<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNNE:2020:2339</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-26T13:21:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-07-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">18/730249-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2020:2339">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2020:2339</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-07T09:26:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNNE:2020:2339 Rechtbank Noord-Nederland , 03-07-2020 / 18/730249-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNNE:2020:2339:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>De rechtbank Noord-Nederland heeft op 3 juli 2020 een man veroordeeld tot 18 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor het tonen van zijn geslachtsdeel aan jonge kinderen en het plegen van ontuchtige handelingen met een jong meisje</para>
        <para>De man heeft in een periode van zeven maanden meerdere malen zijn ontblote geslachtsdeel aan jonge meisjes getoond, waarbij hij aan zijn geslachtsdeel zat te wrijven of te trekken. Eenmaal heeft hij zijn geslachtsdeel ook aan een jongetje getoond. De man reed in zijn bestelauto en hij stopte bij fietspaden waar jonge meisjes langs fietsten wanneer ze uit school kwamen of hij stopte zijn auto bij jonge meisjes die op straat stonden. Door de jonge meisjes te vragen naar voor hen bekende omstandigheden, zoals de aanwezigheid van een supermarkt, heeft hij misbruik gemaakt van de onschuld van de jonge meisjes, die immers bij zo’n vraag niet kunnen vermoeden dat iemand iets kwaads in de zin heeft. Op het moment dat hij de meisjes aansprak had de man zijn onderlichaam al ontbloot. Hij was heel gericht op zoek naar jonge meisjes om hen zijn ontblote onderlichaam te tonen.  </para>
        <para>De laatste keer heeft hij ontuchtige handelingen gepleegd met een negenjarig meisje. Hij had zijn bestelauto weer bij een fietspad geparkeerd en dwong een meisje van haar fiets te stappen. Hij pakte haar hand en zij moest met haar hand over zijn ontblote geslachtsdeel bewegen. De rechtbank heeft hieruit geconcludeerd dat er een opbouw zit in de handelingen van de man. Hij wil verder gaan en de jonge kinderen bij zijn seksuele handelingen betrekken. </para>
        <para>De rechtbank oordeelde dat juist van deze volwassen man, die is opgeleid als docent, mag worden verwacht dat hij in zijn contacten met kinderen een grote mate van zorgvuldigheid in acht neemt, waarbij hij zich bewust is van de gevolgen van seksueel grensoverschrijdend gedrag in de richting van deze kinderen. De rechtbank heeft meegewogen dat de man geen enkele verantwoordelijkheid voor zijn gedrag heeft genomen. De rechtbank is tot het bewijs gekomen door een zogenaamde schakelbewijs constructie. De rechtbank vond twee feiten bewezen en was van oordeel dat de andere feiten, gelet op de handelswijze van de dader en het signalement van de dader in combinatie met het voertuig zo zeer overeenkomen dat de man ook deze feiten heeft gepleegd. </para>
        <para>De ontkennende houding in samenhang genomen met de omstandigheid dat er een opbouw is in zijn gedrag van hands-off naar hands-on contact richting erg jonge kinderen acht de rechtbank zeer zorgelijk. De rechtbank oordeelde dat het van groot belang is voor de maatschappij dat de man niet recidiveert. Aan een behandeling kan echter geen inhoud worden gegeven wanneer de man blijft ontkennen. Het heeft daardoor geen meerwaarde om de man te verplichten een behandeling te volgen en overige bijzondere voorwaarden zijn niet nodig om het recidivegevaar te beperken. </para>
        <para>De rechtbank heeft de man daarom een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 18 maanden met aftrek van voorarrest opgelegd en de schorsing van zijn voorlopige hechtenis opgeheven. </para>
        <para>De rechtbank heeft de man meegegeven dat hij tijdens zijn gevangenisstraf moet overwegen of hij bij zijn ontkennende houding blijft of dat hij zich open gaat stellen voor een behandeling.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNNE:2020:2339:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>RECHTBANK NOORD-NEDERLAND</title>
    <para>Afdeling strafrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie Leeuwarden</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>parketnummer 18/730249-18</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 3 juli 2020 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verdachte] , </title>
    <parablock>
      <para>geboren op [geboortedatum 1] 1964 te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende te [woonadres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 19 juni 2020.</para>
      <para>De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. M.K. Bulthuis, advocaat te Groningen.</para>
      <para>Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. E.R. Jepkema.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Tenlastelegging</title>
    <para>Aan verdachte is, na nadere omschrijving van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 7 maart 2018 tot en met 26 september 2018 te of bij (onder meer) Doniaga en/of Damwald en/of  Ee en/of  Exmorra en/of Sexbierum en/of Franeker en/of Balk en/of Spanga en/of Lemmer en/of Urk, althans op/in een of meer plaats(en) in de provincie Friesland en/of Flevoland, in/bij een bestelauto, merk Peugeot Bipper en voorzien van kenteken [kenteken] meerdere personen, althans een persoon, van wie hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet</para>
      <para>had(den)bereikt, met ontuchtig oogmerk ertoe heeft bewogen getuige te zijn van seksuele handelingen van hem, verdachte, immers heeft verdachte met dat oogmerk, meermalen, althans eenmaal, in het zicht en/of ten overstaan van (onder meer),</para>
    </parablock>
    <para>- [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2008 (gepleegd te Urk op 7 maart 2018, pag. 551 e.v.) en/of</para>
    <para>- [slachtoffer 2] , geboren [geboortedatum 3] 2009 en [slachtoffer 3] , geboren [geboortedatum 4] 2006 (gepleegd te Doniaga op 21 maart 2018, pag. 114 e.v.) en/of</para>
    <para>- [slachtoffer 4] , geboren op [geboortedatum 5] 2007 (gepleegd te Damwald op 30 mei 2018, pag. 125 e.v. ) en/of</para>
    <para>- [slachtoffer 5] , geboren [geboortedatum 6] 2008 (gepleegd te Ee op 30 mei 2018, pag. 163 e.v.) en/of</para>
    <para>- [slachtoffer 6] , geboren [geboortedatum 7] 2008 (gepleegd te Ee op 30 mei 2018,  pag. 163 e.v.) en/of</para>
    <para>- [slachtoffer 7] , geboren [geboortedatum 8] 2005 (gepleegd te Exmorra op 1 juni 2018,pag. 245 e.v.) en/of</para>
    <para>- [slachtoffer 8] , geboren [geboortedatum 9] 2009 (gepleegd te Sexbierum op 6 juni 2018, pag. 265 e.v.) en/of</para>
    <para>- [slachtoffer 9] , geboren [geboortedatum 10] 2008 (gepleegd bij Balk op 7 juni 2018, pag. 292 e.v.) en/of</para>
    <para>- [slachtoffer 10] , geboren [geboortedatum 11] 2006 (gepleegd te Spanga op 11 juni 2018, pag. 327 e.v.) en/of</para>
    <para>- [slachtoffer 11] , geboren [geboortedatum 12] 2011 (gepleegd te Lemmer op 8 juli 2018, pag. 346 e.v.) en/of</para>
    <para>- [slachtoffer 12] geboren [geboortedatum 13] 2009 (gepleegd te Lemmer op 8 juli 2018,  pag. 346 e.v.) en/of</para>
    <para>- [slachtoffer 13] , geboren [geboortedatum 14] 2007 (gepleegd te Franeker op 26 september 2018, pag. 429 e.v.)</para>
    <para>- [slachtoffer 14] , geboren [geboortedatum 15] 2007 (gepleegd te Franeker op 26 september 2018, pag. 429 e.v.)</para>
    <parablock>
      <para>zijn ontblote geslachtsdeel getoond en/of zijn ontblote geslachtsdeel in zijn hand genomen/aangeraakt en/of zichzelf afgetrokken, waarbij verdachte de aandacht van (onder meer) die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 5] en/of [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] en/of [slachtoffer 8] en/of [slachtoffer 9] en/of [slachtoffer 10] en/of [slachtoffer 11] en/of [slachtoffer 12] en/of [slachtoffer 13] en/of  [slachtoffer 14] trok door hen naar zich toe te roepen en/of (vervolgens) (onder meer) te vragen -zakelijk</para>
      <para>weergegeven- of zij/hij wist(en) waar de supermarkt was en/of ze in zijn busje wilde(n) komen en/of de Action open was en/of waar de Langelilleweg was en/of waar hij kinderpostzegels kon kopen, althans door het stellen van (een) vra(a)g(en) van soortgelijke aard of strekking;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans, indien ter zake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode tussen 7 maart 2018 en 26 september 2018 te of bij (onder meer) Doniaga en/of  Damwald en/of Ee en/of Exmorra en/of Sexbierum en/of Franeker en/of Balk en/of Spanga en/of Lemmer en/of Urk, althans op/in een of meer plaats(en) in de provincie Friesland en/of Flevoland, zich meermaals opzettelijk oneerbaar op of aan een of meer openbare weg(en), in/bij een bestelauto, te weten een Peugeot Bipper, voorzien van kenteken [kenteken] , met ontbloot geslachtsdeel heeft bevonden en/of zijn ontblote</para>
      <para>geslachtsdeel in zijn hand heeft genomen/aangeraakt en/of zichzelf  heeft afgetrokken, terwijl daarbij (onder meer) [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 5] en/of [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] en/of [slachtoffer 8] en/of [slachtoffer 9] en/of [slachtoffer 10] en/of  [slachtoffer 11] en/of  [slachtoffer 12] en/of  [slachtoffer 13] en/of [slachtoffer 14] , zijns/haars ondanks tegenwoordig was/waren;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>(pagina 501 ev.)</para>
      <para>hij op of omstreeks 6 november 2018 te of bij Oosterzee, (in elk geval) in de gemeente De Fryske Marren, met [slachtoffer 15] , geboren op [geboortedatum 16] 2009, die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, immers heeft verdachte de hand van die [slachtoffer 15] vastgepakt en</para>
      <para>die/haar hand vervolgens naar zijn ontblote geslachtsdeel gebracht en/of (vervolgens) zijn ontblote geslachtsdeel door die [slachtoffer 15] laten vastpakken/aanraken en/of laten vasthouden en/of terwijl die [slachtoffer 15] zijn ontblote geslachtsdeel vast had, haar een of meer heen- en weergaande beweging(en) laten maken met zijn ontblote geslachtsdeel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling van het bewijs</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft veroordeling gevorderd voor het onder 1. primair en 2. ten laste gelegde. De officier van justitie heeft onder meer aangevoerd dat het onder 1. primair ten laste gelegde in Lemmer met betrekking tot de slachtoffers [slachtoffer 11] en [slachtoffer 12] op grond van wettige en overtuigende bewijsmiddelen kan worden bewezen. Uit de camerabeelden blijkt dat een persoon in de bestelauto van verdachte op de plek die de slachtoffers beschrijven, de slachtoffers aanspreekt en even daarvoor is uit de camerabeelden af te leiden dat verdachte de persoon is die op dat moment gebruik maakt van zijn bestelauto. Gelet op de omstandigheid dat bij de andere zaken die ook onder 1. primair zijn ten laste gelegd eenzelfde specifieke werkwijze wordt gebruikt, waarbij telkens gebruik wordt gemaakt van eenzelfde bestelauto als die van verdachte en gelet op het signalement van de dader dat past bij verdachte, kan worden bewezen dat verdachte ook de dader van deze feiten is. Hierbij kan ook in aanmerking worden genomen dat uit het proces-verbaal blijkt dat nadat verdachte is aangehouden de delicten waarbij deze specifieke werkwijze werd gehanteerd zijn gestopt. </para>
      <para>Voorts heeft de officier aangevoerd dat het onder 2. ten laste gelegde op grond van wettige en overtuigende bewijsmiddelen bewezen kan worden. Uit de gegevens van het peilbaken dat onder de bestelauto van verdachte was geplaatst blijkt dat verdachte aanwezig was op de carpoolplek bij Oosterzee op het moment dat [slachtoffer 15] door de man -die gebruik maakte van eenzelfde type bestelauto als verdachte- op die plek werd vastgepakt en gedwongen de man zijn geslachtsdeel vast te pakken. Gelet op het gegeven signalement en de omstandigheid dat uit niets blijkt dat er meerdere bestelauto’s van hetzelfde type stonden kan het niet anders zijn dan dat verdachte de man is die [slachtoffer 15] heeft vastgepakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft betoogd dat verdachte integraal moet worden vrijgesproken, omdat niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte de persoon is die de feiten heeft gepleegd. Zij heeft daartoe het volgende aangevoerd. Uit de aangiftes en de verklaringen van de slachtoffers blijkt dat het gaat om een manspersoon variërend in leeftijd en uiterlijk, rijdend in een busje of bestelauto variërend in kleur en type. Op basis van dergelijke algemene omschrijvingen, zonder concreet steunbewijs, kan niet tot een wettige en overtuigende bewezenverklaring gekomen worden. Tevens zijn de pintransacties van verdachte, de telefoonmastgegevens en data van locaties waarop verdachte als vrijwilliger heeft gewerkt onderzocht en hieruit volgt niet dat verdachte bij de feiten aanwezig is geweest. </para>
      <para>In het geval de rechtbank tot een bewezenverklaring komt heeft de raadsvrouw aangevoerd dat met betrekking tot de feiten gepleegd in Doniaga, Damwald, Lemmer en Urk onvoldoende blijkt van seksueel corrumperen in de zin van artikel 248d van het Wetboek van Strafrecht. Het geslachtsdeel was weliswaar zichtbaar, maar niet is gebleken dat in die gevallen ook daadwerkelijk sprake is geweest van seksuele handelingen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank stelt op grond van de hierna te noemen bewijsmiddelen<footnote-ref linkend="_a8e861af-2db9-4a97-8243-064f0077155f" /> die de daartoe redengevende feiten en omstandigheden bevatten, het volgende vast.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Urk</emphasis>
      </para>
      <para>
        [moeder slachtoffer 1] heeft aangifte gedaan met betrekking tot haar dochter [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2008. Haar roepnaam is [slachtoffer 1] . Op 7 maart 2018 tussen 12.45 uur en 13.00 uur te Urk kwam haar dochter op de fiets van school naar huis. Toen haar dochter thuis kwam vertelde zij dat ze onderweg door een man in een bestelwagen was aangesproken. De man was in de bestelwagen naar haar toegereden, terwijl hij zijn raam open had staan. De man had iets tegen haar gezegd, maar zij had het niet verstaan. Ze was daarom dichter bij hem gaan staan. Hij vroeg vervolgens of ze iemand kende en waar die persoon woonde. Ze gaf aan dat ze die persoon niet kende. Hierop kwam de man met de bestelwagen nog dichter bij haar staan. [slachtoffer 1] zag toen dat de man zijn broek op zijn knieën had en met zijn blote piemel in zijn hand zat. Ze zag dat hij over zijn piemel zat te aaien.<footnote-ref linkend="_18b195f9-3424-4d77-94e8-52a6b5e7a955" /></para>
      <para>
        [slachtoffer 1] is zelf ook door de politie gehoord en heeft verklaard dat de man in een grijs busje reed. Aan de zijkanten van de bus zat een soort afdruk van ramen, maar er zaten geen ramen in. De bank in de bus was zwart met grijze blokjes en een achter de stoelen hing een gordijn. De man droeg een pet, had grijs haar, geen snor, geen bril en een stoppelbaard. De man had een bruine huidskleur alsof hij veel in de zon was geweest. De man sprak Nederlands.<footnote-ref linkend="_ddf3ff09-93b6-4994-b3ee-a5d5839bbbee" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Doniaga</emphasis>
      </para>
      <para>
        [vader slachtoffer 2 en 3] heeft aangifte gedaan namens zijn dochters [slachtoffer 2] , geboren op [geboortedatum 3] 2009 en [slachtoffer 3] , geboren op [geboortedatum 4] 2006. Op 21 maart 2018 te Doniaga fietsten zijn dochters samen met een buurmeisje van school naar huis. Toen ze thuis kwamen rond 14.30 uur hebben ze gelijk hun vader gebeld. Ze waren in paniek en vertelden dat [slachtoffer 3] voorop fietste en dat een man in een grijze bestelauto haar had gevraagd of ze wist waar de supermarkt was. Daarna was de man doorgereden en kwam hij [slachtoffer 2] en het buurmeisje tegen. Hij had zijn grijze bestelauto gestopt en had de meisjes naar zich toe gewenkt alsof hij ze iets wilde vragen. Toen de meisjes dichter bij hem kwamen had hij zich in de stoel iets omhoog gewerkt en liet hij zijn piemel zien. Hij zwengelde met zijn piemel. Volgens zijn dochters was de man kaal. De bestelauto waarin de man reed noemden zijn dochters ook wel een caddy.<footnote-ref linkend="_626098b2-d2cc-48b1-92c4-a34441531071" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Damwald</emphasis>
      </para>
      <para>
        [moeder slachtoffer 4] heeft aangifte gedaan namens haar dochter [slachtoffer 4] , geboren op [geboortedatum 5] 2007. Op 30 mei 2018 rond kwart voor één te Damwald fietste haar dochter van school naar huis. Toen [slachtoffer 4] thuis kwam vertelde ze dat ze onderweg door een man was aangesproken. De man reed in een licht grijze bestelauto. Volgens haar dochter leek het op een Peugeot Bipper. De bestelauto had een dichte achterkant zonder ramen. De man had wit/grijs haar en was op de bovenkant van zijn hoofd een beetje kaal. De man zat in zijn bestelauto en had zijn raam open. Hij vroeg [slachtoffer 4] of hij haar iets mocht vragen. [slachtoffer 4] had vervolgens haar fiets naast de bestelauto gezet en de man vroeg haar toen de weg naar de supermarkt. [slachtoffer 4] zag  dat de man van onderen geen kleding droeg. Van boven had hij wel kleding aan. [slachtoffer 4] heeft vervolgens uitgelegd waar hij de supermarkt kon vinden. Ondertussen was hij met zijn piemel aan het friemelen.<footnote-ref linkend="_a53b7532-ab4a-4338-a272-c07f8ecd3e8a" /> [slachtoffer 4] is zelf ook door de politie gehoord en heeft verklaard dat de man reed in een Bipper, maar dat het ook een caddy kon zijn. Ze doet ook de bewegingen voor die de man met zijn blote piemel maakte. Ze houdt haar handen bij elkaar met de palm naar boven. Ze maakt van haar handen een driehoek, duimtoppen tegen elkaar, vingertoppen tegen elkaar. Dan maakt ze met haar handen zacht knijpende bewegingen met wiebelende vingers.<footnote-ref linkend="_e351d9da-8c9f-46f3-aa71-7c84556d6732" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ee</emphasis>
      </para>
      <para>
        [moeder slachtoffer 5] heeft aangifte gedaan namens haar dochter [slachtoffer 5] , geboren op [geboortedatum 6] 2008. Op 30 mei 2018 tussen 14.45 uur en 15.00 uur was haar dochter samen met haar vriendin [slachtoffer 6] achter hun thuis in Ee in het zwembad aan het spelen. Op een gegeven moment kwamen [slachtoffer 5] en [slachtoffer 6] bij haar en vertelden haar dat er iets was voorgevallen. [slachtoffer 5] en [slachtoffer 6] waren met een handdoek op weg naar de woning van [slachtoffer 6] geweest. Er was een auto gestopt en een man vroeg aan hen of ze wisten waar de dichtstbijzijnde supermarkt was. [slachtoffer 6] vertelde dat er in Kollum een supermarkt was. Vervolgens gaf de man een kort antwoord en [slachtoffer 5] en [slachtoffer 6] zagen dat de man bloot was van zijn middel tot aan de knieën. Hij was aan het wiebelen. Volgens [slachtoffer 5] reed de man in een grijze auto van het merk Peugeot. Het type was soortgelijk aan een Peugeot Partner. Het was een wat oudere man en hij sprak Nederlands.<footnote-ref linkend="_918b1117-665d-4e5c-915b-d1e8154b2061" /> [slachtoffer 5] is zelf ook door de politie gehoord en heeft verklaard dat toen de man kwam aanrijden hij het raam open had. Toen hij haar en [slachtoffer 6] vroeg waar de supermarkt was zagen ze zijn geslachtsdeel. De meisjes hebben toen een stapje naar achter gedaan en [slachtoffer 6] heeft verteld waar de supermarkt was. De man zat ondertussen aan zijn geslachtsdeel. Hij had eerst zijn beide handen aan het stuur, maar hij zat vervolgens met beide handen aan zijn geslachtsdeel. Hij bewoog zijn handen en keek er dan even naar. Hij probeerde de aandacht erop te vestigen door ermee te bewegen. De man had kort grijs haar en was een beetje kaal. Ook had hij een hele korte baard onder zijn kin en wat kleine stekeltjes ernaast. Het voertuig soortgelijk aan een Peugeot Partner, had geen ramen in het achterste deel en aan de achterkant waren de ramen donker.<footnote-ref linkend="_a15da142-d970-4a5e-87ee-cf023c666833" /></para>
      <para>
        [moeder slachtoffer 6] heeft aangifte gedaan namens haar dochter [slachtoffer 6] , geboren op [geboortedatum 7] 2008.<footnote-ref linkend="_bbe29e04-7edd-44b8-9fbd-315889bb48b1" /> [slachtoffer 6] is zelf ook door de politie gehoord en heeft verklaard dat de man die haar en [slachtoffer 5] aansprak in zijn blootje in de auto zat. Hij had zijn broek omlaag tot de knieën. Hij had met zijn ontblote piemel geschud en ze had gezien dat hij aan zijn piemel zat te wiebelen. De man was aardig bruin en had een kleine grijze baard en grijs haar. Hij droeg geen bril en sprak Nederlands. [slachtoffer 6] had gezien dat de auto van de man van het merk Peugeot was en dat de plek van de achterramen grijs was.<footnote-ref linkend="_a36f0bf8-bdb2-418e-8fad-cf20c456a977" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Exmorra</emphasis>
      </para>
      <para>
        [moeder slachtoffer 7] heeft aangifte gedaan namens haar dochter [slachtoffer 7] , geboren op [geboortedatum 8] 2005. Haar roepnaam is [slachtoffer 7] . [slachtoffer 7] belde op 1 juni 2018 haar moeder. Ze was die middag samen met haar vriendin [naam vriendin 1] op de fiets op weg van school naar huis. [slachtoffer 7] vertelde haar moeder dat in de buurt van Exmorra een man bij het fietspad stond. Hij had zijn geslachtsorgaan bloot. Hij was zich aan het aftrekken. De man stond achter een zilverkleurige bestelauto. Hij had de klapdeuren aan de achterzijde open en daar stond hij tussen in. Op deze wijze konden fietsers hem wel zien, maar automobilisten niet. Volgens [slachtoffer 7] was het een soort caddy.<footnote-ref linkend="_8522530c-a290-4bfb-afeb-5ec63114b05d" /> [slachtoffer 7] is ook zelf door de politie gehoord en heeft verklaard dat ze rond kwart voor twee uit Bolsward waren vertrokken en dat ze de man na ongeveer een half uur fietsen bij Exmorra zagen. De man had zijn grijs zilverkleurige bestelauto tussen de weg en het fietspad gezet met de kleppen richting het fietspad. Hij stond zich tussen de geopende kleppen af te trekken. Hij zat met zijn hand bij zijn piemel en maakte heen en weer gaande bewegingen. Hij riep nog iets tegen haar vriendin die net achter haar fietste. Hij zei woorden in de strekking van dat zij in zijn bestelauto moest komen. Dit heeft zij later van haar vriendin [naam vriendin 1] gehoord. De man had zijn shirt aan, maar zijn broek naar beneden. Het was een blanke man die in de zon had gelegen. Zijn armen waren behaard en hij had een stoppelbaardje.<footnote-ref linkend="_eaf31524-ec4c-4a36-83f1-8804ba1e836a" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Sexbierum</emphasis>
      </para>
      <para>
        [moeder slachtoffer 8] heeft aangifte gedaan namens haar dochter [slachtoffer 8] , geboren op [geboortedatum 9] 2009. Op 6 juni 2018 rond 16.45 uur vertelde [slachtoffer 8] haar dat ze die middag iets goors had meegemaakt. Zij vertelde dat ze die middag met haar vriendin [naam vriendin 2] in Sexbierum aan het tennissen was toen een man in een busje bij hen stopte. Hij vroeg hen waar de supermarkt was. Ze had toen gezien dat de man zijn broek op de knieën had en dat hij zijn hand onder zijn piemel had.<footnote-ref linkend="_66b621a4-9d15-4622-b35b-aa85fb05e306" /> [slachtoffer 8] is ook zelf door de politie gehoord en heeft verklaard dat een man in een grijs busje aan haar en [naam vriendin 2] had gevraagd waar de supermarkt was. De man had het raam van zijn busje open toen hij kwam aanrijden. Hij praatte heel luid en daarom was [slachtoffer 8] naar het busje toegelopen om de man te vertellen waar de supermarkt was. Ze zag toen dat de man zijn broek naar beneden had. Ze zag de piemel van de man. Deze wees recht naar voren. De man had zijn handen om zijn piemel. [slachtoffer 8] deed voor wat de man met zijn handen deed. Hij maakte op- en neergaande bewegingen met zijn handen. Terwijl de man dit deed keek hij naar [slachtoffer 8] en [naam vriendin 2] . De man had grijs haar en boven op het hoofd was hij een beetje kaal. Hij had aan de zijkant en achter op zijn hoofd nog wel haar. Hij had geen baard, snor of bril.<footnote-ref linkend="_1738450d-b6f7-4351-a16f-04937d028ad4" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Balk</emphasis>
      </para>
      <para>
        [vader slachtoffer 9] heeft aangifte gedaan namens zijn dochter [slachtoffer 9] , geboren op [geboortedatum 10] 2008. Op 7 juni 2018 rond kwart voor zes fietste [slachtoffer 9] van Wijckel naar haar huis in Balk. Toen ze thuis kwam begon [slachtoffer 9] te huilen. Zij vertelde dat ze toen net in Balk was door een man werd aangesproken. De man reed in een bestelauto waarvan de ramen van het laadgedeelte dicht waren. De man had haar de weg naar de supermarkt gevraagd. Toen ze bij de bestelauto kwam had ze gezien dat de man geen onderkleding droeg. Hier was ze erg van geschrokken.<footnote-ref linkend="_a3d439b6-b456-41b5-a351-bfddb4c672d9" /> [slachtoffer 9] is zelf ook door de politie gehoord en heeft verklaard dat een man in een bestelbus haar de weg naar de supermarkt had gevraagd. Toen [slachtoffer 9] aan kwam fietsen had de man het raampje van zijn bestelbus al open gehad. De man zei dat hij haar niet goed kon verstaan, daarom is ze dichter bij de bestelbus gaan staan. Toen zag ze dat de man geen onderbroek en broek aan had en ze zag zijn stijve piemel. De man had zijn piemel in de hand en ging op en neer met zijn hand. Het busje had de kleur blauw en wit door elkaar. De bus had één kleur en de binnenkant was zwart. De man droeg een pet en had een baard van hele korte witte stekeltjes. De man sprak Nederlands.<footnote-ref linkend="_2f50bcf4-b513-44da-904b-55f838b227fd" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Spanga</emphasis>
      </para>
      <para>
        [moeder slachtoffer 10] heeft aangifte gedaan namens haar dochter [slachtoffer 10] , geboren op [geboortedatum 11] 2006. Haar dochter belde haar op 11 juni 2018 overstuur op. Ze vertelde haar dat toen ze in Spanga naar huis fietste door de bestuurder van een licht grijze bestelauto werd aangesproken. De man vroeg of hij haar iets mocht vragen. [slachtoffer 10] stopte met fietsen en de man kwam achteruitrijdend naar haar toe. Hij vroeg haar vervolgens de weg naar Langelille. [slachtoffer 10] legde dat uit. Hij zei vervolgens dat hij het niet had begrepen en vroeg of ze het nog een keer kon uitleggen. Ze keek de man toen aan en keek ook in de auto. Ze zag dat de man naakt was. Hij had wel een shirt aan, maar geen onderbroek. Ze zag dat hij met zijn rechter hand aan het wrijven was. Hij had zijn hand op zijn piemel. Vervolgens zag ze haar buurman op de trekker aan komen rijden. Ze is toen snel weggefietst.<footnote-ref linkend="_050627f2-8ac1-4942-8ebd-573858cd2125" /> [slachtoffer 10] is zelf ook door de politie gehoord en heeft verklaard dat toen ze de man nog een keer uitlegde hoe hij moest rijden ze zag dat hij geen broek en geen onderbroek aan had. Ze zag dat hij met zijn rechter hand zijn geslachtsdeel aan het strelen was. De man was zonnebank bruin, had een klein grijs sikje en dun grijs haar. Zijn bestelauto was wit/grijs van kleur en van het merk Peugeot. Het was een bestelauto met alleen twee stoelen voorin.<footnote-ref linkend="_73f90b54-1ab2-4c65-b440-7dec2b30e340" /> Op 11 juni 2018 omstreeks 14.50 uur kwam [getuige] met zijn trekker in Spanga aanrijden. Hij zag een grijze Peugeot rijden. Hij zag achter het stuur een oudere man met grijs haar en een gebruinde huid zitten. [getuige] moest even wachten voor de brug en had geen zicht meer op de Peugeot. Nadat hij over de brug was zag hij de Peugeot schuin op de weg naast [slachtoffer 10] staan. [slachtoffer 10] maakte handgebaren alsof ze de bestuurder de weg wees. Ze wees richting de Langelilleweg.<footnote-ref linkend="_22865d6d-81e2-4e58-92af-d0d06ff1edb9" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Franeker</emphasis>
      </para>
      <para>
        [vader slachtoffer 13] heeft aangifte gedaan namens zijn dochter [slachtoffer 13] , geboren op [geboortedatum 14] 2007. Hij had op 26 september 2018 omstreeks 14.00 uur van de politie gehoord dat zijn dochter was lastig gevallen door een man die zijn geslachtsdeel aan haar had laten zien.<footnote-ref linkend="_d34697a8-02cf-4a16-89e2-92aa0844c205" /> [slachtoffer 13] is zelf ook door de politie gehoord en heeft verklaard dat ze samen met [slachtoffer 14] kinderpostzegels aan het verkopen was. Er kwam een man in een klein grijs busje aanrijden en hij stopte bij hen. Hij had zijn raam al open en hij vroeg hen waar hij kinderpostzegels kon kopen. [slachtoffer 13] stond dicht bij de bus en kon in de bus kijken. Ze zag toen dat hij zijn broek en onderbroek omlaag had. Ze zag zijn piemel. De man bewoog zijn piemel heen en weer met zijn hand. De andere hand had hij op het stuur. Terwijl de man dat deed keek hij [slachtoffer 13] aan en knikte naar haar. De bus had aan de zijkant alleen een raam voor de bestuurder en een raam voor de passagier. De man droeg een pet en geen bril.<footnote-ref linkend="_cb796530-e393-4003-9abf-ae3f47b7bf40" /> [slachtoffer 14] is ook door de politie gehoord en heeft verklaard dat zij op 26 september 2018 samen met [slachtoffer 13] kinderpostzegels aan het verkopen was toen een man in een zilverkleurig busje aan kwam rijden. Hij had het raam al open en hij vroeg aan hen of ze wisten waar hij kinderpostzegels kon kopen. De man reed in een klein autootje met een bakje erachter. Ze heeft zelf niet in het busje gekeken, omdat ze verder weg stond. Ze hoorde later van [slachtoffer 13] dat de man met zijn piemel had zitten spelen.<footnote-ref linkend="_a2af8b2c-9b91-47dd-b202-a073472598db" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Lemmer</emphasis>
      </para>
      <para>
        [moeder slachtoffer 11 en 12] heeft aangifte gedaan namens haar dochter [slachtoffer 12] , geboren op [geboortedatum 13] 2009 en haar zoon [slachtoffer 11] , geboren op [geboortedatum 12] 2011. Op 8 juli 2018 om 9.30 uur gingen [slachtoffer 12] en [slachtoffer 11] naar de Action in Lemmer. Om 10.00 uur kwamen ze weer thuis en vertelden ze dat ze een rare man hadden gezien die bloot in de auto zat. Ze vertelden dat ze op de verhoging voor de Action stonden en dat er toen een man in een auto bij hen stopte. Hij draaide het raampje open en vroeg aan hen of de Action dicht was. Hierop hadden de kinderen bevestigend geantwoord, waarna de man weer was doorgereden. Beide kinderen hadden gezien dat de man naakt was. Ze vertelden dat de man grijs haar had.<footnote-ref linkend="_3e9ae0ac-ad9b-4195-b9a0-0313e5da6038" /> [slachtoffer 11] is ook door de politie gehoord en heeft verklaard dat hij samen met zijn zus [slachtoffer 12] was toen de man hen aan sprak. De man reed in een klein grijs busje voor twee personen met een klein achterbakje. De bus had geen andere kleuren. De man deed het raam open, stond even en kwam bij het raam zitten en vroeg hen vervolgens of de Action open was. [slachtoffer 11] zag dat dat de man zijn broek op de knieën had en hij zag geen onderbroek. Hij had de piemel van de man gezien. De man had wel een shirt aan. De huid van de man was een beetje bruinig. Hij had geen baard en sprak Nederlands.<footnote-ref linkend="_1edc54ae-aebc-4c67-b15b-f32acf0ba5bf" /> [slachtoffer 12] is ook door de politie gehoord en heeft verklaard dat ze met haar broertje naar de Action ging, maar dat de Action dicht was. Ze stonden te praten op een verdieping en toen stond er een auto bij hen. De man in de auto draaide het raampje naar beneden en vroeg aan hen of de Action open was. Ze zag toen dat de man in de auto vanaf zijn buik tot zijn knieën bloot was. Ze zag zijn piemel. Ze kon dat goed zien omdat hij laag zat. De man was een beetje bruin en sprak Nederlands.<footnote-ref linkend="_dd40403f-b28f-4e6e-8c72-430a8c3a3580" /></para>
      <para>De politie heeft vervolgens onderzoek gedaan en heeft de camerabeelden van 8 juli 2018 van 9.00 uur tot 10.00 uur van de Lidl en de Optie 1 beide gevestigd te Lemmer bekeken. Uit de camerabeelden blijkt dat om 9.32 uur een blanke man met kort grijs haar uit een grijze bestelauto van het merk Peugeot stapt. Hij pakt vervolgens een winkelwagen en loopt in de richting van de Lidl. De man loopt de Lidl binnen. Om 9.42 uur loopt de man terug naar de bestelauto en hij rijdt het parkeerterrein af. Om 9.43 uur is te zien dat twee kinderen, een jongen en een meisje aankomen lopen vanaf de ingang van de Lidl. Om 9.44 uur is te zien dat de bestelauto voorzien van het kenteken [kenteken] stopt ter hoogte van de jongen en het meisje die vanaf de Lidl kwamen. De kinderen bewegen zich in de richting van de bestelauto. De man in de bestelauto richt zijn hoofd en bovenlichaam in de richting van de kinderen. Na 2 seconden rijdt de bestelauto weer door.<footnote-ref linkend="_27c521a2-4be9-49e2-8e7e-a41d7a5997db" /> De politie heeft onderzoek gedaan naar de auto met het kenteken [kenteken] . Het betreft een bedrijfsauto van het merk Peugeot, type Bipper, kleur grijs, bijzonderheden zijn dat het een zilver grijze auto is met een gesloten opbouw. De kentekenhouder is [naam ingeschrevene] , wonende op de [adres] . Op dit adres staat tevens verdachte ingeschreven.<footnote-ref linkend="_d89e5d4b-bab2-4a9e-b076-e60bc3f2e46b" /> De afdeling zeden van de politie heeft voornoemde camerabeelden onder collega's van andere afdelingen verspreid en gevraagd of iemand de persoon op de camerabeelden herkende. Verbalisanten [verbalisant 1] , [verbalisant 2] en [verbalisant 3] herkenden de combinatie van de man en het voertuig. De man herkenden ze als verdachte.<footnote-ref linkend="_3d2d3a66-8535-4348-8af6-526a3708d77f" /> Van voornoemde beelden van 9.44 uur is een foto getoond aan verdachte. Hij heeft erkend dat hij de persoon is die daar rijdt.<footnote-ref linkend="_c9eac6d9-174a-4c69-8436-859dfdde3546" /> Hij heeft de Peugeot Bipper op 27 november 2018 zo'n twee jaar in zijn bezit en hij is de persoon die meestal gebruik maakt van deze auto. De andere persoon die de auto wel eens gebruikt is zijn echtgenote. De auto heeft twee stoelen en aan de achterkant een laadruimte. Alleen het cabinedeel heeft twee zijraampjes en een voorraam. In de laadruimte zijn geen ramen. Tussen de laadruimte en de cabine hangt een gordijn.<footnote-ref linkend="_197eee9f-6e33-42c5-82b9-081fb77cded1" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oosterzee</emphasis>
      </para>
      <para>
        [moeder slachtoffer 15] heeft aangifte gedaan namens haar dochter [slachtoffer 15] , geboren op [geboortedatum 16] 2009. Haar roepnaam is [slachtoffer 15] . [slachtoffer 15] was om 14.00 uur uit school en fietste van Oosterzee naar haar woning in Follega. Ze was net iets eerder thuis dan haar moeder en vertelde toen haar moeder thuis kwam dat op de carpoolplaats aan de kant van Oosterzee een licht grijs busje stond geparkeerd. Achter het busje stond een man. Hij was naar [slachtoffer 15] toegelopen. Ze moest afstappen. Vervolgens hield hij haar hand bij zijn geslachtsdeel. [slachtoffer 15] moest hem aanraken. Vanaf school tot de carpoolplaats is ongeveer een kwartiertje fietsen. De man sprak Nederlands.<footnote-ref linkend="_fb3e562d-97e2-482f-a267-c64ef19133d4" /> [slachtoffer 15] is zelf ook door de politie gehoord en heeft op 7 november 2018 verklaard dat ze de vorige dag van school naar huis fietste en dat bij het fietspad bij de parkeervakken voor auto's een licht grijs busje stond. De bus had aan de achterkant geen ramen. De achterkleppen van het busje waren open. Achter het busje stond een man. De man droeg een fluorescerend vestje. De man zei dat ze moest afstappen. Vervolgens deed hij zijn broek en onderbroek omlaag en hij pakte haar hand vast. Hij bracht haar hand naar zijn blote piemel en ze moest met haar hand over zijn piemel wrijven. De man zei dat ze daarmee door moest gaan tot "het" eruit kwam. Terwijl ze dit deed stond de piemel van de man omhoog. Ze stonden achter het busje. De man had grijs haar met bovenop wat stekels en aan de zijkanten normaal kort haar. De man droeg geen bril of baard.<footnote-ref linkend="_54f3c303-9a29-48d7-ac85-4411cf546fff" /></para>
      <para>Onder het voertuig van het merk Peugeot en type Bipper met kenteken [kenteken] is door de politie een baken geplaatst. Door het baken kunnen de plaatsbepalingsgegevens van het voertuig worden vastgelegd. Uit de gegevens van het baken blijkt dat het voertuig op 6 november 2018 om 14.09 uur en 14.10 uur stilstond op de carpoolplaats Oosterzee in de richting van Follega.<footnote-ref linkend="_3d7c28bd-dae8-4427-a435-2c136dea6811" /> Verdachte heeft verklaard dat hij wel eens met zijn voertuig is gestopt op de carpoolplaats bij Oosterzee. Dat zou volgens hem best op 6 november 2018 kunnen zijn geweest.<footnote-ref linkend="_9a11c59d-74ec-49ab-b0ad-4c53b30560a6" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">bewijsoverwegingen</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Daderschap</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van voornoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte de persoon is die op 8 juli 2018 te Lemmer aan [slachtoffer 12] en [slachtoffer 11] zijn geslachtdeel heeft getoond en dat hij de persoon is die op 6 november 2018 bij Oosterzee ontuchtige handelingen met [slachtoffer 15] heeft gepleegd. De rechtbank neemt hierbij voorts in aanmerking dat uit DNA-onderzoek blijkt dat niet is uitgesloten dat verdachte de mouw van de jas van [slachtoffer 15] heeft vastgehad en dat verdachte, die een eenzelfde type bestelauto rijdt als [slachtoffer 15] beschrijft, rond hetzelfde tijdstip op de carpoolplek in Oosterzee aanwezig is geweest en er door zowel verdachte als [slachtoffer 15] niet is verklaard over een tweede grijze bestelauto die daar op dat moment aanwezig was. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt verder vast dat de onder 1. ten laste gelegde feiten zijn gepleegd in een tijdsbestek van zeven maanden in verschillende plaatsen in de provincie Friesland en in Urk. De slachtoffers betroffen meisjes variërend in leeftijd van 7 tot 14 jaar. In Lemmer was één van de slachtoffers een jongen, maar hij was samen met zijn zus. Bij al deze feiten was sprake van eenzelfde modus operandi. </para>
      <para>Het betrof iedere keer een man met eenzelfde signalement in combinatie met eenzelfde soort voertuig. Uit de slachtofferverklaringen komt telkens naar voren dat het ging om een blanke man die door de zon gebruind was. De man had grijs/wit haar en aan de bovenkant had hij stekeltjes en was hij kalend, soms had hij een stoppelbaard of een kort sikje. De man sprak Nederlands en droeg geen bril. De man reed in een grijze, kleine bestelauto, een caddy-achtig voertuig zonder ramen in de laadruimte en een gordijn tussen de laadbak en de cabine en zwarte bekleding. Een aantal slachtoffers heeft gezien dat het een Peugeot betrof. Anders dan de verdediging heeft aangevoerd is de rechtbank van oordeel dat deze omschrijvingen niet te algemeen zijn. Bij het beoordelen van deze verklaringen heeft de rechtbank rekening gehouden met de omstandigheid dat het verklaringen van kinderen betreft die over een indrukwekkende gebeurtenis verklaren, waarbij de aandacht waarschijnlijk niet direct naar het gezicht is gegaan en ze vaak maar een kort moment contact met de persoon hebben gehad. Dit maakt dat het beschrijven van de persoon lastig is. Niettemin hebben de kinderen specifieke verklaringen afgelegd over de persoon en het voertuig dat zij gezien hebben. De rechtbank stelt vast dat het signalement dat de kinderen hebben gegeven in combinatie met het voertuig past bij verdachte en zijn voertuig, zoals hij en zijn voertuig op de foto's in het dossier staan afgebeeld.<footnote-ref linkend="_cc03f8ae-458b-45fe-8c64-09e82427189c" /> Bovendien past deze beschrijving van de persoon en het voertuigbij de beschrijving van de persoon en het voertuig door de slachtoffers in de zaken uit Lemmer en Oosterzee. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tevens kwam de handelwijze van de dader op essentiële punten overeen. </para>
      <para>Behalve in de zaken Oosterzee en Exmorra zit de dader in zijn voertuig en komt hij aanrijden. Meestal heeft hij dan zijn raampje al open. Telkens worden de slachtoffers, vrijwel altijd meisjes, aangesproken door een man met een zogenaamde smoesbenadering. Vaak is dit in de buurt van een fietspad. Hij vraagt dan waar de hij de supermarkt kan vinden, of een winkel open is, of ze een bepaalde persoon kende, of waar een bepaalde weg is, of waar hij kinderpostzegels kan kopen. Telkens zit hij dan met zijn broek en of onderbroek naar beneden in zijn voertuig en hij zorgt dat de slachtoffers of dichter bij zijn voertuig komen of hij vestigt met een hoofdbeweging of door het omhoogkomen de aandacht op zijn ontblote onderlichaam. Iedere keer is het duidelijk dat hij wil dat zijn slachtoffers het ontblote onderlichaam zien. Met uitzondering van de zaak in Lemmer zit hij ook aan zijn ontblote geslachtsdeel en maakt hij bewegingen met zijn hand(en) en/of zijn geslachtsdeel. Naar het oordeel van de rechtbank is deze handelswijze specifiek voor deze dader. De rechtbank neemt hierbij in aanmerking dat uit het politieonderzoek blijkt dat er na de aanhouding van verdachte geen meldingen of aangiftes zijn gedaan van zaken die in meer of mindere mate aan de hiervoor beschreven kenmerken voldoen.<footnote-ref linkend="_9e97a54f-6df6-4fdc-b36c-c5cc8b71c074" /></para>
      <para>In de zaak in Exmorra staat de man tussen het fietspad en de weg geparkeerd met zijn voertuig en staat hij met ontbloot onderlichaam tussen de geopende kleppen van zijn voertuig, zodat hij vanaf de weg niet zichtbaar is. Hij roept een van de slachtoffers dat ze moet komen. Deze handelwijze past bij het latere gepleegde feit in Oosterzee. Toen stond de man het slachtoffer ook op te wachten bij een fietspad en zei dat ze af moest stappen. Vervolgens ging hij met het slachtoffer tussen de kleppen van zijn voertuig staan, zodat hij vanaf de weg niet zichtbaar was. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij het onder 2. ten laste gelegde feit, het plegen van ontuchtige handelingen zijn ook overeenkomsten met de onder 1. ten laste gelegde feiten. Het betrof een man met eenzelfde signalement in combinatie met eenzelfde soort voertuig. De man is echter in dit geval in zijn gedrag nog een stap verder gegaan: hij heeft niet alleen zijn geslachtsdeel getoond aan een minderjarige maar een minderjarige gedwongen tot het ondergaan van ontuchtige handelingen. Dit feit is gepleegd op 6 november 2018, dus na de andere feiten. Hieruit blijkt naar het oordeel van de rechtbank dat de gedragingen van de man in ernst toe namen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op voornoemde bewijsmiddelen en overwegingen -in onderling verband en samenhang beschouwd- acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte niet alleen de dader is die in de zaken Lemmer en Oosterzee, maar ook in de zaken Doniaga, Damwald, Ee, Exmorra, Sexbierum, Franeker, Balk, Spanga en Urk. </para>
      <para>De rechtbank neemt hierbij in aanmerking dat de uit de door de politie onderzochte pintransacties vanaf de bankrekening van verdachte en de gegevens van de bibliotheek waar verdachte werkzaam was niet blijkt dat verdachte op de data en tijdstippen waarop de feiten plaatsvonden niet in de gelegenheid was deze te plegen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">Feit 1. primair</emphasis>
      </para>
      <para>Onder 1. primair is telkens corrumperen ten laste gelegd, te weten dat verdachte telkens een persoon van wie hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, met ontuchtig oogmerk ertoe beweegt getuige te zijn van seksuele handelingen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Seksuele handelingen</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van voornoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte in alle onder 1. ten laste gelegde zaken, met uitzondering van de zaak Lemmer, met zijn hand of handen handelingen bij of met zijn geslachtsdeel heeft verricht. Deze handelingen kunnen worden gekwalificeerd als seksuele handelingen in de zin van artikel 248d van het Wetboek van Strafrecht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt dat uit de wetsgeschiedenis blijkt dat het begrip seksuele handelingen in artikel 248d van het Wetboek van Strafrecht niet restrictief geïnterpreteerd dient te worden, maar dat de uitleg van dit begrip juist ruim moet zijn vanuit de beschermingsgedachte van deze bepaling. Het artikel beoogd immers opgroeiende kinderen te beschermen tegen schadelijke beïnvloeding van hun seksuele en persoonlijke ontwikkeling. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In de zaak Lemmer zat verdachte met ontbloot onderlichaam in zijn voertuig. Hierdoor was zijn ontblote geslachtsdeel zichtbaar. Hij stopte zijn voertuig voor de verhoging waarop de slachtoffers stonden. Hij opende het raam van zijn voertuig, ging even staan en kwam bij het raam zitten. Vervolgens stelde hij de slachtoffers een vraag. De rechtbank is van oordeel dat verdachte met deze handelingen opzettelijk en met ontuchtig oogmerk de aandacht van de beide slachtoffers op zijn ontblote geslachtsdeel vestigde. Gelet op voornoemde ruime interpretatie en gelet op de context waarin het tonen van het geslachtsdeel heeft plaatsgevonden, is de rechtbank van oordeel dat de handelingen van de verdachte ook in de zaak Lemmer kunnen worden gekwalificeerd als seksuele handelingen in de zin van artikel 248d van het Wetboek van Strafrecht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewogen getuige te zijn van de seksuele handelingen</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van voornoemde bewijsmiddelen en het dossier stelt de rechtbank vast dat uit de verklaringen van [slachtoffer 3] in de zaak Doniaga en [slachtoffer 14] in de zaak Franeker blijkt dat zij niet het ontblote geslachtsdeel van verdachte hebben gezien. Er kan daarom niet worden bewezen dat ze getuige zijn geweest van de seksuele handelingen. De rechtbank zal verdachte daarom vrijspreken van het onder 1. primair ten laste gelegde met betrekking tot [slachtoffer 3] in de zaak Doniaga en [slachtoffer 14] in de zaak Franeker.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">Feit 1. subsidiair</emphasis>
      </para>
      <para>Onder 1. subsidiair is schennis van de eerbaarheid ten laste gelegd. </para>
      <para>Op grond van voornoemde bewijsmiddelen en overwegingen acht de rechtbank bewijsbaar dat [slachtoffer 3] in de zaak Doniaga en [slachtoffer 14] in de zaak Franeker feitelijk aanwezig waren toen verdachte op of aan de openbare weg zijn ontbloot geslachtsdeel heeft getoond en hiermee handelingen heeft verricht. Aldus aan de voorwaarden voor een concrete, onverhoedse confrontatie met het menselijk lichaam op of aan de openbare weg voldaan en zijn de handelingen van verdachte aan te merken als kwetsend voor het normaal ontwikkeld schaamtegevoel. </para>
      <para>De rechtbank acht daarom het onder 1. subsidiair ten laste gelegde met betrekking tot [slachtoffer 3] in de zaak Doniaga en [slachtoffer 14] in de zaak Franeker wettig en overtuigen bewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Eendaadse samenloop</emphasis>
      </para>
      <para>De gedragingen van verdachte in de zaken Doniaga en Franeker vallen ten aanzien van verschillende slachtoffers onder het hierna onder 1. primair en 1. subsidiair bewezenverklaarde. De gedragingen vallen derhalve onder meerdere strafbepalingen met een enigszins uiteenlopende strekking. De rechtbank is van oordeel dat de bewezenverklaarde gedragingen een in die mate samenhangend, zich op dezelfde tijd en plaats afspelend, feitencomplex opleveren dat verdachte daarvan één verwijt kan worden gemaakt. De rechtbank oordeelt daarom dat sprake is van eendaadse samenloop in de zaken Doniaga en Franeker met betrekking tot het onder 1. primair en 1. subsidiair bewezenverklaarde.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Bewezenverklaring</title>
    <para>De rechtbank acht het onder 1. primair, 1. subsidiair en 2. ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen, met dien verstande dat: </para>
    <para />
    <para>1. primair</para>
    <para>hij in de periode van 7 maart 2018 tot en met 26 september 2018 te of bij Doniaga en Damwald en Ee en Exmorra en Sexbierum en Franeker en Balk en Spanga en Lemmer en Urk, in/bij een bestelauto, merk Peugeot Bipper en voorzien van kenteken [kenteken] meerdere personen, althans een persoon, van wie hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, met ontuchtig oogmerk ertoe heeft bewogen getuige te zijn van seksuele handelingen van hem, verdachte, immers heeft verdachte met dat oogmerk in het zicht en ten overstaan van,</para>
    <para>- [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2008 (gepleegd te Urk op 7 maart 2018) en</para>
    <para>- [slachtoffer 2] , geboren [geboortedatum 3] 2009 (gepleegd te Doniaga op 21 maart 2018) en</para>
    <para>- [slachtoffer 4] , geboren op [geboortedatum 5] 2007 (gepleegd te Damwald op 30 mei 2018) en</para>
    <para>- [slachtoffer 5] , geboren [geboortedatum 6] 2008 (gepleegd te Ee op 30 mei 2018) en</para>
    <para>- [slachtoffer 6] , geboren [geboortedatum 7] 2008 (gepleegd te Ee op 30 mei 2018) en</para>
    <para>- [slachtoffer 7] , geboren [geboortedatum 8] 2005 (gepleegd bij Exmorra op 1 juni 2018) en </para>
    <para>- [slachtoffer 8] , geboren [geboortedatum 9] 2009 (gepleegd te Sexbierum op 6 juni 2018) en</para>
    <para>- [slachtoffer 9] , geboren [geboortedatum 10] 2008 (gepleegd bij Balk op 7 juni 2018) en</para>
    <para>- [slachtoffer 10] , geboren [geboortedatum 11] 2006 (gepleegd te Spanga op 11 juni 2018) en</para>
    <para>- [slachtoffer 11] , geboren [geboortedatum 12] 2011 (gepleegd te Lemmer op 8 juli 2018) en</para>
    <para>- [slachtoffer 12] geboren [geboortedatum 13] 2009 (gepleegd te Lemmer op 8 juli 2018) en</para>
    <para>- [slachtoffer 13] , geboren [geboortedatum 14] 2007 (gepleegd te Franeker op 26 september 2018),</para>
    <para>zijn ontblote geslachtsdeel getoond en/of zijn ontblote geslachtsdeel in zijn hand genomen/aangeraakt en/of zichzelf afgetrokken, waarbij verdachte de aandacht van die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] en [slachtoffer 4] en [slachtoffer 5] en [slachtoffer 6] en [slachtoffer 7] en [slachtoffer 8] en [slachtoffer 9] en [slachtoffer 10] en [slachtoffer 11] en [slachtoffer 12] en [slachtoffer 13] trok door hen naar zich toe te roepen en (vervolgens) te vragen -zakelijk weergegeven- of zij/hij wist waar de supermarkt was of ze in zijn busje wilde komen of de Action open was of waar de Langelilleweg was of waar hij kinderpostzegels kon kopen, althans door het stellen van vragen van soortgelijke aard of strekking</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. subsidiair</para>
    <para>hij in de periode tussen 7 maart 2018 en 26 september 2018 te Doniaga en Franeker, zich meermaals opzettelijk oneerbaar op of aan openbare wegen, in een bestelauto, te weten een Peugeot Bipper, voorzien van kenteken [kenteken] , met ontbloot geslachtsdeel heeft bevonden en zijn ontblote geslachtsdeel in zijn hand heeft genomen/aangeraakt, terwijl daarbij onder meer [slachtoffer 3] en [slachtoffer 14] , tegenwoordig waren;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op 6 november 2018 bij Oosterzee, in de gemeente De Fryske Marren, met [slachtoffer 15] , geboren op [geboortedatum 16] 2009, die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, immers heeft verdachte de hand van die [slachtoffer 15] vastgepakt en die hand vervolgens naar zijn ontblote geslachtsdeel gebracht en vervolgens zijn ontblote geslachtsdeel door die [slachtoffer 15] laten vastpakken/aanraken en laten vasthouden en terwijl die [slachtoffer 15] zijn ontblote geslachtsdeel vast had, haar een of meer heen- en weergaande bewegingen laten maken met zijn ontblote geslachtsdeel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte zal van het meer of anders ten laste gelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Strafbaarheid van het bewezen verklaarde</title>
    <para>Het bewezen verklaarde levert op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de eendaadse samenloop van:</para>
    </parablock>
    <para>1. primair	een persoon van wie hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, met ontuchtig oogmerk ertoe bewegen getuige te zijn van seksuele handelingen, meermalen gepleegd en</para>
    <para>1. subsidiair	schennis van de eerbaarheid, meermalen gepleegd;</para>
    <para />
    <para />
    <para>2. met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze feiten zijn strafbaar nu geen omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid uitsluiten. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Strafbaarheid van verdachte</title>
    <para>De rechtbank acht verdachte strafbaar nu niet van enige strafuitsluitingsgrond is gebleken. </para>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Strafmotivering</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vordering van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van het onder 1. primair en 2. ten laste gelegde wordt veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden met aftrek van het voorarrest. Tevens heeft de officier van justitie opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis gevorderd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft gepleit -indien de rechtbank tot een veroordeling komt- geen langere onvoorwaardelijke straf op te leggen dan dat verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, omdat het doel, het voorkomen van recidive, hiermee niet wordt bereikt. Indien de rechtbank een aanvullende straf op zijn plaats acht dan is een voorwaardelijke straf wenselijk, zodat de reclassering toezicht kan houden en er eventuele bijzondere voorwaarden geformuleerd kunnen worden om het recidivegevaar te beperken, aldus de raadsvrouw.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek ter terechtzitting, het consult rechtspleging opgemaakt door het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie op 23 januari 2019, het psychologisch rapport opgemaakt door M.L. Sikkens op 19 maart 2019, het psychologisch rapport opgemaakt door M.G.H. van Willigenburg op 2 juli 2019, het reclasseringsadvies opgemaakt door Reclassering Nederland op 16 juni 2020, het uittreksel uit de justitiële documentatie, alsmede de vordering van de officier van justitie en het pleidooi van de verdediging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. Verdachte heeft in een periode van zeven maanden meerdere malen zijn ontblote geslachtsdeel aan jonge meisjes getoond, waarbij hij aan zijn geslachtsdeel zat te wrijven of te trekken. Eenmaal heeft hij zijn geslachtsdeel ook aan een jongetje getoond. Verdachte reed in zijn bestelauto en hij stopte bij fietspaden waar jonge meisjes langs fietsten wanneer ze uit school kwamen of hij stopte zijn auto bij jonge meisjes die op straat stonden. Door de jonge meisjes te vragen naar voor hen bekende omstandigheden, zoals de aanwezigheid van een supermarkt, heeft hij misbruik gemaakt van de onschuld van de jonge meisjes, die immers bij zo’n vraag niet kunnen vermoeden dat iemand iets kwaads in de zin heeft. Op het moment dat hij de meisjes aansprak had verdachte zijn onderlichaam al ontbloot. Hij was derhalve heel gericht op zoek naar jonge meisjes om hen te confronteren met zijn ontblote onderlichaam. Sprekend voor de onmacht van kinderen die onverwacht met zoiets geconfronteerd worden acht de rechtbank dat een enkeling van hen probeerde om aan de verdachte alsnog een volledig antwoord te geven op zijn vraag. Verdachte heeft zich van de kwetsbaarheid van jonge kinderen niets aangetrokken. </para>
      <para>De laatste keer heeft hij ontuchtige handelingen gepleegd met een negenjarig meisje. Hij had zijn bestelauto weer bij een fietspad geparkeerd en dwong een meisje van haar fiets te stappen. Hij pakte haar hand en zij moest met haar hand over zijn ontblote geslachtsdeel bewegen. De rechtbank trekt hieruit de conclusie dat er een opbouw zit in de handelingen van verdachte. Hij wil verder gaan en de jonge kinderen bij zijn seksuele handelingen betrekken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dergelijke handelingen kunnen een ongewenste en schadelijke invloed hebben op de persoonlijke en seksuele ontwikkeling van deze jonge kinderen, reden waarom kinderen van deze leeftijd hiertegen moeten worden beschermd. Juist van verdachte, een volwassen man, opgeleid als docent, mag worden verwacht dat hij in zijn contacten met kinderen een grote mate van zorgvuldigheid in acht neemt, waarbij hij zich bewust is van de gevolgen van seksueel grensoverschrijdend gedrag in de richting van deze kinderen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank neemt in aanmerking dat verdachte geen enkele verantwoordelijkheid voor zijn gedrag heeft genomen. Hij ontkent dat hij de dader is en heeft ter terechtzitting op geen enkele wijze uitleg willen geven over hoe het komt dat bewijsmiddelen in zijn richting wijzen en heeft geen empathie laten zien richting de slachtoffers of hun ouders. Deze houding in samenhang genomen met de omstandigheid dat er een opbouw is in zijn gedrag van hands-off naar hands-on contact richting erg jonge kinderen acht de rechtbank zeer zorgelijk. Uit het reclasseringsrapport blijkt dat de reclassering deze zorgen deelt. Volgens de reclassering roept verdachtes gedrag vragen op over mogelijk onderliggende seksuele deviante fantasieën en/of het al dan niet inzetten van seksueel ontremd delictgedrag als copingmechanisme. Gelet op de aard en de ernst van de feiten acht de reclassering het nodig dat verdachte wordt behandeld om het gevaar op recidive te verminderen. Tegelijkertijd constateert de reclassering dat verdachte stellig ontkent waardoor het de verwachting is dat geen inhoud kan worden gegeven aan een behandeling. Hierdoor zal volgens de reclassering het recidivegevaar onverminderd aanwezig blijven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op de ernst van de feiten en de omstandigheid dat het erg jonge slachtoffers betrof acht de rechtbank een gevangenisstraf passend. De rechtbank is van oordeel dat het van groot belang is voor de maatschappij dat verdachte niet recidiveert. De rechtbank volgt echter de reclassering in haar advies dat aan een behandeling geen inhoud kan worden gegeven wanneer verdachte ontkent. Het heeft daardoor geen meerwaarde om verdachte te verplichten een behandeling te volgen en overige bijzondere voorwaarden zijn niet nodig om het recidivegevaar te beperken. De rechtbank ziet daarom geen aanleiding voor het opleggen van een (deels) voorwaardelijke straf. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij de hoogte van de op te leggen straf houdt de rechtbank rekening met de omstandigheid dat sprake is van een eendaadse samenloop tussen het onder 1. primair en 1. subsidiair bewezenverklaarde. De rechtbank zal daarom bij de strafbepaling uitgaan van het onder 1. primair bewezenverklaarde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorlopige hechtenis van verdachte is sinds 24 juli 2019 geschorst en sindsdien heeft verdachte elektronisch toezicht met gps-controle om het recidivegevaar te beperken. Anders dan de verdediging is de rechtbank van oordeel dat de hinder die verdachte hierdoor in zijn bewegingsvrijheid heeft ondervonden, gelet op de hoeveelheid aan feiten, niet in de hoogte van de straf moet worden meegewogen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op de ernst van de strafbare feiten en voorgaande omstandigheden acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden met aftrek van het voorarrest passend en geboden en zal deze ook opleggen. Door het opleggen van deze straf vervalt het recidivebeperkende elektronisch toezicht, omdat deze voorwaarde bij de schorsing van de voorlopige hechtenis behoort. De rechtbank zal daarom conform de vordering van de officier van justitie de schorsing van het bevel voorlopige hechtenis opheffen, zodat het bevel gevangenhouding herleeft. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank geeft verdachte mee dat hij tijdens zijn gevangenisstraf moet overwegen of hij bij zijn ontkennende houding blijft of dat hij zich open gaat stellen voor een behandeling. Deze zou in dat geval in het kader van de voorwaardelijke invrijheidstelling kunnen worden opgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Benadeelde partij</title>
    <para>Namens het slachtoffer [slachtoffer 15] heeft haar wettelijk vertegenwoordiger (haar moeder) zich als benadeelde partij in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Gevorderd wordt een bedrag van € 354,44 ter vergoeding van materiële schade en € 2.000,-- ter vergoeding van immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft toewijzing van de vordering gevorderd met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel voor hetzelfde bedrag en gijzeling in het geval verdachte niet betaalt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>Door de verdediging is geen verweer gevoerd ten aanzien van de vordering. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">De vordering</emphasis>
      </para>
      <para>Door de benadeelde partij is onder meer schade gevorderd met betrekking tot de reiskosten die haar ouders hebben moeten maken naar het politiebureau, Fier, Slachtofferhulp en de rechtbank. Op grond van artikel 51f van het Wetboek van Strafvordering kan degene die rechtstreeks schade heeft geleden door een strafbaar feit zich ter zake van zijn vordering tot schadevergoeding als benadeelde partij voegen in het strafproces. Op grond het tweede lid van artikel 51f kan tevens degene, die kosten heeft gemaakt ten behoeve van de benadeelde partij die ten gevolge van het strafbare feit letsel heeft terwijl de benadeelde partij zelf deze kosten had kunnen vorderen als hij ze zelf zou hebben gemaakt (zogenaamde verplaatste schade), zich als benadeelde partij voegen in het strafproces. Nu de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 15] door haar wettelijke vertegenwoordigster is ingediend, de persoon die daadwerkelijk de schade heeft geleden, acht de rechtbank deze (verplaatste) schade toewijsbaar. Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk dat de benadeelde partij de gestelde materiële en immateriële schade heeft geleden en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het onder 2. bewezen verklaarde. De vordering, waarvan de hoogte niet door verdachte is betwist, zal daarom worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 6 november 2018.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
      <para>Nu de aansprakelijkheid van verdachte vaststaat, kan de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel opleggen om te bevorderen dat verdachte de schade zal vergoeden. </para>
      <para>Nu het feit is gepleegd voor 1 januari 2019, de datum van inwerkingtreding van de Wet affectieschade, kan de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel niet opleggen ten behoeve van de door de ouders gemaakte kosten (de verplaatste schade). De rechtbank legt daarom de schadevergoedingsmaatregel op, uitsluitend wat betreft de immateriële schade. . De rechtbank zal daarom de schadevergoedingsmaatregel voor een bedrag van € 2.000,--, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 november 2018, opleggen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten die de benadeelde partij tot aan deze uitspraak in verband met de vordering heeft gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de kosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moet maken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Toepassing van wetsartikelen</title>
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft gelet op de artikelen 36f, 55, 57, 239, 247 en 248d van het Wetboek van Strafrecht. </para>
      <para>Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden.<?linebreak?></para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>Uitspraak</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De rechtbank</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het onder 1. primair, 1. subsidiair en 2. ten laste gelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar zoals voormeld en verdachte daarvoor strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan het bewezen verklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt verdachte tot:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden. </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt dat de tijd die de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Heft op de schorsing van de voorlopige hechtenis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Benadeelde partij</title>
    <parablock>
      <para>Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 15] toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van € 2.354,44 (zegge: tweeduizend driehonderd vierenvijftig euro en vierenveertig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 6 november 2018.</para>
      <para>Veroordeelt verdachte in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog te maken, tot heden begroot op nihil. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Legt aan verdachte de verplichting op aan de staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 15] , te betalen een bedrag van € 2.000,-- (zegge: tweeduizend euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 november 2018, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door gijzeling voor de duur van 30 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de gijzeling de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft. Dit bedrag bestaat uit € 2.000,-- aan immateriële schade.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt daarbij dat, indien verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 15] , daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij dit bedrag te betalen komt te vervallen en omgekeerd, dat, indien verdachte aan de benadeelde partij het opgelegde bedrag heeft betaald, daarmee de verplichting tot betaling aan de staat van dit bedrag komt te vervallen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M. Brinksma, voorzitter, mr. M.R. de Vries en mr. A. Nieuwenhuis, rechters, bijgestaan door G.T. Zandstra-Alkema, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 3 juli 2020.</para>
      <para>Mr. M.R. de Vries is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_a8e861af-2db9-4a97-8243-064f0077155f" label="1">
    <para> De genoemde processen-verbaal zijn in de wettelijke vorm op ambtseed en door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren opgemaakt; de genoemde pagina's bevinden zich in het doorgenummerde proces-verbaal van het onderzoek met nummer NNRBC18076-Earrebarre, gesloten op 17 april 2020. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_18b195f9-3424-4d77-94e8-52a6b5e7a955" label="2">
    <para> proces-verbaal, pagina's  559 en 560;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ddf3ff09-93b6-4994-b3ee-a5d5839bbbee" label="3">
    <para> proces-verbaal, pagina's 567 t/m 569;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_626098b2-d2cc-48b1-92c4-a34441531071" label="4">
    <para> proces-verbaal, pagina's 118 t/m 121;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a53b7532-ab4a-4338-a272-c07f8ecd3e8a" label="5">
    <para> proces-verbaal, pagina's 129 t/m 133;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e351d9da-8c9f-46f3-aa71-7c84556d6732" label="6">
    <para> proces-verbaal, pagina's 136, 140, 141 en 145; </para>
  </footnote>
  <footnote id="_918b1117-665d-4e5c-915b-d1e8154b2061" label="7">
    <para> proces-verbaal, pagina's 167 t/m 171;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a15da142-d970-4a5e-87ee-cf023c666833" label="8">
    <para> proces-verbaal, pagina's 176, 183, 184, 186 t/m 192, 194 t/m 196;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bbe29e04-7edd-44b8-9fbd-315889bb48b1" label="9">
    <para> proces-verbaal, pagina's 200 en 203;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a36f0bf8-bdb2-418e-8fad-cf20c456a977" label="10">
    <para> proces-verbaal, pagina's 217, 224, 226, 228, 230, 232, 234, 236, 238;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8522530c-a290-4bfb-afeb-5ec63114b05d" label="11">
    <para> proces-verbaal, pagina's 249, 251, 252;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_eaf31524-ec4c-4a36-83f1-8804ba1e836a" label="12">
    <para> proces-verbaal, pagina's 255 t/m 261;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_66b621a4-9d15-4622-b35b-aa85fb05e306" label="13">
    <para>proces-verbaal, pagina's 269 t/m 272;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1738450d-b6f7-4351-a16f-04937d028ad4" label="14">
    <para> proces-verbaal, pagina's 278, 282, 285 t/m 290;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a3d439b6-b456-41b5-a351-bfddb4c672d9" label="15">
    <para> proces-verbaal, pagina's 296 t/m 301;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2f50bcf4-b513-44da-904b-55f838b227fd" label="16">
    <para> proces-verbaal, pagina's 307 t/m 316;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_050627f2-8ac1-4942-8ebd-573858cd2125" label="17">
    <para> proces-verbaal, pagina's 332 t/m 335;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_73f90b54-1ab2-4c65-b440-7dec2b30e340" label="18">
    <para> proces-verbaal, pagina's 340 en 341;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_22865d6d-81e2-4e58-92af-d0d06ff1edb9" label="19">
    <para> proces-verbaal, pagina 343;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d34697a8-02cf-4a16-89e2-92aa0844c205" label="20">
    <para> proces-verbaal, pagina 435;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cb796530-e393-4003-9abf-ae3f47b7bf40" label="21">
    <para> proces-verbaal, pagina's 442 t/m 455;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a2af8b2c-9b91-47dd-b202-a073472598db" label="22">
    <para> proces-verbaal, pagina's 470, 472 t/m 483;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3e9ae0ac-ad9b-4195-b9a0-0313e5da6038" label="23">
    <para> proces-verbaal, pagina's 351 t/m 356;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1edc54ae-aebc-4c67-b15b-f32acf0ba5bf" label="24">
    <para> proces-verbaal, pagina's 363, 365 t/m 373;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_dd40403f-b28f-4e6e-8c72-430a8c3a3580" label="25">
    <para> proces-verbaal, pagina's 386 t/m 396;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_27c521a2-4be9-49e2-8e7e-a41d7a5997db" label="26">
    <para> proces-verbaal, pagina 409;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d89e5d4b-bab2-4a9e-b076-e60bc3f2e46b" label="27">
    <para> proces-verbaal, pagina 407;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3d2d3a66-8535-4348-8af6-526a3708d77f" label="28">
    <para> processen verbaal, pagina's 426 t/m 428;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c9eac6d9-174a-4c69-8436-859dfdde3546" label="29">
    <para> proces-verbaal, pagina 659;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_197eee9f-6e33-42c5-82b9-081fb77cded1" label="30">
    <para> proces-verbaal, pagina's 651 en 652;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fb3e562d-97e2-482f-a267-c64ef19133d4" label="31">
    <para> proces-verbaal, pagina's 506, 508 t/m 511;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_54f3c303-9a29-48d7-ac85-4411cf546fff" label="32">
    <para> proces-verbaal, pagina's 516 t/m 525;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3d7c28bd-dae8-4427-a435-2c136dea6811" label="33">
    <para> proces-verbaal, pagina 543;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9a11c59d-74ec-49ab-b0ad-4c53b30560a6" label="34">
    <para> proces-verbaal, pagina's 675 en 676;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cc03f8ae-458b-45fe-8c64-09e82427189c" label="35">
    <para> foto's, pagina's 411t/m 418, 610 t/m 637, 662;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9e97a54f-6df6-4fdc-b36c-c5cc8b71c074" label="36">
    <para> proces-verbaal, pagina 95.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>