<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2025:11883</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-30T10:38:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/15/368008 FT RK 25/561</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#rekestprocedure">Rekestprocedure</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_insolventierecht">Civiel recht; Insolventierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:11883">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:11883</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-30T10:37:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2025:11883 Rechtbank Noord-Holland , 16-10-2025 / C/15/368008 FT RK 25/561</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2025:11883:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Schuldeiser niet akkoord met voorstel omdat deze zijn vordering dan niet meer kan verhaleln op de borg omdat de borgstelling vervalt ogv artikel 6:160 lid 1 BW</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2025:11883:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">VONNIS AFWIJZING DWANGAKKOORD</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</emphasis>
      </para>
      <para>zittingsplaats: 		Alkmaar</para>
      <para>afdeling:		handel, kanton en insolventie </para>
      <para>zaaknummer: 		C/15/368008 FT RK 25/561</para>
      <para>naam rechter:		mr. M.P. de Valk</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>uitspraakdatum:	16 oktober 2025 </para>
      <para>in de zaak van:	[schuldenaar] (hierna: schuldenaar)<?linebreak?>geboren op:		[geboortedatum] 1984 te [plaats 1]<?linebreak?>wonende te:		[plaats 2]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>schuldeiser: 		Stichting Qredits Microfinanciering<?linebreak?>gevestigd te:		Almelo<?linebreak?>hierna te noemen:	Qredits<?linebreak?>gemachtigde:		Te-Recht Gerechtsdeurwaarders &amp; Incasso B.V. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Samenvatting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Schuldenaar heeft een minnelijke schuldregeling aan zijn schuldeisers aangeboden. Qredits weigert mee te werken aan die schuldregeling. Schuldenaar wil dat de rechtbank Qredits beveelt toch in te stemmen met de schuldregeling. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>Beslissing van de rechtbank</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <inlinemediaobject>
          <imageobject>
            <imagedata align="center" scale="100" fileref="1dfd4017-ccd7-4480-bf8f-3167cedfa4d1" depth="3" width="3" format="image/png" />
          </imageobject>
        </inlinemediaobject>De rechtbank wijst het verzoek om Qredits in te laten stemmen met de aangeboden schuldregeling af.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Gevolgen voor schuldenaar</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Qredits hoeft niet mee te werken aan de uitvoering van de aangeboden minnelijke schuldregeling. <?linebreak?></para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Redenen voor deze beslissing</title>
    <bridgehead role="bold">+</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Argumenten van schuldenaar</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>Schuldenaar heeft een totale schuldenlast van € 79.630,01. De schuld aan Qredits   is € 20.365,64, en dat is 25,58% van de totale schuldenlast. Schuldenaar heeft aangeboden schuldeisers zonder voorrang 15,64% van hun vordering te betalen en schuldeisers met voorrang 31,29% van hun vordering. </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>Schuldenaar heeft belang bij de aangeboden schuldregeling omdat hij op die manier van zijn schulden verlost. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>
        <?linebreak?>
      </para>
      <para> De andere schuldeisers hebben belang bij de aangeboden schuldregeling omdat deze voor hen tot een beter resultaat leidt dan toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (wsnp). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Argumenten van de weigerende schuldeiser</para>
      <para />
      <parablock>
        <para> Qredits heeft schuldenaar een microkrediet verstrekt waarvoor zijn ex-partner zich borg heeft gesteld tot een bedrag van € 12.500,-. Als Qredits instemt met het minnelijk schuldhulpvoorstel vervalt hun vordering op de borg. Met het aangeboden percentage van 15,64% krijgt Qredits slechts € 3.185,83 van haar vordering terwijl de opbrengst via het beslag op de borg tot een aanzienlijk beter resultaat leidt. Dit is derhalve een zwaarwegend belang om niet akkoord te gaan. Bij toelating tot de wsnp blijft de borgstelling immers wel behouden. <?linebreak?></para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Afweging van de argumenten van partijen door de rechtbank</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>Een schuldeiser heeft recht op betaling. De rechtbank kan daarom alleen in bijzondere gevallen een schuldeiser dwingen om in te stemmen met een schuldregeling. De rechtbank moet daarbij rekening houden met de belangen van schuldenaar en alle schuldeisers.</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>De rechtbank let bij haar beoordeling op het volgende:<?linebreak?>- 	is het aanbod getoetst door een onafhankelijke en deskundige partij?<?linebreak?>- 	is het aanbod goed en betrouwbaar gedocumenteerd?<?linebreak?>- 	is het aanbod het uiterste wat schuldenaar kan aanbieden? <?linebreak?>- 	biedt toelating tot de wsnp aan de schuldeisers betere vooruitzichten op betaling?<?linebreak?>- 	hoeveel schuldeisers zijn er en hoeveel daarvan weigeren met het aanbod in 	te stemmen?<?linebreak?>- 	hoe groot is het aandeel van de weigerende schuldeiser in de totale 	schuldenlast? </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>De rechtbank is van oordeel dat hier geen sprake is van een bijzonder geval. Qredits   hoeft niet mee te werken aan de aangeboden schuldregeling. Daarbij is allereerst van belang dat de vordering van Qredits met 25,58% een aanzienlijk deel van de totale schuldenlast bedraagt en dat deze schuldeiser dus een relatieve zware stem heeft bij de akkoordstemming. Daarnaast is van belang dat voor de verstrekte lening een borg is gesteld. Deze borgstelling vervalt, op grond van artikel 6:160 lid 1 Burgerlijk Wetboek, als Qredits akkoord gaat met het akkoord. Op een buitengerechtelijk akkoord zijn namelijk de gewone regels van het verbintenissenrecht van toepassing. In een faillissement of bij toepassing van de wettelijke schuldsanering is dat anders. Dan blijft op grond van artikel 300 Faillissementswet de borgstelling wel in stand (vanwege een resterende natuurlijke verbintenis). Gezien de borgstelling bestaat de kans dat Qredits uiteindelijk haar gehele vordering terugbetaald zal krijgen in plaats van 15,64% zoals onder het akkoord is aangeboden. De rechtbank is daarom van oordeel dat het niet onredelijk is dat Qredits heeft geweigerd met het akkoord in te stemmen.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>Stukken waarop deze beslissing is gebaseerd</title>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verzoekschrift van schuldenaar met bijlagen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verweerschrift van Qredits;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>aantekeningen van de zitting van 07 oktober 2025, waarbij aanwezig waren schuldenaar en mevr. L. Wever namens gemeente Hollands Kroon, schuldhulpverlener. </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>Mogelijkheden om deze beslissing aan te vechten </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Schuldenaar heeft ook een verzoek gedaan om te worden toegelaten tot de schuldsaneringsregeling (wsnp). De rechtbank wijst dit verzoek toe in een aparte uitspraak. Schuldenaar kan daarom deze uitspraak niet aanvechten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier						De rechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>