<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2025:8583</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-25T13:22:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-06-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11073242 \ CV EXPL  24-2619</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:8583">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:8583</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-25T13:22:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2025:8583 Rechtbank Noord-Holland , 25-06-2025 / 11073242 \ CV EXPL  24-2619</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2025:8583:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Het had op de weg van de vervoerder gelegen om zijn verweer dat de passagier niet met de vlucht is meegevlogen te onderbouwen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2025:8583:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Insolventie</para>
    <para>locatie Haarlem</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr./rolnr.: 11073242 \ CV EXPL  24-2619</para>
      <para>Uitspraakdatum: 25 juni 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de rechtspersoon naar buitenlands recht<?linebreak?><emphasis role="bold">AirHelp Germany GmbH</emphasis><?linebreak?>gevestigd te Berlijn (Duitsland)</para>
      <para>eiseres</para>
      <para>hierna te noemen: Airhelp</para>
      <para>gemachtigde: mr. D.E. Lof</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de rechtspersoon naar buitenlands recht</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Royal Air Maroc</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Casablanca (Marokko)</para>
      <para>gedaagde</para>
      <para>hierna te noemen: de vervoerder</para>
      <para>gemachtigde: mr. T. Teke</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding:</para>
      <para>- de conclusie van antwoord;</para>
      <para>- de conclusie van repliek;</para>
      <para>- de conclusie van dupliek.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [betrokkene] (hierna: de passagier) heeft met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hem op 10 juli 2023 vervoeren van Amsterdam via Casablanca (Marokko) naar Oujda (Marokko). </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De vlucht van Amsterdam naar Casablanca (AT851, hierna: de vlucht) is vertraagd uitgevoerd. De passagier heeft zijn aansluitende vlucht naar Oudja gemist. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Airhelp heeft compensatie van de vervoerder gevorderd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De vervoerder heeft niet uitbetaald. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Airhelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:<?linebreak?>-	€  400,00, te vermeerderen met de wettelijke rente;  <?linebreak?>- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Airhelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). Airhelp stelt dat de vervoerder vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 400,- (artikel 7 van de Verordening).<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt bij de beoordeling van het geschil ingegaan.  </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat de handtekening op de akte van cessie in voldoende mate overeenkomt met de handtekening van de passagier op zijn paspoort. Het is dan ook voldoende aannemelijk dat de passagier zijn eventuele vorderingsrecht aan Airhelp heeft overgedragen. Het niet-ontvankelijkheidsverweer van de vervoerder faalt.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Voor zover de vervoerder heeft aangevoerd dat Airhelp niet aan haar stelplicht heeft voldaan, wordt opgemerkt dat Airhelp in de dagvaarding het vluchtnummer (AT851) en de vluchtdatum (10 juli 2023) van de litigieuze vlucht heeft genoemd. Bij conclusie van repliek heeft Airhelp toegelicht dat de passagier is omgeboekt naar vlucht AT1402 van 11 juli 2023, waarmee hij met meer dan drie uur vertraging in Oujda is aangekomen. Daarmee heeft Airhelp het gebrek in de stelplicht (voor zover daarvan sprake was) hersteld. De vervoerder is niet in zijn procesbelang geschaad, omdat hij zelf over de PNR-gegevens van de passagier beschikt en het voorgaande dus (ook) had kunnen terugvinden in zijn eigen systemen.  </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>De vervoerder heeft de gestelde vertragingsduur betwist. De kantonrechter is van oordeel dat de vervoerder met een dergelijke blote ontkenning niet kan volstaan. Het had op de weg van de vervoerder gelegen om zijn verweer dat de passagier niet met de AT1402 van 11 juli 2023 is meegevlogen te onderbouwen. Dit heeft hij niet gedaan, zodat de kantonrechter ervan uitgaat dat de passagier – na omboeking – met meer dan drie uur vertraging op de overeengekomen eindbestemming is aangekomen. De vervoerder heeft geen beroep op buitengewone omstandigheden gedaan. De vordering tot betaling van de hoofdsom (en de daarover gevorderde wettelijke rente) ligt daarom voor toewijzing gereed.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Resteert de vraag of de vervoerder rauwelijks is gedagvaard. Voor zover de vervoerder heeft aangevoerd dat Airhelp de claim via zijn website had moeten indienen, oordeelt de kantonrechter dat het indienen van een buitengerechtelijk verzoek tot compensatie in beginsel vormvrij is. Airhelp stelt dat zij de vervoerder via e-mail heeft aangemaand om tot betaling over te gaan (final demand). De vervoerder heeft betwist dat hij deze aanmaning heeft ontvangen. Hoewel het e-mailadres van de vervoerder waarnaar de aanmaning is verstuurd wordt beantwoord met een standaardbericht, blijkt uit de inhoud van het standaardbericht dat de mailbox wordt gelezen. Airhelp mocht er naar het oordeel van de kantontrechter daarom op vertrouwen dat de e-mail de vervoerder zou bereiken. De aanmaning is namens Airhelp en dus namens de juiste partij verstuurd. Van rauwelijks dagvaarden is dan ook geen sprake. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>De proceskosten komen voor rekening van de vervoerder, omdat hij ongelijk krijgt. De gevorderde rente over de proceskosten wordt toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing	</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt de vervoerder tot betaling aan Airhelp van € 400,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 10 juli 2023 tot de dag van de gehele betaling; </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <parablock>
        <para>veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die aan de kant van Airhelp tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:</para>
        <para>dagvaarding 					€ 	135,97;<?linebreak?>griffierecht						€ 	130,00;<?linebreak?>salaris gemachtigde		€ 	164,00;</para>
        <para>vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <parablock>
        <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier		De kantonrechter</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>