<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2016:4095</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-10-25T17:04:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-10-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-10-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08.208669-15 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2016:4095">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2016:4095</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-10-25T17:01:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-10-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2016:4095 Rechtbank Overijssel , 25-10-2016 / 08.208669-15 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2016:4095:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Man vrijgesproken van (zware) mishandeling omdat hij handelde uit noodweer.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2016:4095:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">Rechtbank Overijssel</bridgehead>
    <para>Afdeling Strafrecht </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 08.208669-15 (P)</para>
      <para>Datum vonnis: 25 oktober 2016</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis (promis) op tegenspraak van de rechtbank Overijssel, meervoudige kamer voor strafzaken, rechtdoende in de zaak van de officier van justitie tegen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1993 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende te [adres] , [woonplaats 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van  11 oktober 2016 na verwijzing op 12 februari 2016 door de politierechter naar de meervoudige kamer. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. A. van Veen en van hetgeen door de verdachte en diens raadsman mr. U. Yildirim, advocaat te Zwolle, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, na wijziging van de tenlastelegging kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [slachtoffer] heeft mishandeld met zwaar lichamelijk letsel als gevolg, dan wel dat hij heeft geprobeerd [slachtoffer] zwaar te mishandelen of dat hij [slachtoffer] heeft mishandeld.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voluit luidt de tenlastelegging – zoals gewijzigd ter terechtzitting van 11 oktober 2016 – aan de verdachte, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Primair:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 14 oktober 2015 te Zwolle, [slachtoffer] heeft mishandeld door een (of meerdere) malen (met kracht) met zijn hand en/of vuist een klap/stoot te geven tegen het lichaam en/of het gezicht en/of het hoofd en/of de kaak en/of de neus van die [slachtoffer] , </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">waarna die [slachtoffer] (hard) ten val is gekomen, terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel, te weten: </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">- een hersenschudding en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- een bloeding in het hoofd en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- een gebroken neus en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- een gebroken jukbeen en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- een zwelling rondom het oog en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- onderhuids bloedverlies rondom het oog (een blauw oog) en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- een zwelling rond het linker kaakgewricht en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- onderhuids bloedverlies rond het linker kaakgewricht en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- kneuzing van een aantal ribben en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- een gebroken rib en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- een schaafwond op de rechter bil en/of</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- een schaafwond op de rechter arm en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- een enkelbreuk en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- gebroken middenvoetsbeentjes en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- een ontwrichting van het gewricht tussen het eerste middenvoetsbeentje en de voetbasis en/of </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- schaafwonden aan het rechter been en/of de knie en/of de voet, </emphasis>
    </para>
    <bridgehead role="italic">ten gevolge heeft gehad;</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 14 oktober 2015 te Zwolle, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen een (of meerdere) malen (met kracht) met zijn hand en/of vuist een klap/stoot heeft gegeven tegen het lichaam en/of het gezicht en/of het hoofd en/of de kaak en/of de neus van die [slachtoffer] , waarna die [slachtoffer] (hard) ten val is gekomen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Meer subsidiair:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 14 oktober 2015 te Zwolle, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [slachtoffer] heeft mishandeld door een (of meerdere) malen (met kracht) met zijn hand en/of vuist een klap/stoot te geven tegen het lichaam en/of het gezicht en/of het hoofd en/of de kaak en/of de neus van die [slachtoffer] , waarna die [slachtoffer] (hard) ten val is gekomen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering van de officier van justitie</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor het primair tenlastegelegde ontslagen wordt van alle rechtsvervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De feiten die niet ter discussie staan</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank stelt vast dat niet ter discussie staat dat verdachte [slachtoffer] , hierna: het slachtoffer, twee of drie keer met zijn hand/vuist tegen het gezicht/hoofd heeft geslagen en dat deze daarbij ten val is gekomen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Evenmin staat ter discussie dat het slachtoffer daaraan voorafgaand vanuit zijn woning - na een discussie waarbij verdachte zich op straat bevond en het latere slachtoffer in zijn woning was voor een geopend raam - snel op verdachte is toe komen lopen en dat het slachtoffer verdachte daarbij een klap in zijn gezicht heeft gegeven. Op dat moment stond verdachte met zijn rug tegen de muur, met zijn fiets schuin voor zich, waardoor de enige kant die hij op kon gaan de richting was van waaruit het slachtoffer kwam.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft het slachtoffer een klap gegeven, waarbij deze ten val is gekomen. Het slachtoffer is vervolgens direct weer opgestaan en is wederom op verdachte afgelopen. Verdachte heeft het slachtoffer daarop nogmaals geslagen. Nadat de zoon van het slachtoffer tussenbeide kwam, heeft verdachte zich uit de voeten kunnen maken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De standpunten van de officier van justitie en de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het primair tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden. Het beroep op noodweer acht de officier van justitie toewijsbaar, waardoor verdachte in zijn visie ontslagen moet worden van alle rechtsvervolging.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdediging heeft bepleit dat het lichamelijk letsel niet is aan te merken als zwaar lichamelijk letsel, omdat het letsel aan de voet/het been van het slachtoffer in alle redelijkheid niet gezien kan worden als een gevolg van de klap die verdachte het slachtoffer in het gezicht gegeven heeft. Welke variant van de tenlastelegging wettig en overtuigend bewezen kan worden, heeft de verdediging overgelaten aan het oordeel van de rechtbank.</para>
        <para>De verdediging heeft bepleit dat er sprake was van een noodweersituatie, te weten een ogenblikkelijke, wederrechtelijke aanranding gericht op het lijf van verdachte, waartegen verdachte zich noodzakelijk en proportioneel verdedigd heeft. Gelet hierop moet verdachte worden ontslagen van alle rechtsvervolging.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De overwegingen van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Ten aanzien van het primair tenlastegelegde</emphasis>:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat uit de hiervoor onder 5.1 geschetste feiten en omstandigheden aannemelijk is geworden dat er sprake is geweest van een noodweersituatie, waarbij de verdachte genoodzaakt was zich te verdedigen. De rechtbank acht de daarbij door verdachte gehanteerde wijze van verdediging geboden en proportioneel. Dit betekent dat verdachte zich tegen het handelen van het slachtoffer heeft mogen verdedigen zoals hij heeft gedaan, terwijl voor verdachte, gelet op de plek waar hij stond ten opzichte van het slachtoffer, geen alternatief voorhanden was.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Zoals de Hoge Raad heeft uitgelegd in zijn arrest van 5 juli 2011<footnote-ref linkend="_5f41c6ad-1ed6-4e87-b8ff-55309a527d1e" /> wordt in de term ‘mishandeling’ mede de ‘wederrechtelijkheid’ van de gedraging tot uitdrukking gebracht. Onder mishandeling wordt daarom verstaan het aan een ander toebrengen van lichamelijk letsel of pijn zonder dat daarvoor een rechtvaardigingsgrond bestaat. De ernst van het letsel doet daarbij niet ter zake.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat verdachte uit noodweer heeft gehandeld, hetgeen betekent dat er sprake is van een rechtvaardigingsgrond als hiervoor bedoeld. Om die reden kan niet wettig en overtuigend bewezen worden dat de ten laste gelegde gedraging van verdachte ‘wederrechtelijk’ was. De verdachte zal daarom van het primair tenlastegelegde worden vrijgesproken. </para>
        <para>
          <emphasis role="underline">Ten aanzien van het subsidiair tenlastegelegde</emphasis>:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat voor een bewezenverklaring van een poging tot zware mishandeling, opzet is vereist op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel. Uit het dossier noch uit hetgeen ter terechtzitting naar voren is gekomen, is de rechtbank gebleken dat verdachte het opzet heeft gehad op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel aan het slachtoffer. Evenmin is de rechtbank gebleken dat verdachte willens en wetens de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat door zijn handelen het slachtoffer zwaar lichamelijk letsel zou oplopen. Omdat het vereiste ‘opzet’ aldus niet kan worden bewezen, zal verdachte ook van het subsidiair tenlastegelegde worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Ten aanzien van het meer subsidiair tenlastegelegde</emphasis>:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat voor de meer subsidiair tenlastegelegde eenvoudige mishandeling hetzelfde geldt als voor het primair tenlastegelegde in die zin dat vanwege de aangenomen noodweersituatie (rechtvaardigingsgrond) ook hier de ‘wederrechtelijkheid’ van het handelen van verdachte niet kan worden bewezen. De verdachte zal daarom ook van het meer subsidiair tenlastegelegde worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De conclusie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen wat aan de verdachte onder primair, subsidiair en meer subsidiair is tenlastegelegd, zodat zij hem zal vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De vordering van de benadeelde partij</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat de benadeelde partij in haar vordering niet-ontvankelijk moet worden verklaard, nu verdachte van het tenlastegelegde wordt vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>7</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart niet bewezen dat verdachte het onder primair, subsidiair en meer subsidiair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">schadevergoeding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- bepaalt dat de benadeelde partij [slachtoffer] , wonende te [woonplaats 2] , in haar vordering niet-ontvankelijk is, en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. G.A. Versteeg, voorzitter, mr. F. van der Maden en mr. </para>
      <para>C.H. Beuker, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L.E. Blauw, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 25 oktober 2016.</para>
      <para>Mr. Beuker is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_5f41c6ad-1ed6-4e87-b8ff-55309a527d1e" label="1">
    <para> ECLI:NL:HR:2011:BQ6690</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>