<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOBR:2021:2675</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-08-02T06:49:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-06-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Oost-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Oost-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-06-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">20/2742</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#procesverbaal">Proces-verbaal</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2021:2675">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2021:2675</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-08-01T21:18:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-08-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOBR:2021:2675 Rechtbank Oost-Brabant , 09-06-2021 / 20/2742</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOBR:2021:2675:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Terugvordering te veel betaalde Ziektewet-uitkering gebaseerd op gegevens in de polisadministratie. Het UWV mag uitgaan van de juistheid van deze gegevens, tenzij eiseres aantoont dat deze gegevens onjuist zijn. Eiseres heeft dat laatste niet met stukken kunnen aantonen. Geen dringende reden om van gehele of gedeeltelijke terugvordering af te zien, ook niet doordat eiseres een wijziging in haar inkomen heeft doorgegeven maar desondanks met een terugvordering is geconfronteerd. Beroep ongegrond.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOBR:2021:2675:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OOST-BRABANT</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats 's-Hertogenbosch</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: SHE 20/2742</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">9 juni 2021 in de zaak tussen</bridgehead>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [eiseres] , te [woonplaats] , eiseres</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. E. Akdeniz),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen</emphasis>, het UWV</para>
      <para>(gemachtigde: mr. L. Ritsma).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met het besluit van 26 maart 2020 (het primaire besluit) heeft het UWV aan eiseres laten weten dat de uitkering op grond van de Ziektewet (ZW) over de periode 3 februari 2020 tot en met 29 februari 2020 (gedeeltelijk) ten onrechte aan haar is betaald en dat de te veel betaalde uitkering, een bedrag van bruto € 934,17, wordt teruggevorderd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met het besluit van 27 augustus 2020 (het bestreden besluit) heeft het UWV het bezwaar ongegrond verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het UWV heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zitting was op 9 juni 2021 en heeft plaatsgevonden via een Skype-beeldverbinding. Eiseres heeft samen met haar gemachtigde aan de zitting deelgenomen. Het UWV heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Na afloop van de zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. De rechtbank geeft hiervoor de volgende motivering. Het UWV zegt dat eiseres in de periode van 1 februari 2020 tot en met 29 februari 2020 inkomsten uit arbeid heeft genoten van € 1.451,25, die ten onrechte niet zijn gekort op de ZW-uitkering van eiseres. Het terugvorderingsbedrag heeft het UWV vervolgens vastgesteld op € 934,17. Eiseres zegt dat haar inkomsten in februari 2020 niet € 1.451,25 maar € 1.293,33 bedroegen, zodat het UWV van een te hoog maandloon is uitgegaan en daarom teveel ZW-uitkering heeft teruggevorderd.</para>
    <para />
    <para>2. Het UWV heeft het maandloon gebaseerd op gegevens uit de polisadministratie. Daaruit blijkt dat eiseres in de maand februari 2020 bij [naam] B.V. een bedrag van € 1.241,08 aan loon, € 103,47 aan VT<footnote-ref linkend="_71bbd8ba-8d31-4cac-b99f-56ca7c524790" /> en € 108,70 aan EPS<footnote-ref linkend="_e1da310d-53cf-43fe-ad64-5e4c7bbbf6be" /> toekwam. Bij elkaar opgeteld komt dit uit op een totaalbedrag van € 1.451,25. Het is vervolgens vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep dat het UWV mag uitgaan van de juistheid van gegevens in de polisadministratie, tenzij eiseres aantoont dat deze gegevens onjuist zijn.<footnote-ref linkend="_19f611c4-3c1c-464f-bcf1-eb2ffb674552" /> Eiseres heeft dat laatste niet met stukken kunnen aantonen. Dit betekent dat het UWV bij het bepalen van de hoogte van de terugvordering terecht is uitgegaan van een maandloon van € 1.451,25 in de maand februari 2020. Dat dit vervolgens leidt tot een terug te vorderen bedrag van € 934,17 is tussen partijen niet in geschil.</para>
    <para />
    <para>3. Eiseres heeft tot slot geen dringende reden naar voren gebracht op grond waarvan het UWV van gehele of gedeeltelijke terugvordering had moeten afzien. Daarvan is alleen sprake als er onaanvaardbare sociale of financiële gevolgen voor eiseres als gevolg van de terugvordering optreden.<footnote-ref linkend="_d7f52f58-c5e4-4739-b90c-cdae6e836e05" /> De rechtbank begrijpt dat het voor eiseres heel vervelend is als zij een wijziging in haar inkomsten aan het UWV doorgeeft en zij later toch met een terugvordering wordt geconfronteerd, zoals zij op de zitting heeft uitgelegd, maar dat levert geen dringende reden op in de hiervoor bedoelde zin. Het UWV heeft dan ook terecht tot terugvordering besloten.</para>
    <para />
    <para>4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. A.F. Vink, rechter, in aanwezigheid van M.J.J.M.C. van Schaijk LLB, griffier. De uitspraak is in het openbaar geschied op 9 juni 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier											rechter		</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschrift verzonden aan partijen op: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel</title>
    <para>Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending van het proces-verbaal daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.</para>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_71bbd8ba-8d31-4cac-b99f-56ca7c524790" label="1">
    <para> Vakantietoeslag.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e1da310d-53cf-43fe-ad64-5e4c7bbbf6be" label="2">
    <para> Extra periodiek salaris, ofwel de eindejaarsuitkering.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_19f611c4-3c1c-464f-bcf1-eb2ffb674552" label="3">
    <para> CRvB 29 april 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:1052.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d7f52f58-c5e4-4739-b90c-cdae6e836e05" label="4">
    <para> CRvB 25 november 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:2930.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>