<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2016:758</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T17:00:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-03-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-02-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/08/172408/ ha za 15 - 308</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Almelo</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2016/655</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2016:758">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2016:758</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-03-07T15:52:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-03-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2016:758 Rechtbank Overijssel , 10-02-2016 / C/08/172408/ ha za 15 - 308</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2016:758:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Geen beroepsfout advocaat.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2016:758:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team kanton en handelsrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Almelo</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: C/08/172408/ ha za 15 - 308</para>
      <para>datum vonnis: 10 februari 2016</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de rechtbank Overijssel, enkelvoudige kamer voor burgerlijke zaken, in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid </title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres 1] ,</emphasis>
      </para>
      <para>verder te noemen [eiseres 1] ,</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid </title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres 2] ,</emphasis>
      </para>
      <para>verder te noemen [eiseres 2] ,</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid </title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres 3] ,</emphasis>
      </para>
      <para>verder te noemen [eiseres 3] ,</para>
      <para>allen gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,</para>
      <para>eiseressen,</para>
      <para>hierna gezamenlijk te noemen [eiseres 1] c.s.,</para>
      <para>advocaat: mr. F. Kolkman te Almelo,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde] ,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats 2] ,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>verder te noemen [gedaagde] c.s.,</para>
      <para>procesadvocaat: mr. D. Knottenbelt te Rotterdam,</para>
      <para>behandelend advocaat mr. E.A.L. van Emden te Den Haag. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het procesverloop</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De bij vonnis van 12 augustus 2015 bevolen comparitie van partijen is op 16 november 2015 gehouden. Het daarvan opgemaakte proces-verbaal bevindt zich bij de stukken.<?linebreak?>Na die comparitie is de zaak naar de rol verwezen voor conclusie van repliek aan de zijde van [eiseres 1] c.s. <?linebreak?>[eiseres 1] c.s. heeft daarvan echter geen gebruik gemaakt, maar royement van de procedure verzocht, waartegen [gedaagde] c.s. bezwaar heeft gemaakt en vonnis heeft verzocht.<?linebreak?></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="bold">De beoordeling van het geschil en de gronden van de beslissing </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. Ter rolle van 15 december 2015 heeft [gedaagde] c.s. eenzijdig royement van de procedure verzocht.<?linebreak?>Nadien heeft [eiseres 1] c.s. ter rolle van 27 januari 2016 laten weten dat er geen consensus tussen partijen omrent de condities daartoe was.</para>
    <para />
    <para>2. Voor zover dat verzoek tot royement van [eiseres 1] c.s. geen onvoorwaardelijke intrekking van de vordering behelst, overweegt de rechtbank als volgt.</para>
    <para />
    <para>3. Kort samengevat komt het erop neer dat begin 2009 [eiseres 1] c.s. zo voordelig mogelijk van het slecht draaiende dochterbedrijf [X] te [vestigingsplaats 3] af wilde, waartoe door de accountant de aangifte van eigen faillissement van [X] is geadviseerd en vervolgens mr. [A] van [gedaagde] c.s. ook is ingeschakeld, die de eigen aangifte heeft geregeld, waarop op 26 mei 2009 het faillissement is uitgesproken. </para>
    <para />
    <para>4. In de eerste vijf maanden van 2009 heeft [X] voor een bedrag van € 308.567,-- leveringen en diensten voor [eiseres 1] verricht.<?linebreak?>Op 30 april en 26 mei 2009 zijn de vorderingen van [X] op [eiseres 1] overgedragen aan [eiseres 2] middels administratieve overboeking van die schuldplichtigheid door de boekhouder [Y] binnen de groepsadministratie van [eiseres 1] c.s., om vervolgens die aldus door [X] aan haar overgedragen vordering(en) te verrekenen met haar schuld in rekening-courant aan [X] , die op het moment van faillissement een bedrag ad € 139.746,26 bedroeg.</para>
    <para />
    <para>5. De curator van [X] heeft zich op het standpunt gesteld dat deze administratieve manipulatie niet voldeed aan het bepaalde in artikel 23 Faillissementswet en dat bedrag <?linebreak?>ad € 139.746,26 van [eiseres 1] c.s. teruggevorderd, hetgeen ook terug is betaald.</para>
    <para />
    <para>6. [eiseres 1] c.s. verwijt [gedaagde] c.s., meer speciaal mr. [A] , dat hij in de aanloop tot het faillissement van [X] niet voor het risico van terugvordering door de curator heeft gewaarschuwd, hetgeen [eiseres 1] c.s. als een beroepsfout kwalificeert in het kader van de gesloten overeenkomst tot dienstverlening.</para>
    <para />
    <para>7. Op grond daarvan vorderen [eiseres 1] c.s. van [gedaagde] c.s.:<?linebreak?>a.  € 139.746,26 terugbetaling aan curator;<?linebreak?>b.  € 44.201,75 aan gemaakte kosten t/m 30 september 2014;<?linebreak?>c.  €  2.842,-- aan buitengerechtelijke kosten;<?linebreak?>d.  € 4.384,51 aan wettelijke rente vanaf 27 oktober 20`14 t/m 15 mei 2015.<?linebreak?>Totale schade volgens [eiseres 1] c.s.: € 191.174,52 + p.m.</para>
    <para />
    <para>8. [gedaagde] c.s. voeren verweer.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beoordeling</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>9. Mede gezien het verhandelde ter comparitie stelt de rechtbank het volgende vast:<?linebreak?>a.   De administratieve manipulaties van 30 april en 26 mei 2009 in de groepsadministratie van [eiseres 1] c.s. zijn niet op advies of gegeven goedkeuring van mr. [A] geschied noch ontraden, maar geheel op eigen initiatief van boekhouder [Y] binnen de groepsadministratie verricht;<?linebreak?>b.   Deze handelingen zijn niet alleen verricht in strijd met het bepaalde in artikel 2:247 BW, maar ook in het zicht van het op 26 mei 2009 uitgesproken faillissement volstrekt paulianeus te achten in de zin van (artikel 23 en 43 en 47) de Faillissementswet.<?linebreak?>c.   Dit houdt allereerst in dat [eiseres 2] het aan [X] verschuldigde bedrag van € 139.746,26 (weliswaar in rekening-courant) bij gebreke aan compensabele tegenvordering altijd aan de boedel had moeten betalen en derhalve, ongeacht (de inhoud van) enig/geen advies van mr. [A] , enkel sprake kan zijn van het alsnog missen van een tot dan toe ten onrechte door [eiseres 2] genoten voordeel.<?linebreak?>d.   Sterker nog heeft de rechtbank de stellige indruk dat het excedent van de door [eiseres 2] van [X] “overgenomen” vordering  boven voornoemd bedrag ad € 139.746,26 tot de oorspronkelijke vordering van [X] op <?linebreak?>[eiseres 1] ad € 308.567,--, dus ter grootte van € 168.821,-- niet meer door de curator bij laatstgenoemde vennootschap is geïncasseerd.</para>
    <para />
    <para>10. Dienvolgens is er naar het oordeel van de rechtbank geen sprake van een beroepsfout van [gedaagde] c.s., maar evenmin sprake van schade voor [eiseres 1] c.s., juist zelfs van een voordeel!</para>
    <para />
    <para>11. De slotsom van het vorenstaande is dat de vorderingen van [eiseres 1] c.s. worden afgewezen en [eiseres 1] c.s. wordt veroordeeld in de proceskosten.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beslissing</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank rechtdoende:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <para>I.    Wijst af de vorderingen van [eiseres 1] c.s. op [gedaagde] c.s.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <para>II.   Veroordeelt [eiseres 1] c.s. in de kosten van de procedure aan de zijde van <?linebreak?>[gedaagde] c.s. gevallen en tot op deze uitspraak begroot op € 3.864,-- aan griffierechten en € 4.000,-- (2 punt VI) aan salaris voor de advocaat.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <para>III.  Verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.H. van der Veer en op woensdag 10 februari 2016 in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>