<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOBR:2014:7195</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-03-10T15:01:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-11-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Oost-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Oost-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-07-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/01/271258 / EX RK 13-182</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>GZR-Updates.nl 2014-0488</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2014:7195">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2014:7195</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-11-25T13:55:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-11-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOBR:2014:7195 Rechtbank Oost-Brabant , 30-07-2014 / C/01/271258 / EX RK 13-182</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOBR:2014:7195:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoekschrift bevel voorlopig deskundigenbericht. Tweede tussenbeschikking, waarin de rechtbank de definitieve vraagstelling aan de deskundige vastlegt. De rechtbank ziet af van het benoemen van door de belanghebbenden voorgestelde personen als deskundige. De rechtbank doet partijen daarom een voorstel voor de persoon van de te benoemen deskundige, waarop partijen nog mogen reageren.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOBR:2014:7195:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="4d533753-a59a-4cf3-93f9-fe2263327f70" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="fe41617b-59db-47d2-9f6e-7ee4fdc7e97c" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>beschikking</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OOST-BRABANT</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Handelsrecht</para>
      <para>Zittingsplaats 's-Hertogenbosch</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rekestnummer: C/01/271258 / EX RK 13-182</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Tussenbeschikking van 30 juli 2014</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>verzoeker, hierna te noemen: [verzoeker],</para>
      <para>advocaat mr. M.J.J. de Ridder te Utrecht,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>
      [verweerder sub 1],</title>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>verweerder, hierna te noemen: [verweerder sub 1],</para>
      <para>advocaat mr. M.B. Bruinsma te Soest,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. de rechtspersoon naar buitenlands recht</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verweerster sub 2].</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [woonplaats],</para>
    </parablock>
    <para>3. de commanditaire vennootschap</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verweerster sub 3]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [woonplaats],</para>
      <para>verweersters, hierna te noemen: [verweersters],</para>
      <para>advocaat mr. H.J. Harmeling te Amsterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>waarin als belanghebbende is gehoord</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de stichting</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">STICHTING JEROEN BOSCH ZIEKENHUIS,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te ’s‑Hertogenbosch,</para>
      <para>belanghebbende, hierna te noemen: JBZ,</para>
      <para>advocaat mr. M.J.J. de Ridder te Utrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de tussenbeschikking van 11 april 2014;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de brief van [verzoeker] en JBZ van 12 mei 2014;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het faxbericht van [verweersters] van 16 mei 2014;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het faxbericht van [verweerder sub 1] van 27 mei 2014;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het faxbericht van [verweersters] van 28 mei 2014;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het faxbericht van [verzoeker] en JBZ van 12 juni 2014.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Vervolgens heeft de rechtbank bepaald in deze zaak een tussenbeschikking te geven.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <bridgehead role="underline">De vragen aan de deskundige</bridgehead>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>In het tussenbeschikking van 11 april 2014 zijn betrokkenen in de gelegenheid gesteld om bij brief op de in die tussenbeschikking opgenomen (concept-) vragen te reageren. Alle betrokkenen hebben van die gelegenheid gebruik gemaakt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Gezien de reacties van partijen, komt de rechtbank tot de volgende definitieve vraagstelling: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">A. Disclosure Statement</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">A1. Persoonlijke gegevens</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">a. Waar bent u werkzaam? (indien u bij meerdere organisaties werkzaam bent gaarne alle noemen)</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">b. Heeft u aan uw beroep gerelateerde nevenfuncties en zo ja, welke? </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">c. Wat kwalificeert u voor het uitbrengen van een expertiserapport in de onderhavige zaak? (te noemen zijn met name opleiding en professionele ervaring, meer in het bijzonder op het gebied van het plaatsen van traditionele en/of MOM-heupprothesen)</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">d. Heeft u in het verleden reeds als expertiserend deskundige opgetreden en zo ja, hoe vaak en in wiens opdracht? (met “in wiens opdracht” wordt bedoeld: in opdracht van de eisende partij, van de aangesproken partij of van de rechter; het is uiteraard niet nodig namen te noemen)</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">A2.  Medisch wetenschappelijke opvattingen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>a. <emphasis role="italic">Bestaan er over het onderwerp van de expertise medisch-wetenschappelijk uiteenlopende opvattingen? </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Indien uw antwoord op vraag A2.a. bevestigend luidt: </emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para> <emphasis role="italic">Kunt u in hoofdlijnen uiteenzetten in welk opzicht de meningen uiteenlopen (voor zover mogelijk met verwijzing naar – bij het rapport te voegen – literatuur)? </emphasis></para>
        <para> <emphasis role="italic">Welke is uw eigen opvatting? </emphasis></para>
        <para> <emphasis role="italic">Kunt u aangeven of een deskundige met een andere opvatting in het onderhavige geval tot een ander oordeel zou kunnen komen dan waartoe u komt? </emphasis></para>
        <para> <emphasis role="italic">Als inderdaad een deskundige met een andere opvatting in het onderhavige geval tot een ander oordeel zou komen: kunt u aangeven wat dat oordeel zou kunnen zijn?</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">B. De expertise</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">B1. Algemene vragen met betrekking tot MOM-prothesen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <orderedlist numeration="loweralpha">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Kunt u aangeven wanneer de MOM-prothese, respectievelijk de BHR-prothese, in Nederland is geïntroduceerd? </emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Welke problemen of nadelen van de toentertijd (op het onder B1.a genoemde moment) bestaande prothesen zouden volgens de producenten opgelost worden met de MOM-prothese in het algemeen en de BHR-prothese in het bijzonder?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Wat was op het onder B1.a genoemde moment binnen de beroepsgroep van orthopedisch chirurgen bekend omtrent de </emphasis>
            <emphasis role="underline italic">aard</emphasis>
            <emphasis role="italic"> van de tests (t.a.v. kwaliteit, duurzaamheid etc.) die de producenten van de MOM-prothesen in het algemeen, en de onderhavige BHR-prothese in het bijzonder, ten aanzien van hun producten hebben uitgevoerd (of laten uitvoeren) voorafgaand aan de introductie daarvan op de markt? In hoeverre en vanaf welk moment waren de </emphasis>
            <emphasis role="underline italic">resultaten</emphasis>
            <emphasis role="italic"> van deze tests binnen de beroepsgroep van orthopedisch chirurgen bekend?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Op welke wijze is de MOM-prothese in het algemeen, en de onderhavige BHR-prothese in het bijzonder, aan de beroepsgroep van orthopedisch chirurgen gepresenteerd? Kunt u aangeven voor welke groep patiënten genoemde prothesen waren bedoeld?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Kunt u aangeven of, en zo ja, vanaf welk moment, het binnen de beroepsgroep van orthopedisch chirurgen (in Nederland) niet langer geaccepteerd is om een MOM-prothese te plaatsen? Kunt u (in grote lijnen) aangeven hoe daarover door vakgenoten buiten Nederland wordt gedacht?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Is het binnen de beroepsgroep van orthopedisch chirurgen gebruikelijk (geworden) om na het plaatsen van een MOM-prothese de gehaltes chroom en/of kobalt in het bloed van de patiënt te meten? Zo ja:</emphasis>
          </para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">vanaf welk moment werd een dergelijke controle gebruikelijk?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">vanaf welk moment na het plaatsen van de prothese worden genoemde gehaltes gemeten, met welke frequentie en op welke manier?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>
        <emphasis role="italic">Worden binnen de beroepsgroep van orthopedisch chirurgen grenswaarden gehanteerd voor het gehalte chroom en /of kobalt in het bloed, respectievelijk het bloedserum? Zo ja, welke en vanaf welk moment? Zijn die grenswaarden in de loop van de tijd aangepast en zo ja, op welke manier en (telkens) vanaf welk moment?</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">B2. Vragen omtrent de situatie ten tijde van de operatie (oktober 2003)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <orderedlist numeration="loweralpha">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Welke informatie was in oktober 2003 binnen de beroepsgroep van orthopedisch chirurgen beschikbaar omtrent eventuele risico’s met betrekking tot het gebruik van een MOM-prothese in het algemeen en de BHR-prothese in het bijzonder? Kunt u daarbij specifiek aangeven in hoeverre destijds informatie beschikbaar was omtrent een (verhoogd) risico op (1) verhoogde chroom- en kobaltwaarden, (2) het ontstaan van pseudotumoren (3) metallose, (4) botnecrose, (5) weke delen-necrose en/of (6) ALTR.</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Kunt u, indien u meent dat één of meerdere van de onder B2.a. genoemde risico’s in oktober 2003 binnen de beroepsgroep nog niet bekend was/waren, aangeven wanneer de betreffende risico’s - voor zover aanwezig - dan wél bekend zijn geworden?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Waren er in oktober 2003 binnen de beroepsgroep van orthopedisch chirurgen problemen bekend met de toen reeds bestaande alternatieven voor een MOM-prothese, die de MOM-prothese in het algemeen en de BHR-prothese in het bijzonder niet kennen, en zo ja, welke?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Wat was er in oktober 2003 binnen de beroepsgroep bekend over de door de operateur te realiseren stand van de MOM-prothese in het algemeen en de BHR-prothese in het bijzonder, en de mogelijke gevolgen van een afwijkende stand? Gelieve bij uw antwoord op deze vraag niet alleen de (destijds beschikbare) medische literatuur, maar ook het (destijds toepasselijke) “Surgical Technique”-document voor de BHR-prothese te betrekken.</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Zijn de inzichten omtrent de door de operateur te realiseren stand van een BHR-prothese sedert oktober 2003 gewijzigd, en zo ja, in welke zin?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">B3. Het ziektebeloop van de heer [verweerder sub 1]</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <orderedlist numeration="loweralpha">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Kunt u het ziektebeloop op uw vakgebied van [verweerder sub 1] tot op heden zo uitvoerig mogelijk schetsen? Kunt u aangeven welke onderzoeken zijn verricht, welke behandelingen – met welk resultaat – hebben plaatsgevonden en welke diagnose(n) u kunt stellen?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Wat is de oorzaak van de klachten en beperkingen die [verweerder sub 1] in de zomer van 2011 ondervond? Kunt u uw antwoorden toelichten en daarbij expliciet aangeven in hoeverre de ondervonden klachten verband houden/hielden met de toegepaste BHR-prothese dan wel in hoeverre daarvoor andere mogelijke oorzaken aanwijsbaar zijn?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Onderschrijft u de diagnose ALTR?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">B4. De behandeling van de heer [verweerder sub 1] door [verzoeker]</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>a. <emphasis role="italic">Handelde [verzoeker] als redelijk bekwaam en redelijk handelend orthopedisch chirurg toen hij in oktober 2003 besloot een heupprothese van dit merk, model en type bij de heer [verweerder sub 1] te plaatsen? Zo ja, waarom, zo nee, waarom niet? Kunt u daarbij specifiek ingaan op:</emphasis></para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">de persoonlijke situatie van de heer [verweerder sub 1];</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">de informatie die destijds binnen de beroepsgroep van orthopedisch chirurgen bekend was over het risico van ALTR;</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">de mogelijke alternatieven voor de toegepaste BHR-heupprothese;</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">het feit dat de BHR-prothese in het buitenland nog steeds wordt toegepast.</emphasis>
          </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>
        <emphasis role="italic">Kunt u aangeven in hoeverre uit het medisch dossier van [verzoeker] omtrent de heer [verweerder sub 1] is af te leiden:</emphasis>
      </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">op welke gronden in oktober 2003 is gekozen voor dit merk, model en type heupprothese?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">welke alternatieve behandelmethoden (zoals de traditionele heupprothese) voorafgaand aan de operatie met de heer [verweerder sub 1] zijn besproken?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">in hoeverre de heer [verweerder sub 1] voorafgaand aan de operatie is voorgelicht omtrent de mogelijk aan een BHR-prothese verbonden risico’s?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <parablock>
        <para> <emphasis role="italic">Heeft [verzoeker] de operatieve ingreep op 22 oktober 2003 uitgevoerd zoals destijds van een redelijk bekwaam en redelijk handelend orthopedisch chirurg in vergelijkbare situaties had mogen worden verwacht? Kunt u daarbij specifiek aandacht besteden aan de tijdens die operatie door [verzoeker] gerealiseerde stand van de prothese?</emphasis></para>
        <para> <emphasis role="italic">Indien u van mening bent dat [verzoeker] op enig moment voorafgaand aan, tijdens of na de operatie niet de zorgvuldigheid heeft betracht die van hem als redelijk bekwaam en redelijk handelend beroepsgenoot mocht worden verwacht, kunt u dan gemotiveerd toelichten welk handelen had mogen worden verwacht en daarbij aangeven in hoeverre dat handelen het ontwikkelen van ALTR - voor zover daarvan sprake is - zou hebben voorkomen?</emphasis></para>
        <para> <emphasis role="italic">Kunt u gemotiveerd aangeven of, en zo ja, in hoeverre u het nuttig acht om de bij de heer [verweerder sub 1] uitgenomen prothese (de “explant”) te (laten) onderzoeken?</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">B5. De huidige stand van zaken</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <orderedlist numeration="loweralpha">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">Kunt u een inventarisatie maken van de klachten en/of beperkingen welke [verweerder sub 1] thans op uw vakgebied ondervindt?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">In hoeverre leveren deze klachten en/of beperkingen problemen op bij:</emphasis>
          </para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">het dagelijkse leven (ADL);</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">hobby en recreatie;</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">beroepsmatige werkzaamheden.</emphasis>
          </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <parablock>
        <para> <emphasis role="italic">Kunt u de eventuele blijvende functionele invaliditeit op uw vakgebied uitdrukken in een percentage op basis van de meest recente AMA-Guides, zo mogelijk aangevuld met de richtlijnen van uw beroepsvereniging? Kunt u daarbij omschrijven en toelichten hoe het totale percentage is opgebouwd?</emphasis></para>
        <para> <emphasis role="italic">Kunt u aangeven hoe het antwoord op vraag B5.a, b en c naar redelijke verwachting zou luiden:</emphasis></para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">indien - aangenomen dat u in het geval van de heer [verweerder sub 1] de diagnose ALTR onderschrijft - er geen ALTR zou zijn opgetreden?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">indien geen revisie-ingreep zou hebben plaatsgevonden?</emphasis>
          </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>
        <emphasis role="italic">Is er met betrekking tot de ALTR - zo daarvan sprake is - sprake van een medische eindtoestand? Als dat niet het geval is, kunt u dan aangeven of u een verbetering dan wel verslechtering verwacht en welke consequenties dit zal hebben voor het functieverlies dan wel de beperkingen als bedoeld in vraag B5.a en b?</emphasis>
      </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Hiermee beëindigt de rechtbank het debat tussen betrokkenen over de aan de deskundige te stellen vragen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">De persoon van de deskundige:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <parablock>
        <para>In eerste instantie heeft [verzoeker] voorgesteld om [naam] als deskundige te benoemen en [verweersters] is met dat voorstel akkoord gegaan. [verweerder sub 1] heeft als bezwaar naar voren gebracht dat [naam] één van de chirurgen is die de litigieuze MOM-prothesen heeft geplaatst en in die hoedanigheid namens gedupeerden reeds aansprakelijk is gesteld. [verweerder sub 1] acht [naam] daarom ongeschikt om in deze zaak als deskundige op te treden.</para>
        <para>
          [verweerder sub 1] heeft vervolgens voorgesteld om [naam] als deskundige te benoemen. Ook hiertegen heeft [verweersters] geen bezwaren geuit. [verzoeker] daarentegen, heeft erop gewezen dat [naam] voorafgaand aan zijn werkzaamheden in het Rijnstate Ziekenhuis (en tot kort voor de operatie van de heer [verweerder sub 1]) maatschapslid was van de vakgroep orthopedie in het JBZ en derhalve mede maatschapslid van [verzoeker]. De - niet nader door [verzoeker] benoemde - achtergronden bij het vertrek van [naam] uit het JBZ, maken hem volgens [verzoeker] ongeschikt om in dezen als deskundige op te treden.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De rechtbank stelt vast dat betrokkenen geen overeenstemming hebben bereikt over de persoon van de te benoemen deskundige. De rechtbank deelt de door [verweerder sub 1] en [verzoeker] uitgesproken bezwaren tegen respectievelijk [naam] en [naam] en zal daarom geen van hen benoemen als deskundige in dezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <parablock>
        <para>De rechtbank stelt de betrokken partijen voor om als deskundige te benoemen [naam], orthopedisch chirurg, verbonden aan het Neuro-Orthopedisch Centrum te Bilthoven. In reactie op een verzoek van de griffier van de rechtbank daaromtrent, heeft [naam] de rechtbank bericht dat [naam] bereid is een benoeming als deskundige te aanvaarden. </para>
        <para>Betrokkenen zullen in de gelegenheid worden gesteld om zich bij brief uit te laten over de benoeming van [naam] als deskundige. De rechtbank merkt reeds nu op dat indien er - legitieme - bezwaren bij betrokkenen leven aangaande de benoeming van [naam] als deskundige, zij voornemens is een nieuwe zitting te bepalen om de kwestie van de persoon van de deskundige nader met betrokkenen te bespreken. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank,</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>stelt partijen in de gelegenheid om binnen vier weken na heden bij brief te reageren op hetgeen hiervoor onder 2.6 is vermeld;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr I.L.P. Crombeen en in het openbaar uitgesproken op 30 juli 2014.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>