<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2024:4677</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-06-14T13:43:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-05-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-05-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/15/332762 / FA RK 22-4751</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:4677">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:4677</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-06-14T13:42:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-06-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2024:4677 Rechtbank Noord-Holland , 08-05-2024 / C/15/332762 / FA RK 22-4751</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2024:4677:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Echtscheiding met nevenvoorzieningen. De rechtbank legt de door partijen ter zitting bereikte overeenstemming over de verdeling van de eenvoudige gemeenschap en de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden vast.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2024:4677:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Familie en Jeugd</para>
    <para>locatie Haarlem</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rekestnummer: C/15/332762 / FA RK 22-4751 en C/15/335286 / FA RK 22-6160</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de meervoudige kamer van 8 mei 2024 betreffende de echtscheiding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de vrouw] ,</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [plaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: de vrouw,</para>
      <para>advocaat mr. M.A.Th. Klaver, gevestigd te Hoorn,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de man] ,</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [plaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: de man,</para>
      <para>advocaat mr. L.E. de Wal, gevestigd te Geldermalsen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het verzoekschrift, met bijlagen 1-11, van de vrouw, ingekomen op 7 oktober 2022;</para>
      <para>- het verweerschrift, tevens zelfstandig verzoek, met bijlagen 1-7, van de man, ingekomen op 28 december 2022;</para>
      <para>- het verweer op zelfstandig verzoek, tevens aanvullend verzoek, met bijlagen 13-15, van de vrouw, ingekomen op 10 januari 2023;</para>
      <para>- de brief, met bijlage 14, van de advocaat van de vrouw van 24 maart 2024;</para>
      <para>- de brief, met bijlagen 8-16, van de advocaat van de man van 3 april 2024;</para>
      <para>- de brief, met bijlage 16, van de advocaat van de vrouw van 4 april 2024;</para>
      <para>- de brief, met bijlage 17, van de advocaat van de vrouw van 4 april 2024;</para>
      <para>- de brief, met bijlagen 17-18, van de advocaat van de man van 5 april 2024;</para>
      <para>- de brief, met bijlagen 18-19, van de advocaat van de vrouw van 8 april 2024.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 17 april 2024 in aanwezigheid van partijen, bijgestaan door hun advocaten. Beide advocaten hebben het woord gevoerd aan de hand van een overgelegde pleitnota.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Partijen zijn met elkaar gehuwd op [huwelijksdatum] te [plaats] onder het maken van huwelijkse voorwaarden. De bij akte van [datum] opgemaakte huwelijkse voorwaarden luiden – voor zover hier van belang – als volgt:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“<emphasis role="underline">Uitsluiting gemeenschap van goederen</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="underline">Artikel 1. </emphasis>
        </para>
        <para>Tussen de echtgenoten zal geen huwelijksvermogensrechtelijke gemeenschap van goederen bestaan.</para>
        <para>(…)</para>
        <para>
          <emphasis role="underline">Jaarlijkse verrekening overgespaarde inkomsten</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="underline">Artikel 7.</emphasis>
        </para>
        <para>1. Partijen verplichten zich jegens elkaar jaarlijks ter verdeling bij helfte bijeen te voegen hetgeen van hun inkomsten uit arbeid niet is besteed ter dekking van de kosten van de huishouding of op andere ter wijze gelijkelijk aan beiden ten goede gekomen is.</para>
        <para>(…)”</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">scheiding</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Partijen verzoeken de echtscheiding tussen hen uit te spreken. Zij stellen dat het huwelijk duurzaam is ontwricht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Het verzoek tot echtscheiding zal, als op de wet gegrond, worden toegewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">verdeling eenvoudige gemeenschap en afwikkeling huwelijkse voorwaarden</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Partijen hebben verzoeken ingediend over de verdeling van hun eenvoudige gemeenschap en de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Ter zitting hebben partijen vastgesteld al overeenstemming te hebben bereikt over enige kwesties (zoals de boot en de hond) en hebben partijen volledige overeenstemming bereikt over alle nog resterende onderwerpen. Zij verzoeken deze overeenstemming in deze beschikking vast te leggen. De rechtbank zal dienovereenkomstig beslissen. Hierbij beschouwt de rechtbank de verzoeken van partijen als ingetrokken, zodat hierop niet meer behoeft te worden beslist.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>spreekt de echtscheiding uit tussen partijen, gehuwd te [plaats] op [huwelijksdatum] ;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">verdeling eenvoudige gemeenschap</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>deelt de echtelijke woning aan [adres] toe aan de man tegen een waarde van € 600.000, onder de verplichting van de man om de hypothecaire lening bij [bank] en de lening van “ [BV] ” af te lossen dan wel de vrouw uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor deze leningen te doen ontslaan; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>bepaalt dat de waarde van de aan de hypothecaire geldlening gekoppelde spaarhypotheekverzekeringen bij [verzekeringsmaatschappij] wordt verrekend in die zin dat aan ieder van partijen de helft van de waarde toekomt, dat uit de overwaarde van de echtelijke woning eerst een bedrag van € 14.520,96 aan de man wordt voldaan, en dat de resterende overwaarde tussen partijen bij helfte wordt verdeeld;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>bepaalt dat partijen de kosten van toedeling van de woning bij helfte moeten dragen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>bepaalt dat de man de sinds 7 oktober 2022 gemaakte eigenaarslasten voor zijn rekening dient te nemen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>verstaat dat partijen zijn overeengekomen ernaar te streven op 17 oktober 2024 de echtelijke woning op de hiervoor bepaalde wijze te hebben verdeeld;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">afwikkeling huwelijkse voorwaarden</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>bepaalt dat de man € 199.000 aan de vrouw moet betalen uit hoofde van verrekening van de waarde van zijn aandelen in “ [BV] ”;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <para>bepaalt dat de man € 21.000 netto aan de vrouw moet betalen uit hoofde van verrekening van de waarde van het in zijn onderneming ondergebrachte stamrecht;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.9.</nr>
      <para>bepaalt dat de vrouw € 39.893 (€ 79.786 / 2) aan de man moet betalen uit hoofde van verrekening van de waarde van de activa en passiva van haar eenmanszaak “ [eenmanszaak] ”;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.10.</nr>
      <para>bepaalt dat het saldo van de spaarrekening van de man ( [rekeningnummer] ) niet wordt verrekend;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.11.</nr>
      <para>bepaalt dat de man € 905,09 (€ 1.810,18 / 2) aan de vrouw moet betalen uit hoofde van verrekening van het saldo van zijn betaalrekening ( [rekeningnummer] );</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.12.</nr>
      <para>bepaalt dat de vrouw € 3.437,58 (€ 6.875,17 / 2) aan de man moet betalen uit hoofde van verrekening van het saldo van haar spaarrekening ( [rekeningnummer] );</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.13.</nr>
      <para>bepaalt dat de vrouw € 294,75 aan de man moet betalen uit hoofde van verrekening van het saldo van haar betaalrekening ( [rekeningnummer] );</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.14.</nr>
      <para>bepaalt dat de vrouw uit hoofde van verrekening van haar lijfrentepolis bij [bank] van het saldo van € 12.863,10 na aftrek van de op 40% te stellen belastinglatentie de helft - € 3.858,93 - aan de man moet betalen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.15.</nr>
      <para>bepaalt dat de vrouw € 40.000 aan de man moet betalen ter verrekening van de geldbedragen die de man als schenkingen en nalatenschap van zijn ouders heeft gekregen en die tijdens het huwelijk van partijen zijn besteed;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.16.</nr>
      <para>bepaalt dat partijen gehouden zijn binnen veertien dagen na inschrijving van deze beschikking in de registers van de burgerlijke stand de huwelijkse voorwaarden af te wikkelen op de hiervoor bepaalde wijze;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.17.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beschikking is gegeven door mr. F.C. Bakker, voorzitter, mr. M.A.J. Berkers en mr. W.M. Schrama, allen rechter, en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier mr. J. Leertouwer op 8 mei 2024.</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para>Tegen deze beschikking kan - voor zover er definitief is beslist - door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden en overeenkomstig artikel 820 lid 2 Rv openlijk bekend is gemaakt.</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>