<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNNE:2016:3693</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-02T13:18:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-08-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-08-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">5211815 \ CV EXPL  16-7896</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AR-Updates.nl 2016-0897</rdf:li>
          <rdf:li>VAAN-AR-Updates.nl 2016-0897</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2016:3693">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2016:3693</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-08-08T14:21:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-08-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNNE:2016:3693 Rechtbank Noord-Nederland , 10-08-2016 / 5211815 \ CV EXPL  16-7896</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNNE:2016:3693:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Belet bestuurder, zaakwaarneming raad van commissarissen, interim-bestuurder, adviesrecht OR.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNNE:2016:3693:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-NEDERLAND</bridgehead>
    <para>Afdeling Privaatrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie Leeuwarden</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaak-/rolnummer: 5211815 / CV EXPL 16-7896</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">vonnis van de kantonrechter ex art. 254 lid 5 Rv d.d. 10 augustus 2016</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de ONDERNEMINGSRAAD VAN CAPARIS N.V.,</bridgehead>
    <parablock>
      <para>gevestigd te Drachten,</para>
      <para>eiser in conventie</para>
      <para>verweerder in voorwaardelijke reconventie,</para>
      <para>gemachtigde: mr. E.K. Christiaansen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de naamloze vennootschap </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">CAPARIS NV,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Drachten,</para>
      <para>gedaagde in conventie, </para>
      <para>eiseres in voorwaardelijke reconventie,</para>
      <para>gemachtigde: mr. E.W. Kingma.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna de OR en Caparis worden genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding met producties </para>
      <para>- producties aan de zijde van Caparis</para>
      <para>- de mondelinge behandeling van het kort geding op 22 juli 2016 (waarbij Caparis vrijwillig is verschenen) gezamenlijk met het door de OR ingediende verzoekschrift ex artikel 36 lid 2 Wor (bekend onder zaak-/rolnummer: 5230917/VZ VERZ 16-22), waarbij de gemachtigde van Caparis het standpunt van zijn cliënte heeft toegelicht aan de hand van een pleitnotitie en waarbij Caparis een voorwaardelijke eis in reconventie heeft ingesteld.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Nadat de zaak is aangehouden voor schikkingsonderhandelingen hebben beide partijen meegedeeld geen minnelijke regeling te hebben bereikt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Vervolgens is vonnis bepaald op heden.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Motivering</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De vorderingen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De OR vordert, bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:</para>
      <para>1. het besluit tot benoeming van de heer Lincklaen Arriëns te schorsen, totdat door de kantonrechter op grond van een verzoek van de OR ex artikel 36, tweede lid van de Wor over het adviesrecht bij benoeming van de interim-directeur is beslist, zulks onder oplegging van een dwangsom van € 10.000, - per dag;</para>
      <para>2. Caparis in de kosten van deze procedure te veroordelen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Caparis vordert in voorwaardelijke reconventie, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, de OR te gebieden om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis en indiening van de adviesaanvraag ex artikel 30 Wor met betrekking tot de heer P.N. Lincklaen Arriëns, advies te verstrekken en de OR te gebieden binnen de periode van 48 uur beschikbaar te zijn voor een eventueel benodigde overlegvergadering.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De beoordeling</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Bij beschikking van heden heeft de kantonrechter op het door de OR gedane verzoek ex artikel 36 lid 2 Wor als volgt beslist:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>verklaart voor recht dat dat de benoeming van Lincklaen Arriëns ter advisering aan de OR had moeten worden voorgelegd;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>veroordeelt Caparis in de proceskosten, tot op heden aan de zijde van de OR vastgesteld op </para>
        <para>€ 717,00;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>wijst af het meer of anders verzochte.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Gelet op deze beslissing heeft de OR thans geen belang meer bij haar vordering in kort geding. Deze vordering zal derhalve worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>De voorwaardelijke eis in reconventie van Caparis, die is ingesteld onder de voorwaarden dat (i) artikel 30 Wor van toepassing is en (ii) artikel 36 lid 2 Wor mogelijk maakt dat Lincklaen Arriëns wordt geschorst, behoeft, gelet op voormelde beslissing, geen bespreking.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De OR zal als de in het ongelijk te stellen partij worden veroordeeld in de proceskosten, aan de zijde van Caparis vastgesteld op nihil, nu een gezamenlijke behandeling van het kort geding en het verzoekschrift heeft plaatsgevonden en niet is gebleken van extra ten behoeve van het kort geding gemaakte proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Rechtdoende in kort geding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst de vorderingen van de OR af;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de OR in de proceskosten, tot op heden aan de zijde van Caparis vastgesteld op nihil.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door mr. C.M. Telman, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 augustus 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>c 471</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>