<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNNE:2025:4496</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-10T08:32:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11621608 BU VERZ 25-693</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#mondelingeUitspraak">Mondelinge uitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_bestuursstrafrecht">Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2025:4496">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2025:4496</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-10T08:32:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNNE:2025:4496 Rechtbank Noord-Nederland , 14-10-2025 / 11621608 BU VERZ 25-693</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNNE:2025:4496:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Wahv. R309 – ‘als (snor)fietser niet de rijbaan gebruiken als er geen verplicht fietspad of fiets/bromfietspad aanwezig is’. Betwisting bebording. Verbalisant was ter plaatse. Daarnaast is op door betrokkene overgelegde schermafdruk van Google Street View uit 2024 hetzelfde bord te zien dat er in 2019 al stond. Op deze opname, die van dichterbij is gemaakt, is het bord G7 te zien.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNNE:2025:4496:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>RECHTBANK NOORD-NEDERLAND</title>
    <para>Zittingsplaats Leeuwarden</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikkingsnummer: 265090586</para>
      <para>zaaknummer: 11621608 BU VERZ 25-693</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van <?linebreak?>14 oktober 2025</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [betrokkene] (de betrokkene),</title>
    <parablock>
      <para>die woont in [woonplaats] ,</para>
      <para>gemachtigde: Appjection B.V.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Inleiding</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: R309 – ‘als (snor)fietser niet de rijbaan gebruiken als er geen verplicht fietspad of fiets/bromfietspad aanwezig is’, verricht op 12 maart 2024, om 20:42 uur, in de Oude Doelesteeg in Leeuwarden. De opgelegde boete bedraagt € 79,00 (inclusief administratiekosten).</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De kantonrechter heeft het beroep op 14 oktober 2025 op de zitting behandeld. Daarbij was als vertegenwoordigster van de officier van justitie aanwezig mr. P.A. Veenstra. Betrokkene en de gemachtigde zijn niet verschenen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Na sluiting van het onderzoek op de zitting heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling door de kantonrechter <?linebreak?></title>
    <bridgehead role="underline">Beslissing</bridgehead>
    <para />
    <para>2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep ongegrond is. De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunten</emphasis>
        <?linebreak?>
      </para>
    </parablock>
    <para>3. Betrokkene vindt de boete onterecht omdat op het moment dat hij door de steeg fietste, daar niemand was en betrokkene geen idee had dat het niet mocht. Betrokkene betwist de aanwezigheid van het bord G7 en verwijst naar een schermafdruk van Google Street View. Er wordt verzocht om proceskostenvergoeding.</para>
    <para />
    <para>4. De vertegenwoordigster voert aan dat het beroep ongegrond is. <?linebreak?></para>
    <para>
      <emphasis role="underline">Overwegingen</emphasis>
      <?linebreak?>
    </para>
    <para>5. Betrokkene betwist de aanwezigheid van de bebording. In dit geval was de verbalisant ter plaatse en dan geldt als uitgangspunt dat de bebording is gecontroleerd.<footnote-ref linkend="_671267c6-d1db-49df-991d-ba02ea07900a" /> Het tegendeel is niet gebleken of aannemelijk gemaakt door betrokkene.</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>Daarnaast overweegt de kantonrechter dat op de door betrokkene overgelegde schermafdruk van Google Street View van juni 2024 in de verte een bord te zien is. Op de opname van juni 2019, waarbij van dichterbij is gefotografeerd, is datzelfde bord zichtbaar. Daarop staan drie afbeeldingen: dat er cameratoezicht is, een verkeersbord E03 (verbod fietsen en bromfietsen te plaatsen) en een verkeersbord G7 (voetpad).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>De kantonrechter oordeelt dat de verkeersovertreding kan worden vastgesteld.</para>
      <para />
      <para>6. Dat betrokkene naar zeggen niet wist dat hij daar niet mocht fietsen en dat er volgens hem niemand in de straat was, maakt niet dat betrokkene het bord G7 mocht negeren. De boete is terecht opgelegd. Er is geen reden voor aanpassing van de boete.</para>
      <para />
      <para>7. Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat het beroep ongegrond wordt verklaard.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>Conclusie</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het beroep ongegrond;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Waarvan proces-verbaal,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>D.W. Veenstra, griffier				mr. T.F. Bruinenberg, kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel </title>
    <parablock>
      <para>Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het </para>
      <para>gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:</para>
    </parablock>
    <para>a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of</para>
    <para>b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_671267c6-d1db-49df-991d-ba02ea07900a" label="1">
    <para> Hof Arnhem-Leeuwarden 11 april 2023, ECLI:NL:GHARL:2023:3075</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>