<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2019:2339</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-07-11T14:22:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-07-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-07-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08-730342-17 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2019:2339">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2019:2339</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-07-11T14:16:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-07-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2019:2339 Rechtbank Overijssel , 11-07-2019 / 08-730342-17 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2019:2339:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank Overijssel spreekt een 23-jarige man vrij voor geweldpleging. Hij zou het geweld hebben willen stoppen door zijn broer en het slachtoffer uit elkaar te halen. De rechtbank acht deze verklaring geloofwaardig en is op basis hiervan van oordeel dat de intentie van de man gericht was op het doen stoppen van het geweld.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2019:2339:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team Strafrecht </para>
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer 08-730342-17 (P)</para>
      <para>Datum vonnis: 11 juli 2019</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1996 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende aan [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 5 april 2018 en 27 juni 2019. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. G.C. Pol en van wat door verdachte en de raadsman mr. K. Kok, advocaat te Zwolle, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer] dan wel (samen met anderen) [slachtoffer] heeft mishandeld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 27 april 2017 in de gemeente Zwolle openlijk, te weten op of aan de openbare weg, de "Blaloweg", in elk geval op of aan een openbare weg en/of voor het publiek toegankelijke plaats (te weten het "Kingdance Festival") of in een voor het publiek toegankelijke ruimte, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een persoon genaamd [slachtoffer] , welk geweld bestond uit: - het (onverhoeds) aanvallen van en/of indringen op die [slachtoffer] en/of - het duwen/trekken tegen/op het lichaam van die [slachtoffer] en/of - het  vasthouden/</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">omstrengelen van het lichaam van die [slachtoffer] (zodat hij geen kant uit kon en/of zich niet kon verdedigen) en/of - (vervolgens) met kracht slaan en/of stompen in/op/tegen het gezicht/hoofd van die [slachtoffer] </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">ALTHANS, voor voer het vorenstaande onder 1 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, SUBSIDIAIR, terzake dat </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 27 april 2017, in de gemeente Zwolle tezamen en in vereniging met een of meer anderen, en/althans alleen [slachtoffer] heeft mishandeld door voornoemde [slachtoffer] - (met kracht) beet te pakken/vast te pakken en/of - vervolgens (met kracht) meermalen, althans eenmaal, in/op/tegen het gezicht/hoofd te slaan en/of stompen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De bewijsoverwegingen</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie is van oordeel dat verdachte moet worden vrijgesproken van wat hem ten laste is gelegd, omdat hij op grond van de bewijsmiddelen niet de overtuiging heeft gekregen dat verdachte aangever [slachtoffer] heeft geslagen. </para>
        <para>Weliswaar heeft verdachte bij de politie verklaard dat hij aangever [slachtoffer] twee keer heeft geduwd, maar het is geloofwaardig dat hij dit heeft gedaan om zijn broer, medeverdachte [medeverdachte] en aangever [slachtoffer] uit elkaar te halen. </para>
        <para>Gelet hierop kunnen de handelingen van verdachte niet worden beschouwd als een significante bijdrage aan het geweld tegen aangever [slachtoffer] en levert dit dan ook geen openlijk geweld in de zin van artikel 141 van het Wetboek van Strafrecht, dan wel mishandeling op.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman van verdachte heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte moet worden vrijgesproken van hetgeen hem ten laste is gelegd. </para>
        <para>Hiertoe heeft de raadsman aangevoerd dat uit de bewijsmiddelen enkel blijkt dat verdachte aangever [slachtoffer] twee keer heeft geduwd om zijn broer en aangever [slachtoffer] uit elkaar te krijgen. </para>
        <para>De handelen van verdachte zijn dus niet in het kader van geweld verricht. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte primair is ten laste gelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft verklaard dat hij geprobeerd heeft het geweld te stoppen door zijn broer en aangever [slachtoffer] uit elkaar te halen en dat hij aangever [slachtoffer] daarbij twee keer heeft geduwd om hem weg te houden. </para>
        <para>De rechtbank acht deze verklaring geloofwaardig en is op basis hiervan van oordeel dat de intentie van verdachte gericht was op het doen stoppen van het geweld. </para>
        <para>Daarom is niet komen vast te staan dat de verdachte opzet, al dan niet in voorwaardelijke zin, heeft gehad op het door de medeverdachten uitgeoefende geweld en dus dat sprake is geweest van in vereniging plegen van geweld.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dat betekent dat evenmin kan worden bewezen dat de verdachte al dan niet ‘in vereniging’ met de medeverdachten aangever [slachtoffer] heeft mishandeld, zoals subsidiair aan hem is ten laste gelegd. </para>
        <para>De rechtbank zal verdachte ook hiervan vrijspreken en overweegt hierbij dat niet bewezen kan worden verklaard dat verdachte de tenlastegelegde gewelddadige gedragingen zelf heeft verricht en dat het duwen niet aan hem ten laste is gelegd.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart niet bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. H. Vegter, voorzitter, mr. M.J.C.M. Manders en mr. S. Taalman, rechters, in tegenwoordigheid van mr. H.R. Lageveen, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 11 juli 2019.</para>
      <para>Mr. M.J.C.M. Manders is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>