<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOBR:2024:5310</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-11-07T09:36:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-11-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Oost-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Oost-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-03-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">WR 24/004</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#wraking">Wraking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2024:5310">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2024:5310</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-11-07T09:36:29</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-11-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOBR:2024:5310 Rechtbank Oost-Brabant , 01-03-2024 / WR 24/004</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOBR:2024:5310:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>WR 24/004: Wraking. Verzoek niet-ontvankelijk, omdat het verzoek niet voldoet aan de voorwaarden die daaraan worden gesteld, het verzoek niet is ingediend door de verplichte procesvertegenwoordiging of nader hersteld.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOBR:2024:5310:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <inlinemediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="3cb507e0-f57a-4dfd-8f23-5eb78d43d19f" depth="2" width="13" format="image/png" />
      </imageobject>
    </inlinemediaobject>
    <inlinemediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="cc8d4d39-f618-40fd-9a93-3a5c6488e471" depth="2" width="523" format="image/png" />
      </imageobject>
    </inlinemediaobject>beslissing</para>
  <section>
    <title>RECHTBANK Oost-Brabant</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wrakingskamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: WR 24/004</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing van 1 maart 2024</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>van de meervoudige wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek op grond van artikel 36 van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering (Rv)</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verzoeker]
    </title>
    <parablock>
      <para>Wonende te [woonplaats]</para>
      <para>hierna te noemen: verzoeker,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>strekkende tot de wraking van</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>mr. A.A.M. Janssen,</title>
    <parablock>
      <para>rechter in deze rechtbank,</para>
      <para>hierna te noemen: de rechter. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Verzoeker is gedagvaard door [naam] . Deze zaak is bekend onder zaak- en rolnummer C/01/385310 / HA ZA 22-482. De mondelinge behandeling in deze zaak was op 11 januari 2024. Bij aanvang van de mondelinge behandeling heeft verzoeker zijn wrakingsverzoek ingediend. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Met haar brief van 8 februari 2024 heeft de rechtbank verzoeker bericht dat zijn verzoek niet is ondertekend door een advocaat en dat is wel noodzakelijk om het verzoek in behandeling te nemen. Verzoeker is in de gelegenheid gesteld om zijn verzoek alsnog te laten ondertekenen door een advocaat. Hierbij is verzoeker erop gewezen dat zijn wrakingsverzoek mogelijk niet in behandeling wordt genomen als hij niet binnen de gestelde termijn een door een advocaat ondertekend exemplaar van zijn wrakingsverzoek indient. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>In artikel 2, tweede lid, van het wrakingsprotocol van deze rechtbank is bepaald dat in zaken waarin de partij zich verplicht moet laten vertegenwoordigen, zoals in de aan de orde zijnde hoofdzaak, het wrakingsverzoek op straffe van niet-ontvankelijkheid moet worden ingediend door een advocaat.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <parablock>
        <para>Tijdens de zitting van de bodemzaak op 11 januari 2024 heeft verzoeker de rechter gewraakt. In het proces-verbaal van die zitting is het volgende – voor zover hier van belang – opgenomen:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Mr. Voogt: dit verzoek wordt niet gedaan in samenspraak met mij. Ik geef het woord aan mijn cliënt. Het is een specifiek verzoek van hem. Hij heeft zijn keuze gemaakt. Als hij daarvoor een motivatie heeft, dan moet hij dat zelf toelichten.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>En: </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Mr. Voogt: het zijn 12 pagina’s in Word zie ik. Ik hoor u zeggen dat het per e-mail mag naar de griffie. Ik wil wel dat mijn cliënt het zelf e-mailt, omdat het zijn verzoek is.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Na een korte schorsing - om het wrakingsverzoek te kunnen laten printen - heeft verzoeker zijn wrakingsverzoek tijdens de zitting overhandigd.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Met de brief van 8 februari 2024 die per e-mail is verstuurd, is verzoeker meegedeeld dat de wrakingskamer heeft geconstateerd dat het wrakingsverzoek niet door zijn advocaat is ondertekend. De wrakingskamer heeft verzoeker alsnog in de gelegenheid gesteld dit verzuim - uiterlijk voor 15 februari 2024 - te (doen) herstellen. Verzoeker heeft van de hem geboden gelegenheid tot herstel van het verzuim geen gebruik gemaakt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>De wrakingskamer stelt vast dat het wrakingsverzoek niet voldoet aan de voorwaarden die daaraan worden gesteld, omdat het verzoek niet is ingediend door een advocaat. Gelet hierop zal de wrakingskamer verzoeker dan ook niet-ontvankelijk verklaren in zijn wrakingsverzoek. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6</nr>
      <parablock>
        <para>Voor een behandeling van het verzoek ter terechtzitting bestaat geen reden. Het in</para>
        <para>de wet opgenomen recht op een mondelinge behandeling is door de wetgever bedoeld voor</para>
        <para>het debat over de gegrondheid van het verzoek, maar aan dat debat wordt gezien het</para>
        <para>vorenstaande niet toegekomen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De wrakingskamer verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is gegeven door mr. J.O.Y. Elagab, voorzitter, mr. C.T.C. Wijsman en mr. V.R. de Meyere, leden, in tegenwoordigheid van, mr. M.E.A. Schokker-Stadhouders, griffier, en in openbaar uitgesproken op 1 maart 2024. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>de griffier					de voorzitter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open (artikel 39, vijfde lid, Rv).</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>