<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOBR:2024:4201</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-07-31T08:56:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Oost-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Oost-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-09-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">82/192366-22 (ontneming)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>M en R 2024/113 met annotatie van M. Velthuis</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2024:4201">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2024:4201</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-09T11:43:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOBR:2024:4201 Rechtbank Oost-Brabant , 03-09-2024 / 82/192366-22 (ontneming)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOBR:2024:4201:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bij vonnis van 3 september 2024 is veroordeelde veroordeeld omdat hij in 2018 meer fosfaat heeft geproduceerd dan de op zijn bedrijf rustende fosfaatrechten. De rechtbank stelt het daarmee verkregen wederrechtelijk voordeel vast op een bedrag van € 12.477,70 en legt veroordeelde de verplichting op dit bedrag aan de Staat te betalen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOBR:2024:4201:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <inlinemediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="right" scale="100" fileref="026e909d-92b5-4aa0-89b8-5e0a3a212a2c" depth="2" width="13" format="image/png" />
      </imageobject>
    </inlinemediaobject>
    <inlinemediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="left" scale="100" fileref="9e41264c-c29f-46a2-8aea-345442cd5f83" depth="2" width="523" format="image/png" />
      </imageobject>
    </inlinemediaobject>vonnis</para>
  <section>
    <title>RECHTBANK OOST-BRABANT</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats 's-Hertogenbosch</para>
      <para>Team Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 82.192366.22 (ontneming)</para>
      <para>Datum uitspraak: 03 september 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, meervoudige economische kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verdachte] ,</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [1970] ,</para>
      <para>wonende te [adres] ,</para>
      <para>hierna: veroordeelde.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Onderzoek van de zaak:</title>
    <para>De vordering van de officier van justitie strekt tot het opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 12.477,70 ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 20 augustus 2024.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De standpunten</title>
    <para>De officier van justitie heeft gepersisteerd bij haar vordering. De verdediging heeft in de aan deze ontnemingsvordering ten grondslag liggende strafzaak vrijspraak bepleit. Daaruit vloeit voort dat de verdediging van oordeel is dat de  ontnemingsvordering moet worden afgewezen. Tegen de berekening van de hoogte van de ontnemingsvordering en tegen de onderliggende gegevens die voor de berekening zijn gebruikt, is door de verdediging geen verweer gevoerd.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling van de vordering</title>
    <para>Bij vonnis van de meervoudige economische kamer in deze rechtbank van 3 september 2024 is veroordeelde in deze strafzaak veroordeeld tot betaling van een geldboete van € 3.500,-- omdat hij in 2018 meer fosfaat heeft geproduceerd dan de op zijn bedrijf rustende fosfaatrechten. </para>
    <para />
    <para> <emphasis role="italic">de bewijsmiddelen</emphasis></para>
    <para />
    <para> Het proces-verbaal van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, referentienummer 155219/122157/6027295/2, opgemaakt en afgesloten op 11 juni 2020. Dit proces-verbaal houdt onder meer zakelijk weergegeven in <emphasis role="underline">het relaas van verbalisanten [verbalisant 1] , [verbalisant 2] en [verbalisant 3]</emphasis>.</para>
    <para>[pag. 50] Door mij werden de gegevens van de gemiddelde melkproductie/melkkoe/jaar en de aantallen stuks melkvee ingevoerd in een Excelberekening: Overschrijding Fosfaatrecht, melkvee 2018.<footnote-ref linkend="_0cf62f5f-2729-46b2-ad87-4ff9347f74c1" /> In deze Excelberekening is conform het gestelde in artikel 21b, lid 1 van de Meststoffenwet gebruik gemaakt van de forfaitaire gehaltes vermeld in Bijlage D diergebonden forfaitaire gehalten tabel I en IIA bij de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Ik berekende daarin dat door het melkvee van [verdachte] in 2018 3.561,6 kilogram fosfaat was geproduceerd. Ik berekende daarin tevens dat het op de [verdachte] rustende fosfaat recht van 3.249 kilogram fosfaat in 2018 met 312,6 kilogram fosfaat werd overschreden. Het overzicht van geregistreerde fosfaatrecht van 09 januari 2020 is bij dit proces-verbaal gevoegd.<footnote-ref linkend="_12e9100f-d83f-44ea-9ef3-fad49d673b10" /><?linebreak?>[pag. 64] Voor het produceren van dierlijke meststoffen uitgedrukt in kilogrammen fosfaat door melkvee moet de landbouwer op zijn bedrijf beschikken over voldoende fosfaatrecht. Het fosfaatrecht van een bedrijf wordt eveneens uitgedrukt in kilogrammen fosfaat per bedrijf en is geregistreerd bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Indien een landbouwer met melkvee meer dierlijke meststoffen wil gaan produceren op zijn bedrijf dan het fosfaatrecht, kan de landbouwer extra fosfaatrecht verwerven door dit te kopen of te leasen. Deze transactie moet gemeld worden aan Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, waarvoor leges per transactie betaald moet worden. De leges bedragen € 100,-- per transactie.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aanwijzing ontneming 2009A003 van het College van Procureurs-Generaal geeft aan: Wederrechtelijk voordeel kan ook worden verkregen door middel van bespaarde kosten, de kosten die noodzakelijkerwijs zouden moeten zijn gemaakt om de betreffende activiteiten legaal te kunnen uitvoeren, maar die nu niet gemaakt zijn. Bij de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt uitgegaan van de besparing van de kosten die nodig zijn om extra fosfaatrecht te leasen en de besparing van het bedrag aan leges, dat betaald had moeten worden voor deze transactie. Door de NVWA, Inlichtingen- en Opsporingsdienst, zijn de kosten van het leasen per kalenderjaar berekend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De berekening van de leaseprijs per kilogram fosfaat voor het wederrechtelijk verkregen voordeel in kalenderjaar 2018 is uitgewerkt in de nota "Leaseprijzen fosfaatrecht 2018, 20190423", datum 23 april 2019 met de daarbij behorende "Nota Leaseprijzen fosfaatrechten 2018 BIJLAGEN" <footnote-ref linkend="_332c4a22-3ded-4638-92e2-8cfc0fac99d4" />. De berekende leaseprijs is € 39,50 per kilogram fosfaat. Het wederrechtelijk verkregen voordeel door het niet leasen van de benodigde kilogrammen fosfaat, die nodig zijn voor deze productie aan dierlijke meststoffen door melkvee in dit onderzoek, tegen [verdachte] , bedraagt: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>€ 12.347,70	totale leasekosten [overschrijding 312,6 kg fosfaat x € 39,50 leaseprijs per kg fosfaat]<?linebreak?><emphasis role="underline">€      100,--</emphasis> 	+ leges <?linebreak?>€ 12.447,70 	wederrechtelijk verkregen voordeel</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> <emphasis role="italic">de conclusie</emphasis></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van de inhoud van de bewijsmiddelen is de rechtbank van oordeel dat veroordeelde voordeel heeft verkregen door middel van of uit de baten van het bewezenverklaarde feit in het tegen veroordeelde op 3 september 2024 in de strafzaak met parketnummer 82.192366.22 gewezen vonnis. De rechtbank schat dit voordeel op een bedrag van € 12.477,70. De rechtbank acht geen termen aanwezig om het door veroordeelde te betalen bedrag te matigen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Toepasselijke wetsartikelen</title>
    <para>De op te leggen maatregel is gegrond op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De uitspraak</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> stelt het bedrag waarop het <emphasis role="bold">wederrechtelijk verkregen voordeel</emphasis> wordt geschat vast op </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">€ 12.477,70</emphasis> [twaalfduizend vierhonderd zevenenzeventig euro en zeventig eurocent];</para>
    <para />
    <para> legt aan veroordeelde <emphasis role="bold">de verplichting op tot betaling aan de Staat</emphasis> van een geldbedrag ter grootte van <emphasis role="bold">€ 12.477,70</emphasis> [twaalfduizend vierhonderd zevenenzeventig euro en zeventig eurocent], ter ontneming van het geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel, dat hij, door middel van of uit de baten van het feit ter zake waarvan hij is veroordeeld, heeft verkregen;</para>
    <para />
    <para> bepaalt de duur van de gijzeling die met toepassing van artikel 6:6:25 van het Wetboek van Strafvordering ten hoogste kan worden gevorderd op 97 dagen.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door:</para>
      <para>mr. S.J.H. van de Kant, voorzitter,</para>
      <para>mr. R. van den Munckhof en mr. L.J. Verborg, leden,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van H.A. van Neerven, griffier,</para>
      <para>en is uitgesproken op 3 september 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_0cf62f5f-2729-46b2-ad87-4ff9347f74c1" label="1">
    <para> zie bijlage 29, pag. 249: berekening overschrijding fosfaatrecht, melkvee 2018</para>
  </footnote>
  <footnote id="_12e9100f-d83f-44ea-9ef3-fad49d673b10" label="2">
    <para> zie bijlage 3, pag. 86 t/m 90: overzicht geregistreerde fosfaatrechten voor [verdachte]</para>
  </footnote>
  <footnote id="_332c4a22-3ded-4638-92e2-8cfc0fac99d4" label="3">
    <para> zie bijlage 35. pag. 277 t/m 284: Nota leaseprijzen fosfaatrechten 2018</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>