<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOBR:2019:7328</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-06T17:27:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-12-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Oost-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Oost-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-12-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">01/997043-16</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JM 2020/52 met annotatie van Pieters, S.</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2019:7328">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2019:7328</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-12-20T13:18:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-12-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOBR:2019:7328 Rechtbank Oost-Brabant , 20-12-2019 / 01/997043-16</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOBR:2019:7328:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Veroordeling voor diverse milieudelicten.</para>
        <para>Verdachte heeft een deel van de feiten tezamen en in vereniging gepleegd met de rechtspersonen waarvan hij enig aandeelhouder was en bestuurder.</para>
        <para>Vrijspraak voor een deel van de feiten voor zover gepleegd na datum faillissement.</para>
        <para>Er was sprake van ernstige gevaarzetting en van vervuiling. Het ging immers om de opslag van giftige stoffen. Ook haalde verdachte fotofixeervloeistof op terwijl hij daartoe niet gerechtigd was. Verdachte ging hier na schorsing van zijn voorlopige hechtenis mee door.</para>
        <para>Opgelegd wordt een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren. Als bijzondere voorwaarde wordt opgelegd dat verdachte 3 jaar lang geen bedrijfsmatige handelingen met afval zal verrichten.</para>
        <para>Verdachte dient schade te vergoeden aan het bedrijf waarvan het pand naast een van de panden die verdachte huurde was gelegen en waar agressieve en giftige stoffen door de muur waren gedrongen.</para>
        <para>Aan de schadevergoedingsmaatregel van EUR 96.168,- koppelt de rechtbank minder dagen vervangende hechtenis dan te doen gebruikelijk.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOBR:2019:7328:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <inlinemediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="0c22d65c-8727-4c40-9691-1d8385d4d102" depth="16" width="550" format="image/png" />
      </imageobject>
    </inlinemediaobject>vonnis</para>
  <para>
    <emphasis role="bold">RECHTBANK OOST-BRABANT</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Strafrecht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Parketnummers: 01/997043-16 en 01/995042-19 (ter terechtzitting gevoegd) </para>
    <para>Datum uitspraak: 20 december 2019	</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, meervoudige economische kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [naam verdachte] ,</emphasis>
    </para>
    <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,</para>
    <para>wonende te [adres] ,</para>
    <para>thans gedetineerd te: P.I. HvB Grave (Unit A + B).
</para>
    <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 25 februari 2019, 18 juni 2019, 9 september 2019, 28 november 2019 en </para>
    <para>6 december 2019.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Op 9 september 2019 heeft de rechtbank de tegen verdachte, onder de hiervoor genoemde parketnummers, aanhangig gemaakte zaken gevoegd.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen van de zijde van verdachte naar voren is gebracht.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">De tenlastelegging.</emphasis>
    </para>
    <para>De zaak is aanhangig gemaakt bij dagvaardingen van 13 juni 2019.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Aan verdachte is in de zaak met parketnummer 01/997043-16 ten laste gelegd dat:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">1.</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij in of omstreeks de periode van 9 augustus 2016 tot en met 23 december </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">2016, in de gemeente Helmond, te zamen en in vereniging met anderen of een </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">ander, althans alleen, al dan niet opzettelijk, zonder omgevingsvergunning een </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">project heeft uitgevoerd, dat geheel of gedeeltelijk bestond uit het in </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">werking hebben, van </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">een inrichting voor het opslaan van gevaarlijke afvalstoffen en/of het </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">verwerken, vernietigen of overslaan van afvalstoffen, waaronder al dan niet </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">verontreinigd kopersulfaat, al dan niet verontreinigd zoutzuur, zwavelzuur, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">nikkel/kopersulfaat, chroomzuur, zwavelzuur/fosoforzuur mengsel, salpeterzuur, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">kaliumpermanganaat en/of nikkelstripper, zijnde een inrichting als bedoeld in </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">Onderdeel C, categorie 28.1 van bijlage I van het Besluit omgevingsrecht, in </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">elk geval als bedoeld in bijlage I van het Besluit omgevingsrecht, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">die was gelegen aan [adres 2] aldaar;</emphasis>
      <?linebreak?>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">2.</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 9 augustus 2016, in de gemeente Helmond, in het pand [adres 2] </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic"> , tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">al dan niet opzettelijk, bedrijfsmatig of in een omvang of op een wijze alsof </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">deze bedrijfsmatig was, handelingen met betrekking tot afvalstoffen heeft </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">verricht, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bestaande uit het op zodanige wijze opslaan of bewaren van afvalstoffen met </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">een pH-waarde omstreeks 0 en/of een grote hoeveelheid afvalstoffen in IBC's, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">dat deze ongecontroleerd buiten de begrenzing van dat pand konden geraken, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">terwijl daardoor, naar hij wist of redelijkerwijs had kunnen weten, nadelige </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">gevolgen voor het milieu ontstonden of konden ontstaan; </emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">3.</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 14 september 2016, te Maasbracht in de gemeente Maasgouw,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, al dan </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">niet opzettelijk, zonder omgevingsvergunning een project heeft uitgevoerd, dat </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">geheel of gedeeltelijk bestond uit het veranderen en/of veranderen van de </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">werking, van een inrichting </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en/of het - na veranderingen te hebben aangebracht of de werking te hebben </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">veranderd - in werking hebben van die inrichting ten aanzien van die </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">veranderingen en/of die veranderde werking </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zijnde genoemde inrichting een inrichting, als bedoeld in Onderdeel C, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">categorie 28 van bijlage I van het Besluit omgevingsrecht (p 58), in elk geval </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">als bedoeld in bijlage I van het Besluit omgevingsrecht, die was gelegen aan </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">
        [adres 3] en/of [adres 4] </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bestaande die veranderingen en/of die veranderde werking uit het uitbreiden </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">van de inrichting met opslag van afvalstoffen en/of gevaarlijke stoffen op of </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">in het perceel/pand [adres 5] ; </emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">4.</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij, te pleegplaats Maasbracht, in de gemeente Maasgouw, terwijl hij tezamen </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">op en/of in de bodem een handeling, als bedoeld in artikel 6 tot en met 11 van de Wet </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bodembescherming heeft verricht, te weten het op of in de bodem brengen van </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">afvalstoffen waaronder Chroom 6 en terwijl hij wist, althans redelijkerwijs </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">had kunnen vermoeden, dat door die handeling de bodem kon worden verontreinigd</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en/of aangetast, in of omstreeks de periode van 27 oktober tot en met 7 </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">december 2016 al dan niet opzettelijk niet aan zijn verplichting heeft voldaan </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem konden worden gevergd, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">teneinde die verontreiniging en/of aantasting te voorkomen dan wel, terwijl </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">die verontreiniging en/of aantasting zich voordeed, de verontreiniging of de </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">aantasting en de directe gevolgen daarvan te beperken en zoveel mogelijk </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">ongedaan te maken; </emphasis>
      <?linebreak?>
    </para>
  </parablock>
  <para>
    <emphasis role="italic">5. </emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij in of omstreeks de periode van 15 juli 2015 tot en met 16 september 2016, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">althans op of omstreeks 15 juli 2015, 15 oktober 2015, 7 en/of 14 september </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">2016 te Maasbracht in de gemeente Maasgouw, tezamen en in vereniging met </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">anderen of een ander, althans alleen, al dan niet opzettelijk, heeft </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">gehandeld in strijd met een of meer voorschrift(en) van de </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">omgevingsvergunning van de provincie Limburg d.d. 31 mei 2005, welk(e) </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">voorschrift(en) betrekking had(den) op activiteiten als bedoeld in artikel </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">2.1, eerste lid onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, te </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">weten het oprichten, veranderen of veranderen van de werking en/of het in </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">werking hebben van een inrichting, gevestigd aan [adres 5] aldaar, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">door op een of meer van genoemde data in strijd met voorschrift </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">- D.1 producten die ongewenste reacties met elkaar konden aangaan, niet </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zodanig gescheiden te houden dat deze reacties niet konden plaatsvinden en/of </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">- D.4 binnen de inrichting meer (gevaarlijke) afvalstoffen aanwezig te hebben</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">dan in de bij dat voorschrift opgenomen tabel vermeld, te weten </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">= op of omstreeks 15 juli 2015 ongeveer 175 ton galvanische baden en zuren  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en/of ongeveer 65 ton metaalhoudend slib en/of </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">= op of omstreeks 15 oktober 2015 ongeveer 285 ton galvanische baden en </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zuren en/of ongeveer 60 ton metaalhoudend slib en/of </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">= op of omstreeks 7 en/of 14 september 2016 ongeveer 156 ton galvanische </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">vloeistoffen; </emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <para>
    <emphasis role="italic">6. </emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij, in de gemeente Weert, op het adres [adres 6] , terwijl hij tezamen</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, op en/of in de</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bodem een handeling, als bedoeld in artikel 6 tot en met 11 van de Wet</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bodembescherming heeft verricht, te weten het op of in de bodem brengen van </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">afvalstoffen waaronder metaalhoudend vloeibaar afval, Vanadium, Nikkel en/of </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">Sulfaat, althans vloeistof verontreinigd met zware metalen en terwijl hij</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">wist, althans redelijkerwijs had kunnen vermoeden, dat door die handeling de</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bodem kon worden verontreinigd en/of aangetast, in of omstreeks de periode van</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">14 oktober tot en met 19 december 2016 al dan niet opzettelijk niet aan zijn</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">verplichting heeft voldaan alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">hem konden worden gevergd, teneinde die verontreiniging en/of aantasting te</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">voorkomen dan wel, terwijl die verontreiniging en/of aantasting zich voordeed,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">de verontreiniging of de aantasting en de directe gevolgen daarvan te beperken</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en zoveel mogelijk ongedaan te maken;</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <para>
    <emphasis role="italic">7. </emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij in of omstreeks de periode van 14 juni tot en met 18 augustus 2016,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">althans op of omstreeks 14 juni 2016 en/of 18 augustus 2016, in de gemeente</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">Weert, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, al</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">dan niet opzettelijk, zonder omgevingsvergunning een project heeft</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">uitgevoerd, dat geheel of gedeeltelijk bestond uit het veranderen en/of</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">veranderen van de werking, van een inrichting</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en/of het - na veranderingen te hebben aangebracht of de werking te hebben</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">veranderd - in werking hebben van die inrichting ten aanzien van die </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">veranderingen en/of die veranderde werking </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zijnde genoemde inrichting een inrichting, als bedoeld in Onderdeel C,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">categorie 13 van bijlage I van het Besluit omgevingsrecht, in elk geval als</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bedoeld in bijlage I van het Besluit omgevingsrecht, die was gelegen aan de</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">
        [adres 7] ,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bestaande die veranderingen en/of die veranderde werking uit het opslaan van</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">electronica-afval en/of metaalhoudend afval in IBC's en/of andere vaste</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">afvalstoffen en/of het gebruiken of plaatsen van silo's met doseerinstallatie,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">tanks en/of andere installaties;</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <para>
    <emphasis role="italic">8. </emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 19 december 2016 te Nederweert en/of te Weert een of meer</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">wapens van categorie III, te weten</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">- een revolver merk Smith &amp; Wesson, kaliber 357 Magnum nummer [artikelnummer]</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic"> geladen met bijpassende munitie en/of</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">- een pistool merk Gabilono Ruby, kaliber 7.65mm, nummer [artikelnummer] geladen</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">met bijpassende munitie en/of</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">- munitie van categorie III, te weten</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">  = ongeveer 5 kilo verschoten hulzen met rand kaliber .38 en .357</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">  = ongeveer 294 stuks hulzen kaliber .357,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">  = 1 kogelpatroon .38,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">  = ongeveer 92 kogelpatronen .357 en/of</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">  = 1 kogelpatroon 7,62 x 63 mm</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">voorhanden heeft gehad;</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">9.</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij in of omstreeks de periode 22 oktober 2016 tot en met 04 juni 2018 te</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">Nederweert, gemeente Nederweert en/of te Weert, gemeente Weert, althans in</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">Nederland, al dan niet opzettelijk, meermalen, althans eenmaal,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke stoffen,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">te weten fotochemicaliën en/of andere afvalstoffen, heeft ingezameld,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zonder vermelding op een lijst van inzamelaars;</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <para>
    <emphasis role="italic">10. </emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 4 juni 2018 te Nederweert een wapen van categorie II, te</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">weten een magazijn bestemd voor een geweer merk FN, type FAL, kaliber</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">7.62x51mm, en/of munitie van categorie III, te weten een of meer kogelpatronen</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">kaliber 7.62x51mm, voorhanden heeft gehad;</emphasis>
    </para>
    <para>Aan verdachte is in de zaak met parketnummer 01/995042-19 ten laste gelegd dat:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">1.</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">30 juni 2018 tot en met 31 mei 2019 te Son en Breugel, gemeente Son en</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">Breugel en/of te Boesingheliede, gemeente Haarlemmermeer en/of te Den Haag,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">gemeente Den Haag</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">althans in Nederland, al dan niet opzettelijk, meermalen, althans eenmaal,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke stoffen,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">te weten fotochemicaliën/fotofixeervloeistof,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">heeft ingezameld, zonder vermelding op een lijst van inzamelaars,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en hij van het plegen van dit feit een gewoonte heeft gemaakt;</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">Subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zou kunnen leiden:</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">30 juni 2018 tot en met 31 mei 2019 te Son en Breugel, gemeente Son en</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">Breugel en/of te Boesingheliede, gemeente Haarlemmermeer en/of te Den Haag,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">gemeente Den Haag</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">althans in Nederland, al dan niet opzettelijk, meermalen, althans eenmaal,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke stoffen,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">te weten fotochemicaliën/fotofixeervloeistof,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">voor (een) ander(en) tegen vergoeding heeft vervoerd, zonder vermelding als</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">vervoerder op de lijst van vervoerders, handelaars en bemiddelaars,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en hij van het plegen van dit feit een gewoonte heeft gemaakt.</emphasis>
      <?linebreak?>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">2.</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">hij op 31 mei 2019 te Son en Breugel, gemeente Son en Breugel</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">althans in Nederland, al dan niet opzettelijk, als degene die</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke afvalstoffen, te weten</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">fotochemicaliën/fotofixeervloeistof, vervoerde (met een voertuig voorzien van</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">het [kenteken 1] ), niet heeft voldaan aan zijn verplichting , zolang hij</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">die afvalstoffen onder zich had, een begeleidingsbrief, als bedoeld in artikel</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">10.39 van de Wet milieubeheer, bij die afvalstoffen aanwezig te hebben.</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">De formele voorvragen.</emphasis>
    </para>
    <para>Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaardingen geldig zijn. De rechtbank is bevoegd van het ten laste gelegde kennis te nemen en de officier van justitie kan in zijn vervolging worden ontvangen. Voorts zijn er geen gronden gebleken voor schorsing van de vervolging.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Bewijs.</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie.</emphasis>
    </para>
    <para>De officier van justitie heeft alle ten laste gelegde feiten op grond van de bewijsmiddelen, opgenomen in het schriftelijke requisitoir, wettig en overtuigend bewezen geacht.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>De officier van justitie acht daarbij niet het medeplegen wettig en overtuigend bewezen, maar wel het plegen door verdachte als functioneel dader.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging.</emphasis>
    </para>
    <para>Verdachte heeft alle ten laste gelegde feiten erkend, met uitzondering van feit 7 (parketnummer 01/997043-16).</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Met betrekking tot feit 5 heeft de raadsman namens verdachte aangevoerd dat nu de officier van justitie onder feit 3 reeds de onrechtmatige uitbreiding van de inrichting met opslag van afvalstoffen/gevaarlijke stoffen op het perceel [adres 5] Maasbracht heeft ten laste gelegd, de officier van justitie verdachte en [naam bedrijf] niet tevens het overtreden van voorschrift D.1. kan verwijten op de locatie [adres 5] omdat de betreffende vergunning ziet op perceel [adres 3] .</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Met betrekking tot feit 7 voornoemd is namens verdachte aangevoerd dat de opslag plaatsvond door [naam bedrijf 2] (de rechtbank begrijpt: [naam bedrijf 2] ) en dat verdachte zich daarmee niet heeft bemoeid. De verdediging acht hooguit medeplichtigheid door verdachte wettig en overtuigend bewezen, maar dat is niet ten laste gelegd.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>De verdediging heeft voorts aangevoerd dat verdachte wegens het faillissement van [naam bedrijf] in september 2016 vanaf die tijd geen feitelijke macht meer had om overtredingen te plegen of ongedaan te maken. Dit zou volgens de verdediging consequenties moeten hebben voor de bewezenverklaringen.</para>
    <para>Van feit 4 dient om die reden te worden vrijgesproken nu dat feit in oktober 2016 is gepleegd.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>De verdediging heeft tevens aangevoerd dat, waar verdachte wordt verweten strafbare feiten binnen de sfeer van de rechtspersonen [naam bedrijf] (Helmond en Maasbracht) en [naam bedrijf 3] (Weert) te hebben gepleegd, dit via de constructie van feitelijk leidinggeven had moeten worden ten laste gelegd. In het geval van feitelijk leidinggeven aan de rechtspersonen kunnen immers ook gedragingen van werknemers aan verdachte worden toegerekend.</para>
    <para>Het medeplegen, zoals is ten laste gelegd, is volgens de verdediging niet wettig en overtuigend bewezen nu verdachte niet alle handelingen zelf heeft verricht en hij deze niet in nauwe en bewuste samenwerking heeft medegepleegd.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Met betrekking tot feit 1 onder parketnummer 01/995042-19 heeft de verdediging aangevoerd dat, nu verdachte niet wist dat hij na zijn persoonlijke faillissement (gelet op blz. 91 van het “proces-verbaal genummerd PL2100-2019111567 /OBRBA16013-466 met bijlagen d.d. 18 november 2019 begrijpt de rechtbank: 10 juli 2018) niet meer op de lijst van inzamelaars stond, opzet van verdachte op het “inzamelen van fotofixeervloeistof terwijl hij niet op de lijst van inzamelaars stond” niet wettig en overtuigend bewezen kan worden. Meer concreet is aangevoerd dat verdachte niet wist dat de registratie na faillissement ambtshalve was ingetrokken.<?linebreak?>In de visie van de verdediging is, kort gezegd, kleurloos opzet op de enkele gedraging van het inzamelen in casu onvoldoende voor bewezenverklaring.</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Het oordeel van de rechtbank.</title>
    <bridgehead role="bold underline">Bewijsoverwegingen en bespreking van verweren.</bridgehead>
    <para />
    <para>a. <emphasis role="underline">Medeplegen door verdachte.</emphasis></para>
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt vast dat de verdenking in de feiten 1 t/m 7 (parketnummer 01/997043-16) ziet op de locaties van onderstaande bedrijven in Helmond, Maasbracht en Weert. </para>
      <para>De vennootschap [naam bedrijf] was gevestigd in Maasbracht aan [adres 3] (DOC-006, p. 640) en gebruikte tevens de adressen [adres 5] [adres 3] en huurde (via [naam bedrijf 4] ) de loods in Helmond aan [adres 2] . </para>
      <para>De vennootschap [naam bedrijf 3] B.V. was gevestigd in Weert aan de [adres 6] (DOC-008).</para>
      <para>De vennootschap [naam bedrijf 5] was gevestigd in Weert aan de [adres 7] 21 (DOC-009).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Van [naam bedrijf] is enig aandeelhouder en bestuurder: [naam bedrijf 4] (DOC-006, p. 640).</para>
      <para>Van [naam bedrijf 3] B.V. is enig aandeelhouder en bestuurder [naam bedrijf 4] (DOC-008, p. 644)</para>
      <para>Van [naam bedrijf 5] is enig aandeelhouder en bestuurder [naam bedrijf 4] (DOC-009, 646)</para>
      <para>Verdachte is bestuurder van [naam bedrijf 4] (DOC-005, p. 639).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Volgens vaste jurisprudentie kunnen rechtspersonen worden aangemerkt als dader van een strafbaar feit indien de desbetreffende gedraging redelijkerwijs aan die rechtspersoon kan worden toegerekend. Die toerekening is afhankelijk van de concrete omstandigheden van het geval, waartoe mede behoort de aard van de (verboden) gedraging. Een belangrijk oriëntatiepunt bij de toerekening is of de gedraging heeft plaatsgevonden dan wel is verricht in de sfeer van de rechtspersoon. Een dergelijke gedraging kan in beginsel worden toegerekend aan de rechtspersoon.<?linebreak?>Van een gedraging in de sfeer van de rechtspersoon kan sprake zijn indien zich een of meer van de navolgende omstandigheden voordoen:<?linebreak?>a) het gaat om een handelen of nalaten van iemand die hetzij uit hoofde van een dienstbetrekking hetzij uit anderen hoofde werkzaam is ten behoeve van de rechtspersoon,<?linebreak?>b) de gedraging past in de normale bedrijfsvoering of taakuitoefening van de rechtspersoon,<?linebreak?>c) de gedraging is de rechtspersoon dienstig geweest in het door hem uitgeoefende bedrijf of in diens taakuitoefening,<?linebreak?>d) de rechtspersoon vermocht erover te beschikken of de gedraging al dan niet zou plaatsvinden en zodanig of vergelijkbaar gedrag werd blijkens de feitelijke gang van zaken door de rechtspersoon aanvaard of placht te worden aanvaard, waarbij onder bedoeld aanvaarden mede begrepen is het niet betrachten van de zorg die in redelijkheid van de rechtspersoon kon worden gevergd met het oog op de voorkoming van de gedraging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft ter terechtzitting van 28 november 2019 verklaard dat hij als enig directeur verantwoordelijk was voor de bedrijfsvoering van [naam bedrijf] op de locaties in Helmond en Maasbracht en van [naam bedrijf 3] op de locatie in Weert.</para>
      <para>Ook gehoord de raadsman is derhalve niet in dispuut dat de betrokken vennootschappen als daders van de respectieve ten laste gelegde feiten kunnen worden aangemerkt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Indachtig de tenlastelegging ziet de rechtbank zich gesteld voor de vraag of verdachte de ten laste gelegde feiten in nauwe en bewuste samenwerking heeft gepleegd met de betrokken vennootschappen. De rechtbank neemt daarbij als uitgangspunt dat verdachte naast de vennootschappen voor zijn feitelijke handelingen (al dan niet tezamen met een of meer anderen gepleegd) strafrechtelijk aansprakelijk kan zijn.</para>
      <para>Op grond van de hierna te bezigen bewijsmiddelen acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de feiten 1, 2, 3, 5 en 7 met de betrokken vennootschap heeft medegepleegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="underline">Het faillissement van [naam bedrijf]</emphasis>
    </para>
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt vast dat [naam bedrijf] op 20 september 2016 failliet is verklaard ( [verwijzing] ).</para>
      <para>Deze vennootschap is betrokken bij de ten laste gelegde feiten onder 1 tot en met 5.</para>
      <para>De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of verdachte als medepleger strafrechtelijk aansprakelijk is te achten voor deze feiten voor zover deze in de ten laste gelegde perioden zijn gelegen na de datum van het faillissement en voorzover het gedragingen betreft die bestaan uit het laten voortduren van een illegale situatie of van strafbare handelingen dan wel het nalaten maatregelen te treffen tot beëindiging van een illegale situatie.</para>
      <para>Evenals de verdediging is de rechtbank van oordeel dat hiervan geen sprake kan zijn.</para>
      <para>Verdachte had op en na 20 september 2016 niet meer de bevoegdheid om [naam bedrijf] te binden en was niet meer beschikkingsbevoegd over de bedrijfsgoederen.</para>
      <para>Kortom, verdachte kon niet zelfstandig een einde maken aan de misdrijven voor zover deze zouden zijn gepleegd op of na 20 september 2016. </para>
      <para>Nu de tenlastelegging van feit 4 ziet op een periode die geheel is gelegen na de datum faillissement van [naam bedrijf] in wier bedrijfsvoering de verweten gedragingen zich hebben voorgedaan, zal verdachte van feit 4 worden vrijgesproken omdat hij feitelijk vanwege het faillissement niet meer in staat was te voldoen aan zijn verplichting tot het nemen van de in de tenlastelegging bedoelde maatregelen. Derhalve kan het medeplegen door verdachte niet wettig en overtuigend bewezen worden. </para>
      <para>Verdachte zal om dezelfde, hierboven uiteengezette redenen tevens worden vrijgesproken van feit 1, voor zover de pleegperiode ziet op de periode op en na 20 september 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="underline">Dubbele vervolging feiten 3 en 5 met betrekking tot de locatie [adres 5] te Maasbracht.</emphasis>
    </para>
    <parablock>
      <para>De rechtbank verwerpt het gevoerde verweer.</para>
      <para>De vergunningsvoorschriften die golden voor de locaties [adres 3] te Maasbracht, waren gesteld ten behoeve van de veiligheid van de omgeving en de werknemers.</para>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat verdachte moest begrijpen dat de voorschriften die reeds golden voor de locaties [adres 3] ook zouden gelden in geval van een uitbreiding van de inrichting met het aangrenzende perceel [adres 5] , gelet op de voornoemde beschermende belangen van de voorschriften.</para>
      <para>De rechtbank is aldus van oordeel dat vervolging van verdachte voor feit 5, het overtreden van vergunningsvoorschriften daar waar de overtreding plaatsvindt op [adres 5] mogelijk is naast vervolging van verdachte voor feit 3, de onrechtmatige uitbreiding op [adres 5] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="underline">Het verweer met betrekking tot feit 7.</emphasis>
    </para>
    <parablock>
      <para>Aangevoerd is dat de onder feit 7 ten laste gelegde opslag van goederen op het perceel [adres 7] in Weert niet door verdachte maar door [naam bedrijf 2] heeft plaatsgevonden en dat hooguit van medeplichtigheid sprake kan zijn.</para>
      <para>De rechtbank verwerpt het verweer.</para>
      <para>Ten behoeve van [naam bedrijf 5] was voor de inrichting op perceel [adres 7] in Weert een omgevingsvergunning van kracht. Op grond daarvan diende [naam bedrijf 5] ervoor zorg te dragen dat de vergunningsvoorschriften werden nageleefd en ervoor te waken dat van de vergunningsvoorschriften werd afgeweken. Verdachte heeft verklaard dat hij – al dan niet handelend namens [naam bedrijf 5] - aan [naam bedrijf 2] toestemming heeft verleend om van de ruimte binnen de inrichting gebruik te maken ten behoeve van opslag van goederen. Nu die opslag plaats vond binnen de inrichting van [naam bedrijf 5] , verdachte de toestemming tot de opslag heeft gegeven en er goederen werd opgeslagen die vielen buiten de vergunde activiteiten, is de rechtbank van oordeel dat verdachte tezamen met [naam bedrijf 5] de werking van de inrichting heeft veranderd. Voor die verandering was geen omgevingsvergunning verleend. De samenwerking tussen [naam bedrijf 5] , waarvan verdachte de bestuurder was, en verdachte die tot de niet vergunde opslag heeft geleid, was nauw en bewust, en ieders aandeel in die samenwerking wezenlijk.</para>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat niet is gebleken dat [naam bedrijf 2] ervan op de hoogte was dat voor de [adres 7] geen vergunning was afgegeven voor de opslag van elektronica-afval en metaalhoudend afval in IBC's en andere vaste afvalstoffen. De rechtbank acht dan ook niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het feit onder 7 tezamen en in vereniging met [naam bedrijf 2] heeft gepleegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="underline">Opzet in feit 1 vermeld onder het parketnummer 01/995042-19</emphasis>
    </para>
    <para>De rechtbank verwerpt het verweer dat verdachte na zijn faillissement (10 juli 2018) geen opzet had op de gedraging “inzamelen van fotofixeervloeistof terwijl hij niet op de lijst van inzamelaars stond” omdat hij niet wist dat, als gevolg van zijn faillissement, zijn registratie ambtshalve was ingetrokken. Voorop staat dat in het kader van de onderhavige regelgeving de inzamelaar ervoor dient te zorgen dat hij steeds voldoet aan het vereiste van het vermeld staan op de lijst van inzamelaars. Met betrekking tot het strafrechtelijk verwijt ziet het opzet vereiste met name op het inzamelen van bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke stoffen. Dat verdachte opzettelijk heeft ingezameld staat niet ter discussie. De rechtbank is voorts van oordeel dat  verdachte, door na zijn faillissement fotofixeervloeistoffen te blijven inzamelen, hij willens en wetens de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat hij de wetsbepaling van artikel 10.45 lid 1 onder a van de Wet milieubeheer overtrad, alleen al vanwege het feit dat degene die zich als inzamelaar op de lijst van inzamelaars wil laten registreren op grond van de Regeling inzamelaars, vervoerders, handelaars en bemiddelaars van afvalstoffen, dient te voldoen aan eisen van betrouwbaarheid en kredietwaardigheid.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met betrekking tot de ten laste gelegde periode overweegt de rechtbank dat verdachte gedurende de periode 6 juli 2018 tot 17 juli 2018 via zijn eenmanszaak [naam bedrijf 6] wel op de lijst van inzamelaars was opgenomen, maar dat niet is gebleken dat verdachte toen daadwerkelijk fotofixeervloeistof heeft ingezameld zodat dit geen gevolgen zal hebben voor de bewezenverklaring.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu uit na te melden bewijsmiddelen volgt dat verdachte in een relatief korte periode op gezette tijden grote hoeveelheden fotofixeervloeistof heeft ingezameld, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat sprake was van een gewoonte, de (ten laste gelegde) strafverhogende factor van artikel 6 lid 1 onder 3 van de Wet op de economische delicten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Door de rechtbank gebezigde bewijsmiddelen.</title>
    <para>De rechtbank zal, naast de hiervoor reeds vermelde bewijsmiddelen die zien op de formele status van de rechtspersonen en de verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting over zijn strafrechtelijke verantwoordelijkheid voor hetgeen zich binnen de rechtspersonen afspeelde in het algemeen, gelet op het bepaalde in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering, volstaan met een opsomming van de bewijsmiddelen met uitzondering van feit 7 in verband met het gevoerde verweer strekkende tot vrijspraak van dat feit.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De door de rechtbank gebezigde (en voor feit 7 uitgewerkte) bewijsmiddelen zijn omwille van de leesbaarheid van dit vonnis opgenomen in een bewijsmiddelenbijlage (bijlage 1). Deze bewijsmiddelenbijlage maakt integraal onderdeel uit van dit vonnis. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De bewezenverklaring.</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van de feiten en omstandigheden die zijn vervat in de hierboven uitgewerkte bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang bezien, komt de rechtbank tot het oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="italic">1.</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">in de periode van 9 augustus 2016 tot 20 september 2016,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">in de gemeente Helmond, tezamen en in vereniging met een  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">ander, opzettelijk, zonder omgevingsvergunning een project heeft uitgevoerd,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">dat geheel of gedeeltelijk bestond uit het in werking hebben, van  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">een inrichting voor het opslaan van gevaarlijke afvalstoffen, waaronder al dan niet  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">verontreinigd kopersulfaat, al dan niet verontreinigd zoutzuur, zwavelzuur,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">nikkel/kopersulfaat, chroomzuur, zwavelzuur/fosforzuur mengsel, salpeterzuur,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">kaliumpermanganaat en/of nikkelstripper, zijnde een inrichting als bedoeld in  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">Onderdeel C, categorie 28.1 van bijlage I van het Besluit omgevingsrecht,   </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">die was gelegen aan [adres 2] aldaar;</emphasis>
    </para>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="italic">2.</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">op 9 augustus 2016, in de gemeente Helmond, in het pand [adres 2] ,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een ander,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">opzettelijk, bedrijfsmatig, handelingen met betrekking tot afvalstoffen heeft  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">verricht,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bestaande uit het op zodanige wijze opslaan of bewaren van afvalstoffen met  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">een pH-waarde omstreeks 0 en een grote hoeveelheid afvalstoffen in IBC's,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">dat deze ongecontroleerd buiten de begrenzing van dat pand konden geraken,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">terwijl daardoor, naar hij wist of redelijkerwijs had kunnen weten, nadelige  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">gevolgen voor het milieu ontstonden of konden ontstaan; </emphasis>
    </para>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="italic">3.</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">op 14 september 2016, te Maasbracht in de gemeente Maasgouw, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zonder omgevingsvergunning een project heeft uitgevoerd, dat  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">geheel of gedeeltelijk bestond uit het veranderen van een inrichting  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en het - na veranderingen te hebben aangebracht - </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">in werking hebben van die inrichting ten aanzien van die veranderingen   </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zijnde genoemde inrichting een inrichting, als bedoeld in Onderdeel C,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">categorie 28 van bijlage I van het Besluit omgevingsrecht,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">die was gelegen aan [adres 3] en [adres 4]  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bestaande die veranderingen uit het uitbreiden van de inrichting  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">met opslag van afvalstoffen en gevaarlijke stoffen op of in het perceel/pand  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">
        [adres 5] ;  </emphasis>
      <?linebreak?>
    </para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>
      <emphasis role="italic">5. </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">op 15 juli 2015, 15 oktober 2015 en 7 september 2016 te Maasbracht  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">in de gemeente Maasgouw, tezamen en in vereniging met een ander,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">opzettelijk, heeft gehandeld in strijd met een voorschrift van de  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">omgevingsvergunning van de provincie Limburg d.d. 31 mei 2005, welk  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">voorschrift betrekking had op activiteiten als bedoeld in artikel  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">2.1, eerste lid onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, te  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">weten het oprichten, veranderen of veranderen van de werking en/of het in  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">werking hebben van een inrichting, gevestigd aan [adres 5] aldaar,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">door op een of meer van genoemde data in strijd met voorschrift  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">- D.1 producten die ongewenste reacties met elkaar konden aangaan, niet  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zodanig gescheiden te houden dat deze reacties niet konden plaatsvinden en</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">- D.4 binnen de inrichting meer (gevaarlijke) afvalstoffen aanwezig te hebben </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">dan in de bij dat voorschrift opgenomen tabel vermeld, te weten  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">= op 15 juli 2015 ongeveer 175 ton galvanische baden en zuren   </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en ongeveer 65 ton metaalhoudend slib en/of  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">= op 15 oktober 2015 ongeveer 285 ton galvanische baden en  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zuren en ongeveer 60 ton metaalhoudend slib en  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">= op 7 september 2016 ongeveer 156 ton galvanische vloeistoffen; </emphasis>
    </para>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="italic">6. </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">in de gemeente Weert, op het adres [adres 6] , terwijl op en/of in de </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bodem een handeling, als bedoeld in artikel 6 tot en met 11 van de Wet </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bodembescherming heeft verricht, te weten het op of in de bodem brengen van </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">afvalstoffen waaronder metaalhoudend vloeibaar afval, Vanadium, Nikkel en/of </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">Sulfaat, althans vloeistof verontreinigd met zware metalen en terwijl hij </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">wist dat door die handeling de bodem kon worden verontreinigd en/of aangetast,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">in of omstreeks de periode van 14 oktober tot en met 19 december 2016 </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">opzettelijk niet aan zijn verplichting heeft voldaan alle maatregelen te nemen die  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">redelijkerwijs van hem konden worden gevergd, teneinde die verontreiniging en/of  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">aantasting te voorkomen dan wel, terwijl die verontreiniging en/of aantasting zich  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">voordeed, de verontreiniging of de aantasting en de directe gevolgen daarvan te beperken </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en zoveel mogelijk ongedaan te maken;</emphasis>
    </para>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="italic">7. </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">op 14 juni 2016 en 18 augustus 2016, in de gemeente Weert,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een ander,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">opzettelijk, zonder omgevingsvergunning een project heeft </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">uitgevoerd, dat geheel of gedeeltelijk bestond uit het veranderen </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">van een inrichting en het - na veranderingen te hebben aangebracht -  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">in werking hebben van die inrichting ten aanzien van die </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">veranderingen </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zijnde genoemde inrichting een inrichting, als bedoeld in Onderdeel C, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">categorie 13 van bijlage I van het Besluit omgevingsrecht, die was gelegen aan de </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">
        [adres 7] ,</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">bestaande die veranderingen uit het opslaan van electronica-afval en </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">metaalhoudend afval in IBC's en andere vaste afvalstoffen en het gebruiken of  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">plaatsen van silo's met doseerinstallatie en tanks;</emphasis>
    </para>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="italic">8. </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">op 19 december 2016 te Nederweert en te Weert</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">wapens van categorie III, te weten </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">- een revolver merk Smith &amp; Wesson, kaliber 357 Magnum nummer [artikelnummer] </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic"> geladen met bijpassende munitie en </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">- een pistool merk Gabilono Ruby, kaliber 7.65mm, nummer [artikelnummer] geladen </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">met bijpassende munitie en </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">- munitie van categorie III, te weten </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">  = ongeveer 5 kilo verschoten hulzen met rand kaliber .38 en .357 </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">  = ongeveer 294 stuks hulzen kaliber .357, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">  = 1 kogelpatroon .38, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">  = 92 kogelpatronen .357 en </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">  = 1 kogelpatroon 7,62 x 63 mm </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">voorhanden heeft gehad;</emphasis>
    </para>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="italic">9. </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">in de periode 22 oktober 2016 tot en met 04 juni 2018 in Nederland,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">opzettelijk, meermalen,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">gevaarlijke stoffen, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">te weten fotochemicaliën heeft ingezameld, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">zonder vermelding op een lijst van inzamelaars;</emphasis>
    </para>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="italic">10.  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">op 4 juni 2018 te Nederweert een wapen van categorie II, te </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">weten een magazijn bestemd voor een geweer merk FN, type FAL, kaliber </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">7.62x51mm, en munitie van categorie III, te weten kogelpatronen </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">kaliber 7.62x51mm, voorhanden heeft gehad;</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 01/995042-19</emphasis> (reeds ter zitting van 9 september 2019 gevoegd)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="italic">1. </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">op tijdstippen gelegen in de periode van 30 juni 2018 tot en met 31 mei 2019 </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">in Nederland, opzettelijk, meermalen,  </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">gevaarlijke stoffen, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">te weten fotochemicaliën/fotofixeervloeistof, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">heeft ingezameld, zonder vermelding op een lijst van inzamelaars, </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">en hij van het plegen van dit feit een gewoonte heeft gemaakt;</emphasis>
    </para>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="italic">2.</emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">op 31 mei 2019 te Son en Breugel, gemeente Son en Breugel </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">opzettelijk, als degene die gevaarlijke afvalstoffen, te weten </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">fotochemicaliën/fotofixeervloeistof, vervoerde (met een voertuig voorzien van </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">het kenteken [kenteken 1] ), niet heeft voldaan aan zijn verplichting, zolang hij </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">die afvalstoffen onder zich had, een begeleidingsbrief, als bedoeld in artikel </emphasis>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="italic">10.39 van de Wet milieubeheer, bij die afvalstoffen aanwezig te hebben.</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. Verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.</para>
      <para>De bewijsmiddelen worden slechts gebezigd met betrekking tot het feit waarop zij in het bijzonder betrekking hebben.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De strafbaarheid van het feit.</emphasis>
      </para>
      <para>Het bewezen verklaarde levert op de in de uitspraak vermelde strafbare feiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De strafbaarheid van verdachte.</emphasis>
      </para>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. Verdachte is daarom strafbaar voor hetgeen bewezen is verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Oplegging van straf en/of maatregel.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De eis van de officier van justitie.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft de oplegging gevorderd van een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden waarvan 24 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren en de bijzondere voorwaarde een verbod om bedrijfsmatig handelingen met afval te verrichten.<?linebreak?>Hetgeen de officier van justitie met betrekking tot de in beslag genomen voorwerpen heeft gevorderd, is aangetekend op de beslaglijsten die als bijlagen aan de vordering van de officier van justitie zijn gehecht.<?linebreak?>Een kopie van de vordering van de officier van justitie is aan dit vonnis gehecht (bijlage 2).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman van verdachte heeft aangevoerd dat verdachte de volle ernst van de feiten inziet en de consequenties zal aanvaarden.<?linebreak?>De verdediging heeft daarnaast verzocht rekening te houden met de negatieve publiciteit rondom zijn persoon, de impact daarvan op zijn gezin en op hem en met de omstandigheid dat verdachte verkeerde beslissingen heeft genomen onder druk van de drang zijn bedrijven in de lucht te houden. Tot slot heeft de verdediging er aandacht voor gevraagd dat verdachte alles is kwijt geraakt terwijl zijn bedrijf aanvankelijk goed en zonder (milieu hygiënische) problemen verliep.<?linebreak?>De raadsman heeft gepleit voor een straf gelijk aan het ondergane voorarrest op het moment van uitspraak met daarnaast een voorwaardelijk gevangenisstraf en een taakstraf.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het oordeel van de rechtbank.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij de beslissing over de straf die aan verdachte dient te worden opgelegd heeft de rechtbank gelet op de aard en de ernst van het bewezen verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan. Bij de beoordeling van de ernst van de door verdachte gepleegde strafbare feiten betrekt de rechtbank het wettelijke strafmaximum en de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd. Daarnaast houdt de rechtbank bij de strafbepaling rekening met de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
      <para>Verdachte heeft zich tezamen met zijn bedrijf/bedrijven schuldig gemaakt aan een aanzienlijk aantal milieudelicten waarbij sprake was van ernstige gevaarzetting en van vervuiling. <?linebreak?>Kortgezegd verzamelde verdachte afvalstoffen in om deze vervolgens te verwerken, maar de voorraad ingezameld materiaal stond op enig moment niet meer in verhouding tot zijn verwerkingscapaciteit, met als gevolg dat verdachte een voorraad creëerde van honderden IBC’s met gevaarlijk, zeer toxisch, afval die werden opgeslagen op verschillende locaties binnen en in de buitenlucht. Omdat de bedrijfsvoering niet goed op orde was, verdachte niet beschikte over de benodigde vergunningen dan wel vergunningsvoorschriften overtrad, was er onvoldoende zicht op de concrete hoeveelheden afval, op het type afval en de risico’s van, met name, de menging van stoffen. Als chemicus wist verdachte als geen ander wat de potentiële gevaren hiervan waren. <?linebreak?>De gevaarzetting heeft zich verwezenlijkt toen agressieve en giftige stoffen door de muur het bedrijf van [naam bedrijf benadeelde partij] binnendrongen. <?linebreak?>De feiten hebben tot een aanzienlijke schade geleid, niet alleen voor het bedrijf van [naam bedrijf benadeelde partij] dat tijdelijk is stilgelegd en moest verhuizen, maar ook voor de Nederlandse samenleving omdat al het afval alsnog door de overheid op een correcte wijze moest worden afgevoerd.<?linebreak?>Verdachte heeft daarnaast gedurende lange tijd fotofixeervloeistof ingezameld zonder de benodigde papieren. Verdachte, als niet erkende inzamelaar, is hier ook mee doorgegaan tijdens de schorsing van de voorlopige hechtenis. Herhalingsgevaar heeft zich aldus concreet verwezenlijkt.<?linebreak?>Tot slot was verdachte in het bezit van een geladen revolver, een geladen pistool, veel munitie en een magazijn met kogelpatronen bestemd voor een geweer. Vanwege de risico’s van het ongecontroleerde bezit van wapens moet streng worden opgetreden tegen het onbevoegd voorhanden hebben van vuurwapens.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is, alles afwegende, van oordeel dat in verband met een juiste normhandhaving niet kan worden volstaan met het opleggen van een andersoortige of geringere straf dan een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden.<?linebreak?>Om verdachte ervan te weerhouden wederom strafbare feiten te plegen zal de rechtbank daarvan een deel, groot 12 maanden, voorwaardelijk opleggen. Aan die voorwaardelijke straf zal de rechtbank, naast de algemene voorwaarde, geen strafbare feiten plegen, de bijzondere voorwaarde koppelen dat verdachte gedurende een proeftijd van 3 jaren geen bedrijfsmatige handelingen met afval zal verrichten.<?linebreak?></para>
      <para>De rechtbank legt een lichtere straf op dan de door de officier van justitie gevorderde straf, nu de rechtbank tot een andere bewezenverklaring komt (vrijspraak van feit 4 en een kortere bewezen verklaarde periode in verband met het faillissement van [naam bedrijf] ) en zij van oordeel is dat de straf die de rechtbank zal opleggen de ernst van het bewezen verklaarde voldoende tot uitdrukking brengt.<?linebreak?></para>
      <para>Anders dan de verdediging acht de rechtbank een straf gelijk aan het voorarrest met daarbij een taakstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf geen passende afdoening voor deze ernstige misdrijven.<?linebreak?></para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De vordering van de benadeelde partij [naam bedrijf benadeelde partij] .</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie.</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie acht de ter terechtzitting verminderde vordering van de benadeelde partij integraal toewijsbaar en vordert naast toewijzing van de vordering ook oplegging van de schadevergoedingsmaatregel met de bijbehorende dagen vervangende hechtenis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging.</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft ervoor gepleit de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in de gehele vordering omdat het rechtstreekse verband tussen de gevorderde posten en de bewezen verklaarde feiten ontbreekt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft er tevens voor gepleit niet de schadevergoedingsmaatregel op te leggen omdat te voorzien is dat verdachte niet aan de betalingsverplichting kan voldoen ten gevolge van zijn faillissement en de bijpassende vervangende hechtenis aldus tot gevolg zal hebben dat de maatregel een punitief karakter zal hebben.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling. </emphasis>De rechtbank acht de ter terechtzitting verminderde vordering in haar geheel toewijsbaar, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 januari 2018 (zijnde de datum gelegen midden in de verhuisperiode) tot de dag der algehele voldoening.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.</para>
      <para>Verder wordt verdachte veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Schadevergoedingsmaatregel.</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank zal voor het toegewezen bedrag tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, nu de rechtbank het wenselijk acht dat de Staat schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 januari 2018 (zijnde de datum gelegen midden in de verhuisperiode) tot de dag der algehele voldoening.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt voorts als volgt.</para>
      <para>De vervangende hechtenis is bedoeld als dwangmiddel op het moment dat sprake is van betalingsonwil. Gehoord de verdediging is van betalingsonwil geen sprake.</para>
      <para>De rechtbank kan echter niet uitsluiten dat verdachte (onder meer) als gevolg van zijn faillissement niet of niet geheel aan de betalingsverplichting aan de Staat ten behoeve van de benadeelde partij kan voldoen. Dit maakt dat op voorhand reeds vaststaat dat het opleggen van een schadevergoedingsmaatregel slechts zal leiden tot het in de toekomst tenuitvoerleggen van vervangende hechtenis. De rechtbank acht het in het belang van het slachtoffer desalniettemin niet passend om af te zien van oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Omdat de wet verplicht tot het opleggen van vervangende hechtenis bij de oplegging van de schadevergoedingsmaatregel volstaat de rechtbank met 30 (dertig) dagen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aangezien aan verdachte meer verplichtingen tot vergoeding van dezelfde schade worden opgelegd, zal de rechtbank bepalen dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij komt te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslag.
</emphasis>De rechtbank is van oordeel dat het in het dictum nader te noemen in beslag genomen voorwerp vatbaar is voor verbeurdverklaring, omdat - zoals blijkt uit het onderzoek ter terechtzitting - dit een voorwerp is met behulp van welke een van de feiten is begaan en dit  voorwerp ten tijde van het begaan van het feit aan verdachte toebehoorde.</para>
      <para>
De rechtbank is van oordeel dat de in het dictum nader te noemen in beslag genomen voorwerpen vatbaar zijn voor onttrekking aan het verkeer, omdat - zoals blijkt uit het onderzoek ter terechtzitting - dit voorwerpen zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- met betrekking tot welke de feiten zijn begaan;</para>
    <para>- en die van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet en/of het algemene belang.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal de teruggave gelasten van het in het dictum nader te noemen in beslag genomen voorwerp aan de [naam rechthebbende] nu naar het oordeel van de rechtbank het belang van strafvordering zich niet meer verzet tegen de teruggave van de in beslag genomen goed.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal de teruggave gelasten van de in het dictum nader te noemen in beslag genomen voorwerpen aan beslagene nu naar het oordeel van de rechtbank het belang van strafvordering zich niet meer verzet tegen de teruggave van de in beslag genomen goederen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Toepasselijke wetsartikelen.</emphasis>
      </para>
      <para>De beslissing is gegrond op de artikelen:</para>
      <para>14a, 14b, 14c, 14d, 24c, 33, 33a, 36b, 36c, 36f, 57 van het Wetboek van Strafrecht;</para>
      <para>1a, 2, 6 van de Wet op de economische delicten; <?linebreak?>2.1, 2.3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;<?linebreak?>13 van de Wet bodembescherming;<?linebreak?>10.1, 10.39, 10.44, 10.45 van de Wet milieubeheer; <?linebreak?>26, 55 van de Wet wapens en munitie.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">DE UITSPRAAK</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>acht het onder parketnummer 01/997043-16 <emphasis role="bold">onder feit 4</emphasis> tenlastegelegde niet wettig en
overtuigend bewezen en <emphasis role="bold">spreekt verdachte daarvan vrij</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor is omschreven.
</para>
      <para>verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>het bewezen verklaarde levert op de misdrijven:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>t.a.v. 01/997043-16 feit 1:
medeplegen van overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 2.1 lid 1 onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, opzettelijk begaan;

t.a.v. 01/997043-16 feit 2:
medeplegen van overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 10.1, lid 3 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan;

t.a.v. 01/997043-16 feit 3:
medeplegen van overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 2.1 lid 1 onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, opzettelijk begaan;

t.a.v. 01/997043-16 feit 5:
medeplegen van overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 2.3 onder a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd;

t.a.v. 01/997043-16 feit 6:
overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 13 van de Wet bodembescherming, opzettelijk begaan;

t.a.v. 01/997043-16 feit 7:
medeplegen van overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 2.1 lid 1 onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, opzettelijk begaan;

t.a.v. 01/997043-16 feit 8:
- handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie en hij het feit begaat met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd;
- handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie;

t.a.v. 01/997043-16 feit 9:
overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 10.45 eerste lid onderdeel a van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan;

</para>
      <para>t.a.v. 01/997043-16 feit 10:
- handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie <?linebreak?>en hij het feit begaat met betrekking tot een wapen van categorie II;
- handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie;

t.a.v. 01/995042-19 feit 1 primair:
een gewoonte maken van overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 10.45 eerste lid onderdeel a van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan;

t.a.v. 01/995042-19 feit 2:
overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 10.44, eerste lid van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart verdachte hiervoor strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>legt op de volgende straffen en maatregelen:</para>
      <para>
(t.a.v. 01/997043-16 feit 1, feit 2, feit 3, feit 5, feit 6, feit 7, feit 8, feit 9, feit 10, <?linebreak?>01/995042-19 feit 1 primair, feit 2:)</para>
      <para>
* een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">24 maanden</emphasis> met aftrek overeenkomstig artikel 27</para>
      <para>Wetboek van Strafrecht waarvan <emphasis role="underline">12 maanden voorwaardelijk</emphasis> met een proeftijd van 3 jaren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met als algemene voorwaarden: </para>
    </parablock>
    <para>1. dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig zal maken aan een strafbaar feit.</para>
    <para />
    <para>2) dat de veroordeelde ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met als bijzondere voorwaarde:</para>
      <para>dat veroordeelde gedurende de proeftijd van 3 jaren geen bedrijfsmatige handelingen met afval zal verrichten.</para>
      <para>
(T.a.v. 01/997043-16 feit 1, feit 2:)</para>
      <para>
* de <emphasis role="bold">maatregel van schadevergoeding</emphasis> van EUR 96.168,00 subsidiair 30 dagen hechtenis</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [naam bedrijf benadeelde partij] van een bedrag van <emphasis role="bold">EUR 96.168,00</emphasis> (zegge: zesennegentigduizendhonderdachtenzestig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door <emphasis role="bold">30 dagen hechtenis</emphasis>. Het bedrag bestaat uit materiële schadevergoeding (posten 1 tot en met 7).</para>
      <para>De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor genoemde
betalingsverplichting niet op.</para>
      <para>Het totale bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 januari 2018
(de datum gelegen midden in de verhuisperiode) tot aan de dag der algehele
voldoening.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wijst de (ter terechtzitting verminderde) vordering van de benadeelde partij
toe en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij
[naam bedrijf benadeelde partij] , van een bedrag van EUR 96.168,00 (zegge:
zesennegentigduizendhonderdachtenzestig euro), te weten materiële
schadevergoeding (post 1 tot en met 7).</para>
      <para>Het totale bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 januari 2018</para>
      <para>(de datum gelegen midden in de verhuisperiode) tot aan de dag der algehele</para>
      <para>voldoening.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden
begroot op nihil.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te
maken kosten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de
Staat komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij te
vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot
betaling aan de benadeelde partij, komt daarmee zijn verplichting tot betaling
aan de Staat te vervallen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>* <emphasis role="bold">verbeurdverklaring</emphasis> van de in beslag genomen goederen, te weten: een Volkswagen
Crafter met [kenteken 2]
</para>
      <para>
* <emphasis role="bold">onttrekking aan het verkeer</emphasis> van de in beslag genomen goederen, te weten:
- een revolver Smith &amp; Wesson;</para>
    </parablock>
    <para>- 6 stuks munitie GFL;</para>
    <para>- een pistool Gabilondo Ruby;</para>
    <para>- 4 stuks munitie;</para>
    <para>- 1 colli huls diverse merken;</para>
    <para>- 1 colli patroon diverse kalibers;</para>
    <para>- kruit in plastic fles;</para>
    <para>- een vat met 750 liter fotofixeervloeistof;</para>
    <para>- een patroonmagazijn;</para>
    <para>- 9 patronen, 7,62 mm;</para>
    <para>- 16 jerrycans</para>
    <para>- 2 stuks IBC vat 1000 liter;</para>
    <para>- 1 stuks IBC vat 750 liter.
</para>
    <para />
    <para>
Gelast de <emphasis role="underline">teruggave</emphasis> van de in beslag genomen goederen aan de [naam rechthebbende] , te weten: een Volkswagen Crafter, kenteken [kenteken 1] (Roemeens kenteken).
</para>
    <para />
    <para>
Gelast de <emphasis role="underline">teruggave</emphasis> van de in beslag genomen goederen aan beslagene, te weten:
- 4 doosjes handgereedschap;</para>
    <para>- 1 spuitbus;</para>
    <para>- 7 stuks bouwmaterialen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door:</para>
      <para>mr. E.M. Vermeulen, voorzitter,</para>
      <para>mr. W.F. Koolen en mr. J.O.Y. Elagab, leden,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. H.J.G. van der Sluijs, griffier,</para>
      <para>en is uitgesproken op 20 december 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>