<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2023:7310</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-08-14T14:23:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-07-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/15/338155 / HA ZA 23-180 (incident)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2023:7310">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2023:7310</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-08-14T14:22:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-08-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2023:7310 Rechtbank Noord-Holland , 19-07-2023 / C/15/338155 / HA ZA 23-180 (incident)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2023:7310:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Incident. Oproeping in ondervrijwaring. Afwijzing vordering vanwege onbevoegdheid van de rechtbank. Het gerecht van de lidstaat op het grondgebied waarvan de werknemer woonplaats heeft is bevoegd, omdat het een vordering uit arbeidsovereenkomst betreft. De Duitse rechter is bevoegd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2023:7310:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="b546ae18-4cde-4255-99ed-0f75eaadbb4a" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="4beb8c9f-eeba-46aa-bf95-b8a2ae36e0b8" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Handel, Kanton en Insolventie</para>
      <para>Zittingsplaats Haarlem</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/15/338155 / HA ZA 23-180</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in incident van 19 juli 2023</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">UNITED PARCEL SERVICE NEDERLAND B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Eindhoven,</para>
      <para>eiseres in de hoofdzaak,</para>
      <para>verweerster in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. M.R. Koppenol te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gesellschaft mit beschrã¤nkter haftung</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">DAP LOGISTICS GMBH</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Keulen,</para>
      <para>gedaagde in de hoofdzaak,</para>
      <para>eiseres in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. T.J. Wittendorp te Maastricht-Airport.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna UPS en DAP genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding tot oproeping in vrijwaring </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte houdende overlegging producties U-1 t/m U-8 van de zijde van UPS</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de incidentele conclusie tot voorwaardelijke voeging in de hoofdzaak en tot oproeping in vrijwaring in de vrijwaringszaak met producties 1 t/m 3 van de zijde van DAP</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte referte in het vrijwaringsincident van de zijde van UPS. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald in het incident tot oproeping in (onder)vrijwaring.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geschil in het incident </title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>In de bij deze rechtbank aanhangige (hoofd)zaak met zaaknummer C15/333693 / HA ZA 22-675 tussen AIG Europe S.A. (hierna: AIG) enerzijds en UPS anderzijds, vordert AIG bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, UPS te veroordelen tot betaling van € 139.182,78, vermeerderd met 5% CMR-rente en betaling van € 8.196,89, vermeerderd met wettelijke rente, met veroordeling en de kosten van de procedure. AIG heeft daaraan – kort gezegd – het volgende ten grondslag gelegd. De verzekerde van AIG heeft UPS ingeschakeld voor het transport van mobiele telefoons en accessoires voor transporten van Groningen naar Keulen. Bij vier transporten zijn totaal 496 mobiele telefoons verdwenen met een totale waarde van € 145.014,78. Op grond het CMR is UPS aansprakelijk voor het handelen van de door haar ingeschakelde ondervervoerder DAP en dier personeel (en eventuele anderen die voor de uitvoering van het transport zijn ingeschakeld). Het verduisteren van de zendingen door de chauffeur vormt opzet, waarvoor UPS onbeperkt aansprakelijk is, aldus nog steeds AIG. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Ten aanzien van voornoemd geschil is UPS bij incidenteel vonnis van 25 januari 2023 toegelaten DAP in vrijwaring op te roepen. Dat is vervolgens gebeurd bij voormelde dagvaarding van 13 februari 2023.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>In dit incident vordert DAP dat haar wordt toegestaan Lucian Marian Victor Ciurar (hierna: Ciurar) in ondervrijwaring op te roepen. DAP heeft het volgende aan haar vordering ten grondslag gelegd. Tussen DAP en Ciurar bestaat een arbeidsovereenkomst op grond waarvan Ciurar als chauffeur werkzaamheden heeft verricht. Als de door AIG en UPS aangevoerde feiten als vaststaand worden aangenomen, dan staat ontegenzeggelijk vast dat sprake is van opzettelijk handelen door Ciurar. Daarmee heeft Ciurar niet gehandeld zoals van een goed werknemer betaamt. Dit betekent verder dat als DAP op grond van artikel 29 CMR aansprakelijk is, Ciurar dat eveneens is, gelet op het bepaalde in artikel 29 lid 2 CMR. In de onderlinge verhouding tussen DAP en Ciurar maakt het opzettelijke handelen van Ciurar dat Ciurar gehouden is om de door DAP geleden schade te vergoeden. Deze schade staat gelijk aan het bedrag dat DAP aan UPS c.q. AIG dient te voldoen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>UPS refereert zich in dit incident aan het oordeel van de rechtbank. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling in het incident</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Een gedaagde in een vrijwaringszaak kan iemand in ondervrijwaring oproepen, indien hij voldoende gemotiveerd stelt krachtens zijn rechtsverhouding tot die derde recht en belang te hebben de nadelige gevolgen van een voor hem ongunstige afloop van – in dit geval – de vrijwaringszaak, geheel of gedeeltelijk op die derde te verhalen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden afgewezen, omdat zij niet bevoegd is om van de verbintenis uit arbeidsovereenkomst tussen DAP en Ciurar kennis te nemen. Hiervoor is het volgende van belang. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>DAP is een in Keulen (Duitsland) gevestigde kapitaalvennootschap naar buitenlands recht. Tussen DAP en Ciurar bestaat een arbeidsovereenkomst. Ten tijde van het aangaan van deze arbeidsovereenkomst was Ciurar (werknemer) in Duitsland woonachtig. Dit betekent dat sprake is van een rechtsverhouding met internationale aspecten, zodat de rechtbank moet beoordelen of zij bevoegd is om van de vorderingen kennis te nemen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De rechtbank moet haar internationale bevoegdheid beoordelen aan de hand van de Verordening (EU) Nr. 1215/2012 betreffende rechterlijke bevoegdheid, erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (hierna: “Brussel I-bis”) omdat de zaak valt binnen het materieel toepassingsgebied van deze verordening.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Afdeling 5 van Brussel I-bis bepaalt de bevoegdheid voor individuele verbintenissen uit arbeidsovereenkomst. In artikel 22 lid 1 Brussel I-bis is bepaald dat de vordering van de werkgever (DAP) slechts kan worden gebracht voor de gerechten van de lidstaat op het grondgebied waarvan de werknemer (Ciurar) woonplaats heeft. Ten tijde van het sluiten van de arbeidsovereenkomst was Ciurar woonachtig in Duitsland. Hoewel DAP niet bekend is met de huidige woon- of verblijfplaats van Ciurar is er ook geen reden om aan te nemen dat Ciurar inmiddels niet meer in Duitsland woont. Dit betekent dat DAP haar vordering jegens Ciurar moet instellen bij de Duitse rechter. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>Gelet op het voorgaande is de Nederlandse rechter niet bevoegd om van de vordering die DAP uit hoofde van de arbeidsovereenkomst tegen Ciurar wil instellen kennis te nemen. De vordering tot oproeping in ondervrijwaring zal daarom worden afgewezen.   </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>DAP zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van het incident worden veroordeeld. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">in het incident tot oproeping in ondervrijwaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>wijst het gevorderde af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>veroordeelt DAP in de kosten van het incident, aan de zijde van UPS tot op heden begroot op € 598,00,</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">in de hoofdzaak (zijnde de vrijwaringszaak tussen UPS en DAP)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>verwijst de zaak naar de rol van <emphasis role="bold">30 augustus 2023</emphasis> voor conclusie van antwoord aan de zijde van DAP.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. W.S.J. Thijs en in het openbaar uitgesproken op 19 juli 2023.<footnote-ref linkend="_72d77225-b492-4da4-a4c9-790ecc5ab03d" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_72d77225-b492-4da4-a4c9-790ecc5ab03d" label="1">
    <para>type: 1589.</para>
    <para>coll:</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>