<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2024:9812</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-25T10:35:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-08-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/15/348089 / JU RK 24/77</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:9812">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:9812</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-25T10:35:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2024:9812 Rechtbank Noord-Holland , 13-08-2024 / C/15/348089 / JU RK 24/77</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2024:9812:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De kinderrechter verlengt de machtiging uithuisplaatsing van de minderjarige. De kinderrechter wijst de GI erop zo spoedig mogelijk een definitieve beslissing te nemen over het perspectief van de minderjarige.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2024:9812:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie- en Jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie Haarlem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/15/348089 / JU RK 24/77</para>
      <para>Datum uitspraak: 13 augustus 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kinderrechter over een verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De gecertificeerde instelling <emphasis role="bold">William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd te Amsterdam,</para>
      <para>hierna te noemen: de GI, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>over</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de minderjarige]
        </emphasis>, </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] in [plaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [de minderjarige] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>wonende in [plaats] ,</para>
      <para>advocaat: mr. I.M. Thieme, kantoorhoudende te Zaandam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de (pleeg)oma vaderszijde]
        </emphasis>,</para>
      <para>de (pleeg)oma vaderszijde,</para>
      <para>wonende in [plaats] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de (pleeg)opa vaderzijde]
        </emphasis>,</para>
      <para>de (pleeg)opa vaderzijde,</para>
      <para>wonende in [plaats] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de (pleeg)oma en de (pleeg)opa hierna gezamenlijk te noemen: de pleeggrootouders.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verdere verloop van de procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in haar beoordeling:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de beschikking van 13 februari 2024 en het daarin genoemde verzoekschrift van de GI;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de schriftelijke update van de GI van 8 augustus 2024, bij de rechtbank binnengekomen op 8 augustus 2024;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het “concept adviesverslag perspectiefonderzoek over toekomstperspectief jeugdige” van de GI, bij de rechtbank binnengekomen op 12 augustus 2024.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Op 13 augustus 2024 heeft de kinderrechter de mondelinge behandeling van de zaak met gesloten deuren voortgezet. Daarbij waren aanwezig:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de moeder met haar advocaat<emphasis role="italic">;</emphasis></para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de pleeggrootouders;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            [vertegenwoordiger van de GI] , als vertegenwoordiger van de GI.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De zitting heeft voor de moeder telefonisch plaatsgevonden, omdat de verbinding via de tweezijdige beeld- en geluidsverbinding niet tot stand kwam. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [de minderjarige] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 13 mei 2022 [de minderjarige] (voorlopig) onder toezicht gesteld. De ondertoezichtstelling is daarna telkens verlengd en duurt nog tot 18 februari 2025. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Bij beschikking van 13 mei 2022 is ook een machtiging verleend om [de minderjarige] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen in een voorziening van pleegzorg. Die machtiging is daarna ook telkens verlengd en duurt nog tot 18 augustus 2024.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [de minderjarige] verblijft sinds november 2021 in een netwerkgezin, namelijk bij haar grootouders van vaderszijde (hierna: de pleeggrootouders).</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De GI heeft verzocht de ondertoezichtstelling en de machtiging uithuisplaatsing van [de minderjarige] te verlengen voor een periode van één jaar, met uitvoerbaarverklaring bij voorraad. Aan de orde is nu de aangehouden verlenging van de machtiging uithuisplaatsing van [de minderjarige] in een pleeggezin voor de duur van de ondertoezichtstelling, namelijk tot 18 februari 2025.  De GI heeft haar verzoek gehandhaafd en ter zitting nog het volgende naar voren gebracht. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Vanwege het vertrek van de vorige jeugdbeschermer en personeelstekorten bij de GI is (nog) geen nieuwe jeugdbeschermer aangewezen, waardoor de zaak al enige tijd stil ligt. Wel is het perspectiefonderzoek, waarin wordt geadviseerd dat het perspectief van [de minderjarige] niet langer bij de moeder ligt, afgerond en met de moeder besproken. De te volgen lijn is duidelijk. Eerst zal een perspectiefbesluit moeten worden genomen, waarna een passende omgangsregeling tussen de moeder en [de minderjarige] moet worden vastgesteld, aldus de GI. Gelet op de behoefte van [de minderjarige] aan duidelijkheid en structuur is het van belang dat het perspectiefbesluit niet lang op zich laat wachten. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Desgevraagd heeft de GI te kennen gegeven dat de oorzaak voor de vermindering van de onbegeleide omgangsmomenten tussen de moeder en [de minderjarige] is gelegen in een terugval in het gedrag van [de minderjarige] en de onduidelijkheden die zij ervaart over haar perspectief.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De standpunten van de belanghebbenden</title>
    <bridgehead role="italic">De moeder</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Door en namens de moeder is geen verweer gevoerd tegen het (resterende) verzoek van de GI. Naar voren is gebracht dat de moeder instemt met het verblijf van [de minderjarige] bij de pleeggrootouders in de wetenschap dat wordt onderzocht of een terugplaatsing van [de minderjarige] bij de moeder aan de orde is en dat wordt toegewerkt naar uitgebreider contact tussen hen. Daarvan lijkt door het vertrek van de vorige jeugdbeschermer nu echter geen sprake. Er is een vacuüm ontstaan en regie vanuit de GI ontbreekt, als gevolg waarvan de uitvoering van de ondertoezichtstelling te wensen overlaat. Het is daarom het uitdrukkelijke verzoek aan de GI om meer regie te voeren.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De pleeggrootouders</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Ter zitting hebben de pleeggrootouders toegezegd dat [de minderjarige] haar hele leven bij hen kan blijven wonen. Zij zullen goed voor [de minderjarige] zorgen. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De verdere beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat verlenging van de machtiging tot de uithuisplaatsing van [de minderjarige] noodzakelijk is in het belang van haar verzorging en opvoeding (artikel 1:265c, tweede lid, BW). Daarvoor is het volgende redengevend. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [de minderjarige] verblijft al langere tijd bij de pleeggrootouders, waar zij in de thuissituatie structuur, voorspelbaarheid en duidelijkheid krijgt. De kinderrechter ziet enerzijds dat dit de ontwikkeling van [de minderjarige] goed doet. Anderzijds ziet de kinderrechter dat [de minderjarige] veel onduidelijkheid ervaart over haar opgroeiperspectief en bij de pleegouders soms terugvalt in zorgelijk dwars gedrag (hoofdbonken en bijten). Zij is ook brutaler en agressiever, aldus de pleeggrootouders. </para>
        <para>Vaststaat dat het eerder uitgestelde en verlengde perspectiefonderzoek nu is afgerond. Daaruit volgt het advies aan de GI om te beslissen dat [de minderjarige] niet bij de moeder zal opgroeien. De GI heeft echter (nog) geen perspectiefbesluit genomen zodat de onduidelijkheid daarover bij [de minderjarige] en de ouders nog steeds voortduurt. Dit is bijzonder spijtig, vooral ook omdat in de beschikking van de kinderrechter van 13 februari 2024 al is overwogen dat het, gelet op de leeftijd en de behoefte van [de minderjarige] , belangrijk is dat er duidelijkheid komt over haar opgroeiperspectief. Om dat mogelijk te maken is toen de beslissing over de uithuisplaatsing voor zes maanden aangehouden om de voortgang van het perspectiefonderzoek en het vervolg daarop te bewaken. Gelet op het verloop van de ondertoezichtstelling in de afgelopen zes maanden en het ontbreken van een actieve regie van de GI, begrijpt de kinderrechter het gebrek aan vertrouwen van de moeder in de GI. De kinderrechter wijst de GI om die reden nogmaals op de noodzaak om zo spoedig mogelijk een beslissing te nemen over het perspectief van [de minderjarige] . Het voorgaande betekent dat terugplaatsing van [de minderjarige] bij de moeder volgens alle betrokkenen nu nog niet aan de orde is. Daarom zal de machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] bij de pleeggrootouders worden verlengd zoals verzocht. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>Gelet op het voorgaande zal de kinderrechter de machtiging tot uithuisplaatsing verlengen tot de einddatum van de ondertoezichtstelling, namelijk tot 18 februari 2025. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>Al het voorgaande leidt tot de volgende beslissing.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van <emphasis role="bold">[de minderjarige] </emphasis>in een voorziening voor pleegzorg met ingang van 18 augustus 2024 tot 18 februari 2025, te weten de afloopdatum van de ondertoezichtstelling;<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 augustus 2024 door mr. J.C.M. Swinkels, in aanwezigheid van mr. I.N. Inge als griffier. De schriftelijke uitwerking van deze beslissing is vastgesteld op 21 augustus 2024. </para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
      </parablock>
      <para>- door de verzoekers en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;</para>
      <para>- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
      <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te Amsterdam.</para>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>