<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2021:2186</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T19:10:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-06-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-06-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">9003950 \ CV EXPL  21-407</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Enschede</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Prg. 2021/189</rdf:li>
          <rdf:li>NJF 2021/409</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2021:2186">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2021:2186</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-06-17T13:41:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-06-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2021:2186 Rechtbank Overijssel , 01-06-2021 / 9003950 \ CV EXPL  21-407</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2021:2186:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Koopovereenkomst studieboeken door minderjarige. Verschuldigde termijnen niet betaald. In het maatschappelijk verkeer niet ongebruikelijk dat minderjarigen zelfstandig schoolboeken bestellen waarbij verondersteld mag worden dat wettelijk vertegenwoordiger toestemming heeft verleend.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2021:2186:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team kanton en handelsrecht</para>
    <para>Zittingsplaats Enschede</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 9003950 \ CV EXPL  21-407 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 1 juni 2021</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid <?linebreak?><emphasis role="bold">CAPAYABLE B.V.</emphasis>,<?linebreak?>gevestigd en kantoorhoudende te Eindhoven,</para>
      <para>eisende partij, hierna te noemen Capayable,</para>
      <para>gemachtigde: ACCS Gerechtsdeurwaarders,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,<?linebreak?>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde] ,</para>
      <para>verschenen in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding van 19 januari 2021,</para>
      <para>- de conclusie van antwoord,</para>
      <para>- de conclusie van repliek.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft hierna, hoewel daartoe behoorlijk in de gelegenheid gesteld, niet meer gereageerd op de conclusie van repliek van Capayable.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft een koopovereenkomst gesloten voor studieboeken voor een bedrag van € 548,56 bij Software Licentie Materiaal B.V., tevens h.o.d.n. mbowebshop.nl (hierna: de webshop).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De koopovereenkomst is online tot stand gekomen via de website van de webshop. [gedaagde] heeft hierbij gekozen voor de betalingsmethode “Gespreid Betalen” en verklaard dat zij ouder is dan 18 en daarbij als [geboortedatum] 1978 opgegeven.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft, krachtens de betalingsvoorwaarden van Capayable, 1/3de van de koopsom, zijnde een bedrag van € 182,85, direct bij het plaatsen van de bestelling voldaan. De tweede en derde termijn van een bedrag van eveneens € 182,85 dienden binnen 30 dagen respectievelijk 60 dagen na factuurdatum te zijn voldaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft nagelaten de tweede en derde termijn te voldoen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De webshop heeft de vordering gecedeerd aan Capayable. Van deze cessie is door Capayable aan [gedaagde] schriftelijk mededeling gedaan op 17 augustus 2020.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Capayable vordert dat de kantonrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] veroordeelt om aan Capayable te betalen een bedrag van € 429,44, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 365,71 vanaf 19 januari 2021 tot aan de dag van algehele voldoening. Tevens vordert Capayable veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Capayable baseert haar vordering op de hiervoor opgenomen feiten waarbij zij het volgende nog heeft aangevoerd. Omdat van [gedaagde] geen betaling viel te verkrijgen van het nog openstaande bedrag, zag zij zich genoodzaakt haar vordering ter incasso uit handen te geven. De kosten daarvoor bedragen € 54,86 en komen voor rekening van [gedaagde] . Voorts vordert Capayable een bedrag van € 8,87 aan wettelijke rente, berekend tot 19 januari 2021. Sindsdien vordert Capayable de wettelijke rente over € 365,71 tot aan de dag der algehele voldoening. In mindering op de vordering kan strekken de eerste termijnbetaling van € 182,85. Daarmee komt het totaal gevorderde bedrag uit op € 429,44.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert verweer tegen de vordering van Capayable. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen zal hierna, voor zover voor de beoordeling van belang, nader worden ingegaan.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft erkend dat zij de studieboeken heeft besteld, maar heeft als meest verstrekkende verweer aangevoerd dat zij ten tijde van het sluiten van de koopovereenkomst 16 jaar was. [gedaagde] stelt zich, kort samengevat, op het standpunt dat haar ouders daarom verantwoordelijk zijn voor het nakomen van de betalingsafspraken. Vanwege financiële problemen zijn haar ouders de betalingsafspraken niet nagekomen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Op grond van art. 1:234 lid 1 BW is een minderjarige, mits hij met toestemming van zijn wettelijke vertegenwoordiger handelt, bekwaam rechtshandelingen te verrichten, voor zover de wet niet anders bepaalt. Art. 1:234 lid 3 BW bepaalt dat de toestemming aan de minderjarige wordt verondersteld te zijn verleend, indien het een rechtshandeling betreft ten aanzien waarvan in het maatschappelijk verkeer gebruikelijk is dat minderjarigen van zijn leeftijd deze zelfstandig verrichten. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De kantonrechter oordeelt als volgt. Het is in het maatschappelijk verkeer niet ongebruikelijk dat een zestienjarige zelf haar studieboeken bestelt. De verkoper mocht er dan ook vanuit gaan dat [gedaagde] handelingsbekwaam was. Bovendien staat, nu [gedaagde] geen gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid om te dupliceren, als onweersproken vast dat [gedaagde] , om gebruik te kunnen maken van de betaalmethode “Gespreid Betalen”, ten onrechte heeft verklaard dat zij ouder dan 18 jaar was. Zij heeft als [geboortedatum] 1978 heeft opgegeven. Het onbetaald laten van de vordering dient ook daarom voor rekening en risico van [gedaagde] te komen. Dit betekent dat [gedaagde] gehouden was de tweede en derde termijn voor de studieboeken te betalen. Nu [gedaagde] dit heeft nagelaten, liggen de gevorderde hoofdsom en wettelijke rente voor toewijzing gereed.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Capayable maakt aanspraak op een bedrag van € 54,86 aan buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van toepassing is. Capayable heeft voldoende aangetoond dat er buitengerechtelijke werkzaamheden zijn verricht. De gevorderde vergoeding komt overeen met het in het Besluit vermelde tarief en zal worden toegewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>
        [gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. Deze kosten worden aan de zijde van Capayable begroot op:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>- kosten dagvaarding	€	  89,44<?linebreak?>- griffierecht		€	126,00<?linebreak?>- salaris gemachtigde	<emphasis role="underline">€	150,00</emphasis> (2 punten × tarief € 75,00)</para>
        <para>Totaal			€ 	365,44</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter:</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan Capayable te betalen een bedrag van € 429,44, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 365,71 vanaf 19 januari 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, tot op heden aan de zijde van Capayable begroot op € 365,44;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.M.S. Kuipers, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 1 juni 2021. (TD)</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>