<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2016:3051</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-08-04T09:34:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-08-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-07-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08/770236-15</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Almelo</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2016:3051">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2016:3051</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-08-04T09:33:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-08-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2016:3051 Rechtbank Overijssel , 19-07-2016 / 08/770236-15</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2016:3051:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Een 70-jarige man uit Rijssen is schuldig aan seksueel misbruik van zijn 9-jarige buurmeisje. De rechtbank Overijssel veroordeelt hem tot een celstraf van 20 maanden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar en bijzondere voorwaarden. Daarnaast moet de man een schadevergoeding betalen van 2.617,24 euro.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2016:3051:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">Rechtbank Overijssel</bridgehead>
    <para>Afdeling Strafrecht </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Almelo</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer (P): 08/770236-15   </para>
      <para>Datum vonnis: 19 juli 2016   </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis (promis) op tegenspraak van de rechtbank Overijssel, meervoudige kamer voor strafzaken, rechtdoende in de zaak van de officier van justitie tegen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum 1] 1945 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende in [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van </para>
      <para>5 juli 2016. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. C.Y. Huang en van hetgeen door de verdachte en diens raadsvrouw mr. L.V.S. Cassese, advocaat te Almelo, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer (primair) dat verdachte seksueel is binnengedrongen bij een persoon beneden de leeftijd van twaalf jaren, dan wel (subsidiair) ontucht heeft gepleegd met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voluit luidt de tenlastelegging aan de verdachte, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 januari 2009</para>
      <para>tot en met 31 december 2009 te Rijssen, gemeente Rijssen-Holten, met [slachtoffer]</para>
      <para> (geboren [geboortedatum 2] 1999), die toen de leeftijd van twaalf jaren nog</para>
      <para>niet had bereikt, (telkens) een of meer handeling(en) heeft gepleegd, die</para>
      <para>bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het</para>
      <para>lichaam van die [slachtoffer] , hebbende verdachte één of meermalen:</para>
    </parablock>
    <para>- tussen de schaamlippen en/of de vagina van die [slachtoffer] gelikt en/of</para>
    <para>- zijn vinger(s) in de vagina en/of tussen de schaamlippen van die [slachtoffer]</para>
    <para>geduwd/gebracht;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>ALTHANS, voor zover voor het vorenstaande onder 1 geen veroordeling mocht of zou</para>
      <para>kunnen volgen, SUBSIDIAIR, terzake dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 januari 2009</para>
      <para>tot en met 31 december 2009 te Rijssen, gemeente Rijssen-Holten, met [slachtoffer]</para>
      <para> (geboren [geboortedatum 2] 1999), die toen de leeftijd van zestien jaren</para>
      <para>nog niet had bereikt, buiten echt, (telkens) een of meer ontuchtige</para>
      <para>handeling(en) heeft gepleegd, bestaande uit, het één of meermalen:</para>
    </parablock>
    <para>- tussen de schaamlippen en/of aan/langs de vagina van die [slachtoffer] likken en/of</para>
    <para>- duwen/brengen van zijn, verdachtes, zijn vinger(s) in de vagina en/of tussen</para>
    <para>de schaamlippen van die [slachtoffer] ;</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering van de officier van justitie</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor het primair tenlastegelegde feit wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 30 maanden waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren en oplegging van de bijzondere voorwaarden die zijn opgenomen in het rapport van de reclassering van 16 maart 2016. </para>
      <para>Verder heeft de officier van justitie geconcludeerd tot toewijzing van de vordering van de benadeelde partij met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) en de wettelijke rente.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in haar vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De vaststaande feiten</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De onderstaande feiten volgen rechtstreeks uit de bewijsmiddelen en hebben bij de behandeling van de zaak niet ter discussie gestaan. Het vaststellen van deze feiten behoeft daarom geen andere motivering door de rechtbank dan een verwijzing naar de betreffende bewijsmiddelen<footnote-ref linkend="_f79ef81a-5412-4ebc-9bd8-e4b49245e47b" />.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft in de periode van 1 januari 2009 tot en met 31 december 2009 te Rijssen, gemeente Rijssen-Holten, met [slachtoffer] (geboren [geboortedatum 2] 1999), die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, handelingen gepleegd die bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , hebbende verdachte meermalen tussen de schaamlippen en/of de vagina van die [slachtoffer] gelikt. <footnote-ref linkend="_9d6252ae-c9d6-4a3f-8abb-f18fa77753a5" />, <footnote-ref linkend="_d2e6e10d-3432-4d67-924c-04d9c2c0d597" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De standpunten van de officier van justitie en de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht, op basis van verdachtes verklaring, de verklaring van [slachtoffer] en die van haar vader, bewezen dat verdachte, naast het door verdachte erkende likken tussen de schaamlippen en/of vagina van die [slachtoffer] , eveneens bewezen dat verdachte met zijn vingers in de vagina van [slachtoffer] is geweest.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsvrouw acht voor het brengen van de vingers in de vagina van [slachtoffer] onvoldoende bewijs aanwezig en concludeert tot vrijspraak van dit onderdeel van de tenlastelegging. Het likken tussen de schaamlippen van [slachtoffer] door verdachte kan volgens de raadsvrouw bewezenverklaard worden.    </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beoordeling van het bewijs</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het duwen/brengen van verdachtes vinger(s) in de vagina en/of tussen de schaamlippen van [slachtoffer]</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 16 juli 2015 is [slachtoffer] verhoord door de politie. Op de door de verbalisanten gestelde vragen (V), antwoordt [slachtoffer] (A) zakelijk weergegeven, als volgt.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>V: Wat weet je nog van de eerste keer ?</para>
        <para>A: (…) Ik weet nog dat hij mij heeft gevingerd. (…) Hij deed dan mijn broek uit en toen ging hij mij vingeren en ook beffen. Het was vaak een combinatie van vingeren en beffen.</para>
        <para>(…)</para>
        <para>A: Dan deed hij mijn broek omlaag (...) Dan ging hij bezig met vingeren en beffen. </para>
        <para>V: Wat is vingeren ?</para>
        <para>A: Hij ging met zijn vingers in mijn vagina. Ik voelde dat hij met zijn vingers in mijn vagina heen en weer ging. Het deed best wel pijn. </para>
        <para>V: Wat deed jij dan ?</para>
        <para>A: Ik durfde niets te zeggen. Hij zei dan wel tegen mij dat als hij mij pijn deed, ik het moest zeggen (…) Hij waste na die tijd zijn handen.<footnote-ref linkend="_acb29516-1b47-49b9-84c7-15474ab41454" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 11 september 2015 is de vader [vader slachtoffer] , als getuige gehoord. Hij heeft, zakelijk weergegeven, als volgt verklaard.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ik kwam op haar kamer en [slachtoffer] zei tegen mij: “Ik moet je iets ergs vertellen” Ik zag dat [slachtoffer] in tranen was. Ze vertelde mij toen dat ze seksueel misbruikt was door de buurman [verdachte] . [slachtoffer] vertelde dat de buurman met zijn vingers tussen haar benen was geweest en haar gelikt had. <footnote-ref linkend="_b698cd26-df68-4b95-a090-79b5efc5b43c" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Bewijsoverweging</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank is, anders dan de verdediging, van oordeel dat voldaan is aan het bewijsminimum zoals dat is verwoord in artikel 342 lid 2 Sv. De belastende verklaring vindt namelijk steun in andere bewijsmiddelen, waaronder in ieder geval de verklaring van verdachte dat hij ontucht heeft gepleegd met [slachtoffer] . In zoverre wordt de verklaring van [slachtoffer]  voldoende ondersteund door bewijs dat niet is afgeleid van [slachtoffer] ’s eigen verklaring. Daarnaast vindt de verklaring van [slachtoffer] steun in de de auditu verklaring van haar vader.</para>
        <para>De rechtbank acht de verklaring van [slachtoffer] bovendien betrouwbaar - onder meer gelet op details die deels ondersteuning vinden in de verklaring van verdachte - en consistent in het licht van wat ze haar vader en vriend verteld heeft. De belastende verklaring van [slachtoffer] , dat verdachte zijn vingers in haar vagina heeft gebracht, is dus ingebed in een concrete context en wordt ondersteund door andere bewijsmiddelen. De rechtbank komt dus ook voor wat betreft het brengen/duwen van de vingers in de vagina en/of tussen de schaamlippen van [slachtoffer] tot een bewezenverklaring.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De conclusie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is door de inhoud van de wettige bewijsmiddelen tot de overtuiging gekomen, dat de verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat: </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>hij in de periode van 1 januari 2009 tot en met 31 december 2009 te Rijssen, gemeente Rijssen-Holten, met [slachtoffer] (geboren [geboortedatum 2] 1999), die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , hebbende verdachte meermalen:</para>
      </parablock>
      <para>- tussen de schaamlippen en/of de vagina van die [slachtoffer] gelikt en/of</para>
      <para>- zijn vinger(s) in de vagina en/of tussen de schaamlippen van die [slachtoffer]</para>
      <para>geduwd/gebracht.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft de eventueel in de tenlastelegging voorkomende schrijffouten verbeterd in de bewezenverklaring. Verdachte wordt hierdoor niet in zijn verdediging geschaad. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen wat aan de verdachte primair meer of anders is tenlastegelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde is strafbaar gesteld bij artikel 244 Sr. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">primair</emphasis>
      </para>
      <para>het misdrijf: met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De strafbaarheid van de verdachte <?linebreak?></title>
    <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor de bewezenverklaarde feiten.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De op te leggen straf of maatregel</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>8.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De gronden voor een straf of maatregel</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van de verdachte zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. Ook neemt de rechtbank de volgende factoren in aanmerking. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft zich gedurende een aantal maanden schuldig gemaakt aan seksueel misbruik van zijn 9-jarige buurmeisje [slachtoffer] . Dat seksueel misbruik bestond uit het seksueel binnendringen bij [slachtoffer] . [slachtoffer] kwam graag bij verdachte en zijn echtgenote over de vloer. </para>
        <para>Verdachte heeft niet alleen het vertrouwen van [slachtoffer] , maar ook dat van haar ouders, op grove wijze beschaamd. Verdachte heeft misbruik gemaakt van dat vertrouwen en [slachtoffer] in zijn woning, een plek waar zij zich veilig mocht voelen, misbruikt. Verdachtes verklaring dat hij de feiten niet pleegde ter bevrediging van zijn eigen lustgevoelens, maar ten genoegen van [slachtoffer] , die volgens zijn zeggen genoot van hetgeen verdachte bij haar deed, acht de rechtbank zeer kwalijk en verontrustend en getuigt niet van inzicht in het strafbare van zijn handelen. Het behoeft geen betoog dat de handelwijze van verdachte als uiterst verwerpelijk moet worden gekwalificeerd en een grote beschadigende invloed op [slachtoffer] heeft gehad en nog heeft. Met zijn handelen heeft verdachte ernstig inbreuk gemaakt op haar psychische en lichamelijke integriteit. Het is een feit van algemene bekendheid dat seksueel misbruik van minderjarigen tot ernstige psychische schade kan leiden. Dat heeft niet alleen te maken met geschonden vertrouwen in volwassenen, maar ook met een verstoring van de eigen seksuele ontwikkeling. Uit de door de moeder van [slachtoffer] voorgelezen slachtofferverklaring blijkt dat [slachtoffer] inmiddels die te verwachten nadelige gevolgen van het misbruik door verdachte ondervindt. Dat de maatschappij met gevoelens van afschuw en verontwaardiging reageert op het plegen van seksuele handelingen met jonge slachtoffers geeft te meer aan hoe afkeurenswaardig seksueel misbruik van kinderen wordt geacht.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank dient bij het bepalen van de strafmaat anderzijds rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Uit het uittreksel uit het Justitieel Documentatieregister van 7 juni 2016 blijkt dat verdachte niet eerder ter zake strafbare feiten is veroordeeld.</para>
        <para>De reclassering heeft op 16 maart 2016 over verdachte gerapporteerd. Daaruit blijkt onder andere dat het gebeuren op verdachte en zijn omgeving een behoorlijke impact heeft en verdachte zich enorm schaamt voor de door hem gepleegde feiten. Verder wordt vermeld dat verdachte door hetgeen er is gebeurd min of meer in een sociaal isolement is geraakt. Voor het overige merkt de reclassering op dat een toezicht noodzakelijk is en het risico op schade voor mensen in verdachtes omgeving niet uitgesloten kan worden, zolang verdachte geen diagnostiek heeft ondergaan en eventueel behandeld is.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank overweegt dat, gelet op de ernst van de feiten en het hierop gestelde strafmaximum, in zaken waarin feiten als de onderhavige aan de orde zijn niet met een andere straf kan worden volstaan dan met het opleggen van een (deels) onvoorwaardelijke vrijheidsbenemende straf. Verder vindt de rechtbank het van groot belang dat recidive wordt voorkomen. Al deze omstandigheden afwegende acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van twintig maanden passend en geboden. Om recidive te voorkomen en te bewerkstellingen dat verdachte de na te melden bijzondere voorwaarden zal nakomen zal de rechtbank van deze gevangenisstraf een gedeelte van tien maanden voorwaardelijk opleggen. Aan dit voorwaardelijk deel zal de rechtbank de door de reclassering geadviseerde voorwaarden koppelen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>De schade van benadeelden</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>9.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De vordering van de benadeelde partij</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          [slachtoffer] , wonende te [adres] , heeft zich voorafgaand aan het onderzoek op de zitting, op de wettelijk voorgeschreven wijze als benadeelde partij gevoegd in dit strafproces. De benadeelde partij vordert veroordeling van de verdachte tot betaling van in totaal</para>
        <para>€ 3.354,94, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop de schade is veroorzaakt.  Deze schade bestaat uit de volgende posten:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>reiskosten naar politiebureau Almelo en officier van justitie 	         €       18,24;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>verlofuren vader voor begeleiding [slachtoffer] (10 uren a €13,67 bruto p/u)  €     136,70; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>immateriële schade                   					          €  3.200,00.	 </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>Ook heeft de benadeelde partij gevraagd de schadevergoedingsmaatregel op te leggen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Naar het oordeel van de rechtbank is de benadeelde partij in haar vordering ontvankelijk en is de vordering deels gegrond. Door de gebezigde bewijsmiddelen en de behandeling op de terechtzitting is komen vast te staan dat de verdachte door het bewezenverklaarde  rechtstreeks schade heeft toegebracht aan het slachtoffer. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Materiële kosten</emphasis>
        </para>
        <para>De opgevoerde schadeposten zijn niet betwist met dien verstande dat de verdediging, wat betreft de gevorderde verlofuren, vraagtekens plaatst bij de hoogte van het uurloon.</para>
        <para>De rechtbank zal bij het bepalen van de hoogte van dit bedrag, anders dan benadeelde, uitgaan van een netto uurloon van € 9,90, hetgeen neerkomt op (10 uren a € 9,90) € 99,--.  </para>
        <para>Aldus zal de rechtbank de materiele kosten toewijzen tot een totaalbedrag van € 117,24.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Immateriële schade </emphasis>
        </para>
        <para>De gevorderde immateriële schade acht de rechtbank deels toewijsbaar. De rechtbank overweegt dat, gelet op het verhandelde ter terechtzitting en de inhoud van het procesdossier, voldoende vaststaat dat [slachtoffer] immateriële schade heeft geleden. De rechtbank zal de vordering tot vergoeding van de immateriële schade matigen en naar billijkheid begroten op een bedrag van € 2.500,--    </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank zal het gevorderde daarom toewijzen tot een bedrag van € 2.617,24, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum waarop de vordering is ingediend, te weten 23 februari 2016. Daarnaast zal de rechtbank verdachte veroordelen tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt of zal maken voor rechtsbijstand en de executie van dit vonnis.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Met betrekking tot het meer gevorderde zal de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren. De benadeelde partij kan haar vordering in zoverre slechts aanbrengen bij de burgerlijke rechter.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>9.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank zal hierbij de maatregel als bedoeld in art. 36f Sr opleggen, aangezien de verdachte jegens het slachtoffer naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door de feiten is toegebracht.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>De toegepaste wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De hierna te nemen beslissing berust op de hiervoor genoemde wetsartikelen. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 24a, 27, 36f en 57 Sr.<?linebreak?></para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>11</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">vrijspraak/bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart bewezen, dat verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart niet bewezen wat aan verdachte primair meer of anders is tenlastegelegd en spreekt hem daarvan vrij;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart dat het bewezenverklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:<?linebreak?><emphasis role="italic">met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd;</emphasis></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart verdachte strafbaar voor het onder primair bewezenverklaarde;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf voor de duur van twintig (20) maanden, waarvan tien (10) maanden voorwaardelijk </emphasis>met een<emphasis role="bold"> proeftijd van twee jaar</emphasis>;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat het voorwaardelijke deel van de straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast:<?linebreak?>- omdat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit;<?linebreak?>- omdat de veroordeelde ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of omdat de veroordeelde geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden; </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>- omdat de veroordeelde geen medewerking aan het reclasseringstoezicht als bedoeld in artikel 14d, tweede lid, Sr heeft verleend, medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen; </para>
    <para>- omdat de veroordeelde tijdens de proeftijd de bijzondere voorwaarde(n) niet heeft nageleefd;</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>stelt als <emphasis role="bold">bijzondere voorwaarde</emphasis> dat de veroordeelde zich na ingang van de proeftijd  zal melden bij de reclassering, Molenstraat 50 te Enschede en zich gedurende de proeftijd zal blijven melden bij deze instelling, zo frequent en zo lang die instelling dat noodzakelijk acht;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>stelt als <emphasis role="bold">bijzondere voorwaarde</emphasis> dat de veroordeelde zich zal onderwerpen aan een diagnostiekonderzoek door de polikliniek Transfore en zich, indien zulks geadviseerd wordt, zal laten behandelen bij genoemde polikliniek of soortgelijke ambulante forensische zorg, zulks ter beoordeling van de reclassering, waarbij veroordeelde zich zal houden aan de aanwijzingen die veroordeelde in het kader van die behandeling door of namens de instelling/behandelaar zullen worden gegeven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>stelt als <emphasis role="bold">bijzondere voorwaarde</emphasis> dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd zal gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen die worden gegeven door of namens de Reclassering Nederland;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>draagt deze reclasseringsinstelling op om toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden; </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat de tijd die de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">schadevergoeding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer] , voornoemd  van een bedrag van € 2.617,24 te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 23 februari 2016;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelt de verdachte daarnaast in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, alsook in de kosten van betekening van dit vonnis, de in verband met de tenuitvoerlegging van dit vonnis nog te maken kosten en de kosten vallende op de invordering;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>legt de <emphasis role="bold">maatregel</emphasis> op dat veroordeelde verplicht is ter zake van de bewezen verklaarde feiten tot <emphasis role="bold">betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 2.617,24</emphasis>, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 23 februari 2016, ten behoeve van de benadeelde, met bevel, voor het geval dat volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt, dat vervangende hechtenis voor de tijd van 36 dagen zal worden toegepast;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat dit bedrag mag worden voldaan in tien termijnen van één maand;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat als veroordeelde heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van bedoeld bedrag daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij het bedrag te betalen, komt te vervallen, en andersom, als veroordeelde aan de benadeelde partij het verschuldigde bedrag heeft betaald, dat daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van dat bedrag komt te vervallen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat de benadeelde partij voor een deel van € 737,70 niet-ontvankelijk is in haar vordering en dat de benadeelde partij de vordering voor dat deel slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.   </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Y. Cenik, voorzitter, mr. G.J. Stoové en mr. C.C.S. Koppes, rechters, in tegenwoordigheid van P.G.M. Klaassen, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 19 juli 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_f79ef81a-5412-4ebc-9bd8-e4b49245e47b" label="1">
    <para> Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit bladzijden uit het dossier van de regiopolitie Oost-Nederland met nummer PL0600-2015309208 van 27 oktober 2015. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9d6252ae-c9d6-4a3f-8abb-f18fa77753a5" label="2">
    <para> Het proces-verbaal van de terechtzitting van 5 juli 2016, inhoudende de bekennende verklaring van verdachte. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_d2e6e10d-3432-4d67-924c-04d9c2c0d597" label="3">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van aangeefster [slachtoffer] van 16 juli 2015, pagina’s 34 t/m 36.  </para>
  </footnote>
  <footnote id="_acb29516-1b47-49b9-84c7-15474ab41454" label="4">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van aangeefster [slachtoffer] van 16 juli 2015, pagina’s 34 en 35. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_b698cd26-df68-4b95-a090-79b5efc5b43c" label="5">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van de getuige [vader slachtoffer] van 11 september 2015, pagina 50.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>