3d-4dab-a4eb-29b7a1ef2901" /> De verhuurder van het pand aan de [adres 3] (waar [bedrijf 1] en [bedrijf 2] op dat moment waren gevestigd) de heer [getuige] (hierna: [getuige] ), heeft verklaard dat verdachte in principe alles deed. Hij was de contactpersoon en [getuige] mocht geen contact meer opnemen met [medeverdachte] . [medeverdachte] verwees [getuige] ook door naar verdachte en verdachte leverde het oude pand op.<footnote-ref linkend="_63fe24d8-4cd0-4a5e-ad05-861ec9b36a56" /> Vervolgens heeft verdachte bemiddeld bij het vinden van een nieuw pand voor de inventaris voor [bedrijf 1] en [bedrijf 2] via [bedrijf 4] B.V. Met betrekking tot de verkoop van de aandelen op 21 januari 2015 heeft verdachte [naam 1] verklaard dat verdachte heeft bemiddeld tussen de koper [naam 3] en de verkoper. De contactpersoon van de verkoper was verdachte en hij was via verdachte in contact met [medeverdachte] gekomen.<footnote-ref linkend="_86af31b4-c43e-4e20-8c96-481ebc7bec80" /> [naam 3] heeft de administratie op het station in Zwolle overhandigd gekregen van verdachte. [medeverdachte] was daarbij niet aanwezig.<footnote-ref linkend="_a6c6718c-cfb0-475f-a116-66ca3769ee46" /> Het was ook verdachte die de contacten met de curator onderhield, vooral in het begin, en met de curator heeft onderhandeld over finale kwijting. </para>
          <para>Gelet op al deze omstandigheden stelt de rechtbank vast dat verdachte in de ten laste gelegde periode tot het moment van de faillietverklaring van de ondernemingen feitelijk als bestuurder van [bedrijf 1] en [bedrijf 2] in de zin van artikel 343 Sr (oud) heeft gefunctioneerd en de rechtbank merkt hem dan ook als zodanig aan.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.3.2</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">feit 1</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte onder feit 1 is ten laste gelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken en overweegt daartoe dat uit het dossier onvoldoende blijkt dat verdachte bemoeienis heeft gehad met het onttrekken van de auto en de inventaris aan de boedel. Verdachte is niet gezien bij de daadwerkelijke verhuizing, er zijn onvoldoende aanwijzingen dat hij anderszins daarbij betrokken is, en hij is, ook volgens [medeverdachte] , niet betrokken geweest bij het onttrekken van de auto of het op naam zetten van de auto. Ook voor medeplegen daarvan is onvoldoende wettig en overtuigend bewijs. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.3.3.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">feit 2</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank is van oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte de ten laste gelegde feiten 2 primair en 3 heeft begaan en overweegt daartoe het volgende. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Medeverdachte [medeverdachte] heeft verklaard dat hij de administratie heeft overgedragen aan verdachte en dat hij geen kopie heeft gemaakt.<footnote-ref linkend="_34c40477-17a5-4a9d-b05e-91642eb7aa56" /> Verdachte heeft de administratie vervolgens overgedragen aan [naam 1] op station Zwolle. [naam 3] was daarbij aanwezig. Het zou zijn gegaan om 2 of 3 mappen.<footnote-ref linkend="_78db60de-5f96-4d73-a7d8-1521fa8aaf95" /> De persoon die op het moment van faillissement als bestuurder van de vennootschappen geregistreerd stond, mevrouw [naam 4] , stelt dat zij niets met de vennootschappen van doen heeft. Zij is mogelijk slachtoffer geworden van identiteitsfraude.<footnote-ref linkend="_c62f8011-3632-45aa-8f35-b915df597a2b" /> Uit de registers van de Kamer van Koophandel blijkt dat [naam 3] de aandelen in [bedrijf 1] en [bedrijf 2] aan [naam 4] heeft overgedragen en dat op </para>
          <para>9 maart 2015 verhuizing van de vennootschappen is doorgegeven van het adres van [naam 4] naar de Ditlaar 1 in Amsterdam.<footnote-ref linkend="_df963549-ffe8-4fb2-9c43-59a7443a4269" /> Uit de aangifte van de curator en de faillissementsverslagen van 3 april 2019 blijkt ook dat er geen boekhouding is en dat de bestuurder niet reageert op verzoeken en sommaties tot het verstrekken van de administratie. De jaarrekeningen over de jaren 2011, 2012 en 2013 zijn gedeponeerd op </para>
          <para>17 september 2014.<footnote-ref linkend="_1c8eda9c-d062-4f11-ba34-6bb9a06103a4" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Dat er geen (volledige) administratie is gevoerd en bewaard zoals bedoeld in artikel 10, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, artikel 15i, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek of artikel 5, eerste lid, van de Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen in samenhang met artikel 10, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, staat op grond van bovenstaande vast. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Om te kunnen spreken van bedrieglijke verkorting van de rechten van schuldeisers is vereist dat ‘het faillissement met een redelijke mate te voorzien was”. Het komt erop neer dat er ten tijde van de onttrekking tenminste een aanmerkelijke kans op een faillissement moet zijn geweest en dat verdachte dat wist en op de koop toenam. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [bedrijf 1] is op 7 april 2015 en [bedrijf 2] op 16 juni 2015 failliet verklaard. In juni 2014 had [medeverdachte] verdachte al ingeschakeld die in een brief van 7 augustus 2014 aan crediteuren stelde verdachte dat de schuldpositie € 300.000,- bedroeg en de debiteurenstand nihil was.<footnote-ref linkend="_e6ae279f-3896-48b5-bef6-236a855ed9a3" /> In diezelfde brief is een akkoord aangeboden van uitkering van 10% aan de concurrente crediteuren en 20% aan de preferente crediteuren tegen finale kwijting en werd vermeld dat daarmee het maximale zou worden bereikt. Er was dus toen al sprake van meerdere schuldeisers. [medeverdachte] heeft de administratie (voor zover die er was) overgedragen aan verdachte, die het weer heeft overgedragen aan [naam 1] en [naam 3] . Verdachte heeft over de overdracht van de administratie bij de politie verklaard dat hij wist wie [naam 1] was en hem niet op zijn kantoor wilde hebben.<footnote-ref linkend="_b34be100-b15c-4ded-b9fd-548f951dd28a" /> De rechtbank leidt daaruit af dat verdachte in elk geval een vermoeden kon hebben van wat [naam 1] en [naam 3] met de vennootschappen zouden doen. Verdachte heeft geen kopie gemaakt van de administratie van [bedrijf 1] en [bedrijf 2] , maar wel overgedragen aan deze personen.</para>
          <para>
            [medeverdachte] heeft zijn aandelen in de vennootschappen verkocht voor € 1,00 aan [naam 3] .<footnote-ref linkend="_9681952a-4668-4d07-ad1f-fdc816300b54" /> En voor het op naam zetten van de vennootschappen heeft [naam 3] € 950,- ontvangen vanaf de bankrekening van [bedrijf 2] .<footnote-ref linkend="_80fac43a-385e-44f9-8ff7-f99ee215ca7e" /> [naam 3] heeft vervolgens de vennootschappen ‘op de plank gelegd’ en niets mee gedaan tot het faillissement.<footnote-ref linkend="_7eb3dad8-7425-4375-ba12-765fafc80396" /> Al die omstandigheden leiden tot de overtuiging dat verdachte wist dat een faillissement in redelijke mate voorzienbaar was.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Gelet op de bovenstaande beschreven handelingen door verdachte en medeverdachte [medeverdachte] is de rechtbank van oordeel dat betreffende feit 2 sprake is van een nauwe en bewuste samenwerking tussen beide verdachten. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.3.4.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">feit 3</emphasis>
          </para>
          <para>Ten aanzien van feit 3 overweegt de rechtbank dat de curator heeft verklaard dat verdachte op 24 april 2015 en 21 mei 2015 zei dat de bedrijven [bedrijf 1] en [bedrijf 2] op 21 januari 2015 niet insolvabel waren en dat er voldoende activa in de ondernemingen aanwezig was en er aanmerkelijke debiteurenstanden waren.<footnote-ref linkend="_32b18f2a-fb74-4d9f-b235-27e087558202" /> Deze informatie is strijdig met de brief van </para>
          <para>13 augustus 2014 die verdachte aan meerdere crediteuren heeft verzonden, inhoudende dat er € 300.000 schuld was, er geen activa in de bedrijven zat en de debiteurenstand nagenoeg nihil is.<footnote-ref linkend="_a0ebc443-fda8-43f1-a5da-f5abb1b05abd" /> Uit het dossier blijkt niet dat de financiële positie van [bedrijf 1] en [bedrijf 2] vijf maanden later, op 21 januari 2015, ineens sterk verbeterd was. Verdachte heeft zich daarmee schuldig gemaakt aan het opzettelijk verstrekken van onjuiste inlichtingen aan de curator over de gefailleerde vennootschappen, waar hij feitelijk bestuurder van was. Gelet op de bovenstaande beschreven handelingen door verdachte is er geen nauwe en bewuste samenwerking tussen beide verdachten en zal de rechtbank hem vrijspreken van medeplegen van dit feit. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht op grond van de opgegeven bewijsmiddelen waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten 2 primair en 3 heeft begaan, met dien verstande dat:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">2</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Primair</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">hij in de periode van 1 juni 2014 tot en met 14 augustus 2015 in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander, als feitelijk/indirect bestuurder van rechtspersonen, te weten de </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">besloten vennootschap [bedrijf 1] B.V. en de besloten vennootschap [bedrijf 2] </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic"> B.V. welke besloten vennootschappen -respectievelijk- op 7 april 2015 door de </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Rechtbank Overijssel (zittingsplaats Zwolle) en op 16 juni 2015 door de </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Rechtbank Midden-Nederland (zittingsplaats Lelystad) failliet waren </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">verklaard, </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">ter bedrieglijke verkorting van de rechten van de schuldeisers van die </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">besloten vennootschappen niet heeft voldaan aan de op hem rustende </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">verplichtingen ten opzichte van het voeren van een administratie ingevolge </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">artikel 10, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, artikel 15i, </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek of artikel 5, eerste lid, </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">van de Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen in samenhang met artikel </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">10, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, en het bewaren en te </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">voorschijn brengen van de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers in </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">die artikelen bedoeld, immers hebben verdachte en zijn mededaders met dat opzet geen (volledige) administratie gevoerd en bewaard en (vervolgens) op daartoe strekkende verzoeken van de curator die (volledige) administratie niet aangeleverd in de </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">faillissementen van [bedrijf 1] B.V. en [bedrijf 2] B.V.; </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">3</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">hij op momenten in de periode van 7 april 2015 tot en met 14 augustus 2015</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">in Nederland, als feitelijk bestuurder van de besloten vennootschappen [bedrijf 1] B.V. en de besloten vennootschap [bedrijf 2] B.V., </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">terwijl deze besloten vennootschappen -respectievelijk- op 7 april 2015 door </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">de Rechtbank Overijssel (zittingsplaats Zwolle) en op 16 juni 2015 door de </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Rechtbank Midden-Nederland (zittingsplaats Lelystad) failliet waren </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">verklaard, en meerdere malen wettelijk door de curator opgeroepen tot het geven van </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">inlichtingen</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">opzettelijk verkeerde/onjuiste inlichtingen heeft gegeven immers heeft verdachte</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic"> -op een daartoe strekkende vraag van de curator medegedeeld dat [bedrijf 1] B.V. en [bedrijf 2] B.V. op 21 januari 2015 niet insolvabel waren en dat er voldoende activa in genoemde ondernemingen aanwezig waren en dat er aanmerkelijke debiteurenstanden waren.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd in de bewezenverklaring. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het bewezen verklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde is strafbaar gesteld in de artikelen 45, 343 (oud) en 194 (oud) van het Wetboek van Strafrecht (Sr). Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">het misdrijf: medeplegen van als bestuurder van een rechtspersoon welke in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van de rechtspersoon niet voldaan heeft of niet voldoet aan de op hem rustende verplichtingen ten opzichte van het voeren van een administratie ingevolge artikel 10, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, artikel 15i, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek of artikel 5, eerste lid, van de Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen in samenhang met artikel 10, eerste lid, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, en het bewaren en te voorschijn brengen van boeken, bescheiden en andere gegevensdragers in die artikelen bedoeld;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 3</emphasis>
      </para>
      <para>het misdrijf: <emphasis role="italic">zonder geldige reden opzettelijk verkeerde inlichtingen geven, terwijl hij in staat van faillissement is verklaard en wettelijk verplicht is tot het geven van inlichtingen.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor de bewezen verklaarde feiten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De op te leggen straf of maatregel</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>7.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd verdachte te veroordelen tot een taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid, voor de duur van 120 uren, te vervangen door 60 dagen hechtenis indien deze niet of niet naar behoren wordt uitgevoerd.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsvrouw heeft primair vrijspraak bepleit en subsidiair verzocht bij het opleggen van een straf rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte en de overschrijding van de redelijke termijn van artikel 6 EVRM.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De gronden voor een straf of maatregel</emphasis>
        </para>
        <para>Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van verdachte zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. De rechtbank acht daarbij in het bijzonder het volgende van belang. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Doordat verdachte de administratie van twee bedrijven waar hij feitelijk bestuurder van was, niet volledig heeft gevoerd, bewaard en aangeleverd, heeft de curator niet goed zicht kunnen krijgen op de vraag in hoeverre de rechten van de schuldeisers verkort zijn. Bovendien heeft verdachte onjuiste inlichtingen aan de curator verstrekt over de financiële positie van de vennootschappen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In het algemeen geldt dat faillissementsfraude leidt tot wederrechtelijke benadeling van de schuldeisers in het betreffende faillissement. Zakelijke crediteuren kunnen hierdoor op hun beurt weer failliet gaan, omdat zij door personen als verdachte niet zijn betaald voor de geleverde goederen en/of diensten. Op deze manier kan de fraude tot een sneeuwbaleffect leiden: ook gezonde, bonafide ondernemingen kunnen hierdoor in de problemen komen en zelfs failliet gaan. En ook de werknemers van deze leveranciers komen dan als gevolg van de fraude op straat te staan, wat niet alleen leidt tot schade voor deze personen, maar ook tot schade voor de maatschappij als geheel. Daarnaast blijven door faillissementsfraude meestal ook de fiscus en het UWV met onbetaalde vorderingen achter. De samenleving loopt hierdoor veel geld mis. De rechtbank rekent het verdachte aan dat hij zich om al deze gevolgen niet heeft bekommerd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de strafoplegging heeft de rechtbank gelet op de oriëntatiepunten voor straftoemeting van het LOVS (Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht) ten aanzien van fraudedelicten. In deze oriëntatiepunten wordt de hoogte van de straf onder meer afhankelijk gesteld van de hoogte van het benadelingsbedrag. Vanwege de gebrekkige administratie van verdachte is niet precies is vast te stellen hoe hoog dat bedrag is. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Daarnaast heeft de rechtbank acht geslagen op het strafblad van verdachte van 28 juli 2021. Hieruit blijkt dat verdachte eerder is veroordeeld voor frauduleuze delicten. De rechtbank ziet in deze omstandigheid, en in het gegeven dat verdachte ter terechtzitting heeft verklaard nog steeds als financieel adviseur werkzaam te zijn, aanleiding om een (deels) voorwaardelijke straf op te leggen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verder weegt de rechtbank mee dat het recht van verdachte om binnen de redelijke termijn te worden berecht geschonden is. In deze zaak is de redelijke termijn aangevangen op de datum van verhoor van verdachte, te weten op 23 juni 2016. Uitgaande van een redelijke termijn van twee jaren, betekent dit dat verdachte de afronding van zijn proces met een eindvonnis op 23 juni 2018 had mogen verwachten. Dit vonnis wordt bijna drie jaren en twee maanden later gewezen. De rechtbank overweegt dat de overschrijding matiging van de op te leggen straf tot gevolg moet hebben. Zij zal daarom geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf, maar een voorwaardelijke gevangenisstraf en een taakstraf opleggen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles overwegende legt de rechtbank aan verdachte op een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van drie maanden en een taakstraf voor de duur van 100 uren, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid, te vervangen door 50 dagen hechtenis indien deze niet of niet naar behoren wordt uitgevoerd.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De hierna te nemen beslissing berust op de hiervoor genoemde wetsartikelen. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d Sr en 6 EVRM.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart niet bewezen dat verdachte het onder feit 1 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart bewezen dat verdachte het onder feiten 2 primair en 3 ten laste gelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid feiten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar;</para>
    <para>- verklaart dat het bewezen verklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>het misdrijf: medeplegen van als bestuurder van een rechtspersoon welke in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van de rechtspersoon niet voldaan heeft of niet voldoet aan de op hem rustende verplichtingen ten opzichte van het voeren van een administratie ingevolge artikel 10, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, artikel 15i, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek of artikel 5, eerste lid, van de Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen in samenhang met artikel 10, eerste lid, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, en het bewaren en te voorschijn brengen van boeken, bescheiden en andere gegevensdragers in die artikelen bedoeld;</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">feit 3</emphasis>
      </para>
      <para>het misdrijf: zonder geldige reden opzettelijk verkeerde inlichtingen geven, terwijl hij in staat van faillissement is verklaard en wettelijk verplicht is tot het geven van inlichtingen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart verdachte strafbaar voor het onder feiten 2 en 3 bewezen verklaarde;</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">3 (drie) maanden;</emphasis></para>
    <para>- bepaalt dat deze gevangenisstraf <emphasis role="bold">in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de <emphasis role="bold">proeftijd van 3 (drie) jaren</emphasis> de navolgende voorwaarde niet is nagekomen:</para>
    <para>- stelt als <emphasis role="bold">algemene voorwaarde</emphasis> dat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;</para>
    <para />
    <para>- veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis>, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van <emphasis role="bold">100 (honderd) uren</emphasis>;</para>
    <para>- beveelt, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, dat <emphasis role="bold">vervangende hechtenis</emphasis> zal worden toegepast voor de duur van <emphasis role="bold">50 (vijftig) dagen</emphasis>.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. C.A. Peterzon, voorzitter, mr. drs. H.M. Braam en </para>
      <para>mr. D. ten Boer en rechters, in tegenwoordigheid van mr. M. Bakker, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 16 september 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>mr. D. ten Boer is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_a4842210-2cca-4dc6-9f2a-b989aeb2b5cf" label="1">
    <para> Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit het dossier van de politie, districtsrecherche IJsselland met kenmerk Gordijn/ON1 R015040. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f9e8ddd6-00dd-48bb-a357-e9a2a3e1a1ce" label="2">
    <para> Een geschrift, te weten een overeenkomst van opdracht van 17 augustus 2014, p. 319-321.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_089edeff-60ed-4206-9265-47e458f2da4a" label="3">
    <para> Een geschrift, te weten een brief van 22 september 2014 van [medeverdachte] aan [bedrijf 5] t.a.v. [verdachte] , p. 152.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_25556652-62bd-49b2-b44a-b13a61061d34" label="4">
    <para> Een geschrift te weten een uitdraai van de Website [bedrijf 5] (van [verdachte] ) p. 83-87.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b7743f8d-ed3d-4dab-a4eb-29b7a1ef2901" label="5">
    <para> Een geschrift, te weten een brief van [bedrijf 5] / [verdachte] van 23 juni 2014 aan [bedrijf 6] , p. 150.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_63fe24d8-4cd0-4a5e-ad05-861ec9b36a56" label="6">
    <para> Proces-verbaal van verhoor getuige van 17 november 2015, inhoudende de verklaring [getuige] , p. 351-355.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_86af31b4-c43e-4e20-8c96-481ebc7bec80" label="7">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte van 12 juli 2016, inhoudende de verklaring van [naam 1] , p. 431-435.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a6c6718c-cfb0-475f-a116-66ca3769ee46" label="8">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte van 12 juli 2016, inhoudende de verklaring van [naam 3] , p. 429.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_34c40477-17a5-4a9d-b05e-91642eb7aa56" label="9">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte] van 21 juni 2016, p. 459-470.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_78db60de-5f96-4d73-a7d8-1521fa8aaf95" label="10">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte van 12 juli 2016, inhoudende de verklaring van [naam 1] , p. 431-435.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c62f8011-3632-45aa-8f35-b915df597a2b" label="11">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte van 31 maart 2017, inhoudende de verklaring van [naam 4] , p. 436-440.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_df963549-ffe8-4fb2-9c43-59a7443a4269" label="12">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 8 maart 2017, opgemaakt door verbalisant [verbalisant] , p. 379-382.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1c8eda9c-d062-4f11-ba34-6bb9a06103a4" label="13">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 19 juni 2019, opgemaakt door verbalisant [verbalisant] , inhoudende de faillissementsverslagen van [bedrijf 1] en [bedrijf 2] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e6ae279f-3896-48b5-bef6-236a855ed9a3" label="14">
    <para> Een geschrift te weten een brief van 13 augustus 2014 van verdachte aan Accountantsgilde, p. 324.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b34be100-b15c-4ded-b9fd-548f951dd28a" label="15">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte van 23 juni 2016, p. 510-520.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9681952a-4668-4d07-ad1f-fdc816300b54" label="16">
    <para> Een geschrift te weten AKTE TOT AANDELENOVERDRACHT [bedrijf 2] B.V. van 20 januari 2015, p. 272-276 en een geschrift te weten AKTE TOT AANDELENOVERDRACHT [bedrijf 1] B.V. van 20 januari 2015, p. 416-420. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_80fac43a-385e-44f9-8ff7-f99ee215ca7e" label="17">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte van 12 juli 2016, inhoudende de verklaring van [naam 3] , p. 429 bovenaan. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_7eb3dad8-7425-4375-ba12-765fafc80396" label="18">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte van 12 juli 2016, inhoudende de verklaring van [naam 1] , p. 431-435</para>
  </footnote>
  <footnote id="_32b18f2a-fb74-4d9f-b235-27e087558202" label="19">
    <para> Proces-verbaal van aangifte van 14 augustus 2015, inhoudende de verklaring van [aangever] , p. 18-20.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a0ebc443-fda8-43f1-a5da-f5abb1b05abd" label="20">
    <para> Een geschrift, te weten een brief van verdachte aan Accountantsgilde van 13 augustus 2014, p. 324.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>