<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNNE:2026:544</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-02T07:02:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-01-29</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11691150 BU VERZ 25-1003</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#mondelingeUitspraak">Mondelinge uitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_bestuursstrafrecht">Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2026:544">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2026:544</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-02T07:01:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-03-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNNE:2026:544 Rechtbank Noord-Nederland , 29-01-2026 / 11691150 BU VERZ 25-1003</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNNE:2026:544:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Wahv. Als bestuurder handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen. Overtreding geautomatiseerd geconstateerd en op digitale foto vastgelegd. Foto ontbreekt in het dossier. Beroep gegrond.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNNE:2026:544:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>RECHTBANK NOORD-NEDERLAND</title>
    <para>Zittingsplaats Leeuwarden </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikkingsnummer: 261523743</para>
      <para>zaaknummer: 11691150 BU VERZ 25-1003</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 29 januari 2026</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [betrokkenne] (de betrokkene),</title>
    <para>die woont in [woonplaats] . </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Inleiding</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘als bestuurder handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen’, verricht op 6 september 2023 om 15:12 uur, aan het Breedpad te Heerenveen, gemeente Heerenveen, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 109,00 (inclusief administratiekosten).</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De kantonrechter heeft het beroep op 29 januari 2026 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig de vertegenwoordigster van de officier van justitie, mr. P. Veenstra. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Na afloop van de zitting heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling door de kantonrechter</title>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <para>2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep gegrond is en hij zal de boete vernietigen<emphasis role="italic">. </emphasis>De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3. Door betrokkene is aangevoerd dat er in de straten waar zij de gedraging heeft begaan, niet duidelijk was aangegeven dat zij er niet in kon rijden. Betrokkene heeft aangevoerd dat er veel was afgezet en dat zij aan de hand van de borden een straat is ingereden, in de veronderstelling dat dit een straat was waar zij ook in mocht rijden. </para>
    <para />
    <para>4. Door de vertegenwoordigster is aangevoerd dat de overtreding op een digitale foto is vastgelegd, maar dat deze foto zich niet tot het dossier bevindt. Door de vertegenwoordigster is aangevoerd dat zij bij de gemeente heeft verzocht om de foto, maar dat men deze niet meer kon achterhalen. Gelet op vorenstaande is de vertegenwoordigster van oordeel dat de gedraging niet kan worden vastgesteld. Zij heeft de kantonrechter verzocht het beroep gegrond te verklaren. </para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overwegingen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Zekerheidstelling</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>5. De kantonrechter stelt allereerst vast dat betrokkene geen zekerheid heeft gesteld. In het door betrokkene gevoerde draagkrachtverweer ziet de kantonrechter echter voldoende aanleiding om de zekerheid op nihil te stellen. Dit betekent dat de kantonrechter overgaat tot een inhoudelijke behandeling van het beroep. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Kan de gedraging worden vastgesteld?</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>6. In Wahv zaken biedt de verklaring van de verbalisant in beginsel een voldoende grondslag voor de vaststelling dat de gedraging is verricht. Dat is anders indien de betrokkene voor zijn zaak specifieke feiten en omstandigheden aanvoert, die aanleiding geven te twijfelen aan de juistheid van één of meer onderdelen van de verklaring dan wel indien uit het dossier zulke feiten en omstandigheden blijken.</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>Uit de verklaring van de verbalisant zoals opgenomen in het zaakoverzicht blijkt dat de overtreding geautomatiseerd is geconstateerd en op een digitale foto is vastgelegd door een camera, die na het bord C1, met de onderborden “uitgezonderd fietsers en ontheffinghouders” en de tijden voor laden en lossen, is geplaatst. De verbalisant verklaart dat voor het voertuig van betrokkene ten tijde van de overtreding geen ontheffing was afgegeven. De camera heeft vastgelegd, dat het betrokken voertuig het voor hem bedoelde bord C1 negeerde en de geslotenverklaring inreed van uit de richting Herenwal richting de Dracht. De foto is genomen na het passeren van het bord C1. De verbalisant verklaart dat de juiste plaatsing van de verkeersborden maandelijks wordt geschouwd en dat de wegbeheerder geen melding van enige wijziging of bijzonderheid heeft gedaan inzake de bebording waardoor deze deugdelijk aanwezig was op het moment van de overtreding. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <parablock>
        <para> De kantonrechter deelt het standpunt van de vertegenwoordigster dat de foto van de gedraging noodzakelijk is om de gedraging te kunnen vaststellen. Daarnaast overweegt de kantonrechter dat er ook geen informatie voorhanden is wat betreft de afzetting van de straat en of betrokkene aan de hand van bepaalde borden de geslotenverklaring in is gereden. Gelet op vorenstaande omstandigheden kan de gedraging niet worden vastgesteld, zodat  de kantonrechter het beroep gegrond verklaart.</para>
        <para>
          <emphasis role="bold">Conclusie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De kantonrechter:</para>
        <para>
          <?linebreak?>- verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond;<?linebreak?>- vernietigt die beslissing;<?linebreak?>- verklaart het beroep tegen de inleidende beschikking gegrond;<?linebreak?>- vernietigt die inleidende beschikking;<?linebreak?>- bepaalt dat betrokkene het bedrag van de zekerheidstelling terugkrijgt. </para>
      </parablock>
      <para>
        <?linebreak?>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Waarvan proces-verbaal,</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>R. de Hoop, griffier			 mr. F. Sijens, kantonrechter</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Afschrift verzonden aan partijen op:</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel </title>
    <parablock>
      <para>Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het </para>
      <para>gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:</para>
    </parablock>
    <para>a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of</para>
    <para>b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>