<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNNE:2015:2675</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T21:18:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-06-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-06-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/17/14182 / KG ZA 15-128</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>NJF 2015/318</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2015:2675">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2015:2675</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-06-04T13:45:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-06-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNNE:2015:2675 Rechtbank Noord-Nederland , 03-06-2015 / C/17/14182 / KG ZA 15-128</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNNE:2015:2675:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Artikel 245 Rv niet gemachtigde advocaat</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNNE:2015:2675:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="e772e87e-15cf-4db0-b776-72a809b46986" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="cd919927-627d-4269-b532-d900348b2d95" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling privaatrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Leeuwarden</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/17/141862 / KG ZA 15-128</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in kort geding van 3 juni 2015</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [xxxxx]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te Menaldum,</para>
      <para>eiser,</para>
      <para>procederende met toevoeging,</para>
      <para>advocaat mr. H.L. Thiescheffer te Leeuwarden,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de stichting</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">HABION</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Houten,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>advocaat mr. Glas te Leeuwarden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [xx] en Thiescheffer en Habion genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Thiescheffer heeft een dagvaarding in kort geding d.d. 22 mei 2015 inclusief producties bij deze rechtbank aangebracht. In de dagvaarding vordert Thiescheffer een verbod op, althans schorsing van, de tenuitvoerlegging van een [xx] tegen 28 mei 2015 aangezegde ontruiming, op straffe van een dwangsom. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De mondelinge behandeling, ter gelegenheid waarvan Habion een productie in het geding heeft gebracht, heeft plaatsgevonden op 26 mei 2015. Ter zitting waren aan de zijde van de eisende partij aanwezig Thiescheffer, mevrouw [xxxxxxx] van de stichting Landelijke Instelling voor Maatschappelijke Ondersteuning en Rehabilitatie (Limor) en de heer [xxx] van Rapport Drachten als beoogd bewindvoerder. Aan de zijde van gedaagde was aanwezig de heer [xxxx] van Hoekstra Vastgoedbeheer, bijgestaan door mr. Glas. Van het behandelde ter zitting zijn aantekeningen gemaakt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Motivering</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Ter zitting heeft Thiescheffer gesteld dat hij kort voor de zitting weliswaar een schikking heeft bereikt met Habion maar dat geen van de aanwezigen aan de zijde van eiser bevoegd is een vaststellingsovereenkomst ter zake te ondertekenen. Voorts heeft Thiescheffer desgevraagd verklaard tot op heden nimmer contact te hebben gehad met [xx], omdat deze niet aanspreekbaar was. De opdracht om als belangenbehartiger van [xx] op te treden heeft Thiescheffer niet van [xx] maar van (het netwerk van) hulpverleners gekregen en [xx] is niet door hem op de hoogte gebracht van de inhoud van de onderhavige dagvaarding. </para>
        <para>Op grond van de processtukken en van hetgeen ter zitting naar voren is gebracht, is niet gebleken van een volmacht aan een van de hulpverleners of de beoogd bewindvoerder waaruit blijkt dat hij of zij bevoegd was om namens [xx] de opdracht aan Thiescheffer te geven tot het starten van de onderhavige kort geding procedure. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Gelet op het vorenstaande stelt de voorzieningenrechter vast dat Thiescheffer zonder (deugdelijke) opdracht voor [xx] optreedt. Sterker nog, niet uitgesloten kan worden dat [xx] niet op de hoogte is van de onderhavige procedure, temeer nu [xx] niet ter zitting is verschenen. De voorzieningenrechter is dan ook van oordeel dat onvoldoende aannemelijk is geworden dat Thiescheffer bevoegd was om namens [xx] de onderhavige procedure in te stellen, zodat [xx] niet ontvankelijk is in de op zijn naam ingestelde procedure in kort geding. Aan een inhoudelijke beoordeling van de zaak wordt derhalve niet toegekomen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Nu [xx] niet rechtsgeldig in dit geding is verschenen bestaat aanleiding om niet [xx] als de in het ongelijk te stellen partij, doch op de voet van artikel 245 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) de advocaat, zijnde Thiescheffer, in de kosten te veroordelen. Nu - bij gebreke van enige concrete feitelijke informatie ter zake - niet is gebleken van (deugdelijke) opdrachtverlening aan Thiescheffer door derden, is de voorzieningenrechter voornemens om Thiescheffer in de kosten van dit geding te veroordelen. Alvorens aldus te beslissen zal de voorzieningenrechter Thiescheffer ingevolge artikel 245 lid 2 Rv in de gelegenheid stellen zijn standpunt aangaande dit voornemen schriftelijk naar voren te brengen en toe te lichten. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De voorzieningenrechter,</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>verklaart [xx] niet ontvankelijk;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>verwijst de zaak naar de rol van woensdag 10 juni 2015 voor het nemen van een akte door Thiescheffer waarin hij zich kan uitlaten over het voornemen van de rechtbank om over te gaan tot toepassing van artikel 245 RV en hem te veroordelen in de kosten van de procedure;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.E. Biesma en in het openbaar uitgesproken op 3 juni 2015.<footnote-ref linkend="_6c64597b-8386-48d1-850f-d4ad8a4bb88d" /></para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_6c64597b-8386-48d1-850f-d4ad8a4bb88d" label="1">
    <para>type: 680</para>
    <para>coll:</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>