<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2024:9336</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-11T09:06:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-08-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11221201 \ CV EXPL  24-2086</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zaanstad</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:9336">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:9336</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-11T09:06:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2024:9336 Rechtbank Noord-Holland , 22-08-2024 / 11221201 \ CV EXPL  24-2086</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2024:9336:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>vordering erkend / toewijzen vordering</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2024:9336:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Bewind</para>
    <para>locatie Zaanstad</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr./rolnr.: 11221201 \ CV EXPL  24-2086</para>
      <para>Uitspraakdatum: 22 augustus 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap <emphasis role="bold">Infomedics B.V. </emphasis></para>
      <para>gevestigd te Almere</para>
      <para>eiseres</para>
      <para>verder te noemen: Infomedics</para>
      <para>gemachtigde: Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [woonplaats] </para>
      <para>gedaagde  </para>
      <para>verder te noemen: [gedaagde]</para>
      <para>verschenen in persoon</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Infomedics heeft bij dagvaarding van 1 juli 2024 een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft op de rolzitting van 25 juli 2024 mondeling gereageerd en heeft daarbij de vordering erkend.  </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De vordering en het verweer </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Infomedics vordert dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt tot betaling van € 760,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 18 juni 2024. Ook vordert Infomedics dat [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten. Infomedics legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat [gedaagde] een medische behandeling heeft laten uitvoeren, maar de nota daarvan niet heeft betaald. [gedaagde] verkeert daarom in verzuim en moet daarom de wettelijke rente betalen. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft op de rolzitting de vordering erkend. Door omstandigheden is de factuur echter onbetaald gebleven. [gedaagde] heeft al een betalingsregeling met de deurwaarder getroffen. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft de vordering erkend. Door omstandigheden is de factuur echter onbetaald gebleven. Deze omstandigheden komen echter voor haar rekening en risico. De door Infomedics gevorderde hoofdsom wordt daarom toegewezen. Dat [gedaagde] inmiddels een betalingsregeling heeft getroffen met de deurwaarder, doet daaraan niet af. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De kantonrechter is verder van oordeel dat de gevorderde wettelijke rente alleen kan worden toegewezen vanaf de dag van dagvaarding. Er is namelijk niet gebleken dat [gedaagde] eerder is verzuim is geraakt. De door Infomedics genoemde betalingstermijn op een nota of factuur is daarvoor niet bepalend, omdat uit de dagvaarding niet blijkt dat partijen die betalingstermijn zijn overeengekomen.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] krijgt overwegend ongelijk en moet daarom de proceskosten (inclusief de nakosten) betalen. De proceskosten worden begroot op: </para>
      <para>- kosten van de dagvaarding 										€ 113,54</para>
      <para>- griffierecht																	€ 328,00</para>
      <para>- salaris gemachtigde													€ 135,00</para>
      <para>- nakosten 																		€   67,50 (plus de kosten van betekening </para>
      <para>zoals vermeld in de beslissing)</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Totaal 																			€ 644,04</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics een bedrag van € 760,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 van het Burgerlijk Wetboek over een bedrag van € 760,00, met ingang van 1 juli 2024, tot de dag van volledige betaling;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten (inclusief de nakosten), die de kantonrechter aan de kant van Infomedics tot en met vandaag vaststelt op € 644,04, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. P.J. Jansen en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier		De kantonrechter</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>