<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2020:2307</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-08T10:21:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-07-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/08/243162 / HA ZA 20-51</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2020:2307">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2020:2307</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-08T10:17:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2020:2307 Rechtbank Overijssel , 01-07-2020 / C/08/243162 / HA ZA 20-51</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2020:2307:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bevoegdheidsincident, relatieve bevoegdheid, forumkeuze ex art. 108 Rv in koopovereenkomst tussen partijen. De rechtbank verklaart zich onbevoegd en verwijst de zaak op grond van art. 110 Rv naar de relatief bevoegde rechtbank.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2020:2307:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="2f712c29-7f99-4674-b7f2-20f10cca7b90" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="503aa143-3b47-443a-a58f-6d0dba1e4373" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team kanton en handelsrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/08/243162 / HA ZA 20-51</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in incident van 1 juli 2020</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">HANDS ON INVESTMENTS B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Rossum,</para>
    </parablock>
    <para>2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">COMPELLO B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Zwolle,</para>
      <para>eiseressen in de hoofdzaak,</para>
      <para>verweersters in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. G.J.M. Volders te 's-Hertogenbosch,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">COMPELLO GROUP B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Zwolle,</para>
    </parablock>
    <para>2.	<emphasis role="bold">[A]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [plaats],</para>
      <para>gedaagden in de hoofdzaak,</para>
      <para>eisers in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. D.F. Spoormans te 's-Gravenhage.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna Hands On c.s. en Compello Group c.s. genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding van 16 januari 2020;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de incidentele conclusie tot onbevoegdverklaring;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de incidentele conclusie van antwoord.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geschil</title>
    <bridgehead role="italic">In de hoofdzaak</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Hands On c.s. vorderen in de hoofdzaak – verkort weergegeven – om bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, Compello Group c.s. hoofdelijk te veroordelen tot betaling aan Hands On c.s.:</para>
        <para>I. van een bedrag van € 109.028,00 (terzake ‘onrechtmatige onttrekkingen’), met wettelijke (handels)rente;</para>
        <para>II. van een bedrag van € 343.000,00 (terzake ‘vordering Belastingdienst’), met wettelijke (handels)rente;</para>
        <para>III. van een bedrag van € 369.537,00 (terzake ‘ongeoorloofde dividenduitkering’), met wettelijke (handels)rente;</para>
        <para>IV. van een bedrag van € 8.977,97 (terzake buitengerechtelijke incassokosten), met wettelijke rente;</para>
        <para>V. van een bedrag van € 3.000,00 (ter zake van beslagkosten), met wettelijke rente; en</para>
        <para>VI. van de proces- en nakosten, met wettelijke rente.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Hands On c.s. hebben daaraan ten grondslag gelegd dat tussen partijen een schriftelijke koopovereenkomst ten aanzien van aandelen (hierna: de <emphasis role="bold">Overeenkomst</emphasis>) tot stand is gekomen, en dat daarin een aantal vrijwaringen en garanties is opgenomen. Compello Group B.V. zou in strijd hebben gehandeld met deze koopovereenkomst, en zij is op die grond jegens Hands On c.s. schadeplichtig geworden. De heer [A] wordt voor deze vorderingen eveneens aansprakelijk gehouden, op de grond dat hij in privé voor de garanties heeft getekend, dan wel dat hij daarvoor in hoedanigheid van bestuurder aansprakelijk is.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">In het incident</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Compello Group c.s. hebben vóór alle weren gevorderd dat deze rechtbank zich relatief onbevoegd verklaart om van de vorderingen van Hands On c.s. kennis te nemen, de zaak verwijst naar de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, en Hands On c.s. veroordeelt in de kosten van deze procedure. Zij leggen aan deze vordering ten grondslag dat de Overeenkomst in art. 16.2 een forumkeuze bevat voor de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht. Compello Group c.s. wijzen erop dat het onderhavige geschil tussen partijen onder het bereik van deze forumkeuze valt en dat de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, daarom bij uitsluiting bevoegd is over het geschil tussen partijen te oordelen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Hands On c.s. hebben zich gerefereerd aan het oordeel van deze rechtbank, met daarbij het verzoek om de zaak door te verwijzen naar de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, indien deze rechtbank zich inderdaad bevoegd acht. Hands On c.s. hebben tevens gevorderd Compello Group c.s. te veroordelen in de kosten van de procedure, althans om de kosten te compenseren.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling in het incident</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Art. 108 Rv bepaalt dat partijen bij overeenkomst een relatief bevoegde rechter kunnen aanwijzen om van hun geschillen kennis te nemen, die daardoor bij uitsluiting bevoegd wordt om dat te doen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Compello Group c.s. hebben, in zoverre onweersproken, gesteld dat de (schriftelijke) Overeenkomst die tussen partijen geldt, de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, aanwijst als bevoegde rechter om te oordelen over geschillen als het onderhavige. Dit brengt naar het oordeel van de rechtbank mee, dat moet worden aangenomen dat tussen partijen een forumkeuze in de zin van art. 108 Rv van toepassing is, op grond waarvan niet deze rechtbank, maar de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, relatief bevoegd is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>De rechtbank zal zich op grond van het vorenstaande onbevoegd verklaren om van de vorderingen van Hands On c.s. kennis te nemen en op grond van art. 110 lid 2 Rv de zaak, in de stand waarin deze zich bevindt, verwijzen naar de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De rechtbank zal, conform de hoofdregel van art. 237 Rv, Hands On c.s. als de in het ongelijk gestelde partijen, in de kosten van het incident veroordelen. Voor het maken van een uitzondering op deze hoofdregel op grond van de proceshouding van partijen, zoals door Hands On c.s. bepleit, ziet de rechtbank geen aanleiding, nu geen sprake is van  nodeloos veroorzaakte kosten door Compello Group c.s.. De proceskosten worden aan de zijde van Compello Group c.s. begroot op € 3.099,00 (1 punt x liquidatietarief VII van € 3.099,00).</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">In het incident</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>verklaart zich onbevoegd van de vorderingen in de hoofdzaak kennis te nemen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>veroordeelt Hands On c.s. in de kosten van het incident, aan de zijde van Compello Group c.s. tot op heden begroot op € 3.099,00;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">In de hoofdzaak</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>verwijst de zaak, in de stand waarin zij zich bevindt, naar de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M.A.M. Essed en in het openbaar uitgesproken op 1 juli 2020.<footnote-ref linkend="_a166e285-4578-4fb0-b060-1a7795d0ec36" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_a166e285-4578-4fb0-b060-1a7795d0ec36" label="1">
    <para>type: </para>
    <para>coll:</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>