<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2025:8456</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-24T15:07:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">15-220915-24 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:8456">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:8456</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-24T13:13:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2025:8456 Rechtbank Noord-Holland , 24-07-2025 / 15-220915-24 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2025:8456:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Jeugdstrafrecht. Onderzoek Ant. Vrijspraak medeplegen van of medeplichtigheid aan begunstiging wegens ontbreken van het vereiste oogmerk.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2025:8456:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Familie &amp; Jeugd</para>
    <para>Locatie Alkmaar</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Meervoudige kamer jeugdstrafzaken</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 15-220915-24 (P)</para>
      <para>Uitspraakdatum: 24 juli 2025</para>
      <para>Tegenspraak </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen met gesloten deuren van [datum] en [datum] in de zaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de verdachte] </emphasis>
        <emphasis role="bold smallcaps">,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ( [geboortepland] ),</para>
      <para>ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres</para>
      <para>
        [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie</para>
      <para>
        [officier van justitie] en van wat de verdachte en haar raadsman, mr. C. Peters, advocaat te Zaandam, en de Raad voor de Kinderbescherming naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Tenlastelegging </title>
    <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zij in de periode 12 tot en met 14 februari 2024 te Purmerend tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen nadat op of omstreeks 12 februari 2024 te Purmerend enig misdrijf, te weten</para>
      <para>* de moord/doodslag op [slachtoffer 1] en/of</para>
      <para>* poging moord/doodslag op [slachtoffer 2] en/of</para>
      <para>* openlijk geweld tegen [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of een of meer andere personen was gepleegd, met het oogmerk om die misdrijven/dat misdrijf te bedekken of de nasporing of vervolging daarvan te beletten of te bemoeilijken, een voorwerp, waarop of waarmede die misdrijven/dat misdrijf was gepleegd en/of andere sporen van dat misdrijf, te weten</para>
    </parablock>
    <para>- het gebruikte mes en/of</para>
    <para>- DNA- en/of dactyloscopische sporen op het mes</para>
    <para>heeft vernietigd, weggemaakt, verborgen en/of aan het onderzoek van de ambtenaren van de justitie of politie heeft onttrokken;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou</para>
      <para>kunnen leiden:</para>
      <para>
        [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] in de periode 12 tot en met 14</para>
      <para>februari 2024 te Purmerend tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen nadat op of omstreeks 12 februari 2024 te Purmerend enig misdrijf, te weten</para>
      <para>* de moord/doodslag op [slachtoffer 1] en/of</para>
      <para>* poging moord/doodslag op [slachtoffer 2] en/of</para>
      <para>* openlijk geweld tegen [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of een</para>
      <para>of meer andere personen was gepleegd,</para>
      <para>met het oogmerk om die misdrijven/dat misdrijf te bedekken of de nasporing of</para>
      <para>vervolging daarvan te beletten of te bemoeilijken, een voorwerp, waarop of waarmede die misdrijven/dat misdrijf was gepleegd en/of andere sporen van dat misdrijf, te weten</para>
    </parablock>
    <para>- het gebruikte mes en/of</para>
    <para>- DNA- en/of dactyloscopische sporen op het mes</para>
    <para>hebben/heeft vernietigd, weggemaakt, verborgen en/of aan het onderzoek van de ambtenaren van de justitie of politie heeft onttrokken bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 13 februari 2024 te Purmerend opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door ammoniak te kopen om het mes mee schoon te maken. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Voorvragen</title>
    <para>De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>Beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Inleiding </emphasis>
        <?linebreak?>Op 12 februari 2024, omstreeks 20.04 uur, vond er een schiet- en steekpartij plaats bij [locatie] in Purmerend. Het slachtoffer [slachtoffer 1] is aan de gevolgen hiervan overleden en het slachtoffer [slachtoffer 2] zwaargewond geraakt. Een aantal minderjarigen wordt ervan verdacht dat zij hulp hebben verleend aan de daders van voornoemd schiet- en steekincident, door het gebruikte vuurwapen of mes schoon te maken, te verbergen, dan wel weg te maken. Juridisch wordt dit aangeduid als begunstiging. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Centraal staat in deze strafzaak het mes dat is gebruikt bij het steken van [slachtoffer 2] in zijn borstkas en buik. Dit mes is ten tijde van zijn aanhouding op 14 februari 2024 bij de medeverdachte [medeverdachte 1] , het broertje van de verdachte, aangetroffen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De vraag die de rechtbank moet beantwoorden is of de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan begunstiging, al dan niet in vorm van medeplegen of medeplichtigheid daaraan.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde feit. Volgens de officier van justitie heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van begunstiging, omdat zij door de aankoop van de fles ammoniak een wezenlijke bijdrage heeft geleverd aan het schoonmaken van het mes, terwijl zij wist dat het mes bij het schiet- en steekincident is gebruikt. Subsidiair stelt de officier van justitie zich op het standpunt dat de verdachte door haar handelen medeplichtig is aan begunstiging. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging heeft -samengevat- bepleit dat de verdachte moet worden vrijgesproken. De raadsman heeft daartoe aangevoerd dat de verdachte slechts een fles ammoniak heeft gekocht en niet betrokken is geweest bij het schoonmaken van het mes. Nu de verdachte tijdens het kopen van de fles ammoniak niet wist dat deze gebruikt zou worden bij het schoonmaken van het mes waarmee het slachtoffer [slachtoffer 2] is gestoken, ontbreekt het vereiste oogmerk. Verder stelt de raadsman zich op het standpunt dat evenmin is voldaan aan de vereisten voor medeplegen dan wel medeplichtigheid van begunstiging.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <paragroup>
        <nr>3.4.1.</nr>
        <para>
          <emphasis role="bold">Vrijspraak</emphasis>
          <?linebreak?>Naar het oordeel van de rechtbank kan niet worden bewezen wat aan de verdachte ten laste is gelegd. De rechtbank overweegt daartoe het volgende.</para>
        <para />
        <parablock>
          <para>Door de verdachte is toegegeven dat zij op 13 februari 2024 een fles ammoniak heeft gekocht bij de [winkel] . De verdachte zegt dit te hebben gedaan op verzoek van haar broertje, die geen geld bij zich had. Zij zegt niet te hebben geweten en niet te hebben gevraagd waarvoor haar broertje deze fles nodig had. De stelling van de officier van justitie dat de verdachte hiervan wel op de hoogte was, vindt geen steun in het dossier.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Op basis van het dossier kan uitsluitend worden vastgesteld dat de verdachte op 13 februari 2024, om 16.37 uur, in het bijzijn van (onder meer) haar broertje een fles ammoniak bij de [winkel] heeft afgerekend en deze op enig moment daarna aan hem heeft afgegeven. Niet kan worden vastgesteld dat de verdachte daarbij wist dat deze fles ammoniak gebruikt zou worden bij het schoonmaken van een mes dat was gebruikt bij het steekincident. De later door de verdachte gevoerde telefoongesprekken maken dit niet anders. Nu de wetenschap naar het doel van de ammoniak bij de verdachte ontbreekt, kan het vereiste oogmerk op het meewerken aan het wegmaken van sporen op het mes c.q. het mes zelf niet worden bewezen. De rechtbank zal de verdachte daarom van het primair en subsidiair tenlastegelegde vrijspreken. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen wat aan de verdachte is ten laste gelegd en spreekt haar daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum</emphasis>
      </para>
      <para>Dit vonnis is gewezen door</para>
      <para>mr. A.R.A.R. Sitaldin, voorzitter en tevens kinderrechter,</para>
      <para>mr. N. Cuvelier en mr. I.A. Groenendijk, (kinder)rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van de griffiers mr. S.B. Kuvel en mr. A. Kuip,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 24 juli 2025.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>