<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2024:10978</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-29T13:24:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-09-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11255146 \ VV EXPL  24-65</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zaanstad</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Sdu Nieuws Huurrecht 2024/225</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:10978">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2024:10978</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-25T16:22:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2024:10978 Rechtbank Noord-Holland , 05-09-2024 / 11255146 \ VV EXPL  24-65</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2024:10978:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Een afschrift van de dagvaarding is achtergelaten in een gesloten envelop op het adres van het gehuurde.  Weliswaar heeft de huurder geen toegang tot de woning omdat deze op last van de burgemeester is gesloten, maar de verhuurder heeft onderbouwd dat de huurder wel toegang heeft tot zijn brievenbus en dus in de gelegenheid was zijn post op te halen. Verder heeft de huurder geen ander adres aan de verhuurder opgegeven en heeft de gemachtigde van de verhuurder in een e-mail gewezen op het kort geding en de datum en tijdstip daarvan. Voor zover de dagvaarding, die correct is uitgebracht, de huurder niet heeft bereikt, komt dat voor zijn risico. De verhuurder heeft per akte de grondslag van haar vordering gewijzigd. Omdat de huurder niet is verschenen, is dat alleen mogelijk als deze wijziging tijdig per exploot aan de huurder kenbaar is gemaakt. Daarvan is niet gebleken. De in de akte gewijzigde grondslag wordt daarom buiten beschouwing gelaten. Dit betekent dat de vordering tot ontruiming van het gehuurde alleen toewijsbaar is op de subsidiaire grondslag en niet op de primaire grondslag (buitengerechtelijke ontbinding vanwege het besluit van de burgemeester). De door de verhuurder aangevoerde tekortkomingen zijn van voldoende gewicht om de ontbinding van de huurovereenkomst en daarop vooruitlopend de ontruiming van het gehuurde te bewerkstelligen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2024:10978:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Bewind</para>
    <para>locatie Zaanstad</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr./rolnr.: 11255146 \ VV EXPL  24-65</para>
      <para>Uitspraakdatum: 5 september 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter in kort geding in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de stichting Stichting Wooncompagnie </emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Hoorn</para>
      <para>eiseres</para>
      <para>verder te noemen: Wooncompagnie</para>
      <para>gemachtigde: mr. S.E. Roeters van Lennep</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde] </emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [plaats] </para>
      <para>gedaagde  </para>
      <para>verder te noemen: [gedaagde] </para>
      <para>niet verschenen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Wooncompagnie heeft [gedaagde] op 20 augustus 2024 gedagvaard.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 29 augustus 2024. [gedaagde] is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Tegen [gedaagde] is verstek verleend.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat namens Wooncompagnie ter toelichting van haar standpunt naar voren is gebracht. Voorafgaand aan de zitting heeft Wooncompagnie bij akte de grondslag van haar vordering aangevuld en nog stukken toegezonden. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] huurt met ingang van 10 juni 2017 van Wooncompagnie de woning aan de [adres] in [plaats] (hierna: de woning). Op 27 juni 2024 is de politie de woning binnengevallen en heeft in de woning 700 gram henneptoppen en 60 lege lachglasflessen aangetroffen. De burgemeester van [plaats] heeft op 2 juli 2024 aan Wooncompagnie laten weten dat zij het voornemen heeft tot sluiting van de woning. Op 12 augustus 2024 heeft de burgemeester op grond van artikel 13b van de Opiumwet in samenhang met het Damoclesbeleid van de gemeente en in het belang van de openbare orde en veiligheid en de leefbaarheid besloten om de woning met ingang van 19 augustus 2024 te sluiten en gesloten te houden voor de duur van drie maanden. Wooncompagnie heeft daarom per brief van 22 augustus 2024 de huurovereenkomst buitengerechtelijk ontbonden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Wooncompagnie vordert dat de kantonrechter bij wijze van voorlopige voorziening [gedaagde] veroordeelt tot ontruiming van het gehuurde, tot betaling van de huurachterstand van € 1.947,27 en tot betaling vanaf 1 september 2024 tot de dag van ontruiming van € 491,49 per maand. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Wooncompagnie legt primair aan de gevorderde ontruiming ten grondslag dat het besluit van de burgemeester om de woning te sluiten is gebaseerd op een reden die is genoemd in de wet en aan Wooncompagnie het recht geeft de huurovereenkomst buitengerechtelijk te ontbinden.<footnote-ref linkend="_0cd29bc1-afc9-4708-9065-5a17aa9c8069" /> Vanwege de ontbinding heeft [gedaagde] geen recht meer om in de woning te verblijven. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Subsidiair stelt Wooncompagnie dat [gedaagde] zodanig is tekortgeschoten in de nakoming van de huurovereenkomst, dat aannemelijk is dat in een bodemprocedure een vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning zal worden toegewezen. [gedaagde] is op meerdere punten tekortgeschoten. In de woning is door de politie een handelshoeveelheid drugs aangetroffen, in de woning zijn activiteiten verricht die strafbaar zijn, [gedaagde] veroorzaakt overlast (als gevolg van deze activiteiten) en gedraagt zich niet als een goed huurder en [gedaagde] heeft een huurachterstand laten ontstaan van bijna vier maanden huur. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Uit het door Wooncompagnie overlegde exploot van dagvaarding blijkt dat een afschrift van de dagvaarding is achtergelaten in een gesloten envelop op het adres van het gehuurde, omdat de deurwaarder niemand aantrof aan wie rechtsgeldig een afschrift kon worden gelaten.<footnote-ref linkend="_0a3ba787-5bd2-42fd-9da3-7480155382a8" /> Weliswaar heeft [gedaagde] geen toegang tot de woning omdat deze op 19 augustus 2024 op last van de burgemeester is gesloten, maar Wooncompagnie heeft onderbouwd dat [gedaagde] wel toegang heeft tot zijn brievenbus. [gedaagde] was dan ook in de gelegenheid om zijn post op te halen. Verder heeft [gedaagde] geen ander adres aan Wooncompagnie opgegeven en heeft de gemachtigde van Wooncompagnie in de brief waarin de huurovereenkomst buitengerechtelijk wordt ontbonden van 22 augustus 2024 [gedaagde] erop gewezen dat op 29 augustus 2024 een kort geding zal plaatsvinden. Deze brief is mede per e-mail aan [gedaagde] verzonden. Voor zover de dagvaarding, die correct is uitgebracht, [gedaagde] niet heeft bereikt, komt dat voor zijn risico. Ook de andere bij de wet voorgeschreven formaliteiten zijn in acht genomen. Geconcludeerd moet dan ook worden dat [gedaagde] behoorlijk is opgeroepen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Wooncompagnie heeft per akte de grondslag van haar vordering gewijzigd. Omdat [gedaagde] niet is verschenen, is dat alleen mogelijk als deze wijziging tijdig per exploot aan [gedaagde] kenbaar is gemaakt.<footnote-ref linkend="_588fddd2-9608-42ce-b1fb-4ab7b0f619c5" /> Daarvan is niet gebleken. De in de akte gewijzigde grondslag zal daarom buiten beschouwing worden gelaten. Dit betekent dat de vordering tot ontruiming van de woning alleen toewijsbaar is op de subsidiaire grondslag. In dat kader wordt overwogen dat de door Wooncompagnie aangevoerde tekortkomingen van voldoende gewicht zijn om de ontbinding van de huurovereenkomst en daarop vooruitlopend de ontruiming van de woning te bewerkstelligen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>De kantonrechter zal de vorderingen van Wooncompagnie behoudens het navolgende toewijzen, omdat deze naar haar aard spoedeisend is en niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>Gelet op de ingrijpende gevolgen voor [gedaagde] wordt de ontruimingstermijn gesteld op veertien dagen na betekening van dit vonnis.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Wooncompagnie worden begroot op € 1.186,72 (€ 136,72 aan dagvaardingskosten, € 372,00 aan griffierecht, € 543,00 aan salaris gemachtigde en € 135,00 aan nakosten. De gevorderde rente over de proceskosten zal worden toegewezen zoals vermeld in de beslissing.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis het gehuurde aan de [adres] in [plaats] te ontruimen en te verlaten met alle zich daarin en/of daarop bevindende personen en/of zaken, voor zover deze niet het eigendom van Wooncompagnie zijn, en onder afgifte van alle sleutels ter vrije en algehele beschikking van Wooncompagnie te stellen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Wooncompagnie van de huurachterstand van <?linebreak?>€ 1.947,27, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf de vervaldata van de termijnen tot aan de dag van volledige betaling;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om vanaf 1 september 2024 iedere maand € 491,49 aan Wooncompagnie te betalen tot en met de dag van de ontruiming van de woning en voor een gedeelte van een maand een naar evenredigheid te berekenen gedeelte van dit bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf de vervaldata tot aan de dag van volledige betaling;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten van € 1.186,72, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, moet [gedaagde] ook de kosten van betekening aan Wooncompagnie betalen;<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de wettelijke rente over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>wijst de gevorderde voorziening voor het overige af.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M. Flipse en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier		De kantonrechter</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_0cd29bc1-afc9-4708-9065-5a17aa9c8069" label="1">
    <para> Artikel 7:231 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0a3ba787-5bd2-42fd-9da3-7480155382a8" label="2">
    <para> Artikel 47 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_588fddd2-9608-42ce-b1fb-4ab7b0f619c5" label="3">
    <para> Artikel 130 lid 3 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>