<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2024:14133</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-04-30T10:52:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-03-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-12-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11063137</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:14133">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:14133</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-04-30T10:49:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-04-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2024:14133 Rechtbank Noord-Holland , 04-12-2024 / 11063137</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2024:14133:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Eiser vordert van gedaagde betaling van de facturen op grond van geleverde financiële, administratieve en juridische dienstverlening. Gedaagde meent de facturen niet verschuldigd te zijn omdat deze teveel afwijken van wat van tevoren tussen partijen is afgesproken. Daarnaast stelt gedaagde schade te hebben geleden vanwege een tekortkoming in de nakoming van eiser. Gedaagde stelt hiervoor een tegenvordering in. De kantonrechter is van oordeel dat gedaagde de facturen moet betalen. De tegenvordering van gedaagde wordt afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2024:14133:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">NOORD-HOLLAND</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Alkmaar</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 11063137 \ CV EXPL  24-1139</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 4 december 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>, </para>
      <para>te [woonplaats] ,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [eiser] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. H. Ruder,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>te [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. K. Dirlik.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De zaak in het kort</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiser vordert van gedaagde betaling van de facturen op grond van geleverde financiële, administratieve en juridische dienstverlening. Gedaagde meent de facturen niet verschuldigd te zijn omdat deze teveel afwijken van wat van tevoren tussen partijen is afgesproken. Daarnaast stelt gedaagde schade te hebben geleden vanwege een tekortkoming in de nakoming van eiser. Gedaagde stelt hiervoor een tegenvordering in. De kantonrechter is van oordeel dat gedaagde de facturen moet betalen. De tegenvordering van gedaagde wordt afgewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding van 8 april 2024</para>
      <para>- de conclusie van antwoord en daarbij een tegenvordering van 18 juni 2024</para>
      <para>- de brief van 23 oktober 2024 met producties 6 t/m 11 van [gedaagde]</para>
      <para>- de brief van 25 oktober 2024 met producties 12 t/m 17 van [eiser]</para>
      <para>- de brief van 28 oktober 2024 met productie 18 van [eiser]<?linebreak?>- de mondelinge behandeling van 6 november 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <parablock>
        <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
        <para>
          <emphasis role="bold">2.	De feiten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is een afhaal- en bezorgrestaurant.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Op 16 februari 2020 is een overeenkomst tot stand gekomen tussen [eiser] en [gedaagde] waarbij [eiser] financiële, administratieve en juridische dienstverlening levert aan [gedaagde] . </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft – ondanks verschillende aanmaningen en betaalregelingen – meerdere facturen van [eiser] niet betaald. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Per 22 maart 2024 is op verzoek van [eiser] beslag gelegd op de goederen van [gedaagde] .</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 13.241,49, vermeerderd met rente en kosten. Daarnaast vordert [eiser] veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 1.438,27 aan buitengerechtelijke incassokosten, vermeerderd met rente.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [eiser] legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat hij een overeenkomst van opdracht heeft gesloten met [gedaagde] . [gedaagde] heeft – ondanks meerdere aanmaningen -  niet alle facturen voldaan. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert verweer. Zij voert aan dat zij de facturen niet verschuldigd is, omdat [eiser] meer in rekening heeft gebracht dan vooraf was afgesproken.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>
        [gedaagde] vordert bij wijze van tegenvordering dat de kantonrechter [eiser] veroordeelt tot betaling van € 11.858,79. Zij legt aan de tegenvordering ten grondslag – kort weergegeven – dat zij dit bedrag onverschuldigd aan [eiser] heeft betaald. Daarnaast vordert [gedaagde] betaling van € 8.346,00. Zij legt aan deze tegenvordering ten grondslag – kort weergegeven – dat [eiser] tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst waardoor [gedaagde] schade heeft geleden. Verder vordert [gedaagde] een verklaring voor recht dat [gedaagde] over de periode 1 januari 2020 tot 5 augustus 2022 niet meer dan € 2.329,15 incl. btw aan [eiser] is verschuldigd en [eiser] te veroordelen om onder last van een dwangsom met creditfacturen te corrigeren. [gedaagde] vordert ook een verklaring voor recht dat zij over de periode 5 augustus 2022 tot en met 1 mei 2024 niet meer dan 10% boven het contractueel loon van € 250,00 aan [eiser] verschuldigd is en [eiser] te veroordelen om het teveel in rekening gebrachte met creditfacturen te corrigeren onder last van een dwangsom. Tot slot vordert [gedaagde] dat [eiser] wordt veroordeelt om de volledige administratie van [gedaagde] aan haar over te dragen, ook onder last van een dwangsom.  </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">de vordering</emphasis>
        <?linebreak?>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">onbetaalde facturen</emphasis>
        <?linebreak?>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Tussen partijen is een overeenkomst van opdracht tot stand gekomen op grond waarvan [eiser] administratieve, financiële en juridische diensten heeft verleend aan [gedaagde] . [gedaagde] heeft verschillende facturen van [eiser] onbetaald gelaten. Hij stelt zich in deze procedure onder andere op het standpunt dat tussen partijen een richtprijs is afgesproken waar maximaal 10% van mag worden afgeweken, terwijl [eiser] meer dan 10% van de richtprijs afwijkt. Bij de overeenkomst van <emphasis role="italic">aanneming van werk</emphasis> geldt inderdaad een specifieke regeling voor het geval een richtprijs is overeengekomen. Deze richtprijs mag met niet meer dan 10 % worden overschreden, tenzij de aannemer tijdig waarschuwt voor de overschrijding om de opdrachtgever de mogelijkheid te geven het werk te beperken of vereenvoudigen. <footnote-ref linkend="_1bdf90e4-720a-40fa-b0be-4deaef398cb4" /> Voor een overeenkomst van <emphasis role="italic">opdracht</emphasis>, waar het in deze zaak over gaat, geldt echter dat de opdrachtgever loon is verschuldigd en als de hoogte daarvan niet is bepaald, de opdrachtgever het gebruikelijke loon dan wel het redelijke loon is verschuldigd.<footnote-ref linkend="_4c3ec6c7-a5fc-43ce-91f8-f617dcf6728c" /> De bepaling waarop [gedaagde] zich beroept is dan ook niet van toepassing, nog los van de vraag of in deze zaak sprake is van een richtprijs. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Vastgesteld kan worden dat [eiser] meer uren in rekening heeft gebracht dan partijen vooraf hadden besproken. Volgens [eiser] is vooraf een inschatting gemaakt van de tijdsbesteding per kwartaal voor het verrichten van de diensten, maar groeide de onderneming van [gedaagde] waardoor ook de werkzaamheden toenamen. [gedaagde] heeft deze werkzaamheden en het aantal daaraan bestede uren niet weersproken, maar stelt zich op het standpunt dat [eiser] haar daarvoor had moeten waarschuwen. De kantonrechter volgt [gedaagde] niet. De overschrijding van de uren is het gevolg van de groeiende onderneming van [gedaagde] en werd per kwartaal via een gespecificeerde factuur bij [gedaagde] in rekening gebracht. [gedaagde] heeft niet, ook na ontvangst van vele facturen, eerder het standpunt ingenomen dat de facturen te hoog werden, maar beroept zich hier pas in deze procedure op. Bovendien is de overschrijding niet dusdanig hoog dat [eiser] daarvoor had moeten waarschuwen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Ten slotte heeft [gedaagde] verweer gevoerd tegen het uurtarief voor het verrichten van juridische diensten. Daarvoor hadden partijen een uurtarief van € 80,00 afgesproken, terwijl [eiser] in de nog openstaande facturen € 110,00 per uur factureert. Ook hier heeft [gedaagde] aangevoerd dat [eiser] haar voor de verhoging van het uurtarief had moeten waarschuwen. Tijdens de zitting heeft [eiser] echter verklaard dat dit telefonisch is doorgegeven. Daarop heeft [gedaagde] niet meer gereageerd. De kantonrechter is daarom van oordeel dat [gedaagde] haar verweer onvoldoende heeft onderbouwd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <parablock>
        <para>De conclusie is dat [gedaagde] de facturen van in totaal € 13.241,49 moet betalen. De vordering van [eiser] wordt dan ook toegewezen.  <?linebreak?></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">nevenvorderingen</emphasis>
          <?linebreak?>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten ter hoogte van € 1.438,27 en beroept zich daarbij op zijn algemene voorwaarden. Omdat [eiser] niet gemotiveerd heeft gesteld dat de werkelijke buitengerechtelijke kosten hoger zijn geweest en dat het redelijk was om buitengerechtelijke kosten te maken tot dit bedrag, zal de kantonrechter conform het rapport BGK-integraal gebruik maken van de matigingsbevoegdheid van artikel 242 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de kosten toewijzen volgens het wettelijke tarief dat hoort bij de hoofdsom waartoe [gedaagde] zal worden veroordeeld, te weten een bedrag van € 1.097,97.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>De wettelijke rente over de hoofdsom en de buitengerechtelijke incassokosten wordt toegewezen zoals gevorderd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>Uit het voorgaande volgt dat in totaal het volgende bedrag wordt toegewezen:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- hoofdsom </para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>13.241,49 </para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- buitengerechtelijke incassokosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>  1.097,97</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>+</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>totaal </para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>14.339,46</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- kosten van de dagvaarding</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>   112,37</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- griffierecht</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>   248,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris gemachtigde</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>   812,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2 punten × € 406,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>   135,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>1.307,37</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9.</nr>
      <para>De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">de tegenvordering </emphasis>
          <?linebreak?>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.10.</nr>
      <para>Gelet op wat hiervoor is overwogen over de vorderingen van [eiser] , worden de gevorderde verklaringen voor recht afgewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">tekortkoming in de nakoming</emphasis>
          <?linebreak?>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.11.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert aan dat zij schade heeft geleden doordat [eiser] tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst. Volgens [gedaagde] bestaat de tekortkoming uit het niet afronden van de werkzaamheden en was zij daarom genoodzaakt dit door AFM Finance te laten afronden. De schade bestaat onder andere uit het herstellen van de administratie over het boekjaar 2022 en het herstellen van de personeelsadministratie over het boekjaar 2023 door AFM Finance. [eiser] heeft de tekortkoming gemotiveerd weersproken; hij was niet in staat de werkzaamheden af te ronden omdat [gedaagde] de daarvoor benodigde stukken niet aan hem heeft verstrekt. Gelet op deze betwisting heeft [gedaagde] de gestelde tekortkoming onvoldoende onderbouwd. Dit deel van de gevorderde schadevergoeding is daarom niet toewijsbaar. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.12.</nr>
      <para>
        [gedaagde] maakt verder aanspraak op een schadevergoeding vanwege een door de Belastingdienst opgelegde boete voor een te late belastingaangifte en het niet op tijd betalen van een belastingaanslag. [eiser] beroept zich op opschorting van zijn werkzaamheden op 29 december 2023. Omdat sprake was van een betalingsachterstand van [gedaagde] is de opschorting rechtsgeldig. [eiser] is daarom niet in verzuim gekomen, wat wel is vereist voor schadevergoeding. Ook dit deel van de gevorderde schadevergoeding wordt daarom afgewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">afgifte van stukken</emphasis>
          <?linebreak?>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.13.</nr>
      <para>
        [gedaagde] vordert ten slotte afgifte van haar complete administratie over de periode van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2023 van [eiser] . [eiser] heeft weersproken dat hij nog stukken heeft en erop gewezen dat alles digitaal is. Desgevraagd heeft [gedaagde] niet gespecificeerd welke stukken [eiser] nog onder zich zou hebben. De kantonrechter wijst de vordering daarom af. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.14.</nr>
      <para>De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde] , omdat zij ongelijk krijgt. Gelet op de samenhang tussen de vordering en de tegenvordering, zullen de proceskosten in de tegenvordering op nihil worden gesteld.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">de vordering </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 14.339,46, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 29 december 2023, tot de dag van volledige betaling,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.307,37, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">de tegenvordering</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>wijst de vordering af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.6.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor [eiser] worden vastgesteld op nihil.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.S. Reid en in het openbaar uitgesproken op 4 december 2024.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_1bdf90e4-720a-40fa-b0be-4deaef398cb4" label="1">
    <para> Artikel 7:752 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4c3ec6c7-a5fc-43ce-91f8-f617dcf6728c" label="2">
    <para> Artikel 7:406 BW.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>