<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2025:9922</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-27T12:03:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-06-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">15/174830-23</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht_strafprocesrecht">Strafrecht; Strafprocesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:9922">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:9922</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-27T12:03:41</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2025:9922 Rechtbank Noord-Holland , 16-06-2025 / 15/174830-23</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2025:9922:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Het bezwaar tegen de omzetting van de taakstraf is gegrond verklaard nu de taakstraf vanwege oorzaken die buiten de veroordeelde om liggen niet uitgevoerd heeft kunnen worden. Uit de eindrapportage taakstraf van de Raad voor de Kinderbescherming blijkt dat door de hoge instroom, een capaciteitsprobleem en persoonlijke omstandigheden van de coördinator taakstraffen, de werkstraf stil is blijven liggen. Het is daardoor niet gelukt de werkstraf binnen de gestelde juridische termijn van negen maanden uit te voeren. Deze overschrijding van de juridische termijn is de veroordeelde niet verwijtbaar.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2025:9922:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Sectie Familie &amp; Jeugd</para>
    <para>Locatie Alkmaar</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Kinderrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Registratienummer: 011956-25 </para>
      <para>Parketnummer: 15/174830-23</para>
      <para>Uitspraakdatum: 16 juni 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">BESLISSING </emphasis>van de kinderrechter naar aanleiding van het op 28 april 2025 ter griffie van deze rechtbank ingediende bezwaarschrift ex artikel 6:6:23, eerste en tweede lid van het Wetboek van Strafvordering van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [veroordeelde] </emphasis>, veroordeelde,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] te [plaats] ,</para>
      <para>voor deze zaak woonplaats kiezende te [adres] , ten kantore van zijn raadsman mr. M.S. Rozenbeek,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gericht tegen de kennisgeving van het Openbaar Ministerie van het bevel tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de kinderrechter in bovengenoemde rechtbank, locatie Haarlem, van 3 april 2024 opgelegde vervangende jeugddetentie.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Aan de veroordeelde is bij voormeld vonnis van de kinderrechter onder meer een onvoorwaardelijke werkstraf opgelegd van 50 uren, bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door 25 dagen jeugddetentie, met aftrek van de dagen welke de veroordeelde in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. Dit vonnis is op 18 april 2024 onherroepelijk geworden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Uit de eindrapportage taakstraf van de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) van 26 maart 2025, blijkt dat door de hoge instroom, capaciteitsprobleem en persoonlijke omstandigheden van de coördinator taakstraffen, de werkstraf stil is blijven liggen. Het is daardoor niet gelukt de werkstraf binnen de gestelde juridische termijn van negen maanden uit te voeren. Deze overschrijding van de juridische termijn is de veroordeelde niet verwijtbaar.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Bij kennisgeving omzetting taakstraf van 31 maart 2025 heeft het Openbaar Ministerie aan de veroordeelde medegedeeld dat de niet verrichte werkstraf wordt omgezet in 21 dagen vervangende jeugddetentie, omdat de veroordeelde volgens opgave van de Raad de aan hem opgelegde werkstraf niet binnen de daarvoor geldende periode heeft verricht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>De veroordeelde heeft op 28 april 2025 bezwaar gemaakt tegen deze kennisgeving.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5.</nr>
      <para>Op 16 juni 2025 is dit bezwaarschrift op de terechtzitting met gesloten deuren behandeld. Verschenen zijn de veroordeelde, zijn raadsman mr. M.S. Rozenbeek, [vertegenwoordiger van de GI] namens de William Schrikker Stichting, Jeugdbescherming en Jeugdreclassering. Tevens was aanwezig de officier van justitie, [officier van justitie] .<?linebreak?></para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het standpunt van de veroordeelde en zijn raadsman<?linebreak?></title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De veroordeelde heeft op de zitting verklaard dat hij klaar stond om de werkstraf te verrichten. Hij is naar de intake gegaan en zou gebeld worden. Vervolgens heeft hij niks meer gehoord. Hij had zelf al een werkplek geregeld waar hij zijn werkstraf kon verrichten, een sporthal vanuit de gemeente in de buurt van [plaats] . <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De raadsman heeft bepleit het bezwaarschrift gegrond te verklaren.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het standpunt van de officier van justitie</title>
    <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de veroordeelde nog een kans moet krijgen om de werkstraf te voltooien. Zij verzoekt de kinderrechter het bezwaarschrift gegrond te verklaren en opnieuw een termijn van negen maanden vast te stellen.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling </title>
    <para>Alhoewel het bezwaarschrift tegen de kennisgeving als bedoeld in artikel 6:6:10 van het Wetboek van Strafvordering niet binnen de gestelde termijn van veertien dagen na betekening daarvan bij de griffie is ingediend, acht de kinderrechter het overschrijden van deze termijn, nu de raadsman veel moeite heeft gedaan om een en ander te achterhalen, verschoonbaar. De veroordeelde kan daarom worden ontvangen in zijn bezwaarschrift.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het voorgaande is de kinderrechter met de verdediging en de officier van justitie van oordeel dat de veroordeelde alsnog in de gelegenheid moet worden gesteld de werkstraf te verrichten, een en ander op de wijze als hieronder nader staat aangegeven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het vorenstaande volgt dat het bezwaarschrift gegrond zal worden verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>Beslissing </title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het bezwaarschrift gegrond;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wijzigt de beslissing van het Openbaar Ministerie van 31 maart 2025 als volgt:  </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- Bepaalt dat de veroordeelde de taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van <emphasis role="bold">42 (tweeënveertig) uren</emphasis> moet verrichten. Bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan, zal deze werkstraf worden vervangen door 21 (eenentwintig) dagen jeugddetentie. </para>
    <para />
    <para>- Bepaalt dat deze werkstraf moet worden voltooid binnen een termijn van <emphasis role="bold">negen maanden</emphasis> na heden, te weten uiterlijk op 16 maart 2026.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is gegeven door</para>
      <para>mr. W.C. Oosterbroek, kinderrechter, </para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. M.C. Kramer, griffier, </para>
      <para>en in het openbaar uitgesproken op 16 juni 2025.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>