<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2025:9310</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-28T09:55:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11334496 \ CV EXPL  24-6945</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:9310">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:9310</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-28T09:54:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2025:9310 Rechtbank Noord-Holland , 30-07-2025 / 11334496 \ CV EXPL  24-6945</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2025:9310:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Luchtvaart; Annulering. Buitengewone omstandigheden, namelijk capaciteitsproblemen op luchthaven Schiphol. Het betoog van de vervoerder slaagt niet. De vordering van de passagiers wordt toegewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2025:9310:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Insolventie</para>
    <para>locatie Haarlem</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr./rolnr.: 11334496 \ CV EXPL  24-6945</para>
      <para>Uitspraakdatum: 30 juli 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>
      [eiser 1],</title>
    <para>2. <emphasis role="bold">[eiser 2]</emphasis>,</para>
    <para>beiden wonende te [plaats 1]</para>
    <para>3. <emphasis role="bold">[eiser 3]</emphasis>, </para>
    <para>4. <emphasis role="bold">[eiser 4]</emphasis>,</para>
    <para>5. <emphasis role="bold">[eiser 5]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>allen wonende te [plaats 2]</para>
      <para>eisers</para>
      <para>hierna gezamenlijk te noemen: de passagiers</para>
      <para>gemachtigde: mr. A.E. Spaan (ProBe-ASP B.V.)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de vennootschap naar buitenlands recht</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Easyjet Airlines Company Limited </emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Luton (Verenigd Koninkrijk)</para>
      <para>gedaagde</para>
      <para>hierna te noemen: de vervoerder</para>
      <para>gemachtigde: mr. B. Koolhaas (Bk Legal)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De zaak in het kort</emphasis>
      </para>
      <para>De passagiers hebben van de vervoerder compensatie gevraagd voor een geannuleerde vlucht. De vervoerder voert aan dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk capaciteitsproblemen op luchthaven Schiphol. Het betoog van de vervoerder slaagt niet. De vordering van de passagiers wordt toegewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding:</para>
      <para>- de conclusie van antwoord;</para>
      <para>- de conclusie van repliek;</para>
      <para>- de conclusie van dupliek.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De passagiers hebben een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 12 september 2022 vervoeren van Prague-Ruzyne Airport (Tsjechië) naar Amsterdam-Schiphol Airport, met vlucht U27908 (EZY7908) (hierna: de vlucht).</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De vervoerder heeft de vlucht geannuleerd. Passagiers 1 en 2 zijn omgeboekt naar een alternatieve vlucht en zijn met een vertraging van meer dan drie uur aangekomen op de eindbestemming. Passagiers 3, 4 en 5 zijn niet omgeboekt.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De passagiers hebben daarom compensatie van de vervoerder gevorderd.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De vervoerder heeft niet uitbetaald. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>De passagiers vorderen dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:<?linebreak?>-	€ 1433,11, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de dag van annulering van de vlucht, althans vanaf de datum van ingebrekestelling dan wel vanaf de datum van betekening van de dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;<?linebreak?>-  € 214,97 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;<?linebreak?>- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente;</para>
        <para>- de nakosten. <?linebreak?></para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De passagiers baseren hun vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de annulering van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 250,00 per passagier.<footnote-ref linkend="_728291c3-a140-40c8-b086-7a62f49153e3" /> Daarnaast stellen de passagiers dat zij recht hebben op het recht van verzorging.<footnote-ref linkend="_eb34c96b-8d54-41ef-92f0-d764d7df641b" /> Zij vorderen compensatie voor twee hotelovernachtingen met een bedrag van € 158,20 en vervoer met een bedrag van € 24,91. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>De vervoerder voert verweer. Hij voert aan dat de annulering van de vlucht gevolg was van buitengewone omstandigheden. Deze konden ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen worden (artikel 5 lid 3 van de Verordening). </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Vast staat dat de vlucht is geannuleerd. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als de vervoerder kan aantonen dat de annulering het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De vervoerder voert aan dat er sprake was van buitengewone omstandigheden, namelijk storing in het capaciteitsbeheer op de luchthaven Schiphol. Hierdoor was er onvoldoende capaciteit om het aantal passagiers te verwerken. De luchthaven heeft daarom luchtvaartmaatschappijen verzocht om vluchten die tussen 16:00 uur en 23:00 uur vertrekken te annuleren om de druk te verlichten en capaciteitsproblemen te voorkomen. De capaciteitsvermindering is veroorzaakt door een te kort aan personeel en dit is niet inherent aan de normale uitoefening van de activiteiten van de vervoerder. Met betrekking tot de hotel- en taxikosten, de Verordening biedt geen grondslag voor deze kosten. Zij hebben ook geen andere grondslag aangevoerd, aldus de vervoerder. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>De passagiers betwisten dit. De vervoerder stelt dat de luchthaven Schiphol luchtvaarmaatschappijen verzocht had om vertrekkende vluchten te annuleren, maar de vlucht in kwestie is geen vertrekkende vlucht maar een aankomende vlucht. Daarom valt de vlucht in kwestie niet onder het verzoek van de luchthaven. De kantonrechter gaat hierin mee. De kantonrechter overweegt dat capaciteitsproblemen een buitengewone omstandigheid kan vormen indien de vervoerder aantoont dat hij, gelet op de duur en mate van de restricties, geen andere keuze had dan tot annulering van de vlucht over te gaan. De kantonrechter is van oordeel dat de vervoerder daar met de door hem overgelegde stukken en (summiere) toelichting niet in is geslaagd. De vervoerder heeft dan ook onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de vlucht geannuleerd moest worden. De kantonrechter is daarom van oordeel dat het beroep op buitengewone omstandigheden faalt. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Het betoog van de vervoerder met betrekking tot de kosten van de hotelaccommodatie en vervoerskosten kan evenmin slagen. Artikel 9 van de Verordening geeft het recht op hotelaccommodatie in gevallen waarin een verblijf van één of meer nachten noodzakelijk wordt. De vervoerder heeft niet betwist dat de hotelovernachting noodzakelijk was. Daarom wordt de vordering tot vergoeding van de hotelkosten toegewezen. De vordering tot vergoeding van de taxikosten wordt eveneens toegewezen. De kantonrechter komt derhalve niet toe aan de bespreking van alle redelijke maatregelen. De vordering tot betaling van de hoofdsom zal daarom worden toegewezen. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>De passagiers hebben een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. De vordering heeft geen betrekking op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is. Daarom moet de kantonrechter de vraag of buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn, toetsen aan het rapport Voorwerk II. De passagiers hebben voldoende aannemelijk gemaakt dat zij buitengerechtelijke werkzaamheden hebben laten verrichten en dat hiervoor kosten zijn gemaakt. De omvang van de buitengerechtelijke incassokosten moet worden getoetst aan de tarieven uit het Besluit in plaats van aan de tarieven van het rapport Voorwerk II. De tarieven uit het Besluit worden redelijk geacht. Omdat het gevorderde bedrag niet hoger is dan het volgens het Besluit berekende tarief, zullen de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>De gevorderde rente over de buitengerechtelijke kosten is ook toewijsbaar, behalve dat deze wordt toegewezen vanaf de datum van de dagvaarding. De passagiers hebben daar in ieder geval vanaf die datum recht op. Het is niet gesteld of gebleken dat zij dit ook al vanaf een eerdere datum hadden.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>De vervoerder zal in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal hij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de passagiers worden gemaakt. De wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing	</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt de vervoerder tot betaling aan de passagiers van € 1.648,08 te vermeerderen met de wettelijke rente over € 1.433,11 vanaf 12 september 2022, en over € 214,97 vanaf 5 september 2024 tot aan de dag van voldoening van deze bedragen;</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <parablock>
        <para>veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagiers tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:</para>
        <para>dagvaarding 					€ 	135,97;<?linebreak?>griffierecht						€ 	248,00;<?linebreak?>salaris gemachtigde		€ 	408,00;</para>
        <para>nakosten							€  102,00;</para>
        <para>vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <parablock>
        <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;</para>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier		De kantonrechter</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_728291c3-a140-40c8-b086-7a62f49153e3" label="1">
    <para>Artikel 7 van de Verordening. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_eb34c96b-8d54-41ef-92f0-d764d7df641b" label="2">
    <para> Artikel 9 lid 1 van de Verordening. </para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>