<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNNE:2014:2823</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T22:50:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-06-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-06-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">18/830053-14</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Groningen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht_materieelStrafrecht">Strafrecht; Materieel strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0006622&amp;artikel=6, 5&amp;g=2014-06-06">Wegenverkeerswet 1994 6, 5</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>NJFS 2014/189</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2014:2823">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2014:2823</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-06-06T12:00:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-06-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNNE:2014:2823 Rechtbank Noord-Nederland , 06-06-2014 / 18/830053-14</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNNE:2014:2823:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vaststellen schuld inzake art. 6 / art. 5 Wegenverkeerswet 1994. Verdachte vrijgesproken.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNNE:2014:2823:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold">RECHTBANK NOORD-NEDERLAND</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Afdeling Strafrecht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Locatie Groningen</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Parketnummer 18/830053-14</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Op tegenspraak</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Raadsman: mr. H.P. Eckert</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">6 juni 2014 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [verdachte],</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">wonende te [woonplaats], [adres].</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van </para>
    <para>26 mei 2014.</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 27 augustus 2013, te [plaats], althans in de gemeente</para>
      <para>
        [gemeente], als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig,</para>
      <para>een personenauto (merk: [automerk]), daarmede rijdende over de weg, [straatnaam], zich</para>
      <para>zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft</para>
      <para>plaatsgevonden, door,</para>
      <para>terwijl verdachte onder invloed was/verkeerde van het gebruik van amfetamine,</para>
      <para>zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig en/of onoplettend, tegen een</para>
      <para>voetganger, die toen aldaar op de rijbaan van de door hem, verdachte, bereden</para>
      <para>weg liep/zich bevond, te rijden/botsen,</para>
      <para>waardoor die voetganger, genaamd[slachtoffer], werd gedood,</para>
      <para>terwijl hij, verdachte, verkeerde in de toestand als bedoeld in artikel 8,</para>
      <para>eerste of tweede lid van de Wegenverkeerswet 1994, danwel na het feit niet</para>
      <para>heeft voldaan aan een bevel gegeven krachtens artikel 163, tweede, zesde,</para>
      <para>achtste of negende lid van genoemde wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover</para>
      <para>daaraan in de Wegenverkeerswet 1994 betekenis is gegeven, geacht in dezelfde</para>
      <para>betekenis te zijn gebezigd;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>art 6 Wegenverkeerswet 1994</para>
      <para>art 8 lid 1 Wegenverkeerswet 1994</para>
      <para>art 8 lid 2 ahf/ond a Wegenverkeerswet 1994</para>
      <para>art 8 lid 2 ahf/ond b Wegenverkeerswet 1994</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 27 augustus 2013, te [plaats], althans in de gemeente</para>
      <para>
        [gemeente], als bestuurder van een voertuig (personenauto, merk: [automerk]), daarmee</para>
      <para>rijdende op de [straatnaam],</para>
      <para>met het door hem, verdachte bestuurde voertuig tegen een voetganger (te weten:</para>
      <para>
        [slachtoffer]), die toen aldaar op de rijbaan van de door hem, verdachte,</para>
      <para>bereden weg liep/zich bevond, is gebotst/aangereden,</para>
      <para>door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt,</para>
      <para>althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd,</para>
      <para>althans kon worden gehinderd;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover</para>
      <para>daaraan in de Wegenverkeerswet 1994 betekenis is gegeven, geacht in dezelfde</para>
      <para>betekenis te zijn gebezigd;</para>
      <para>art 5 Wegenverkeerswet 1994</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Bewijsvraag</title>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft aangevoerd dat het primair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden op grond van de omstandigheid dat verdachte als bestuurder van een auto heeft gereden terwijl in zijn bloed een hoge concentratie amfetamine, te weten 1,2 mg/l, aanwezig was. Werkzame concentraties liggen bij niet- gewende gebruikers doorgaans tussen de 0,03 en 0,15 mg/l. Volgens het Nederlands Forensisch Instituut is in dit geval de rijvaardigheid waarschijnlijk nadelig beïnvloed. Dit is hoogste mate van waarschijnlijkheid die kan worden worden gegeven.</para>
      <para>Uit de door de politie uitgevoerde reconstructie blijkt dat verdachte de voor hem rijdende hardloper ruim van tevoren, meer dan 100 meter voor de plaats waar verdachte tegen de hardloper is gebotst, moet hebben kunnen zien. Uit de omstandigheid dat verdachte het slachtoffer totaal niet heeft gezien, zelfs niet op het moment dat hij het slachtoffer raakte, kan slechts worden geconcludeerd dat hij minstens een aantal seconden niet op de weg voor hem heeft opgelet. Verdachte heeft niet voldoende opgelet, niet tijdig zijn snelheid verminderd en hij verkeerde daarnaastonder invloed van amfetamine, wat zijn rijvaardigheid nadelig heeft beïnvloed. Er is dus sprake van een ernstige verkeersfout onder verzwarende omstandigheden en dus overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet.</para>
      <para>Het feit dat het slachtoffer aan de rechterkant van de weg liep is niet relevant, omdat hij het recht had daar te lopen. Hij was zichtbaar, hetgeen blijkt uit de verklaringen van enkele getuigen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft aangevoerd dat verdachte niet de enige is geweest die een auto met aanhanger heeft gezien, ook één van de getuigen verklaart daarover. </para>
      <para>Het gebruik van amfetamine door verdachte is in dit geval niet relevant in de causaliteitsketen. Verdachte is een gewende gebruiker, hij heeft jarenlang gebruikt en is na het ongeval enkele maanden geleden, na een afbouwperiode, geheel gestopt met het gebruik van amfetamine. Bij gewenning aan amfetamine is de hoeveelheid die bij verdachte is aangetroffen onvoldoende om de rijvaardigheid te beïnvloeden. Verdachte heeft niet te hard gereden en heeft een duidelijke verklaring afgelegd over de reden waarom hij de hardloper niet heeft gezien. Deze verklaring wordt niet door andere bewijsmiddelen weerlegd.</para>
      <para>Uit niets blijkt dat amfetamine in dit geval van invloed is geweest; er is in elk geval geen afwijkend verkeersgedrag waargenomen door andere bestuurders.</para>
      <para>De reconstructie van het ongeval is niet volledig geweest: er zijn geen beelden van gemaakt, de politie heeft van een nieuw hesje gebruik gemaakt, terwijl de getuigen verklaren dat het hesje dat het slachtoffer droeg vaal was. Er blijkt niet dat bij de reconstructie ook een tegenligger met aanhanger is gebruikt. De reconstructie kan daarom niet bijdragen aan de bewezenverklaring.</para>
      <para>Er is daarom geen bewijs voor het primair ten laste gelegde en verdachte dient hiervan te worden vrijgesproken. </para>
      <para>Ook voor het subsidiair ten laste gelegde dient vrijspraak te volgen, nu ook hier niet blijkt van  gevaarlijk rijgedrag</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beoordeling</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met betrekking tot de hiervoor weergegeven standpunten overweegt de rechtbank het volgende.</para>
      <para>Uit het door de politie opgemaakte proces-verbaal, en het rapport VerkeersOngevalsAnalyse met bijlagen, blijkt dat verdachte als bestuurder van een personenauto een voor hem op de rijbaan lopende hardloper met de door hem bestuurde auto heeft aangereden als gevolg waarvan die persoon is overleden. Verdachte heeft aangegeven dat hij met een snelheid van ongeveer 55 km per uur reed. Ter plaatse gold een maximum snelheid van 80 km per uur en verder was er straatverlichting aanwezig. Niet is gebleken dat verdachte, afgezet tegen de concrete verkeerssituatie, met een te hoge snelheid heeft gereden ten tijde van het ongeval.</para>
      <para>Tevens staat vast dat verdachte reed met in zijn bloed een concentratie van amfetamine van  1,20 mg/l. </para>
      <para>Uit de interpretatie van het door het Nederlands Forensisch Instituut (NFI)uitgevoerde toxicologisch onderzoek blijkt dat een concentratie van 1,2 mg/l als hoog kan worden beschouwd op grond waarvan geconcludeerd zou kunnen worden dat ten tijde van de bloedafname, die plaatsvond op 28 augustus 2013 om 00:23 uur, de rijvaardigheid <emphasis role="italic">waarschijnlijk</emphasis> nadelig beïnvloed was. </para>
      <para>Bij de reconstructie is gebleken dat verdachte de voor hem lopende persoon op een afstand van ruim 100 meter moet hebben kunnen zien, ondanks een niet goed werkende straatverlichting op de kruising van wegen vlakbij de plaats van het ongeval. De overige straatverlichting functioneerde blijkens het proces-verbaal VOA wel naar behoren. </para>
      <para>Het enkele feit dat verdachte onder invloed verkeerde van amfetamine, waarvan algemeen bekend is dat die stof de rijvaardigheid nadelig kan beïnvloeden en waarover het NFI heeft gerapporteerd dat die nadelige beïnvloeding onder andere bestaat uit de vermindering van de oplettendheid en een onjuiste risico-inschatting, maakt naar het oordeel van de rechtbank niet dat daarmee het rijgedrag van verdachte ten tijde van de botsing met het slachtoffer moet worden aangemerkt als zeer, althans aanmerkelijk onoplettend of onvoorzichtig en dat als gevolg daarvan het ongeval heeft plaatsgevonden. </para>
      <para>Het gedrag dat zou moeten leiden tot vaststelling dat er sprake is van schuld aan het ongeval en de mate waarin is in de tenlastelegging niet omschreven. </para>
      <para>Aan verdachte zijn geen andere concrete omstandigheden verweten dan de omstandigheid dat hij onder invloed verkeerde van amfetamine, van welke omstandigheid niet is gebleken in hoeverre deze invloed heeft gehad op en bepalend is geweest voor het rijgedrag van verdachte en het ontstaan van het ongeval.</para>
      <para>Anders dan bij overtreding van artikel 8, eerste lid, en de strafverzwarende omstandigheid zoals bedoeld in artikel 175 derde lid van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW) waarbij het gaat om de vaststelling of een bestuurder niet tot besturen in staat geacht moet worden, is voor het vaststellen van schuld aan een ongeval in de zin van artikel 6 WVW van belang of sprake was van feitelijk gevaarlijk of niet aan de verkeerssituatie aangepast rijgedrag, dan wel van andere concrete feiten of omstandigheden waaruit de conclusie kan worden getrokken dat sprake was van gevaarzettend rijgedrag. De enkele conclusie van het NFI luidende dat de rijvaardigheid waarschijnlijk nadelig beïnvloed was, vormt weliswaar een aanwijzing voor gevaarzettend rijgedrag, maar zonder andere bijkomende concrete feiten of omstandigheden is die onvoldoende om tot een bewezenverklaring te komen van overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994.</para>
      <para>Op grond van het vorenstaande kan niet worden vastgesteld dat het rijgedrag van verdachte ten tijde van de botsing met het slachtoffer moet worden aangemerkt als zeer, althans aanmerkelijk onoplettend of onvoorzichtig en dat als gevolg daarvan het ongeval heeft plaatsgevonden.</para>
      <para>De rechtbank acht het primair ten laste gelegde dan ook niet bewezen en zal verdachte daarvan vrijspreken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde is de rechtbank van oordeel dat niet bewezen kan worden dat door het aanrijden van c.q. het botsen tegen het slachtoffer gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt en evenmin dat het verkeer op die weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd. </para>
      <para>Weliswaar is het slachtoffer overleden als gevolg van de aanrijding, maar in hoeverre het rijgedrag van verdachte waardoor het ongeval is ontstaan heeft bijgedragen kan niet worden vastgesteld. Voor een bewewezenverklaring van overtreding van artikel 5 WVW is tenminste vereist dat enige verwijtbaarheid kan worden vastgesteld. </para>
      <para>Aldus kan het subsidiair ten laste gelegde evenmin worden bewezen.</para>
      <para>De rechtbank zal verdachte dan ook van het subsidiair ten laste gelegde vrijspreken.   </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De rechtbank</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- verklaart het primair en subsidiair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is aldus gewezen door mrs. G. Eelsing, voorzitter, F.J. Agema en C. Krijger, in tegenwoordigheid van D. van der Ploeg, griffier en in het openbaar uitgesproken op </para>
      <para>6 juni 2014.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>mr C. Krijger is buiten staat dit vonnis te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>