<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOBR:2021:3581</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-11T13:51:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-07-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Oost-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Oost-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-07-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C-01-314359 - HA ZA 16-710</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#tussenuitspraak">Tussenuitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Eindhoven</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2021:3581">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2021:3581</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-09T13:42:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOBR:2021:3581 Rechtbank Oost-Brabant , 07-07-2021 / C-01-314359 - HA ZA 16-710</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOBR:2021:3581:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verdeling en ontvlechting agrarische bedrijvengroep.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOBR:2021:3581:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="a851e35c-425b-460c-995a-a5be2e3ad7a1" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="cea6c520-b7ec-4a39-8363-8c2bc04789ac" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OOST-BRABANT</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel Recht</para>
      <para>Zittingsplaats Eindhoven</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/01/314359 / HA ZA 16-710</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 7 juli 2021</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser 1] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>2.	<emphasis role="bold">[eiser 2]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
      <para>eisers in conventie,</para>
      <para>verweerders in reconventie,</para>
      <para>advocaat mr. J.A. Bloo te Venlo,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [gedaagde 1] ,</title>
    <para>wonende te [woonplaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    <para>2.	<emphasis role="bold">[gedaagde 2]</emphasis>,</para>
    <para>wonende te [woonplaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    <para>3.	<emphasis role="bold">[gedaagde 3]</emphasis>,</para>
    <para>wonende te [woonplaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    <para>4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 4] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 5] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>6. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 6] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>7. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 7] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>8. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 8] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>9. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 9] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>10. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 10] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>11. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 11] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>12. de vennootschap onder firma</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 12]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>13. de vennootschap onder firma</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 13]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>14. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 14] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>15. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 15] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats] , gemeente [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagden in conventie,</para>
      <para>eisers in reconventie,</para>
      <para>advocaat mr. R.A.C.J. van Kessel te Boxtel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [eisers in conventie en gedaagden in reconventie] en [gedaagden in conventie en eisers in reconventie] genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Dit vonnis wordt gewezen als vervolg op het tussenvonnis van 21 januari 2021. Bij dat tussenvonnis heeft de rechtbank een aanvullend voorschot vastgesteld voor de door de rechtbank benoemde deskundigen Van Helvoort enerzijds en voor Van de Streek en Verduijn anderzijds.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Bij e-mail van 3 juni 2021 heeft Van Helvoort de rechtbank nogmaals verzocht een aanvullend voorschot vast te stellen, ditmaal van € 4.000,00. De rechtbank heeft partijen bij brief van 23 juni 2021 in de gelegenheid gesteld zich daarover uit te laten, zulks uiterlijk op de rol van 30 juni 2021. In die brief is tevens de correspondentie vermeld die door de rechtbank over het (vooralsnog uitblijven van het) deskundigenbericht is ontvangen. Van de zijde van [gedaagden in conventie en eisers in reconventie] gaat het daarbij om brieven van 14 juni 2021 (met bijlage) en 21 juni 2021. Van de zijde van [eisers in conventie en gedaagden in reconventie] gaat het om brieven van 17 juni 2021 en 22 juni 2022.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De rechtbank heeft vervolgens nog kennisgenomen van een aanvullende brief namens [eisers in conventie en gedaagden in reconventie] van 23 juni 2021, die de brief van de rechtbank van diezelfde datum heeft gekruist.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>
        [eisers in conventie en gedaagden in reconventie] hebben gebruik gemaakt van de mogelijkheid op de verzochte aanvulling van het voorschot te reageren; [gedaagden in conventie en eisers in reconventie] hebben dat niet gedaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5.</nr>
      <para>Ten slotte is wederom vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <bridgehead role="bold">in conventie en in reconventie</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Van de zijde van [eisers in conventie en gedaagden in reconventie] bestaat geen bezwaar tegen de aanvulling van het voorschot. Nu [gedaagden in conventie en eisers in reconventie] niet hebben gereageerd, zal de rechtbank (zoals al door haar is aangekondigd in de brief van 23 juni 2021) ervan uitgaan dat ook zij geen bezwaar hebben.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Gelet op de door Van Helvoort gegeven onderbouwing zal de rechtbank een aanvullend voorschot bepalen van € 4.000,00, voor de helft te voldoen door [eisers in conventie en gedaagden in reconventie] en voor de helft te voldoen door [gedaagden in conventie en eisers in reconventie] Ook nu wijst de rechtbank [eisers in conventie en gedaagden in reconventie] en [gedaagden in conventie en eisers in reconventie] erop dat, mocht een van hen de aanvullende voorschotten niet binnen de bepaalde of eventueel verlengde termijn storten, de rechtbank daaraan de gevolgtrekking zal verbinden die zij geraden acht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De rechtbank betreurt dat het op de comparitie van 22 augustus 2019 besproken stappenplan, dat erop was gericht om tot een spoedige vermogensopstelling en waardering te komen, niet is gehaald. Uit de e-mail van Van Helvoort van 3 juni 2021 maakt de rechtbank op dat zijn conceptrapport zich in een afrondende fase bevindt en dat hij dat binnen twee weken gereed kan hebben, waarna hij nog een week nodig heeft om eventuele opmerkingen van partijen te verwerken. Omdat partijen de gelegenheid moeten krijgen het conceptrapport te kunnen bestuderen en daar zo nodig opmerkingen bij te maken, zal de rechtbank bepalen dat Van Helvoort zijn schriftelijk en ondertekend deskundigenbericht uiterlijk binnen <emphasis role="bold">zes weken </emphasis>na het schriftelijk bericht van de griffier omtrent de betaling van het aanvullend voorschot bij de griffie moet indienen. De rechtbank zal daarna een datum bepalen waarop het deskundigenbericht van Van de Streek en Verduijn moet zijn ontvangen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De rechtbank zal de beslissing over het aanvullende voorschot ambtshalve uitvoerbaar bij voorraad verklaren.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>stelt de hoogte van het aanvullend voorschot op de kosten van de deskundige Van Helvoort vast op € 4.000,00 inclusief btw;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>bepaalt dat [eisers in conventie en gedaagden in reconventie] en [gedaagden in conventie en eisers in reconventie] ieder de helft van het aanvullende voorschot dienen over te maken binnen twee weken na de datum van de nota met betaalinstructies van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>bepaalt dat de griffier een afschrift van dit vonnis aan de deskundigen zal zenden;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>draagt de griffier op om de deskundige Van Helvoort onmiddellijk in kennis te stellen zodra het aanvullende voorschot is ontvangen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>bepaalt dat de zaak op <emphasis role="bold">de rol</emphasis> zal komen <emphasis role="bold">van 18 augustus 2021</emphasis> voor <emphasis role="bold">deskundigenbericht </emphasis>van Van Helvoort;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>draagt de griffier op de zaak op een eerdere rol te plaatsen indien het aanvullende voorschot niet binnen de in dit vonnis bepaalde of een verlengde termijn zijn ontvangen: voor akte uitlating over de daaraan te verbinden gevolgen aan de zijde van eerst de partij die de aanvullende voorschotten niet heeft gestort op een termijn van twee weken;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>verklaart de beslissing over het aanvullend voorschot uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.E.M. Effting-Zeguers, mr. A.G.M.H. Bennenbroek en mr. K.A. Maarschalkerweerd en in het openbaar uitgesproken op 7 juli 2021.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>