<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2021:1901</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T10:54:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-05-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-05-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">265156 KG ZA 21-109</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Almelo</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Prg. 2021/157</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2021:1901">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2021:1901</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-05-11T09:37:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-05-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2021:1901 Rechtbank Overijssel , 10-05-2021 / 265156 KG ZA 21-109</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2021:1901:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Eigendom auto. Gedaagde dient auto aan eiser terug te geven. Eiser is rechtmatig eigenaar, in tegenstelling tot degene die de auto als borg heeft achtergelaten bij gedaagde.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2021:1901:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team kanton en handelsrecht</para>
    <para>Zittingsplaats Almelo</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer	: 265156 KG ZA 21-109</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">PROCES-VERBAAL </emphasis>van de mondelinge uitspraak in kort geding van 10 mei 2021 in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis> h.o.d.n. Alpino Auto, </para>
      <para>wonende in [woonplaats] , </para>
      <para>eiser, </para>
      <para>hierna genoemd: ‘ [eiser] ’, </para>
      <para>advocaat: mr. J.G.M. Stassen, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen	</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid <emphasis role="bold">[gedaagde] .</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd in [vestigingsplaats] , </para>
      <para>gedaagde, </para>
      <para>hierna genoemd: “ [gedaagde] ”, </para>
      <para>verschenen zonder gemachtigde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 10 mei 2021 via een videobelverbinding (Skype). </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenwoordig:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>mr. H.J.H. van Meegen, voorzieningenrechter</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>mr. H.J. Berends, griffier</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Na uitroeping van de zaak verschenen:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          [eiser] , bijgestaan door mr. L. Meijerink (waarnemend voor mr. Stassen)</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de heer [X] namens [gedaagde]</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Na afloop van de mondelinge behandeling heeft de voorzieningenrechter ter zitting mondeling uitspraak gedaan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>1</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot afgifte aan [eiser] van de auto, Volvo V70, binnen 24 uur na betekening van dit proces-verbaal van de mondelinge uitspraak; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van [eiser] tot deze uitspraak begroot op € 1.074,65, met bepaling dat indien deze kosten niet binnen 14 dagen na betekening van dit proces-verbaal van de mondelinge uitspraak zijn betaald, [gedaagde] daarover de wettelijke rente is verschuldigd vanaf dat moment tot aan de dag van betaling;  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de na deze uitspraak ontstane kosten, begroot op € 163,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen met een bedrag van € 85,00 aan salaris advocaat en de eventuele betekeningskosten indien [gedaagde] niet binnen 14 dagen na aan aanschrijving door [eiser] aan deze mondelinge uitspraak voldoet; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De gronden van de beslissing</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De voorzieningenrechter heeft voor deze beslissing de volgende motivering gegeven. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Naar het voorlopige oordeel van de voorzieningenrechter is aannemelijk dat [eiser] de eigenaar is van de auto, een Volvo V70 met [kenteken] , waarvan hij afgifte vordert. Daarbij gaat de voorzieningenrechter af op de door [eiser] ingebrachte producties (waaronder een aankoopfactuur met betaalbewijs, RDW-gegevens en kentekenbewijs). Bovendien heeft [gedaagde] ter zitting verklaard niet (langer) te betwisten dat [eiser] eigenaar van de auto is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft als eigenaar van de auto in beginsel het recht op afgifte daarvan door [gedaagde] , tenzij [gedaagde] een recht heeft verkregen op grond waarvan zij de auto onder zich mag houden. [gedaagde] stelt dat de auto aan haar is afgegeven als ‘onderpand’ door de heer [A] voor een schuld die hij aan haar heeft. Indien [gedaagde] bedoeld heeft om een beroep te doen op een verkregen pandrecht op de auto, slaagt dat beroep naar het voorlopige oordeel van de voorzieningenrechter niet. Tussen partijen is namelijk niet in geschil dat [A] niet bevoegd was om de auto in pand te geven aan [gedaagde] . De voorzieningenrechter is daarbij voorshands van oordeel dat [gedaagde] zich er niet jegens [eiser] op kan beroepen dat zij bij het innemen van de auto te goeder trouw was, omdat [gedaagde] onvoldoende heeft onderzocht of [A] bevoegd was om de auto in pand te geven (zo heeft zij geen controle aan de hand van het kentekenbewijs uitgeoefend). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft geen ander recht gesteld op grond waarvan zij de auto onder zich mag houden. Wel heeft [gedaagde] nog aangevoerd dat zij wil voorkomen dat [A] haar eventueel aansprakelijk kan stellen doordat zij de auto aan [eiser] afgeeft. Echter, voor zover er al enige juridische grond zou zijn voor een dergelijke aansprakelijkstelling door [A] , doet die niet af aan het recht van [eiser] op afgifte van de auto. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Naar het voorlopige oordeel van de voorzieningenrechter heeft [eiser] dus recht op afgifte van de auto door [gedaagde] . De daartoe strekkende vordering van [eiser] is daarom toegewezen. De gevorderde dwangsom is niet toegewezen, omdat [gedaagde] heeft toegezegd vrijwillig aan deze uitspraak te zullen voldoen en de voorzieningenrechter geen aanleiding ziet daaraan te twijfelen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld. Daarbij is de voorzieningenrechter voorbij gegaan aan de stelling van [gedaagde] dat zij [eiser] heeft meegedeeld dat hij de auto mocht komen ophalen, omdat [gedaagde] daaraan onterecht de voorwaarde heeft verbonden dat [A] daarbij aanwezig diende te zijn. De proceskosten aan de zijde van [eiser] zijn begroot op: </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>€ 656,00 aan salaris advocaat</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>€ 309 aan griffierecht </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>€ 109,65 aan betekeningskosten</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>in totaal € 1.074,65.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>De gevorderde nakosten zijn eveneens toegewezen zoals in de beslissing is vermeld. </para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze mondelinge uitspraak is gedaan door H.J.H. van Meegen, voorzieningenrechter, en in het openbaar uitgesproken op 10 mei 2021. (HJB)</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Waarvan proces-verbaal,</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>de griffier			de voorzieningenrechter</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>