<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2016:846</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-03-10T15:54:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-03-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-03-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08.910036-15 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2016:846">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2016:846</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-03-10T15:53:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-03-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2016:846 Rechtbank Overijssel , 10-03-2016 / 08.910036-15 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2016:846:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Een man uit Kampen is vrijgesproken van mensenhandel met een minderjarige vrouw.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2016:846:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">Rechtbank Overijssel</bridgehead>
    <para>Afdeling Strafrecht </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 08.910036-15 (P)</para>
      <para>Datum vonnis: 10 maart 2016</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis (promis) op tegenspraak van de rechtbank Overijssel, meervoudige kamer voor strafzaken, rechtdoende in de zaak van de officier van justitie tegen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum 1] 1982 te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende aan de [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 25 februari 2016. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. A.M. Vloedbeld en van hetgeen door de verdachte en diens raadsman mr. J.H. van Meurs, advocaat te Kampen, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte zich samen met een ander schuldig heeft gemaakt aan mensenhandel jegens de minderjarige [slachtoffer] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voluit luidt de tenlastelegging aan de verdachte, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij in of omstreeks de periode van 6 t/m 17 mei 2014 te Kampen en/of te Groningen en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een ander genaamd [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] 1996 - (telkens) heeft vervoerd, overgebracht, gehuisvest of opgenomen, met het oogmerk van seksuele uitbuiting van die [slachtoffer] (sub 2°) terwijl die [slachtoffer] de leeftijd van achttien jaren nog niet had(den) bereikt,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(telkens) een ander, genaamd [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] 1996 ertoe heeft gebracht zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met en/of voor een derde tegen betaling dan wel ten aanzien van die [slachtoffer] (telkens) enige handeling(en) heeft ondernomen waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer] zich daardoor beschikbaar zou(den) stellen tot het verrichten van die seksuele handelingen (sub 5°) terwijl die [slachtoffer] de leeftijd van achttien jaren nog niet had(den) bereikt,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de seksuele handelingen van die [slachtoffer] met of voor een derde tegen betaling, (sub 8°), terwijl die [slachtoffer] de leeftijd van achttien jaren nog niet had(den) bereikt,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">immers heeft hij, verdachte, werkruimte en/of woonruimte in zijn woning aan de [woonplaats] aan die [slachtoffer] en/of [naam] ter beschikking gesteld en/of heeft hij, verdachte, die [naam] voornoemd en/of die [slachtoffer] , gefaciliteerd met internet voor het maken en/of het plaatsen van (een) seksadvertentie(s) van die [slachtoffer] op een of meerdere sexsites en/of heeft hij, verdachte, die [slachtoffer] en/of die [naam] voornoemd vervoerd naar dit werkadres en/of naar haar werkadres in Groningen aan de [adres] .</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering van de officier van justitie</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd verdachte vrij te spreken van het ter zake artikel 273f, eerste lid, aanhef en sub 5 van het Wetboek van Strafrecht (Sr) ten laste gelegde en te veroordelen voor het ter zake artikel 273f, eerste lid, aanhef en sub 2 en 8 alsmede derde lid, aanhef sub 1 Sr ten laste gelegde tot een gevangenisstraf voor de duur van negen maanden, waarvan vier maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De bewijsoverwegingen</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De standpunten van de officier van justitie en de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het ter zake artikel 273f, eerste lid, aanhef en sub 2 en 8 alsmede derde lid, aanhef sub 1 Sr ten laste gelegde wettig en overtuigend kan worden bewezen. </para>
        <para>Ten aanzien van het ter zake artikel 273f, eerste lid, aanhef en sub 5 van het Wetboek van Strafrecht (Sr) ten laste gelegde heeft de officier van justitie vrijspraak gevorderd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman van verdachte heeft betoogd dat verdachte moet worden vrijgesproken van het tenlastegelegde omdat het niet wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De bewijsoverwegingen van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdachte dient van het ten laste gelegde te worden vrijgesproken, omdat de rechtbank dit niet wettig en overtuigend bewezen acht. De verklaring van aangeefster, [slachtoffer] , wordt ten aanzien van het aan verdachte ten laste gelegde in de kern genomen onvoldoende ondersteund door andere objectieve bewijsmiddelen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De conclusie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen wat aan de verdachte is tenlastegelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De schade van benadeelden</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De vordering van de benadeelde partij</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] 1996, heeft zich voorafgaand aan het onderzoek op de zitting, op de wettelijk voorgeschreven wijze als benadeelde partij gevoegd in dit strafproces. De benadeelde partij vordert veroordeling van de verdachte tot betaling van in totaal € 1.500,- (zegge: duizend vijfhonderd euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd. Deze schade bestaat uit immateriële schade.</para>
        <para>Dit is gevorderd als “voorschot”. De rechtbank begrijpt dit als een vordering tot schadevergoeding van slechts een deel van de geleden schade. De benadeelde partij behoudt zich kennelijk het recht voor een ander deel van de schade buiten het strafgeding van verdachte te vorderen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Nu verdachte van het ten laste gelegde wordt vrijgesproken, zal de rechtbank de benadeelde partij op de voet van artikel 361, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering niet</para>
        <para>ontvankelijk verklaren in diens vordering. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>7</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">vrijspraak/bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart niet bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">schadevergoeding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- bepaalt dat de benadeelde partij, [slachtoffer] , niet-ontvankelijk is in haar vordering, en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. G. Edelenbos, voorzitter, mr. G.A. Versteeg en mr. R.A.M. Elbers, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.W. de Boer als griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 10 maart 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>Mr. Elbers is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>