<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2022:8941</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-10-10T15:23:41</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-10-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-09-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/15/331339 / JU RK 22-1312</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2022:8941">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2022:8941</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-10-10T12:54:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-10-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2022:8941 Rechtbank Noord-Holland , 20-09-2022 / C/15/331339 / JU RK 22-1312</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2022:8941:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>De beslissing op het verzoek tot uithuisplaatsing is aangehouden. Uithuisplaatsing is een uiterste maatregel, waarbij ook wordt meegewogen dat de oudste drie kinderen in hun jonge leven al eerder een periode uit huis geplaatst zijn geweest. </para>
        <para>De kinderrechter stelt de ouders in staat om de komende maanden onder regie van de GI en met de nodige hulp, zelf voor de kinderen een rustige en veilige thuissituatie te realiseren door zich aan alle voorwaarden te houden die door de GI met de ouders worden afgesproken.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2022:8941:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie en Jeugd</para>
      <para>Zittingsplaats: Alkmaar</para>
      <para>IMS</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaakgegevens	: C/15/331339 / JU RK 22-1312</para>
      <para>datum uitspraak: 20 september 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking uithuisplaatsing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Regio Amsterdam</emphasis>, hierna te noemen </para>
      <para>de GI, gevestigd te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de minderjarige 1]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum] te [plaats] , hierna ook te noemen de minderjarige of [de minderjarige 1] <emphasis role="bold">,</emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de minderjarige 2]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum] te [plaats] , hierna ook te noemen de minderjarige of [de minderjarige 2] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de minderjarige 3]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum] te [plaats] , hierna ook te noemen de minderjarige of [de minderjarige 3] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de minderjarige 4]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum] te [plaats] , hierna ook te noemen de minderjarige of [de minderjarige 4] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [de moeder] , hierna te noemen de moeder,</bridgehead>
    <para>wonende te [plaats] ,</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [de juridische vader] , de (juridische) vader van de minderjarigen,</bridgehead>
    <para>wonende te [plaats] , </para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [de biologische vader van de minderjarige 4] , de biologische vader van [de minderjarige 4] , </bridgehead>
    <para>wonende te [plaats] .</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>
      <?linebreak?>Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:</para>
    <para>- het verzoek met bijlagen van de GI, ingekomen bij de griffie op 25 augustus 2022;</para>
    <para>- e-mailberichten van de GI, ingekomen bij de griffie op 6 en 14 september 2022;</para>
    <para>- op 13 september 2022 is bij de griffie ingekomen een e-mailbericht van mr. D. Boukens, advocaat van [de biologische vader van de minderjarige 4] ;</para>
    <para>- op 14 september 2022 is bij de griffie ingekomen het verweerschrift van mr. E.L. de Craen, namens de moeder, en op 15 september 2022 een aanvulling daarop.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 15 september 2022 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- [vertegenwoordiger van de GI] en [vertegenwoordiger van de GI] , namens de GI, </para>
    <para>- de moeder (via een online verbinding), bijgestaan door mr. R. Shahbazi (aanwezig in de </para>
    <para>  zittingszaal, waarnemend voor mr. E.L. de Craen), </para>
    <para>- [de juridische vader] , </para>
    <para>- [de biologische vader van de minderjarige 4] (via een online verbinding), bijgestaan door mr. D. Boukens (aanwezig  </para>
    <para>  in de zittingszaal).<?linebreak?></para>
  </section>
  <section>
    <title>De feiten<?linebreak?></title>
    <parablock>
      <para>Het ouderlijk gezag over [de minderjarige 1] <emphasis role="bold">, </emphasis>[de minderjarige 2] en [de minderjarige 3] wordt uitgeoefend door de moeder en [de juridische vader] . </para>
      <para>Het ouderlijk gezag over [de minderjarige 4] wordt uitgeoefend door de moeder ( [de juridische vader] heeft [de minderjarige 4] wel erkend). </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De minderjarigen wonen bij de moeder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 28 april 2022 zijn de minderjarigen onder toezicht gesteld tot 28 april 2023.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI heeft verzocht de minderjarigen uit huis te plaatsen in een voorziening voor pleegzorg voor de duur van de ondertoezichtstelling.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter zitting heeft de GI een pleitnota overgelegd. Onder meer heeft de GI ter onderbouwing van het verzoek naar voren gebracht dat sinds de GI betrokken is, er sprake is van een  onveilige en onrustige thuissituatie, waarin de kinderen direct en indirect getuigen zijn geweest van geweld, ruzie en stress. De GI kan de veiligheid van de minderjarigen in de thuissituatie bij de moeder op dit moment niet garanderen. Het is niet gelukt om met inzet van intensieve ondersteuning vanuit Zorgstroom (minimaal 6 uur per week) en de Blijf Groep de kinderen daartegen te beschermen. Het lukt de ouders niet om zich aan de gemaakte (veiligheids)afspraken te houden en de kinderen te beschermen. De moeder is met de kinderen in de afgelopen tijd meermalen naar de Blijf Groep gegaan, maar zij is niet voldoende gemotiveerd om de opvolgende stappen te zetten en keert uiteindelijk toch weer terug naar huis. </para>
      <para>Door middel van een uithuisplaatsing hoopt de GI het patroon van huiselijk geweld te doorbreken. In de komende periode zal voor de kinderen, na observaties vanuit Zorgstroom, ook individuele hulpverlening worden ingezet en het is van belang om die vanuit een veilige en stabiele omgeving te kunnen opstarten en Logeerpret kan die bieden. </para>
      <para>In de periode van de uithuisplaatsing dienen dan ook de ouders te werken aan hun persoonlijke problematiek en het patroon van geweld te doorbreken. De GI verwacht daarbij van de moeder dat zij hulpverlening aangaat en de GI heeft ook de verwachting dat de moeder, na het doorlopen van intensieve persoonlijke hulpverlening, weer in staat zal zijn om zelfstandig de opvoeding voor de kinderen op zich te nemen, waarbij de kinderen door de moeder worden beschermd tegen huiselijk geweld.  </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het standpunt van belanghebbenden</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Door en namens de moeder</emphasis> is een zeer uitgebreid verweerschrift ingediend, strekkende tot afwijzing van het verzoek. Voor het opstarten van de hulpverlening hoeven de kinderen niet uit huis geplaatst te worden. Een uithuisplaatsing behoort een ultimum remedium te zijn en  er zijn in dit geval nog minder ingrijpende middelen voorhanden om eerst in te zetten. Met de inzet van die lichtere middelen, is de moeder zelf in staat om een veilige en stabiele opvoedingsomgeving te bieden. Zolang [de juridische vader] haar maar niet meer komt opzoeken. De moeder heeft er alles aan gedaan en is zeer gemotiveerd om er alles aan te blijven doen, om huiselijk geweld te voorkomen en de veiligheid van de kinderen te kunnen garanderen. </para>
      <para>Zo is de moeder verhuisd vanuit [plaats] naar [plaats] , om te zorgen dat [de juridische vader] haar niet meer lastig zou  vallen, waarvoor zij haar netwerk in Brabant heeft moeten achterlaten. Er waren toen zes weken van rust. Daarna heeft de GI aangegeven dat de moeder toch haar nieuwe adres bekend moest maken aan [de juridische vader] , waardoor er na zes weken zonder incidenten, toch weer nieuwe incidenten met [de juridische vader] zijn voorgevallen. Daarom heeft de moeder nu een Kort Geding aangespannen tegen [de juridische vader] , waarin zij om een gebieds- en contactverbod verzoekt. Aanstaande maandag 19 september 2022 staat  de zitting gepland. Er is al sprake van een contactverbod tussen [de juridische vader] en [de biologische vader van de minderjarige 4] . Het klopt dat de moeder een relatie heeft met [de biologische vader van de minderjarige 4] , alhoewel die nu bemoeilijkt wordt doordat zij elkaar van de GI niet mogen zien. De moeder heeft ook plannen om weer terug te verhuizen naar [plaats] . </para>
      <para>Bovendien is nog geen (meer) intensieve ambulante hulpverlening ingezet bij de moeder en dat minder ingrijpende middel dient dan ook eerst nog te worden ingezet. Verder komt wekelijks de begeleider van de Blijf Groep bij de moeder langs en die gaat direct aan de slag met haar (hulp)vragen. Terwijl als de moeder aan de GI iets vraagt, zij niet wordt geholpen. Met de kinderen gaat het goed. De moeder heeft vorige week nog een gesprek gehad met de leerkrachten van de oudste twee kinderen en die ontwikkelen zich goed en over hen zijn geen zorgen. Voor wat betreft haar verblijf bij de Blijf Groep betwist de moeder uitdrukkelijk dat zij niet gemotiveerd zou zijn om daar te blijven, maar er was simpelweg geen sprake meer van acute onveiligheid, waardoor de moeder niet langer bij de Blijf Groep kón verblijven.   </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de juridische vader]
        </emphasis> is het eens met het verzoek. Hij weet niet of dat ook het beste is voor de kinderen, maar in ieder geval wordt iedereen dan wel hetzelfde behandeld voor wat betreft de omgang met de kinderen. Hij vindt het ook onterecht dat hij in de stukken steeds wordt genoemd als degene die voor onrust zorgt. Aangezien de onrustige thuissituatie bij de moeder ook veroorzaakt wordt door [de biologische vader van de minderjarige 4] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Door en namens [de biologische vader van de minderjarige 4]</emphasis> is verweer gevoerd. Hij heeft een goede band met [de minderjarige 4] en [de minderjarige 4] ziet hem ook als zijn vader. Hij zou indien nodig ook voor [de minderjarige 4] kunnen zorgen.  Mocht besloten worden tot een uithuisplaatsing dan kan [de minderjarige 4] (tijdelijk) bij hem wonen.  Hij is de biologische vader van [de minderjarige 4] en dat blijkt ook uit een DNA-test. Hij kan hem echter (nog) niet erkennen, omdat [de minderjarige 4] al door [de juridische vader] is erkend en [de juridische vader] betwist de uitslag van die DNA-test. Daarover loopt nu een rechtszaak (C/15/327288) en in het kader daarvan is een bijzonder curator aangesteld. Op 6 september 2022 heeft de zitting plaatsgevonden en tijdens die zitting heeft de moeder verklaard dat [de biologische vader van de minderjarige 4] de vader is van [de minderjarige 4] . [de biologische vader van de minderjarige 4] stelt zich op het standpunt dat hij een relatie heeft met de moeder en die heeft dit bevestigd.. De moeder heeft tijdens die zitting aangegeven veel steun te ervaren van [de biologische vader van de minderjarige 4] en dat [de juridische vader] degene is die voor onrust zorgt.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling overweegt de kinderrechter als volgt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De opvoedingsomgeving van de minderjarigen is al geruime tijd (zeer) zorgelijk waarbij de verstoorde verstandhouding tussen de moeder en [de juridische vader] enerzijds en het contact tussen [de biologische vader van de minderjarige 4] en [de juridische vader] anderzijds momenteel voor de grootste problemen zorgen.  Voor de GI bestaat (nog) veel onduidelijkheid over de feiten en omstandigheden die daarbij een rol spelen. De kinderrechter maakt zich met de GI grote zorgen over de kinderen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op dit moment is namens de moeder een kort geding aanhangig gemaakt inzake een gebieds- en/of contactverbod tussen de moeder en [de juridische vader] , waarvan de uitkomst van invloed zou kunnen zijn op de situatie. Wanneer het verzoek zou worden toegewezen kan een dergelijk verbod voor rust zorgen in de relatie tussen de moeder en [de juridische vader] , hetgeen ook ten goede zou kunnen komen aan de kinderen. </para>
      <para>Verder zouden ook de eventuele verhuisplannen van de moeder naar een andere regio, waar zij wel een netwerk heeft, van positieve invloed kunnen zijn op de gezinssituatie, alhoewel de kinderrechter ook vraagtekens zet bij een nieuwe verhuizing zo kort na de vorige verhuizing. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het voorgaande zal de kinderrechter het verzoek om uithuisplaatsing nu nog niet toewijzen. Uithuisplaatsing is een uiterste maatregel waarbij ook wordt meegewogen dat de oudste drie kinderen in hun jonge leven al eerder een periode uit huis geplaatst zijn geweest. De kinderrechter zal de beslissing aanhouden om de ouders <emphasis role="italic">de komende maanden</emphasis> in staat te stellen onder regie van de GI en met de nodige hulp zelf voor de kinderen een rustige en veilige thuissituatie te realiseren door zich aan alle voorwaarden te houden die door de GI met de ouders worden afgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In afwachting van de ontwikkelingen zal de kinderrechter de beslissing op het verzoek <emphasis role="bold">pro forma aanhouden tot 10 november 2022</emphasis>. </para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">De GI wordt verzocht één week vóór 10 november 2022 stukken in te dienen</emphasis>, waaruit in ieder geval zal blijken de actuele stand van zaken ten aanzien van de hulpverlening en de ontwikkeling van de minderjarigen (o.a. observaties vanuit Zorgstroom), de uitkomst van het aanhangige kort geding tussen de moeder en [de juridische vader] en de eventuele verhuizing/verhuisplannen van de moeder naar een andere regio en of het verzoek al dan niet zal worden gehandhaafd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- <emphasis role="bold">houdt aan</emphasis> de beslissing op het verzochte tot de (<emphasis role="bold">pro forma</emphasis>) behandeling op </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">10 november 2022, </emphasis>waarbij de <emphasis role="bold">GI</emphasis> wordt verzocht <emphasis role="bold">stukken in te dienen</emphasis> als hierboven aangegeven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mr. A.S. van Leeuwen, kinderrechter, in tegenwoordigheid van de griffier en in het openbaar uitgesproken op 20 september 2022.</para>
              <para />
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze mondelinge beslissing is vastgesteld op 23 september 2022.</para>
              <para />
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>