<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2024:2171</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-13T15:00:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-03-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-03-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10919603 \ CV EXPL  24-922</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#verstek">Verstek</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:2171">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:2171</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-11T15:11:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-03-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2024:2171 Rechtbank Noord-Holland , 06-03-2024 / 10919603 \ CV EXPL  24-922</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2024:2171:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verstek. Ambtshalve toetsing. De bepalingen van boek 6, titel 5, afdeling 2B van het BW zijn niet van toepassing, omdat er sprake is van een overeenkomst betreffende gezondheidszorg zoals bedoeld in artikel 3 onderdeel a van de Richtlijn. De kantonrechter zal de informatieplichten dan ook niet toetsen. De kantonrechter is van oordeel dat de betalingsvoorwaarden van de eisende partij niet van toepassing zijn, omdat niet voldoende is gesteld of gebleken dat de betalingsvoorwaarden tusse partijen zijn overeengekomen. De buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen. De wettelijke rente wordt toegewezen vanaf 10 november 2023. De proceskosten en nakosten komen voor rekening van de gedaagde partij.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2024:2171:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Insolventie</para>
    <para>locatie Haarlem</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr./rolnr.: 10919603 \ CV EXPL  24-922</para>
      <para>Uitspraakdatum: 6 maart 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Verstekvonnis in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Anders Medical Factoring B.V. </emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Rotterdam</para>
      <para>de eisende partij</para>
      <para>gemachtigde: Landelijke Associatie Van Gerechtsdeurwaarders B.V.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [plaats] </para>
      <para>de gedaagde partij</para>
      <para>niet verschenen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vordering</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De eisende partij vordert veroordeling van de gedaagde partij tot betaling van € 253,99, te vermeerderen met de wettelijke rente over een bedrag van € 209,20 vanaf 9 januari 2024. Daarnaast vordert zij veroordeling van de gedaagde partij in de proceskosten en nakosten.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Informatieplichten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De vordering is gebaseerd op een overeenkomst tussen een handelaar en een consument. Bij het sluiten van dergelijke overeenkomsten moet de handelaar voldoen aan de wettelijke (pre)contractuele informatieplichten van boek 6, Titel 5, Afdeling 2B van het Burgerlijk Wetboek (BW). Dit ter bescherming van de consument. De kantonrechter moet er ambtshalve op toezien dat die voorschriften worden nageleefd, dus ook als er geen verweer is gevoerd. In dit geval zijn die bepalingen echter niet van toepassing vanwege het volgende. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>In artikel 6:230h lid 2 sub d BW is bepaald dat de bepalingen van boek 6, Titel 5, Afdeling 2B van het BW niet van toepassing zijn op overeenkomsten betreffende gezondheidszorg, zoals bedoeld in artikel 3 onderdeel a van Richtlijn 2011/24/EU van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2011 (<emphasis role="italic">Pb </emphasis>L 88/45) (hierna: de Richtlijn). In het onderhavige geval is sprake van een overeenkomst betreffende gezondheidszorg. Tandartspraktijk [bedrijf] kwalificeert namelijk als gezondheidswerker die aan de gedaagde partij als patiënt gezondheidsdiensten heeft verstrekt, zoals bedoeld in artikel 3 onderdeel a van de Richtlijn. De kantonrechter zal dan ook niet ambtshalve toetsen aan de (pre)contractuele informatieplichten. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De hoofdsom zal worden toegewezen, omdat deze de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De eisende partij heeft haar stelling dat haar betalingsvoorwaarden op de overeenkomst van toepassing zijn onvoldoende onderbouwd. Nu sprake is van een incasso- proces- en executie volmacht om de vordering van tandartspraktijk [bedrijf] op eigen naam te incasseren valt zonder nadere onderbouwing, die de eisende partij niet heeft gegeven, niet in te zien dat met het geven van de volmacht door de tandartspraktijk ook de betalingsvoorwaarden van de eisende partij op de overeenkomst van toepassing zijn geworden. Dat deze betalingsvoorwaarden bij het aangaan van de behandelovereenkomst met de gedaagde partij zijn overeengekomen is niet gesteld en ook niet gebleken. De kantonrechter gaat er bij de verdere beoordeling daarom vanuit dat de betalingsvoorwaarden van de eisende partij niet van toepassing zijn.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>De eisende partij heeft onvoldoende onderbouwd dat de vervaldatum van de factuur een fatale termijn is. Dit betekent dat niet is komen vast te staan dat de zogenoemde ‘veertiendagenbrief’ is verstuurd op een moment dat de gedaagde partij al met de betaling in verzuim was. De buitengerechtelijke kosten zullen om die reden worden afgewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>De wettelijke rente zal worden toegewezen vanaf 10 november 2023 omdat het er gelet op de sommatie in de veertiendagenbrief voor moet worden gehouden dat de gedaagde partij toen in ieder geval in verzuim was met de betaling. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <parablock>
        <para>De gedaagde partij wordt overwegend in het ongelijk gesteld en zal daarom in de</para>
        <para>proceskosten worden veroordeeld. Daarbij wordt de gedaagde partij ook veroordeeld tot betaling van € 20,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 209,20, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 10 november 2023 tot het moment dat de vordering geheel is voldaan;<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>€ 113,54 wegens dagvaardingskosten,</para>
        <para>€ 130,00 wegens griffierecht en</para>
        <para>€   40,00 wegens salaris gemachtigde;</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van € 20,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>wijst af het meer of anders gevorderde.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. W.S.J. Thijs en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier                                                                                                         De kantonrechter</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>