<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2025:2055</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-31T10:59:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-02-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-02-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/15/360487 / JU RK 24-1955</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:2055">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:2055</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-31T10:59:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2025:2055 Rechtbank Noord-Holland , 06-02-2025 / C/15/360487 / JU RK 24-1955</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2025:2055:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>verlenging gesloten jeugdhulp</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2025:2055:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie- en Jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie Haarlem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/15/360487 / JU RK 24-1955</para>
      <para>Datum uitspraak: 6 februari 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en een verlenging machtiging gesloten jeugdhulp</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de gecertificeerde instelling de Jeugd- &amp; Gezinsbeschermers </emphasis>te Amsterdam,</para>
      <para>hierna te noemen: de GI, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>over</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de minderjarige]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum] in de gemeente [gemeente] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [de minderjarige] ,</para>
      <para>advocaat: mr. S.B.J. Hiemstra te Haarlem.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>wonende in [plaats] . </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het verzoekschrift met bijlagen van 27 december 2024;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een instemmingsverklaring van de gedragswetenschapper [gedragswetenschapper] van 3 januari 2025.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 6 februari 2025. Daarbij waren aanwezig:</para>
      <para>- de advocaat mr. Hiemstra;</para>
      <para>- de GI, vertegenwoordigd door [vertegenwoordiger van de GI] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De moeder en de minderjarige [de minderjarige] zijn, hoewel daartoe behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. De moeder heeft op 3 februari 2025 de rechtbank een  emailbericht verzonden waaruit blijkt dat zij niet zullen verschijnen en dat de moeder akkoord is met de verzoeken.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [de minderjarige] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [de minderjarige] verblijft sinds 2 oktober 2024 bij [gesloten accommodatie voor jeugdhulp] in [plaats] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <parablock>
        <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft [de minderjarige] bij beschikking van</para>
        <para>7 november 2023 voorlopig onder toezicht gesteld tot 7 februari 2024. Bij beschikking van</para>
        <para>7 februari 2024 is [de minderjarige] onder toezicht gesteld tot 7 februari 2025.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <parablock>
        <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 7 november 2023</para>
        <para>machtiging verleend [de minderjarige] met spoed gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen in een</para>
        <para>accommodatie van een jeugdhulpaanbieder voor vier weken. Bij beschikking van 16</para>
        <para>november 2023 is machtiging verleend [de minderjarige] uit huis te plaatsen in een accommodatie</para>
        <para>van een jeugdhulpaanbieder tot 7 februari 2024. Bij beschikking van 7 februari 2024 is deze</para>
        <para>machtiging verlengd tot 7 augustus 2024 en bij beschikking van 31 juli 2024 verlengd tot 7 februari 2025.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 1 oktober 2024 een machtiging verleend om [de minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp tot 1 januari 2025.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>De kinderrechter heeft vervolgens bij beschikking van 23 december 2024 een machtiging verleend om [de minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp tot 7 februari 2025.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [de minderjarige] te verlengen voor de duur van een jaar. Ook verzoekt de GI de machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] gesloten jeugdhulp te verlengen voor de duur van vijf maanden. </para>
        <para>De GI verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <parablock>
        <para>De GI heeft de verzoeken als volgt onderbouwd.</para>
        <para>
          [de minderjarige] is op 2 oktober 2024 gesloten geplaatst op de groep [groep] van [gesloten accommodatie voor jeugdhulp] . Op 17 oktober 2024 heeft hij zich aan de behandeling onttrokken. Samen met een groepsgenoot heeft hij een pasje weten te bemachtigen en zijn zij weggegaan. [de minderjarige] heeft het weekend doorgebracht bij familie. De moeder heeft aangegeven dat [de minderjarige] onder invloed was van drugs toen zij hem aantrof. In het weekend van 2 en 3 november 2024 is op de groep sprake geweest van fysieke agressie tussen de groepsgenoten.</para>
        <para>Op 14 november heeft [de minderjarige] samen met groepsgenoten een pasje van de begeleiding weten te bemachtigen. Hij heeft provocerend, verbaal agressief, gedrag laten zien richting de begeleiding en gedreigd met fysiek geweld. Politie is betrokken geweest om de jongeren, waaronder [de minderjarige] , terug naar de kamer te begeleiden, waar [de minderjarige] meermaals brand heeft gesticht. [de minderjarige] heeft uiteindelijk een groepsbegeleider fysiek aangevallen. </para>
        <para>Begin december 2024 is hij opgepakt wegens mogelijke betrokkenheid bij een</para>
        <para>gewapende straatroof.</para>
        <para>De GI is van mening dat de ontwikkelingsbedreigingen nog niet zijn afgenomen ten opzichte van de plaatsing op 2 oktober 2024. Gezien wordt dat het gedrag van [de minderjarige] niet voldoende is veranderd om de overstap naar een open groep of terugkeer naar huis in gang te kunnen zetten. Zijn rol als meeloper in het groepsproces is behoorlijk negatief. Hij heeft weinig gezag voor groepsleiding en blijft grenzen opzoeken. [de minderjarige] heeft onvoldoende inzicht in zijn eigen handelen en kan onvoldoende weerstand bieden tegenover negatief gedrag van anderen. [de minderjarige] blowt, ook tijdens zijn verblijf op [groep] .</para>
        <para>Het feit dat hij op dit moment geen zinvolle dagbesteding heeft en nog geen behandeling ontvangt speelt hierin mogelijk een rol. Er is nog sprake van teveel instabiliteit, gebrek aan inzicht en reflectievermogen. De GI zou na geslotenheid een traject bij bijvoorbeeld Yes We Can willen adviseren of toewerken naar een kleinschalige woongroep. </para>
        <para>De GI heeft [de minderjarige] aangemeld bij onder andere De Waag, Inforsa en Arkin voor behandeling,  welke dan kan starten tijdens de gesloten plaatsing en kan meebewegen in de vervolgstap naar een open groep of naar huis. Behandeling dient gericht te zijn op emotie- en agressieregulatie, vergroten van eigen inzicht en verminderen van middelengebruik. [de minderjarige] is gestart op 13 november met school bij Altra, intern, en zal gaan toewerken naar terugkeer op een reguliere school. Hij heeft toestemming voor begeleid verlof bij de moeder thuis voor een dagdeel in het weekend en heeft twee uur per dag begeleid telefoongebruik. Hij mag contact hebben met de moeder, familieleden en zijn vriendin.</para>
        <para>De GI is van mening dat een verlenging van 5 maanden noodzakelijk is om zowel behandeling als school op te kunnen starten en te stabiliseren. Verlof naar huis kan verder opgebouwd worden en onderzocht kan worden wat er nodig is om een thuisplaatsing mogelijk te maken, waarbij eerst ingezet dient te worden op een open groep en daarna naar huis.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <parablock>
        <para>De GI heeft ter zitting het volgende aangegeven.</para>
        <para>Het gaat nu redelijk goed met [de minderjarige] en er zijn geen verdere incidenten meer geweest. Het is nog maar kort geleden dat hij uit de JJI is gekomen en de komende periode moet blijken of hij een behandeling bij De Waag gaat volhouden. Volgende week krijgt hij ook een (vaste) IFA-coach. Bezien moet worden wat [de minderjarige] dan nog meer nodig heeft. Hij gaat voor nu intern naar school en volgende week is er overleg wat de verdere mogelijkheden zijn voor een school. De komende periode zal de GI goed monitoren hoe hij zich aan de behandeling en voorwaarden gaat houden. Vervolgens kan worden bezien of en hoe er terug kan worden gewerkt naar huis.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De standpunten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>De moeder heeft zich schriftelijk akkoord verklaard met de verzoeken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Namens [de minderjarige] heeft de advocaat naar voren gebracht dat [de minderjarige] zich niet zal verzetten tegen het verzoek. [de minderjarige] begrijpt dat de machtiging gesloten jeugdhulp zal worden verlengd. Het gaat goed met hem en hij is begonnen met een behandeling. Het weglopen is verminderd en het lijkt de goede kant op te gaan met [de minderjarige] . </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>Op basis van de stukken is de kinderrechter van oordeel dat is voldaan aan de grond voor de ondertoezichtstelling bedoeld in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek (BW).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <parablock>
        <para>De kinderrechter is van oordeel dat jeugdhulp nog steeds noodzakelijk is in verband met de ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van [de minderjarige] naar volwassenheid ernstig belemmeren. Deze problemen maken dat het verblijf in een gesloten accommodatie noodzakelijk is en geschikt is om te voorkomen dat [de minderjarige] zich onttrekt aan de jeugdhulp die hij nodig heeft. Het is niet te verwachten dat de gedragingen en problematiek van [de minderjarige] op korte termijn zodanig zijn veranderd dat hij kan doorstromen naar een open groep of naar huis kan terugkeren.</para>
        <para>
          [de minderjarige] is pas kort geleden uit jeugddetentie gekomen. Aan de schorsing van zijn voorlopige hechtenis zijn (bijzondere) voorwaarden verbonden. De komende periode dient allereerst te worden gemonitord hoe de behandeling van [de minderjarige] verloopt en of hij zich kan houden aan de gestelde voorwaarden. Daarnaast moet worden bezien of hij nog meer hulpverlening nodig heeft en moet worden onderzocht wat voor hem een passende vervolgplek is.  </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>De kinderrechter verlengt daarom de ondertoezichtstelling van [de minderjarige] voor de duur van een jaar.<footnote-ref linkend="_61ad9d7d-7e25-4bd8-9f2f-5ba473b40c81" /></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>Ook is de verzochte verlenging van de machtiging gesloten jeugdhulp noodzakelijk.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>verlengt de ondertoezichtstelling van<emphasis role="bold"> [de minderjarige]</emphasis> tot 7 februari 2026;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <para>verlengt de machtiging om de jeugdige<emphasis role="bold"> [de minderjarige] </emphasis>te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp tot 7 juli 2025;<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beschikking is gegeven door mr. F. W. van Dongen, kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken op 6 februari 2025, in aanwezigheid van W. van den Bergh als griffier.</para>
                <para />
                <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld en ondertekend op </para>
                <para>13 februari 2025.</para>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <parablock>
        <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te Amsterdam.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_61ad9d7d-7e25-4bd8-9f2f-5ba473b40c81" label="1">
    <para> Artikel 1:260, eerste lid, BW.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>