<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOBR:2026:1237</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-09T10:23:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Oost-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Oost-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-03-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">01/399884/24</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>PS-Updates.nl 2026-0131</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2026:1237">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2026:1237</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-27T13:58:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-03-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOBR:2026:1237 Rechtbank Oost-Brabant , 03-03-2026 / 01/399884/24</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOBR:2026:1237:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van een aanslag op een woning waarbij de bewoonster haar benen kwijt is geraakt. Hij heeft de opdracht de aanslag te plegen doorgeschoven naar zijn medeverdachte en wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 jaren. Ook moet hij de leden van het getroffen gezin een schadevergoeding betalen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOBR:2026:1237:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <inlinemediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="c9d20b3e-cb15-41a4-9fbb-255334703621" depth="2" width="13" format="image/png" />
      </imageobject>
    </inlinemediaobject>
    <inlinemediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="720962e5-3c30-49fd-807e-66ca2e82a2ba" depth="2" width="523" format="image/png" />
      </imageobject>
    </inlinemediaobject>vonnis</para>
  <section>
    <title>RECHTBANK OOST-BRABANT</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie 's-Hertogenbosch</para>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 01.399884.24</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 3 maart 2026</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verdachte] ,</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [1968] ,</para>
      <para>wonende te [adres 1] ,</para>
      <para>thans gedetineerd te: [plaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 7 maart 2025, 23 mei 2025, 19 augustus 2025, 4 september 2025, 17 november 2025, 22 en 26 januari 2026 en 20 februari 2026. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen van de zijde van verdachte naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De tenlastelegging.</title>
    <para>De zaak is aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 30 januari 2025. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nadat de tenlastelegging op de terechtzitting van 23 mei 2025 is gewijzigd is aan verdachte ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van feit 1 primair:<?linebreak?><emphasis role="italic">hij op of omstreeks 16 november 2024 te Nieuwkuijk (gemeente</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">Heusden) en/of te ‘s-Hertogenbosch, in elk geval in Nederland,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s)</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voorgenomen misdrijf om</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">een of meer bewoners van de woning gelegen aan de [adres 2]</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic"> opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade van het leven te</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">beroven,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- een voorwerp, houdende een explosieve stof, heeft geplaatst en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">aangebracht en/of laten plaatsen of aanbrengen op, tegen en/of in de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">nabijheid van de voordeur van voormelde woning en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- (vervolgens) dit voorwerp, houdende een explosieve stof, tot</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">ontbranding of ontploffing heeft gebracht en/of laten brengen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">ten gevolge waarvan een explosie ontstond (terwijl de bewoners van</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voornoemde woning in die woning aanwezig waren)</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van feit 1 subsidiair: <?linebreak?><emphasis role="italic">[medeverdachte 1] op of omstreeks 16 november 2024 te Nieuwkuijk (gemeente</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">Heusden), in elk geval in Nederland,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">ter uitvoering van het door die [medeverdachte 1] en/of zijn mededader(s)</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voorgenomen misdrijf om</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">een of meer bewoners van de woning gelegen aan de [adres 2]</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic"> opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade van het leven te</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">beroven,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- een voorwerp, houdende een explosieve stof, heeft geplaatst en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">aangebracht en/of laten plaatsen of aanbrengenop, tegen en/of in de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">nabijheid van de voordeur van voormelde woning en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- (vervolgens) dit voorwerp, houdende een explosieve stof, tot</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">ontbranding of ontploffing heeft gebracht en/of laten brengen</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">ten gevolge waarvan een explosie ontstond (terwijl de bewoners van</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voornoemde woning in die woning aanwezig waren)</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">welk hiervoor omschreven feit verdachte,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">in of omstreeks de periode van 18 oktober 2024 tot en met 16 november</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">2024 te ’s-Hertogenbosch en/of Nieuwkuijk, althans in Nederland,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">opzettelijk heeft/hebben uitgelokt door giften en/of beloften en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">misbruik van gezag en/of geweld en/of bedreiging en/of misleiding</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">en/of door het verschaffen van gelegenheid en/of middelen en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">inlichtingen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">namelijk door</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- die [medeverdachte 1] te benaderen en/of aan die [medeverdachte 1] een hoeveelheid</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">geld in het vooruitzicht te stellen en/of te betalen voor het uitvoeren van</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voornoemde brandstichting en/of ontploffing en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- met die [medeverdachte 1] en/of een of meer anderen afspraken te maken over</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">de locatie en/of tijdstippen voor voornoemde brandstichting en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">ontploffing en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- met die [medeverdachte 1] en/of een of meer anderen een of meer</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voorverkenningen van/nabij de woning gelegen aan de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">[adres 2] te Nieuwkuijk te verrichten en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- aan die [medeverdachte 1] een voorwerp houdende een explosieve stof en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">handschoenen te verstrekken;</emphasis><?linebreak?></para>
      <para>Ten aanzien van feit 1 meer subsidiair: <?linebreak?><emphasis role="italic">hij op of omstreeks 16 november 2024 te Nieuwkuijk (gemeente</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">Heusden) en/of te ‘s-Hertogenbosch, in elk geval in Nederland,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">aan [slachtoffer 1] opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">zwaar lichamelijk letsel,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">te weten meerdere complexe beenbreuken (onder meer een</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">beenamputatie tot gevolg hebbend) heeft toegebracht, door een</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voorwerp houdende een explosieve stof tot ontploffing te (laten)</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">brengen op/tegen de voordeur, althans in de directe nabijheid, van de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">woning gelegen op/aan de [adres 2] , waarin die [slachtoffer 1] zich</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">bevond;</emphasis><?linebreak?></para>
      <para>T.a.v. feit 1 meest subsidiair:<?linebreak?><emphasis role="italic">[medeverdachte 1] op of omstreeks 16 november 2024 te Nieuwkuijk (gemeente</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">Heusden) in elk geval in Nederland,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">aan [slachtoffer 1] opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">zwaar lichamelijk letsel, te weten meerdere complexe beenbreuken</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">(onder meer een beenamputatie tot gevolg hebbend) heeft toegebracht,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">door een voorwerp houdende een explosieve stof tot ontploffing te</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">(laten) brengen op/tegen de voordeur, althans in de directe nabijheid,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">van de woning gelegen op/aan de [adres 2] , waarin die</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">[slachtoffer 1] zich bevond;</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">welk hiervoor omschreven feit verdachte,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">in of omstreeks de periode van 18 oktober 2024 tot en met 16 november</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">2024 te ’s-Hertogenbosch en/of Nieuwkuijk, althans in Nederland,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">opzettelijk heeft/hebben uitgelokt door giften en/of beloften en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">misbruik van gezag en/of geweld en/of bedreiging en/of misleiding</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">en/of door het verschaffen van gelegenheid en/of middelen en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">inlichtingen</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">namelijk door</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- die [medeverdachte 1] te benaderen en/of aan die [medeverdachte 1] een hoeveelheid</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">geld in het vooruitzicht te stellen en/of te betalen voor het uitvoeren van</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voornoemde brandstichting en/of ontploffing en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- met die [medeverdachte 1] en/of een of meer anderen afspraken te maken over</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">de locatie en/of tijdstippen voor voornoemde brandstichting en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">ontploffing en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- met die [medeverdachte 1] en/of een of meer anderen een of meer</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voorverkenningen van/nabij de woning gelegen aan de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">[adres 2] te Nieuwkuijk te verrichten en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- aan die [medeverdachte 1] een voorwerp houdende een explosieve stof en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">handschoenen te verstrekken;</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van feit 2 primair: <?linebreak?><emphasis role="italic">hij, op of omstreeks 16 november 2024 te Nieuwkuijk, gemeente</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">Heusden en/of te ‘s-Hertogenbosch, althans in Nederland,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">opzettelijk een ontploffing teweeg heeft gebracht door</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">een voorwerp houdende een explosieve stof op/tegen de voordeur,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">althans in de directe nabijheid, van de woning gelegen op/aan de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">[adres 2] te (laten) plaatsen en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voornoemd voorwerp houdende een explosieve stof tot</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">ontbranding/ontploffing te (laten) brengen, terwijl daarvan</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- gemeen gevaar voor goederen, te weten voornoemde woning en/of de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">inboedel en/of zich in nabijheid van die woning bevindende objecten</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">en/of omliggende woningen en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">te weten de bewoners van voornoemde woning en/of zich in de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">nabijheid van die woning bevindende personen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">te duchten was;</emphasis><?linebreak?></para>
      <para>Ten aanzien van feit 2 subsidiair: <?linebreak?><emphasis role="italic">[medeverdachte 1] op of omstreeks 16 november 2024 te Nieuwkuijk, gemeente</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">Heusden , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">meer anderen, althans alleen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">opzettelijk een ontploffing teweeg heeft gebracht door</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">een voorwerp houdende een explosieve stof op/tegen de voordeur,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">althans in de directe nabijheid, van de woning gelegen op/aan de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">[adres 2] te plaatsen en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voornoemd voorwerp houdende een explosieve stof tot</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">ontbranding/ontploffing te brengen, terwijl daarvan</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- gemeen gevaar voor goederen, te weten voornoemde woning en/of de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">inboedel en/of zich in nabijheid van die woning bevindende objecten</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">en/of omliggende woningen en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">te weten de bewoners van voornoemde woning en/of zich in de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">nabijheid van die woning bevindende personen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">te duchten was</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">welk hiervoor omschreven feit verdachte,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">in of omstreeks de periode van 18 oktober 2024 tot en met 16 november</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">2024 te ’s-Hertogenbosch en/of Nieuwkuijk, althans in Nederland,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">opzettelijk heeft/hebben uitgelokt door giften en/of beloften en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">misbruik van gezag en/of geweld en/of bedreiging en/of misleiding</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">en/of door het verschaffen van gelegenheid en/of middelen en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">inlichtingen</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">namelijk door</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- die [medeverdachte 1] te benaderen en/of aan die [medeverdachte 1] een hoeveelheid</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">geld in het vooruitzicht te stellen en/of te betalen voor het uitvoeren van</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voornoemde brandstichting en/of ontploffing en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- met die [medeverdachte 1] en/of een of meer anderen afspraken te maken over</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">de locatie en/of tijdstippen voor voornoemde brandstichting en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">ontploffing en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- met die [medeverdachte 1] en/of een of meer anderen een of meer</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">voorverkenningen van/nabij de woning gelegen aan de</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">[adres 2] te Nieuwkuijk te verrichten en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">- aan die [medeverdachte 1] een voorwerp houdende een explosieve stof en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">handschoenen te verstrekken.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De formele voorvragen.</title>
    <parablock>
      <para>Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding geldig is. De rechtbank is bevoegd van het ten laste gelegde kennis te nemen en de officier van justitie kan in de vervolging worden ontvangen. Voorts zijn er geen gronden gebleken voor schorsing van de vervolging.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">De waardering van het bewijs. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie.</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van feit 2 primair (medeplegen van het teweegbrengen van een ontploffing met levensgevaar en gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander en gemeen gevaar voor goederen) en feit 1 primair (medeplegen van poging tot moord). </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging.</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw van verdachte heeft verzocht verdachte integraal vrij te spreken van feit 1 omdat opzet niet kan worden bewezen. Er was geen sprake van een aanmerkelijke kans op de dood of zwaar lichamelijk letsel en verdachte heeft de kans op dergelijke gevolgen ook niet aanvaard. <?linebreak?></para>
      <para>Ook voor feit 2 heeft de raadsvrouw vrijspraak bepleit.</para>
      <para>Een voldoende nauwe en bewuste samenwerking, nodig voor het bewijs van medeplegen, is niet komen vast te staan. Ook kan het handelen van verdachte niet worden gekwalificeerd als strafbare uitlokking. </para>
      <para>Mocht de rechtbank voorgaande verweren passeren, dan wordt verzocht verdachte partieel vrij te spreken van het te duchten levensgevaar. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het oordeel van de rechtbank.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewijsbijlage. </emphasis>
      </para>
      <para>Omwille van de leesbaarheid van de overwegingen, wordt voor wat betreft de door de rechtbank gebruikte bewijsmiddelen verwezen naar de uitwerking daarvan in de bijlage.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewijsverweren.</emphasis>
      </para>
      <para>Ter terechtzitting heeft de verdediging een aantal verweren gevoerd. Voor zover de rechtbank hierna niet op die verweren zal responderen, heeft de rechtbank die verweren als bewijsverweren aangemerkt. Die verweren vinden hun weerlegging in de inhoud van de bewijsmiddelen die de rechtbank heeft gebruikt en zoals die in de bij dit vonnis behorende bewijsbijlage zijn opgenomen. Er zijn geen feiten en omstandigheden aangevoerd die de rechtbank doen twijfelen aan de betrouwbaarheid en bruikbaarheid van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feitenvaststelling. </emphasis>
      </para>
      <para>Op basis van de door de rechtbank gebruikte bewijsmiddelen stelt de rechtbank de volgende feiten vast.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte [medeverdachte 1] heeft op 16 november 2024 omstreeks 02.42 uur een explosief met honderd tot enkele honderden grammen flitspoeder tegen de voordeur van de woning aan de [adres 2] te Nieuwkuijk geplaatst en aangestoken. De bewoonster van de woning, [slachtoffer 1] , kwam, gealarmeerd door een sissend en fluitend geluid, naar beneden. Terwijl zij achter de voordeur in de hal stond, kwam het explosief tot ontploffing. Ten gevolge van de ontploffing is zij zeer ernstig gewond geraakt aan haar benen. </para>
      <para>In de woning waren naast [slachtoffer 1] ook haar partner [slachtoffer 2] en hun kinderen [slachtoffer 3] en [slachtoffer 4] aanwezig. [slachtoffer 2] heeft door de explosie gehoorschade opgelopen. Ook de woning is zwaar beschadigd geraakt ten gevolge van de explosie. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Betrokkenheid van de verdachten.</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van de bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte [medeverdachte 2] de opdracht tot het plaatsen van een explosief bij de woning heeft gegeven aan verdachte [verdachte] . </para>
      <para>
        <?linebreak?>Verdachte [verdachte] heeft de opdracht aangenomen en heeft met verdachte [medeverdachte 2] een voorverkenning gedaan. Verdachte [medeverdachte 2] heeft aan verdachte [verdachte] drie vergelijkbare explosieven geleverd waarvan er één is gebruikt. Verdachte [verdachte] zag direct dat dit niet ging om cobra’s, zoals eerder besproken met verdachte [medeverdachte 2] , maar om veel zwaardere explosieven. Verdachte [verdachte] wilde zelf niet een dergelijk zwaar explosief gebruiken maar heeft vervolgens wel verdachte [medeverdachte 1] benaderd met de vraag of hij de opdracht wilde uitvoeren. [medeverdachte 1] heeft de opdracht aangenomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte] en [medeverdachte 1] hebben vervolgens op 6 november 2024 (nogmaals) een voorverkenning gedaan. </para>
      <para>Tijdens deze voorverkenning hebben [verdachte] en [medeverdachte 2] uitgelegd bij welke woning [medeverdachte 1] het explosief moest plaatsen. Hierbij is uitdrukkelijk gezegd dat het bij de woning met huisnummer [adres 1] moest gebeuren. [verdachte] heeft de woning ook aan [medeverdachte 1] aangewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte [medeverdachte 2] heeft bepaald op welke dag het explosief zou moeten worden geplaatst. Hij heeft het explosief en handschoenen geregeld en naar de woning van [verdachte] gebracht. Ook heeft hij 300 euro in contanten en een halve gram cocaïne naar de woning van [verdachte] gebracht als beloning voor [medeverdachte 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte [medeverdachte 1] is in de nacht van 15 op 16 november 2024 naar de woning van verdachte [verdachte] gegaan waar verdachte [verdachte] aan hem één van de door verdachte [medeverdachte 2] geleverde explosieven heeft overhandigd. Op aanraden van verdachte [verdachte] - die daartoe geïnstrueerd was door verdachte [medeverdachte 2] – heeft verdachte [medeverdachte 1] zijn telefoon in de woning van verdachte [verdachte] achtergelaten. Vervolgens is verdachte [medeverdachte 1] op de fiets naar de [adres 2] in Nieuwkuijk gegaan. Daar heeft hij het explosief tegen de voordeur geplaatst en tot ontploffing gebracht. Daarna is hij weer teruggefietst naar de woning van verdachte [verdachte] en heeft daar nog enige tijd verbleven. <?linebreak?></para>
      <para>In de dagen na het plegen van het delict heeft verdachte [medeverdachte 2] verdachte [verdachte] geïnstrueerd aan verdachte [medeverdachte 1] een andere jas te geven. Verdachte [verdachte] heeft dit vervolgens gedaan. De jas van verdachte [medeverdachte 1] heeft verdachte [medeverdachte 2] meegenomen en weggemaakt. Ook de twee niet gebruikte explosieven die nog bij verdachte [verdachte] lagen, heeft verdachte [medeverdachte 2] na de aanslag weer opgehaald.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Medeplegen. </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank stelt voorop dat de betrokkenheid bij een strafbaar feit als medeplegen bewezen kan worden verklaard wanneer is komen vast te staan dat bij het begaan daarvan sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking met een of meer anderen. De samenwerking is daarbij belangrijker dan wie welke feitelijke handelingen heeft verricht. Om tot de conclusie te komen dat er sprake is van medeplegen, moet de verdachte een intellectuele en/of materiële bijdrage hebben geleverd die van voldoende gewicht is. Die bijdrage kan tijdens het delict plaatsvinden, maar ook daarvoor of daarna. Bij de beoordeling of daaraan is voldaan, kan rekening worden gehouden met de intensiteit van de samenwerking, de onderlinge taakverdeling, de rol in de voorbereiding, de uitvoering of de afhandeling van het delict en het belang van de rol van de verdachte, zijn aanwezigheid op belangrijke momenten en het zich niet terugtrekken op een daartoe geëigend tijdstip. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van de hiervoor weergegeven, door de rechtbank vastgestelde feiten, is de rechtbank van oordeel dat er sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking tussen de drie verdachten, gericht op het tot ontploffing brengen van een zwaar explosief voor de voordeur van de woning aan de [adres 2] te Nieuwkuijk. Ieder van de verdachten leverde hierbij een intellectuele en/of materiële bijdrage van voldoende gewicht aan het delict.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte [medeverdachte 1] heeft het explosief geplaatst en tot ontploffing gebracht. Hij heeft daarmee het delict feitelijk begaan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte [medeverdachte 2] is de initiator en opdrachtgever en heeft de benodigde spullen en de beloning voor verdachte [medeverdachte 1] geregeld. Ook was hij nauw betrokken bij de voorbereiding van het delict en bij het wegmaken van sporen naderhand.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte [verdachte] heeft gefungeerd als tussenpersoon en heeft verdachte [medeverdachte 1] geregeld voor het daadwerkelijk uitvoeren van de opdracht van verdachte [medeverdachte 2] . Ook verdachte [verdachte] is intensief bij de voorbereiding van het delict en bij het wegmaken van sporen betrokken geweest.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewezenverklaring van feit 2 primair. </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank acht het onder feit 2 primair ten laste gelegde medeplegen van het opzettelijk veroorzaken van een ontploffing, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander te duchten is, wettig en overtuigend bewezen.<?linebreak?></para>
      <para>Op grond van de bewijsmiddelen kan worden bewezen dat het handelen van de verdachten levensgevaar en gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander en gemeen gevaar voor goederen heeft veroorzaakt. Dit gevaar heeft zich in dit geval ook verwezenlijkt. Bewoonster [slachtoffer 1] is zwaargewond geraakt en er is aanzienlijke schade toegebracht aan de woning.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewezenverklaring feit 1 primair.</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank acht ook het ten laste gelegde medeplegen van poging tot moord op de bewoners van de woning aan de [adres 2] te Nieuwkuijk wettig en overtuigend bewezen en overweegt daartoe als volgt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Opzet op de dood.</emphasis>
      </para>
      <para>Voor een bewezenverklaring van poging tot moord/doodslag is vereist dat de dader opzet heeft gehad op het gevolg, namelijk de dood van één of meer personen, conform de tenlastelegging de bewoners van de [adres 2] te Nieuwkuijk.</para>
      <para>Niet bewezen kan worden dat het daadwerkelijk de bedoeling was van een van de verdachten om de bewoners van de [adres 2] te Nieuwkuijk van het leven te beroven. Daarvoor bevat het dossier geen bewijs. Van boos opzet is dus geen sprake. Echter, opzet omvat ook het zogenaamde ‘voorwaardelijk opzet’. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Juridisch kader voorwaardelijk opzet.</emphasis>
      </para>
      <para>Van voorwaardelijk opzet is sprake wanneer het handelen van de verdachten een aanmerkelijke kans op een bepaald gevolg – in dit geval de dood van een of meer bewoners van de woning – teweeg heeft gebracht, verdachten zich bewust waren van die aanmerkelijke kans en die kans ook hebben aanvaard.</para>
      <para>De beantwoording van de vraag of een gedraging de aanmerkelijke kans op een bepaald gevolg in het leven roept, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Daarbij komt vooral betekenis toe aan de aard van de gedraging en de omstandigheden waaronder deze gedraging is verricht. Het zal in alle gevallen moeten gaan om een kans die naar algemene ervaringsregels aanmerkelijk is te [slachtoffer 1] . Daaronder dient te worden verstaan de in de gegeven omstandigheden reële, niet onwaarschijnlijke mogelijkheid.<?linebreak?> dat het gevolg zal intreden. </para>
      <para>Voor de vraag of er sprake is van bewuste aanvaarding van zo’n kans heeft te gelden dat uit de enkele omstandigheid dat de verdachte wetenschap heeft van de aanmerkelijke kans dat het gevolg zal intreden, niet zonder meer kan volgen dat hij de aanmerkelijke kans op het gevolg bewust heeft aanvaard. Echter, bepaalde gedragingen kunnen naar hun uiterlijke verschijningsvorm worden aangemerkt als zozeer gericht op een bepaald gevolg, dat het – behoudens contra-indicaties – niet anders kan zijn dan dat de verdachte de aanmerkelijke kans op het betreffende gevolg bewust heeft aanvaard.<?linebreak?></para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Aanmerkelijke kans.</emphasis>
      </para>
      <para>Vaststaat dat de explosie ontzettend krachtig is geweest en met een grote drukgolf gepaard is gegaan. Het explosief is tegen de voordeur van de woning geplaatst hetgeen een immens risico veroorzaakte voor een ieder die zich in de nabijheid van die deur zou bevinden. <?linebreak?></para>
      <para>Dat de explosie een verwoestend effect heeft gehad, blijkt uit de ontstane schade aan de woning en het door [slachtoffer 1] opgelopen letsel. Een stuk hout uit de voordeur is met enorme kracht door de hal gevlogen en dwars door de toiletdeur gegaan.</para>
      <para>
        <?linebreak?>Gelet op het rapport explosievenonderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut, heeft de constructie honderd tot enkele honderden grammen flitspoeder bevat en was daarmee veel krachtiger dan bijvoorbeeld een Cobra 6. De in het explosief aanwezige fluitsas diende als effect- en voorlading en de op de camerabeelden waar te nemen fluittoon was na ontsteking duidelijk hoorbaar gedurende ongeveer 16 seconden.<?linebreak?></para>
      <para>Op het moment van de explosie waren vier mensen in de woning aanwezig. De kans dat één of meer van hen, gealarmeerd door de duidelijk hoorbare fluittoon en het licht dat zichtbaar was na het aansteken van de lont, poolshoogte zouden gaan nemen en zich naar de plek waar het geluid en het licht vandaan kwam, zouden begeven, is aanzienlijk. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In de gegeven omstandigheden was daarom naar het oordeel van de rechtbank sprake van een reële en niet onwaarschijnlijke mogelijkheid dat door het tegen de voordeur plaatsen en aansteken van dit specifieke explosief één of meer van de bewoners van de woning zouden komen te overlijden ten gevolge van de impact van de daarop volgende explosie.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wetenschap en aanvaarding van de aanmerkelijke kans.</emphasis>
      </para>
      <para>Alle drie de verdachten hebben het gebruikte explosief gedurende langere tijd onder zich gehad en hebben dus heel duidelijk kunnen zien hoe het eruitzag en welke afmetingen het had. Verder hebben verdachten kunnen voelen welk gewicht het had. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte [medeverdachte 2] heeft het explosief geleverd zodat hij geacht wordt bekend te zijn met de kracht en de werking ervan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor verdachte [verdachte] was het blijkens zijn eigen verklaring ook direct duidelijk dat het een zeer zwaar explosief was en in de verste verte geen Cobra.</para>
      <para>Hij wist wat voor gevolgen het kon hebben wanneer zo’n explosief ontploft. Hij heeft zijn handen om die reden van de uitvoering afgetrokken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ook verdachte [medeverdachte 1] heeft, ondanks zijn beperkte intellectuele vermogens, naar het oordeel van de rechtbank beseft dat hij met een zwaar explosief te maken had. Hij heeft het zelf beschreven als een klein model schoenendoos met een lange lont van 10 tot 15 centimeter eraan. Dit is zo afwijkend van de uiterlijke kenmerken van normaal vuurwerk, ook de zwaardere varianten zoals cobra’s, dat verdachte [medeverdachte 1] moet hebben geweten dat hij met een zwaar explosief te maken had.<?linebreak?></para>
      <para>Dat verdachten de aanmerkelijke kans op de dood van de bewoners van de woning bewust hebben aanvaard blijkt naar het oordeel van de rechtbank vooral uit het feit dat alle drie de verdachten, wetende dat zij te maken hadden met een zwaar en verwoestend explosief, er ieder voor zich bewust voor hebben gekozen om het plan door te zetten en het explosief bij de woning te plaatsen / te laten plaatsen zonder enige voorzorgsmaatregel te nemen om potentieel dodelijk letsel voor de bewoners te voorkomen.</para>
      <para>Verdachte [medeverdachte 1] heeft het explosief geplaatst en aangestoken en ervoor gekozen om het direct tegen de voordeur aan te zetten. Hij had het explosief ook verder weg kunnen leggen, maar heeft dat niet gedaan. Verdachten [medeverdachte 2] en [verdachte] hebben verdachte [medeverdachte 1] , een verstandelijk beperkte, kwetsbare en beïnvloedbare man, op pad gestuurd met een levensgevaarlijk explosief zonder enige verdere uitleg over of toezicht op de uitvoering. Niemand heeft voorafgaand aan of ten tijde van het plaatsen van het explosief gecontroleerd of er mensen in de woning aanwezig zouden zijn op het moment dat het explosief zou afgaan.</para>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is hiermee sprake van een volstrekt onverschillige houding van de verdachten ten aanzien van de gevolgen van hun handelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Conclusie:</para>
      <para>Alle verdachten hadden voorwaardelijk opzet op de dood van de bewoners van de woning aan de [adres 2] in Nieuwkuijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorbedachte raad.</emphasis>
        <?linebreak?>Het handelen van verdachten was georganiseerd en planmatig.<?linebreak?>Er is sprake van een behoorlijk tijdsverloop tussen het geven en bespreken van de opdracht en de uitvoering daarvan.</para>
      <para>Op 6 november 2024 heeft een voorverkenning door verdachten plaatsgevonden. <?linebreak?>Ieder van de verdachten heeft meer dan voldoende gelegenheid gehad om na te denken over de betekenis en de gevolgen van de voorgenomen daad. Er was voor elk van de verdachten ook voldoende tijd en gelegenheid om zich terug te trekken. De verdachten zijn echter doorgegaan met hun gezamenlijke plan en hebben dat op 16 november 2024 ten uitvoer gelegd. Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de ten laste gelegde voorbedachte raad wettig en overtuigend bewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewezenverklaring van feit 1 primair.</emphasis>
      </para>
      <para>Het voorgaande maakt dat het onder 1 primair ten laste gelegde medeplegen van poging tot moord wettig en overtuigend bewezen zal worden verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Samenloop.</emphasis>
      </para>
      <para>Er is sprake van eendaadse samenloop tussen feit 1 primair en feit 2. Verdachten hebben één strafbaar feit gepleegd waarop in dit geval twee strafbepalingen uit het Wetboek van Strafrecht van toepassing zijn. Bij het bepalen van de straf zal de rechtbank, gelet op artikel 55 van het Wetboek van Strafrecht, de strafbepaling met de zwaarste strafbedreiging toepassen. Dat is in dit geval artikel 289 van het Wetboek van Strafrecht (moord).</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De bewezenverklaring.</title>
    <para>Op grond van de feiten en omstandigheden die zijn vervat in de bewijsmiddelen en hetgeen daarover is overwogen, komt de rechtbank tot het oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van feit 1 primair:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">op 16 november 2024 te Nieuwkuijk, gemeente Heusden, tezamen en in vereniging met anderen, ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededaders voorgenomen misdrijf om een of meer bewoners van de woning gelegen aan de [adres 2] opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven te beroven,</emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">- een voorwerp, houdende een explosieve stof, heeft geplaatst tegen de voordeur van</emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">voormelde woning en </emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">- vervolgens dit voorwerp, houdende een explosieve stof, tot ontbranding en ontploffing heeft gebracht, ten gevolge waarvan een explosie ontstond (terwijl de bewoners van</emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">voornoemde woning in die woning aanwezig waren), terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van feit 2 primair:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">op 16 november 2024 te Nieuwkuijk, gemeente Heusden, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk een ontploffing teweeg heeft gebracht door een voorwerp, houdende een explosieve stof, tegen de voordeur van de woning gelegen aan de [adres 2] te plaatsen en voornoemd voorwerp, houdende een explosieve stof, tot ontbranding/ontploffing te brengen, terwijl daarvan</emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">- gemeen gevaar voor goederen, te weten voornoemde woning en de inboedel en zich in nabijheid van die woning bevindende objecten en</emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">- levensgevaar en gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander, te weten de bewoners van voornoemde woning te duchten was.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De strafbaarheid van het feit.</title>
    <para>Het bewezen verklaarde levert op de in de uitspraak vermelde strafbare feiten.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De strafbaarheid van verdachte.</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Psychische overmacht.</emphasis>
      </para>
      <para>Namens verdachte is een beroep gedaan op psychische overmacht en is ontslag van alle rechtsvervolging bepleit. Verdachte stelt geen andere keuze te hebben gehad dan verdachte [medeverdachte 1] te regelen voor de klus omdat verdachte [medeverdachte 2] hem onder druk zette, bedreigde en hij vreesde voor zijn veiligheid en die van zijn dierbaren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt als volgt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op basis van het dossier en het onderzoek ter terechtzitting zijn de aan het verweer ten grondslag gelegde feiten en omstandigheden niet aannemelijk geworden. De rechtbank verwerpt het beroep op psychische overmacht omdat niet aannemelijk is geworden dat sprake is geweest van een van buiten komende drang waaraan verdachte redelijkerwijze geen weerstand kon en ook niet behoefde te bieden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn ook overigens geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. Verdachte is daarom strafbaar voor hetgeen bewezen is verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Oplegging van straf en/of maatregel.</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De eis van de officier van justitie.</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd verdachte te veroordelen tot een gevangenisstraf van twaalf jaar met aftrek van voorarrest en oplegging van de vrijheidsbeperkende maatregel ex artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht in de vorm van een gebiedsverbod voor de [adres 2] met een straal van 500 meter (met uitzondering van de A59) en daarbij te bepalen dat er op iedere overtreding twee weken hechtenis staat, met een maximum van zes maanden, voor de duur van vijf jaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging.</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw van verdachte heeft – in geval van een bewezenverklaring – verzocht acht te slaan op de persoonlijke omstandigheden van verdachte, het reclasseringsadvies en aangehaalde jurisprudentie. Zij heeft verzocht een lagere straf op te leggen dan door de ofiicer van justitie geëist.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het oordeel van de rechtbank.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Algemeen. </emphasis>
      </para>
      <para>Bij de beslissing over de straf die aan verdachte dient te worden opgelegd, heeft de rechtbank gelet op de aard en de ernst van het bewezen verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan. Bij de beoordeling van de ernst van de door verdachte gepleegde strafbare feiten betrekt de rechtbank het wettelijke strafmaximum en de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd. Daarnaast houdt de rechtbank bij de strafbepaling rekening met de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Aard en ernst van de feiten. </emphasis>
      </para>
      <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van een aanslag op een woning. Verdachte [medeverdachte 2] heeft verdachte de opdracht gegeven om een zwaar explosief bij de woning te laten ontploffen. Verdachte heeft geweigerd dit zelf te doen maar heeft wel verdachte [medeverdachte 1] hiervoor geregeld. [medeverdachte 1] heeft de opdracht vervolgens uitgevoerd tegen een vergoeding van 300 euro en een halve gram cocaïne.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De aanslag heeft zeer ernstige gevolgen gehad voor de bewoners van de [adres 2] in Nieuwkuijk. Het leven van het gezin, bestaande uit vader, moeder, zoon en dochter, is letterlijk in één klap drastisch veranderd en totaal op zijn kop gezet.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [slachtoffer 1] (moeder) is zwaargewond geraakt ten gevolge van de ontploffing. Zij heeft zeer zwaar beenletsel opgelopen. Zij zal hierdoor levenslang ernstig beperkt blijven in haar mobiliteit. Haar verwondingen waren levensbedreigend en zij heeft doodsangsten uitgestaan.<?linebreak?>Ze heeft het aan het adequate handelen van haar gezin en het professionele optreden van de hulpverleners te danken dat ze het incident heeft overleefd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [slachtoffer 2] (vader) heeft zijn vrouw zwaargewond aangetroffen en vreesde dat zij het niet zou overleven. [slachtoffer 2] heeft gehoorschade opgelopen en kampt tot op de dag van vandaag met tinnitusklachten.</para>
      <para>Ook de kinderen [slachtoffer 3] en [slachtoffer 4] , beiden jonge tieners, hebben hun moeder zeer zwaar gewond in de hal van de woning zien liggen en vreesden dat zij dood zou gaan. <?linebreak?></para>
      <para>Het hele gezin is door de explosie en de gevolgen daarvan in een nachtmerrie beland. Naast het fysieke letsel van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , hebben alle gezinsleden te kampen met ernstige psychische klachten. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] hadden allebei al vele jaren een goede en stabiele baan. Zij zijn allebei arbeidsongeschikt geraakt en tot op heden niet in staat om weer aan het arbeidsproces deel te nemen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Rol van verdachte.</emphasis>
      </para>
      <para>Verdachte heeft de opdracht van [medeverdachte 2] in eerste instantie zelf aangenomen maar toen hij besefte dat het te gebruiken explosief veel zwaarder en gevaarlijker was dan de cobra waar het in eerste instantie over ging, heeft hij geweigerd de opdracht zelf uit te voeren. </para>
      <para>De rechtbank vindt het onbegrijpelijk en neemt het verdachte in hoge mate kwalijk dat hij vervolgens, terwijl hij wist hoe gevaarlijk het explosief was, de opdracht heeft ‘doorgeschoven’ naar verdachte [medeverdachte 1] . Verdachte kende [medeverdachte 1] al langer en wist van zijn verstandelijke beperking, drugsverslaving, kwetsbaarheid en beïnvloedbaarheid. Dit was voor verdachte ook juist de reden om [medeverdachte 1] te vragen. ‘Een gemakkelijke prooi’ aldus verdachte zelf in zijn verklaring. Verdachte is verder actief betrokken geweest bij de voorbereiding, het faciliteren en de afhandeling van het delict.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Houding van verdachte. </emphasis>
      </para>
      <para>Verdachte heeft in eerste instantie elke betrokkenheid ontkend. Uiteindelijk heeft hij in zijn politieverhoren openheid van zaken gegeven en uitgebreid verklaard over zijn eigen betrokkenheid en die van de medeverdachten bij het gepleegde delict. Hoewel verdachte nog steeds niet helemaal lijkt in te zien dat hij een zeer belangrijke rol heeft gespeeld bij het gepleegde delict, heeft hij ter zitting wel zijn medeleven met de slachtoffers betoond en excuses aangeboden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Maatschappelijke impact.</emphasis>
      </para>
      <para>Het gepleegde feit heeft, mede gelet op de zeer ernstige gevolgen voor de slachtoffers, geleid tot gevoelens van woede, angst en onrust in de maatschappij. </para>
      <para>Deze zaak kan worden beschouwd als één van de treurige dieptepunten in de maatschappelijke trend van de laatste jaren, waarbij mensen in het kader van allerlei uiteenlopende conflicten zware explosieven laten ontploffen in of bij woningen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> <emphasis role="underline">Strafblad</emphasis></para>
    <para>De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 20 januari 2025, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.</para>
    <para />
    <para> <emphasis role="underline">Rapportages</emphasis></para>
    <parablock>
      <para>De reclassering van [naam] heeft op 13 januari 2026 over verdachte gerapporteerd. Er zijn zorgen over verdachte op het gebied van huisvesting, sociaal netwerk, zijn psychosociaal functioneren en zijn houding. Hoewel verdachte aangeeft een zeer beperkt sociaal netwerk te onderhouden, ziet de reclassering zijn sociaal netwerk als delictgerelateerd. Verdachte onderhield geregeld contact met (één van) de medeverdachten, waarvan hij weet zou hebben gehad dat hij criminaliteit niet schuwde. In gesprek bespeuren zij een berekenende houding. Verdachte zegt gemotiveerd te zijn voor hulpverlening, maar blijkt enkel concreet een hulpvraag te hebben op het gebied van huisvesting. </para>
      <para>
        <?linebreak?>Bij een veroordeling wordt een straf zonder bijzondere voorwaarden geadviseerd. De reclassering vindt interventies of toezicht niet passend. Zij zien momenteel geen rol voor de reclassering. Verdachte lijkt prima in staat om zijn zaken te regelen en maakt al jarenlang daarin eigen bewuste keuzes. De reclassering heeft niet de indruk dat interventies vanuit de reclassering invloed zullen hebben op zijn denkpatronen en gedrag. De toekomst moet uitwijzen of betrokkene juiste keuzes maakt.</para>
      <para>Er worden geen contra-indicaties gezien voor het opleggen van een gevangenisstraf.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De straf</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat enkel een langdurige gevangenisstraf recht doet aan de ernst van het gepleegde delict en de gevolgen hiervan voor de slachtoffers.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles afwegende en met inachtneming van hetgeen hierboven is overwogen over de rol en houding van verdachte, acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 12 jaar, met aftrek van de tijd die verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht, passend en geboden.<?linebreak?>De tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat aan verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend als bedoeld in artikel 6:2:10 van het Wetboek van Strafvordering. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Geen maatregel op grond van artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht.</emphasis>
      </para>
      <para>Door de officier van justitie is ook verzocht de vrijheidsbeperkende maatregel ex artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht op te leggen. Omdat de maatregel directe ingaat en voor maximaal vijf jaar kan worden opgelegd, ziet de rechtbank – gelet op de op te leggen straf – geen aanleiding tot oplegging van deze maatregel.<?linebreak?></para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De vordering van de benadeelde partijen [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] , [slachtoffer 3] en [slachtoffer 4] . </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie.</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank wat betreft de toewijzing van de door familie [achternaam] ingediende vordering(en). </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging.</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw van verdachte heeft, gelet op het primaire standpunt van de verdediging om verdachte integraal vrij te spreken, verzocht de vordering af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren. Mocht de rechtbank daaraan voorbij gaan, wordt bepleit dat de vordering een te grote belasting van het strafgeding oplevert en wordt verzocht de vordering niet te beoordelen, maar dit aan de civiele rechter over te laten. Mocht de rechtbank wel tot een inhoudelijke beoordeling overgaan, laat de verdediging zich slechts uit over de schadeposten die door de verdediging nadrukkelijk worden betwist. Ten aanzien van de posten waartegen geen verweer wordt gevoerd, refereert de verdediging zich aan het oordeel van de rechtbank. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [slachtoffer 1]
        </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para> Immateriële schade</para>
    <para>De verdediging heeft verzocht de verhoging van 25% vanwege de hoge schuldgradatie af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren, subsidiair te matigen. Ook wordt verzocht de vorderingen namens het rechter- en linkerbeen te matigen nu onvoldoende is onderbouwd door de raadsvrouw waarom de bedragen aan de bovengrens van de Rotterdamse schaal zijn vastgesteld, terwijl ook ruimte is om deze schade aan de ondergrens van die schaal vast te stellen: € 67.000,- respectievelijk € 66.000,-</para>
    <para />
    <para> PTSS</para>
    <para>Verzocht wordt de gevraagde verhoging af te wijzen, niet-ontvankelijk te verklaren, dan wel te matigen. Daarnaast kunnen lichamelijke en psychische schade weliswaar feitelijk tegelijk bestaan en elkaar versterken, maar deze kunnen niet leiden tot aparte immateriële vergoedingen en kunnen dus ook niet leiden tot cumulatieve vorderingen / schadeposten naast elkaar. Dat zou leiden tot een dubbele vergoeding voor dezelfde rechtsfiguur. Verzocht wordt de post af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren. </para>
    <para />
    <para> WMO</para>
    <para>De verdediging heeft verzocht het primair gevorderde af te wijzen dan wel niet-ontvankelijk te verklaren omdat de schade nog niet is geleden en het onzeker en speculatief is dat de wetswijziging van kracht wordt. De verdediging refereert zich aan de hoogte van de subsidiair gevorderde post.</para>
    <para />
    <para> Overige schadeposten</para>
    <parablock>
      <para>De verdediging heeft verzocht de gevorderde kosten voor de aanbouw af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren omdat het onduidelijk is hoe deze kosten zich verhouden tot de WMO-financiering.</para>
      <para>Verzocht wordt de schade met betrekking tot de boot af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren omdat de schadepost in een te ver verband staat van het ten laste gelegde. Meer subsidiair wordt verzocht gebruik te maken van de schattingsbevoegdheid. Daarnaast wordt gevraagd het liggeld niet toe te wijzen nu deze kosten al gemaakt zouden worden door benadeelde.</para>
      <para>Met betrekking tot de persoonlijke benodigdheden verzoekt de verdediging de</para>
      <para>vordering te matigen ten aanzien van het afscheid aan kledingstukken. De verdediging</para>
      <para>ziet onvoldoende verband nu dit geen schade betreft, de kleding is immers niet</para>
      <para>beschadigd doch wordt niet meer gedragen. </para>
      <para>Met betrekking tot de post vervoer verzoekt de verdediging de posten autobelasting en autoverzekering af te wijzen/niet-ontvankelijk te verklaren. Deze posten staan in een te ver</para>
      <para>verwijderd verband van het ten laste gelegde. De kosten zouden sowieso zijn gemaakt,</para>
      <para>ook als dit voorval niet zou zijn gebeurd.</para>
      <para>Voorts wordt gevraagd de post wasvergoeding te matigen nu niet voor de verdediging blijkt waardoor de was niet door [slachtoffer 2] of overige gezinsleden gedaan kon worden. Het is ook niet duidelijk hoe deze post zich verhoudt tot de schadepost huishoudelijke hulp.</para>
      <para>Voor de begrote eigen bijdrage 2026 wordt gevraagd deze af te wijzen dan wel</para>
      <para>niet-ontvankelijk te verklaren. Dit is schade die thans nog niet is geleden en aldus</para>
      <para>mogelijke toekomstige schade betreft.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [slachtoffer 2]
        </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para> Verlies arbeidsvermogen</para>
    <para>De verdediging verzocht de verhoging van de vordering met € 300.000,- af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren. Deze toekomstige schadepost is onvoldoende onderbouwd noch concreet nu er nog geen medische eindstand bekend is. Wat betreft de vordering van € 4.751,- refereert de verdediging zich aan het oordeel van de rechtbank. </para>
    <para />
    <para> Tinnitus en verhoging</para>
    <parablock>
      <para>Verzocht wordt de verhoging van 25% af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren. De gevorderde schade betreft een bedrag aan de bovengrens van de Rotterdamse </para>
      <para>Schaal waarvan de verdediging niet kan vaststellen waarom niet een lager bedrag</para>
      <para>passend is. Uit de aanvullende stukken en de vervolgevaluatie is gebleken dat zijn</para>
      <para>hersenen het geluid van tinnitus opnieuw zouden kunnen verwerken en [slachtoffer 2] hier ook</para>
      <para>bepaalde vaardigheden in heeft aangeleerd. Daarbij blijkt uit de bijlagen dat sprake is van</para>
      <para>een licht gehoorverlies. Vast staat dat de winst van het behandeltraject niet duidelijk is op</para>
      <para>het moment van indiening van de vordering. Nu dit onduidelijk is gebleven wordt verzocht</para>
      <para>de post te matigen tot een bedrag van € 20.000,-<emphasis role="bold">. </emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <para> Eigen bijdrage 2026</para>
    <para>Verzocht wordt de post af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren nu de schade thans nog niet is geleden en aldus mogelijke toekomstige schade betreft.</para>
    <para />
    <para> PTSS</para>
    <para>Verzocht wordt de verhoging van 25% af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren, dan wel te matigen. De lichamelijke en psychische schadeposten kunnen weliswaar feitelijk tegelijk bestaan en elkaar versterken, maar deze kunnen niet leiden tot aparte immateriële vergoedingen en kunnen dus ook niet leiden tot cumulatieve vorderingen naast elkaar. Dat zou leiden tot een dubbele vergoeding voor dezelfde rechtsfiguur. Verzocht wordt de aparte post PTSS af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren. </para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para> Shockschade</para>
    <para>Voor de verdediging is het lastig om de causale verbanden te onderscheiden met betrekking tot de gevorderde vergoeding voor PTSS en affectieschade. De verdediging verzoekt daarom de vordering af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren, dan wel fors te matigen nu het uitzoeken daarvan een onevenredige belasting van het strafproces zou opleveren.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [slachtoffer 3]
        </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para> Immateriële schade</para>
    <para>Verzocht wordt de gevraagde verhoging van 25% af te wijzen, niet-ontvankelijk te verklaren, dan wel te matigen. Voor de verdediging is het lastig om de causale verbanden te onderscheiden met betrekking tot de gevorderde vergoeding voor PTSS en affectieschade nu volgens de bijlagen ook sprake lijkt te zijn van overlap. In de productie, toelichting psycholoog, wordt de PTSS niet nader toegelicht. Verzocht wordt deze post daardoor, nu het uitzoeken daarvan een onevenredige belasting van het strafproces zou opleveren, af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren dan wel fors te matigen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [slachtoffer 4]
        </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para> Immateriële schade</para>
    <para>Verzocht wordt de gevraagde verhoging van 25% af te wijzen, niet-ontvankelijk te verklaren, dan wel te matigen. Voor de verdediging is het lastig om de causale verbanden te onderscheiden met betrekking tot de gevorderde vergoeding voor PTSS en affectieschade nu volgens de bijlagen ook sprake lijkt te zijn van overlap. In de productie, toelichting psycholoog, wordt de PTSS niet nader toegelicht. Verzocht wordt deze post daardoor, nu het uitzoeken daarvan een onevenredige belasting van het strafproces zou opleveren, af te wijzen, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren dan wel fors te matigen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling.</emphasis>
      </para>
      <para>De beslissing van de rechtbank ten aanzien van elk onderdeel van de vorderingen is in de onderstaande tabel weergegeven. Voor wat betreft de grondslag voor de immateriële schade is de rechtbank van oordeel dat aard en ernst van de normschending meebrengen dat de nadelige gevolgen daarvan voor de benadeelde partij zo voor de hand liggen dat een aantasting in de persoon in de zin van artikel 6:106, aanhef en onder b, van het Burgerlijk Wetboek kan worden aangenomen. Wat betreft de toegewezen vorderingen zal de wettelijke rente vanaf 15 december 2025 (materieel – datum indienen vordering) en 16 november 2024 (immaterieel – datum bewezen verklaarde feiten) worden toegewezen. Tevens wordt oplegging van de schadevergoedingsmaatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht telkens passend en geboden geacht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Niet-ontvankelijkheidsverklaring</emphasis>
      </para>
      <para>Voor zover de rechtbank een van de benadeelde partijen niet-ontvankelijk verklaard in (een gedeelte van) een onderdeel van de vordering, kan de benadeelde partij deze onderdelen van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Proceskosten.</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank zal verdachte voorts telkens veroordelen in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil. </para>
      <para>Verder wordt verdachte veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Hoofdelijkheid.</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank stelt vast dat verdachte de strafbare feiten samen met een anderen heeft gepleegd. Nu verdachte en zijn mededaders samen een onrechtmatige daad hebben gepleegd, zijn zij jegens de benadeelde hoofdelijk aansprakelijk voor de totale schade.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Betalingsverplichting.</emphasis>
      </para>
      <para>Aangezien aan verdachte meer verplichtingen tot vergoeding van dezelfde schade worden opgelegd, zal de rechtbank bepalen dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij komt te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>
                <emphasis role="bold">
                  [slachtoffer 1] </emphasis>
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Ziekenhuis daggeldvergoeding € 1.748,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 1.748,-</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Revalidatiedaggeldvergoeding € 2.337,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 2.337,-</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>
                <emphasis role="italic">Materiële schade € 87.824,61</emphasis>
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>1. Voortuin en camera beveiliging € 2.747,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 2.747,-</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>2. Aanbouw € 15.326,27</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 15.326,27</para>
              <para />
              <para>Toelichting: </para>
              <para>Onder de WMO-financiering vallen enkel de kosten voor de ruwbouw. Het opgevoerde bedrag ziet op de inrichting en aankleding van de aanbouw. De rechtbank acht deze kosten toewijsbaar, als rechtstreeks door de bewezen verklaarde feiten toegebrachte schade.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>3. Boot € 24.259,53</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gedeeltelijke toewijzing € 7798,45,- (afstandsbediening besturing boot). </para>
              <para />
              <para>Toelichting: </para>
              <para>De rechtbank acht deze kosten toewijsbaar, als rechtstreeks door de bewezen verklaarde feiten toegebrachte schade.</para>
              <para />
              <para>De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in het overige gedeelte van de vordering. Van dit gedeelte van de vordering is niet eenvoudig vast te stellen of en in hoeverre deze kosten zijn gemaakt in directe relatie tot het bewezen verklaarde feit en of deze schade zonder meer rechtstreeks door het bewezen verklaard feit is toegebracht, onder meer aangezien de bewijstukken thans ontbreken. Nader onderzoek naar de juistheid en omvang van de hoogte van de vordering (in zoverre) zou een uitgebreide nadere behandeling vereisen. De rechtbank is van oordeel dat de behandeling van (dit deel van) de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>4. Dierenarts € 126,95</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 126,95</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>5. Hockey € 95,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 95,-</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>6. Hulpmiddelen € 4.775,88</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 4.775,88</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>7. Persoonlijke benodigdheden 8.117,37</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gedeeltelijke toewijzing € 6.000,-</para>
              <para />
              <para>Toelichting: </para>
              <para>De rechtbank matigt en schat het toe te wijzen bedrag en zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in het overige gedeelte van de vordering. Van dit gedeelte van de vordering is niet eenvoudig vast te stellen of en in hoeverre deze kosten zijn gemaakt in directe relatie tot het bewezen verklaarde feit en of deze schade zonder meer rechtstreeks door het bewezen verklaard feit is toegebracht, onder meer aangezien de bewijstukken thans ontbreken. Nader onderzoek naar de juistheid en omvang van de hoogte van de vordering (in zoverre) zou een uitgebreide nadere behandeling vereisen. De rechtbank is van oordeel dat de behandeling van (dit deel van) de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>8. Vervoer € 13.228,41</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gedeeltelijke toewijzing € 12.003,11 </para>
              <para />
              <para>Toelichting: </para>
              <para>De rechtbank acht deze kosten toewijsbaar, als rechtstreeks door de bewezen verklaarde feiten toegebrachte schade.</para>
              <para />
              <para>De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in de posten “stilstaan auto belasting” en “stilstaan auto verzekering” omdat deze kosten doorlopen zolang het voertuig niet wordt geschorst en dit te voorkomen was geweest door bij het RDW een melding te maken. In die zin is er geen schade geleden die rechtstreeks door het bewezen verklaarde feit is toegebracht.   </para>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>9. VGZ € 1.855,49</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 1.855,49</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>10. Wasvergoeding € 1.840,50</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Niet-ontvankelijkverklaring</para>
              <para />
              <para>Toelichting:</para>
              <para>De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in dit onderdeel van de vordering. Van dit gedeelte van de vordering is niet eenvoudig vast te stellen of en in hoeverre deze kosten zijn gemaakt in directe relatie tot het bewezen verklaarde feit en of deze schade rechtstreeks door het bewezen verklaard feit is toegebracht, onder meer aangezien de bewijstukken thans ontbreken. Nader onderzoek naar de juistheid en omvang van dit onderdeel van de vordering zou een uitgebreide nadere behandeling vereisen. De rechtbank is van oordeel dat de behandeling van dit onderdeel van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>11. Achtertuin € 9.666,45</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 9.666,45  </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>12. Sauna € 1.834,62</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 1.834,62  </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>13. Laumen expertise € 3.176,25</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 3.176,25 </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>14. Kosten wisselen slaapkamer € 774,89</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 774,89</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Verlies van arbeidsvermogen inclusief pensioenverlies € 295.853,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Niet-ontvankelijkverklaring</para>
              <para />
              <para>Toelichting:</para>
              <para>De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in dit onderdeel van de vordering. Nader onderzoek naar de juistheid en omvang van de vordering zou een uitgebreide nadere behandeling vereisen. De rechtbank is van oordeel dat de behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Huishoudelijke hulp € 29.715,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 29.715,-</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Zelfwerkzaamheid € 15.802,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 15.802,- </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>WMO-kosten aanbouw primair € 104.934,13 en subsidiair € 7.560,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                <emphasis role="italic">Heel zeker dat dit voorstel ingaat. Per 1 2027 treedt het in werking. Nog niet in kamers geweest. Is nog een wetsvoorstel.</emphasis>
              </para>
              <para />
              <para>Gehele toewijzing subsidiair € 7.560,-</para>
              <para />
              <para>Toelichting:</para>
              <para>De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in het primaire gedeelte van de vordering. Ten aanzien van de primaire vordering is het onduidelijk of de schade überhaupt zal intreden, gelet op het feit dat het een wetsvoorstel betreft dat nog in werking is getreden. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Eigen bijdrage orthopedische schoenen € 134,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 134,- </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Eigen risico 2026 € 385,- </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 385,-</para>
              <para />
              <para>Toelichting: </para>
              <para>Het betreft toekomstige schade die vast staat. Zeker is dat het eigen risico in rekening zal worden gebracht, gelet op de psychologische behandeling die in 2026 voortduurt. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Immateriële schadevergoeding € 316.250,</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gedeeltelijke toewijzing € 200.000,-</para>
              <para />
              <para>Toelichting: </para>
              <para>De rechtbank maakt gebruik van haar schattingsbevoegdheid en heeft acht geslagen op de Rotterdamse schaal. De 25% opslag is een aanbeveling en geen vaststaand gegeven. Daarnaast heeft de rechtbank acht geslagen op vergelijkbare zaken, de aard en ernst van het letsel (fysiek en psychisch) en de aard van de aansprakelijkheid meegewogen. </para>
              <para />
              <para>De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in het overige gedeelte van dit onderdeel van de vordering. Nader onderzoek naar de juistheid en omvang van dit onderdeel van de vordering zou een uitgebreide nadere behandeling vereisen. De rechtbank is van oordeel dat de behandeling van dit onderdeel van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>
                <emphasis role="bold">
                  [slachtoffer 2]
                </emphasis>
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Materiële schade € 385 (eigen risico 2026) + 135,37 (factuur Libra) = € 520,37</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 520,37</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Verlies arbeidsvermogen (2 ziektejaren) € 4.751,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gehele toewijzing € 4.751,-</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Toekomstige schade verlies van arbeidsvermogen inclusief pensioenverlies </para>
              <para>€ 300.000,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para> Niet-ontvankelijkverklaring</para>
              <para />
              <para>Toelichting:</para>
              <para>De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in dit onderdeel van de vordering. De post is pro memorie opgevoerd en de schade is nog onzeker omdat het (mogelijke) toekomstige schade betreft. Nader onderzoek naar de juistheid en omvang van de vordering zou een uitgebreide nadere behandeling vereisen. De rechtbank is van oordeel dat de behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Immateriële schade tinnitus € 38.750,-</para>
              <para />
              <para>Immateriële schade PTSS € 25.000,- </para>
              <para />
              <para>Shockschade € 20.000,-</para>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para>Gedeeltelijke toewijzing € 40.000,-</para>
              <para />
              <para>Toelichting: </para>
              <para>De rechtbank waardeert de immaterieel geleden schade ten gevolge van PTSS, tinnitus, shockschade en de overige gevolgen samen. De rechtbank begroot de schade naar billijkheid. De aard van de aansprakelijkheid vindt zijn verhoging in de aard van de opsomming. De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in het overige gedeelte van dit onderdeel van de vordering.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Affectieschade € 17.500,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Toewijzing € 17.500,-</para>
              <para />
              <para>Toelichting:</para>
              <para>Het slachtoffer [slachtoffer 1]  heeft  ernstig en blijvend letsel opgelopen. Als partner (echtgenoot/levensgezel) heeft [slachtoffer 2] om die reden recht op vergoeding van affectieschade. Het toe te wijzen bedrag is forfaitair bepaald.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>
                <emphasis role="bold">
                  [slachtoffer 3]
                </emphasis>
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Immateriële schadevergoeding € 20.000,-</para>
              <para />
              <para>Shockschade € 20.000,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gedeeltelijke toewijzing € 25.000,-</para>
              <para />
              <para>Toelichting: </para>
              <para>De rechtbank waardeert de immaterieel geleden schade ten gevolge van PTSS, shockschade en de overige gevolgen samen. De rechtbank begroot de schade naar billijkheid. De aard van de aansprakelijkheid vindt zijn verhoging in de aard van de opsomming. De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in het overige gedeelte van dit onderdeel van de vordering.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Affectieschade € 17.500,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Toewijzing € 17.500,-</para>
              <para />
              <para>Toelichting:</para>
              <para>De moeder van [slachtoffer 3] , [slachtoffer 1]  , heeft ernstig en blijvend letsel opgelopen. [slachtoffer 3] (minderjarig kind) heeft om die reden recht op vergoeding van affectieschade. Het toe te wijzen bedrag is forfaitair bepaald. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>
                <emphasis role="bold">
                  [slachtoffer 4]
                </emphasis>
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Immateriële schadevergoeding € 20.000,- </para>
              <para />
              <para>Shockschade € 20.000,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Gedeeltelijke toewijzing € 25.000,-</para>
              <para />
              <para>Toelichting: </para>
              <para>De rechtbank waardeert de immaterieel geleden schade ten gevolge van PTSS, shockschade en de overige gevolgen samen. De rechtbank begroot de schade naar billijkheid. De aard van de aansprakelijkheid vindt zijn verhoging in de aard van de opsomming. De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in het overige gedeelte van dit onderdeel van de vordering.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Affectieschade € 17.500,-</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Toewijzing € 17.500,-</para>
              <para />
              <para>Toelichting:</para>
              <para>De moeder van [slachtoffer 4] , [slachtoffer 1]  , heeft ernstig en blijvend letsel opgelopen. [slachtoffer 4] (minderjarig kind) heeft om die reden recht op vergoeding van affectieschade. Het toe te wijzen bedrag is forfaitair bepaald.</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Toepasselijke wetsartikelen.</title>
    <para>De beslissing is gegrond op de artikelen: 36f, 45, 47, 55, 157 en 289 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
  </section>
  <section>
    <title>DE UITSPRAAK</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor is omschreven.</para>
    <para />
    <para>- verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart dat het bewezen verklaarde strafbaar is en de volgende misdrijven oplevert: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1 primair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">medeplegen van poging tot moord,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in eendaadse samenloop gepleegd met</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2 primair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">medeplegen van opzettelijk een ontploffing teweegbrengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar en gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander te duchten is.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- verklaart verdachte hiervoor strafbaar.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafoplegging.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1 primair, feit 2 primair:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para> een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">12 jaren</emphasis> met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Benadeelde partijen. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1 primair, feit 2 primair: </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- legt aan de verdachte op de <emphasis role="bold">verplichting tot betaling aan de Staat</emphasis> ten behoeve van <emphasis role="bold">[slachtoffer 1]</emphasis>, van een bedrag van <emphasis role="bold">323.861,36 euro.</emphasis></para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 365 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voormeld bedrag bestaat uit 123.861,36 euro materiële schade en 200.000,00 euro immateriële schade.</para>
      <para>De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 december 2025 tot aan de dag der algehele voldoening. De vergoeding van immateriële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 november 2024 tot aan de dag der algehele voldoening. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] :</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij gedeeltelijk toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 1] , van een bedrag van 323.861,36 euro, bestaande uit 123.861,36 euro materiële schade en 200.000,00 euro immateriële schade.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 december 2025 tot aan de dag der algehele voldoening. De vergoeding van immateriële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 november 2024 tot aan de dag der algehele voldoening. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat de benadeelde partij in de vordering voor het overige niet-ontvankelijk is en de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat verdachte niet is gehouden tot betaling voor zover het bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald; </para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat indien en voor zover de verdachte en/of zijn mededader(s) aan een van beide betalingsverplichtingen hebben voldaan, de andere vervalt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1 primair, feit 2 primair: </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- legt aan de verdachte op de <emphasis role="bold">verplichting tot betaling aan de Staat</emphasis> ten behoeve van  <emphasis role="bold">[slachtoffer 2]</emphasis>, van een bedrag van <emphasis role="bold">62.771,37 euro.</emphasis></para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 264 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voormeld bedrag bestaat uit 5.271,37 euro materiële schade en 57.500,00 euro immateriële schade.</para>
      <para>De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 december 2025 tot aan de dag der algehele voldoening. De vergoeding van immateriële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 november 2024 tot aan de dag der algehele voldoening. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] :</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij gedeeltelijk toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 2] , van een bedrag van 62.771,37 euro, bestaande uit 5.271,37 euro materiële schade en 57.500,00 euro immateriële schade.</para>
    <para>De vergoeding van materiële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 december 2025 tot aan de dag der algehele voldoening. De vergoeding van immateriële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 november 2024 tot aan de dag der algehele voldoening. </para>
    <para />
    <para>- veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat de benadeelde partij in de vordering voor het overige niet-ontvankelijk is en de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat verdachte niet is gehouden tot betaling voor zover het bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald; </para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat indien en voor zover de verdachte en/of zijn mededader(s) aan een van beide betalingsverplichtingen hebben voldaan, de andere vervalt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1 primair, feit 2 primair: </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- legt aan de verdachte op de <emphasis role="bold">verplichting tot betaling aan de Staat</emphasis> ten behoeve van <emphasis role="bold">[slachtoffer 3]</emphasis>  , van een bedrag van <emphasis role="bold">42.500,00 euro</emphasis>.</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 200 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voormeld bedrag bestaat uit immateriële schade.</para>
      <para>De vergoeding van immateriële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 november 2024 tot aan de dag der algehele voldoening. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3] :</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij gedeeltelijk toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 3] , van een bedrag van 42.500,00 euro, bestaande uit immateriële schade.</para>
    <para>De vergoeding van immateriële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 november 2024 tot aan de dag der algehele voldoening. </para>
    <para />
    <para>- veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat de benadeelde partij in de vordering voor het overige niet-ontvankelijk is en de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;</para>
    <para />
    <para>- verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover het bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald; </para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat indien en voor zover de verdachte en/of zijn mededader(s) aan een van beide betalingsverplichtingen hebben voldaan, de andere vervalt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1 primair, feit 2 primair: </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- legt aan de verdachte op de <emphasis role="bold">verplichting tot betaling aan de Staat</emphasis> ten behoeve van <emphasis role="bold">[slachtoffer 4]</emphasis>, van een bedrag van 42.500,00 euro.</para>
    <para>- bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 200 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voormeld bedrag bestaat uit immateriële schade.</para>
      <para>De vergoeding van immateriële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 november 2024 tot aan de dag der algehele voldoening. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 4] :</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij gedeeltelijk toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 4] , van een bedrag van 42.500,00 euro, bestaande uit immateriële schade.</para>
    <para>De vergoeding van immateriële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 november 2024 tot aan de dag der algehele voldoening. </para>
    <para />
    <para>- veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat de benadeelde partij in de vordering voor het overige niet ontvankelijk is en de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat verdachte niet is gehouden tot betaling voor zover het bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald; </para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat indien en voor zover de verdachte en/of zijn mededader(s) aan een van beide betalingsverplichtingen hebben voldaan, de andere vervalt.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door:</para>
      <para>mr. S.J.W. Hermans, voorzitter,</para>
      <para>mr. E.C.L. Pechaczek en mr. S.H. Schepers, leden,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. N.J.S. Doornbosch, griffier,</para>
      <para>en is uitgesproken op 3 maart 2026.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>