<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2025:13265</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-09T11:23:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-11-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11769919</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_arbeidsrecht">Civiel recht; Arbeidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>VAAN-AR-Updates.nl 2025-1532</rdf:li>
          <rdf:li>AR-Updates.nl 2025-1532</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:13265">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:13265</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-01T10:39:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2025:13265 Rechtbank Noord-Holland , 07-11-2025 / 11769919</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2025:13265:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Pro forma beschikking wegens een verstoorde arbeidsverhouding.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2025:13265:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Bewind</para>
    <para>locatie Haarlem</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr.: 11769919 \ AO VERZ  25-81</para>
      <para>Uitspraakdatum: 7 november 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Dnata B.V. </emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Schiphol</para>
      <para>verzoekende partij</para>
      <para>verder te noemen: Dnata </para>
      <para>gemachtigde: mr. H. Senyuva</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verweerder] </emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [plaats] </para>
      <para>verwerende partij</para>
      <para>verder te noemen: [verweerder]</para>
      <para>gemachtigde: mr. T.J. Roest Crollius</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De zaak in het kort</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Pro forma beschikking wegens een verstoorde arbeidsverhouding.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Dnata heeft een verzoek ingediend om de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst te ontbinden, welk verzoek is ontvangen op 27 juni 2025. [verweerder] heeft een verweerschrift ingediend op 4 augustus 2025.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Op 31 oktober 2025 heeft een mondelinge behandeling plaatsgevonden, waarvan aantekeningen zijn gemaakt door de griffier. De gemachtigden van partijen hebben ook pleitaantekeningen overgelegd.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Het uitgangspunt bij de beoordeling van het verzoek van Dnata is dat de werkgever op grond van het bepaalde in artikel 7:671b BW de kantonrechter kan verzoeken de arbeidsovereenkomst te ontbinden op grond van een redelijke grond als vermeld in lid 1 van dat artikel. De kantonrechter dient die redelijke grond te onderzoeken op grond van artikel 7:671b lid 2 BW. De kantonrechter heeft geconstateerd dat partijen het eens zijn dat sprake is van een verstoorde arbeidsverhouding, dat de verstoring zodanig is dat van Dnata in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst met [verweerder] te laten voortduren, dat geen van de partijen hiervan een verwijt treft en dat er geen herplaatsing van [verweerder] in een andere passende functie binnen een redelijke termijn mogelijk is.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Ingevolge het bepaalde in artikel 7:671b lid 2 BW is voorts onderzocht of een opzegverbod ingevolge art 7:670 BW of enig ander opzegverbod geldt. Dat is niet het geval.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Op grond van hetgeen over en weer is aangevoerd, is de kantonrechter van oordeel dat voldoende aannemelijk is geworden dat sprake is van een redelijke grond voor opzegging, en daarmee voor ontbinding, van de arbeidsovereenkomst van partijen. Het verzoek wordt daarom ingewilligd.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Omdat het verzoek tot ontbinding wordt ingewilligd, moet het einde van de arbeidsovereenkomst worden bepaald. Er is geen wettelijk bezwaar de arbeidsovereenkomst te ontbinden per de datum die partijen zijn overeengekomen, te weten 1 april 2026.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Partijen zijn het erover eens dat [verweerder] aanspraak heeft op een beëindigingsvergoeding van € 75.000,00 bruto, waarin - zo begrijpt de kantonrechter - de wettelijke transitievergoeding is inbegrepen. Dnata zal daarom worden veroordeeld tot betaling van die vergoeding.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Gezien de uitkomst van de zaak is de kantonrechter van oordeel dat het redelijk is dat partijen ieder hun eigen proceskosten dragen.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter: </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 april 2026;</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt Dnata om uiterlijk 1 mei 2026 aan [verweerder] een bedrag te betalen ter hoogte van € 75.000,00 bruto;</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten betaalt;</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <?linebreak?>Deze beschikking is gegeven door mr. M.A.J. Berkersen op 7 november 2025 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>