<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNNE:2025:4510</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-04T08:51:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-09-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11536990 BU VERZ 25-218</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#mondelingeUitspraak">Mondelinge uitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_bestuursstrafrecht">Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2025:4510">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2025:4510</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-04T08:50:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNNE:2025:4510 Rechtbank Noord-Nederland , 25-09-2025 / 11536990 BU VERZ 25-218</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNNE:2025:4510:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Wahv. De hoorplicht is niet geschonden en evenmin is sprake van misbruik van recht. De wijze waarop de CVOM hoorzittingen uitvoert, kan door de rechter slechts beperkt worden getoetst. De gevolgde werkwijze doorstaat deze toets. De vertegenwoordigster heeft op de zitting toegelicht dat de tien minuten tussen de hoorgesprekken zijn bedoeld om daadwerkelijk in gesprek te kunnen gaan in plaats van enkel een standpunt te presenteren. Daarnaast dient deze tijd ervoor om degene die het hoorgesprek afneemt de gelegenheid te geven de volgende zaak voor te bereiden of het hoorverslag uit te werken.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNNE:2025:4510:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>RECHTBANK NOORD-NEDERLAND</title>
    <para>Zittingsplaats Leeuwarden</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikkingsnummer: 262487986</para>
      <para>zaaknummer: 11536990 BU VERZ 25-218</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 25 september 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [betrokkene] (de betrokkene),</title>
    <parablock>
      <para>die woont in [woonplaats] ,</para>
      <para>(gemachtigde: F.R. Eggink, Verbo Juridisch Advies).</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Inleiding</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘als bestuurder handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen’, verricht op 9 november 2023, om 15:39 uur, op de Minckelerstraat in Heerenveen, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 119,00 (inclusief administratiekosten).</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De kantonrechter heeft het beroep op 25 september 2025 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig: als vertegenwoordigster van de officier van justitie mr. P. Veenstra.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling door de kantonrechter<?linebreak?></title>
    <bridgehead role="underline">Standpunten</bridgehead>
    <para />
    <para>2. Gemachtigde voert aan dat hij bij de eerste hoorzitting heeft aangegeven dat hij beschikbaar was voor alle hoorzittingen die middag en dat alles achter elkaar afgehandeld kon worden. Dit kon niet volgens het OM. Iedere keer moest apart ingebeld worden. Hierdoor is gemachtigde de hele middag bezet en kan hij geen andere werkzaamheden uitvoeren. Hierdoor zien professionele rechtsbijstandverleners, zoals gemachtigde, af van de hoorzitting. Gemachtigde vindt dat sprake is van schending van de hoorplicht. Gemachtigde verzoekt om de proceskosten op voorhand toe te kennen, omdat sprake is van misbruik van het recht door keer op keer niet te voldoen aan mails en telefoontjes met betrekking tot het verzetten van de hoorzittingen, dan wel het traineren van gemachtigde. Gemachtigde wil dat deze aanpak van de CVOM wordt afgestraft, zodat de officier leert hoe zij met Mulderzaken en hoorzittingen om moet gaan.</para>
    <para />
    <para>3. Verder voert gemachtigde aan dat er geen vooraankondigingsborden staan, terwijl sprake is van een fuik. Het is onmogelijk om nog te keren als je het C1-bord ziet. Daarnaast staat het bord ook links van de weg in plaats van aan de gebruikelijke rechterkant. Hierdoor is het niet duidelijk dat je niet door mag rijden. Vervolgens ontbreekt de lijst met incidenten van de schouwrapporten. Ook is het schouwrapport van 9 november 2023, terwijl de gedraging van dezelfde datum is. Daarnaast zijn alle boetes structureel te hoog. Gemachtigde verzoekt om vergoeding van de proceskosten.</para>
    <para />
    <para>4. De vertegenwoordigster is van mening dat het beroep ongegrond moet worden verklaard.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overwegingen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>5. De kantonrechter ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de aanwezigheid van de bebording ten tijde van de gedraging. Het dossier bevat schouwrapporten van 9 november 2023 en 29 november 2023. Hierin verklaart de verbalisant onder ambtseed dat de bebording aanwezig was en dat geen melding is gemaakt van onregelmatigheden. Hierdoor is voldoende aannemelijk dat de bebording aanwezig was op 9 november 2023 om 15:39 uur. De gedraging kan daarom worden vastgesteld.</para>
    <para />
    <para>6. Vervolgens is de vraag of er feiten en omstandigheden zijn die aanleiding geven tot een wijziging van de sanctie.</para>
    <para />
    <para>7. De kantonrechter ziet geen aanleiding om de boete te matigen of te vernietigen. Op Google Maps valt te zien dat vóór de geslotenverklaring op meerdere manieren kan worden omgekeerd, hierdoor is geen sprake van een fuik. Een vooraankondiging is daarom niet noodzakelijk.<footnote-ref linkend="_b473b229-b9fc-4188-8978-6ea792dcfd4f" /> Hierdoor is het voor betrokkene duidelijk dat hij hier niet rechtdoor mocht rijden. </para>
    <para />
    <para>8. Verder is de hoorplicht niet geschonden. Evenmin is sprake van misbruik van recht. De gemachtigde heeft er zelf voor gekozen niet aanwezig te zijn op het vastgestelde tijdstip van de hoorzitting. De wijze waarop de CVOM hoorzittingen uitvoert, kan door de rechter slechts beperkt worden getoetst. De gevolgde werkwijze doorstaat deze toets. De vertegenwoordigster heeft op de zitting toegelicht dat de tien minuten tussen de hoorgesprekken zijn bedoeld om daadwerkelijk in gesprek te kunnen gaan in plaats van enkel een standpunt te presenteren. Daarnaast dient deze tijd ervoor om degene die het hoorgesprek afneemt de gelegenheid te geven de volgende zaak voor te bereiden of het hoorverslag uit te werken. De proceskosten komen niet voor vergoeding in aanmerking.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Conclusie</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.<?linebreak?></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. J.Y.B. Jansen, kantonrechter, in aanwezigheid van mr. W.B. Jongsma, griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier						kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel </title>
    <parablock>
      <para>Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het </para>
      <para>gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:</para>
    </parablock>
    <para>a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of</para>
    <para>b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_b473b229-b9fc-4188-8978-6ea792dcfd4f" label="1">
    <para> Hof Arnhem-Leeuwarden 18 november 2021, ECLI:NL:GHARL:2021:10691.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>