<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2024:4362</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-30T14:30:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-04-29</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">15/027715-22 (ontneming)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:4362">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:4362</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-30T12:11:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2024:4362 Rechtbank Noord-Holland , 29-04-2024 / 15/027715-22 (ontneming)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2024:4362:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vordering tot ontneming, gelet op vrijspraak in de strafzaak.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2024:4362:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Team Straf, zittingsplaats Alkmaar</para>
    <para>Meervoudige strafkamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 15/027715-22 (ontneming) (P)</para>
      <para>Uitspraakdatum	: 29 april 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis ex artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Deze beslissing heeft betrekking op de vordering van de officier van justitie d.d. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">14 maart 2024 </emphasis>ten aanzien van de feiten in de zaak onder bovenstaand parketnummer, strekkende tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e lid 2 van het Wetboek van Strafrecht in de zaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] </emphasis>
        <emphasis role="bold smallcaps">,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum en -plaats] ,</para>
      <para>ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres]</para>
      <para> .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De vordering</title>
    <para>De officier heeft bij vordering van 14 maart 2024 schriftelijk gevorderd dat de rechtbank het bedrag als bedoeld in artikel 36e, lid 5 van het Wetboek van Strafrecht zal vaststellen op <emphasis role="bold">€ 15.228,31 </emphasis>en dat aan veroordeelde de verplichting zal worden opgelegd tot betaling aan de Staat van dat bedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie baseert de vordering op de strafbare feiten waarvoor [medeverdachte] is gedagvaard om op 11 en 15 april 2024 te verschijnen voor de meervoudige strafkamer in deze rechtbank. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para>De officier van justitie heeft bovengenoemde vordering aanhangig gemaakt met de oproeping van veroordeelde om te verschijnen op de terechtzitting van deze rechtbank op 11 en 15 april 2024. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onderzoek heeft plaatsgevonden op die data. Daarbij zijn gehoord de veroordeelde, zijn raadsvrouw mr. M.G.M. Frerix, advocaat te Ede en de officier van justitie. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vervolgens is het onderzoek gesloten en is de uitspraak bepaald op 29 april 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het standpunt van de officier van justitie</title>
    <para>De officier van justitie heeft ter terechtzitting gemeld de vordering niet te bespreken, omdat tot vrijspraak is gerekwireerd. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Het standpunt van [medeverdachte] en zijn raadsvrouw</title>
    <para>De raadsvrouw van de veroordeelde heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering dient te worden afgewezen gelet op de in de strafzaak bepleite vrijspraak. Bovendien volgt de verdediging niet de redenering van de politie dat [medeverdachte] wel degene moet zijn die geprofiteerd heeft van – afgerond – 70 van [slachtoffer] afgenomen Monero die niet op accounts van medeverdachten zijn aangetroffen.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling van de rechtbank</title>
    <para>Bij vonnis van 29 april 2024 van deze rechtbank en kamer is betrokkene vrijgesproken van alle hem tenlastegelegde feiten.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het wettelijk systeem, meer in het bijzonder uit de artikelen 511e, eerste lid juncto artikel 348 van het wetboek van strafvordering en artikel 36e van het wetboek van Strafrecht, volgt dat bij het ontbreken van een veroordeling wegens een strafbaar feit, het openbaar ministerie niet ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>Beslissing</title>
    <para>Verklaart het Openbaar Ministerie <emphasis role="bold">niet-ontvankelijk</emphasis> in de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum</emphasis>
      </para>
      <para>Dit vonnis is gewezen door</para>
      <para>mr. C.W.M. Giesen, voorzitter,</para>
      <para>mr. J.O. Rutten en mr. D.J. Straathof, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van de griffier mr. M.T. Sluis,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 29 april 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>