<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2016:2171</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-06-23T09:52:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-06-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-06-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">186793 / KG RK 16-434</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#wraking">Wraking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Almelo</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2016:2171">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2016:2171</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-06-23T09:52:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-06-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2016:2171 Rechtbank Overijssel , 08-06-2016 / 186793 / KG RK 16-434</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2016:2171:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Wraking. Verzoek afgewezen i.v.m. ontbreken onderbouwing.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2016:2171:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="1ac9a2a5-d74a-40a4-9d41-bc0b1f55daa1" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="c29b297a-3a21-4b68-9462-6104afcaa51a" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>beslissing</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wrakingskamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Almelo</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rekestnummer: 186793 / KG RK 16-434</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beslissing van 8 juni 2016 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker] ,</emphasis>
      </para>
      <para>verzoeker tot wraking,</para>
      <para>verder ook te noemen verzoeker,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>strekkende tot wraking van mr. S.M.M. Bordenga, in zijn hoedanigheid van politierechter in deze rechtbank, verder ook te noemen: de politierechter.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Op 19 mei 2016 is verzoeker als verdachte verschenen ter terechtzitting van de politierechter. Tijdens de terechtzitting heeft verzoeker de politierechter gewraakt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Het van de wraking opgemaakte proces-verbaal wraking, dat kort na de zitting is opgemaakt, vermeldt onder meer:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">… heeft verdachte bij gelegenheid van het laatste woord een wrakingsverzoek gedaan.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Op vragen van de politierechter heeft verzoeker alle feiten en omstandigheden die tot het wrakingsverzoek hebben geleid opgegeven, te weten, zakelijk weergegeven:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">U bent bevooroordeeld.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Op vragen van de politierechter om specifieker te zijn in zijn feiten en omstandigheden die hebben geleid tot het wrakingsverzoek, heeft verzoeker opgegeven, zakelijk weergegeven:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">U bent bevooroordeeld.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De politierechter schorst daarop het onderzoek ter terechtzitting…</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De politierechter heeft niet berust in de wraking en heeft op 25 mei 2016 schriftelijk gereageerd op het wrakingsverzoek.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <parablock>
        <para>Het wrakingsverzoek van verzoeker is op 1 juni 2016 in het openbaar behandeld. Bij de mondelinge behandeling is [verzoeker] niet verschenen.</para>
        <para>De officier van justitie in de strafzaak, mr. De Valk, is ter zitting verschenen.</para>
        <para>De politierechter heeft reeds in zijn schriftelijke reactie d.d. 25 mei 2016 laten weten niet aanwezig te zullen zijn bij de behandeling van het verzoek, tenzij de wrakingskamer dat noodzakelijk acht.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5.</nr>
      <para>De uitspraak is bepaald op heden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het wrakingsverzoek </title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Gelet op het proces-verbaal van wraking en het (volledige) proces-verbaal van de zitting d.d. 19 mei 2016 heeft verzoeker de politierechter gewraakt en in dat verband aangevoerd dat de politierechter bevooroordeeld is.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het standpunt van de politierechter</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De politierechter heeft niet in de wraking berust. Hij heeft onder meer het volgende aangevoerd:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verzoeker legt aan zijn verzoek ten grondslag dat ik als politierechter bevooroordeeld ben.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ik bestrijd deze stelling van verzoeker en ik constateer dat hij, ook nadat hij daar door mij ter zitting meermalen om is gevraagd ten behoeve van het “proces-verbaal wrakingsverzoek”, geen concrete feiten en omstandigheden aanvoert die een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het standpunt dat ik jegens hem een vooringenomenheid koester, dan wel dat de (kennelijk) bij verzoeker op dat punt gerezen twijfel objectief gerechtvaardigd is.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>4.	Ter zitting is gehoord de officier van justitie mr. De Valk, die onder meer heeft  opgemerkt dat het wrakingsverzoek uit het niets kwam, dat het niet werd ondersteund door de raadsvrouw van verzoeker in de hoofdzaak en dat het verzoek door verzoeker ook later niet werd gemotiveerd.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Een rechter kan worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.</para>
        <para>Uitgangspunt daarbij is dat de rechter uit hoofde van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich een uitzonderlijke omstandigheid voordoet, die een zwaarwegende aanwijzing oplevert voor het oordeel dat een rechter jegens een partij bij een geding een vooringenomenheid koestert. De vrees dat dit het geval zal zijn, dient objectief gerechtvaardigd te zijn. Dat betekent dat sprake moet zijn van concrete feiten en omstandigheden waaruit objectief de vrees voor partijdigheid van de rechter kan worden afgeleid. </para>
        <para>Daarnaast kan er onder omstandigheden reden zijn voor wraking, indien - geheel afgezien van de persoonlijke opstelling van de rechter in de hoofdzaak - de bij een partij bestaande vrees voor partijdigheid van die rechter objectief gerechtvaardigd is, waarbij rekening moet worden gehouden met uiterlijke schijn.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>Een wrakingsverzoek dient gemotiveerd te zijn (art. 513 lid 2 Sv.): de verzoekende partij dient opgave te doen van de feiten en omstandigheden die het vermoeden wettigen dat de rechter bij de behandeling van de zaak niet onpartijdig of niet onafhankelijk zal zijn. Verzoeker heeft dergelijke feiten en omstandigheden niet gesteld. De enkele opmerking van verzoeker dat hij vindt dat de politierechter bevooroordeeld is, is zonder nadere onderbouwing ontoereikend. Het wrakingsverzoek is door hem niet onderbouwd, niet ter zitting bij de politierechter en niet tijdens de mondelinge behandeling van het onderhavige verzoek. Verzoeker zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard nu het verzoek niet voldoet aan de daaraan te stellen motiveringseisen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank (de wrakingskamer):</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het wrakingsverzoek.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is gegeven door mrs. G.A. Versteeg, A.E. Zweers en C. Verdoold, in tegenwoordigheid van de griffier mr. W. Nijkamp en in het openbaar uitgesproken op </para>
      <para>8 juni 2016. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>