<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2022:1441</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-05-16T10:20:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-02-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-02-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/15/319702 / FA RK 21-4137</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2022:1441">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2022:1441</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-05-16T10:19:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-05-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2022:1441 Rechtbank Noord-Holland , 22-02-2022 / C/15/319702 / FA RK 21-4137</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2022:1441:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Artikel 1:207 BW</para>
        <para>Verzoek vaststelling ouderschap van de onlangs overleden man, subsidiair onder het gelasten van een verwantschapsonderzoek tussen de kinderen van de man en verzoekers. De rechtbank is van oordeel dat verzoekers ten aanzien van het gestelde verwekkerschap voorshands geslaagd moeten worden geacht in het bewijs daarvan. Nu verweerders dit verwekkerschap nadrukkelijk en gemotiveerd betwisten, dienen zij te worden toegelaten tot het leveren van tegenbewijs tegen de voorshands bewezen geachte stelling. Dit tegenbewijs kan worden geleverd door het laten uitvoeren van een verwantschapsonderzoek, omdat van de man geen DNA-materiaal beschikbaar is.</para>
        <para>Indien verweerders in staat gesteld willen worden tegenbewijs te leveren, zal de rechtbank Verilabs benoemen tot deskundige. Bij tussenbeschikking van 14 januari 2022 heeft de rechtbank verweerders toegelaten tot het leveren van tegenbewijs en de zaak aangehouden in afwachting van het bericht van verweerders of zij van deze gelegenheid gebruik willen maken. Verweerders hebben aangegeven hiervan geen gebruik te willen maken. Bij beschikking van 22 februari 2022 is het ouderschap van de man met betrekking tot verzoekers vastgesteld.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2022:1441:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</emphasis>
  </para>
  <para>Familie en Jeugd</para>
  <para>locatie Alkmaar</para>
  <parablock>
    <para>gerechtelijke vaststelling ouderschap van de man</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>zaak-/rekestnr.: C/15/319702 / FA RK 21-4137</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">beschikking van de enkelvoudige kamer voor familiezaken van 22 februari 2022</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>in de zaak van:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [verzoeker 1]
      </emphasis>,</para>
    <para>wonende te [plaats] ,</para>
    <para>hierna mede te noemen: [verzoeker 1] ,</para>
    <para>en</para>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [verzoekster] ,</emphasis>
    </para>
    <para>hierna mede te noemen: [verzoekster] ,</para>
    <para>wonende te [plaats] , gemeente [gemeente] ,</para>
    <para>en</para>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [verzoeker 2] ,</emphasis>
    </para>
    <para>wonende te [plaats] , gemeente [gemeente] ,</para>
    <para>hierna mede te noemen: [verzoeker 2] ,</para>
    <para>tezamen ook te noemen: verzoekers,</para>
    <para>advocaat: mr. A. Heilig, kantoorhoudende te Hoorn Nh,</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>strekkende tot vaststelling van het ouderschap van:</para>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [de man] ,</emphasis>
    </para>
    <para>geboren op [geboortedatum] te [plaats] en overleden op [overlijdensdatum] te [plaats] , </para>
    <para>hierna mede te noemen: de man,</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>in welke zaak belanghebbenden zijn:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [de moeder] ,</emphasis>
    </para>
    <para>wonende te [plaats] , gemeente [gemeente] ,</para>
    <para>hierna mede te noemen: de moeder,</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>en </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [kind 1]
      </emphasis>,</para>
    <para>wonende te [plaats] , gemeente [gemeente] ,</para>
    <para>hierna mede te noemen: [kind 1] ,</para>
    <para>en</para>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [kind 2]
      </emphasis>,</para>
    <para>wonende te Alkmaar,</para>
    <para>hierna mede te noemen: [kind 2] ,</para>
    <para>tezamen ook te noemen: [kinderen] ,</para>
    <para>advocaat: mr. M.J.P. Schipper, kantoorhoudende te Alkmaar.</para>
    <para>
      <emphasis role="bold">1.	Procedure</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>1.1.	In deze zaak is eerder beschikking gegeven op 14 januari 2022. </para>
    <para>Daarbij heeft de rechtbank [kinderen] toegelaten tot het leveren van tegenbewijs tegen de voorshands bewezen geachte stelling dat de man de verwekker is van verzoekers op de wijze zoals omschreven in r.o. 5.7. van die beschikking. De zaak is verwezen naar de rol van </para>
    <para>1 februari 2022 opdat [kinderen] alsdan kunnen doen mededelen of zij van de gelegenheid tot het leveren van tegenbewijs gebruik willen maken, waarbij iedere verdere beslissing is aangehouden. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>1.2.	Ter griffie van de rechtbank is op 2 februari 2022 de brief van de advocaat van [kinderen] van 31 januari 2022 ingekomen.</para>
  </parablock>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Verdere behandeling en beoordeling van de zaak</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Voor een weergave van het verloop van de procedure en de feiten verwijst de rechtbank naar voornoemde beschikking van 14 januari 2022. De rechtbank neemt over hetgeen is overwogen en beslist in genoemde beschikking en overweegt en beslist in aanvulling daarop als volgt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Bij brief van 31 januari 2022 is namens [kinderen] medegedeeld dat zij overleg hebben gevoerd met hun moeder, [naam] (hierna ook te noemen: [naam] ). [kinderen] hebben voorts navraag gedaan bij Verilabs omtrent de noodzaak om hun moeder in het eventuele DNA-onderzoek te betrekken. Daaruit is naar voren gekomen dat de medewerking van [naam] is gewenst, maar belangrijker, dat ook wanneer die medewerking wordt verkregen niet gegarandeerd kan worden dat er een duidelijke uitslag uit de test komt. Na ampel beraad hebben [kinderen] besloten geen gebruik te maken van de mogelijkheid om tegenbewijs te leveren. Het is hen helder wat het gevolg daarvan zal zijn. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat, nu [kinderen] hebben afgezien van het leveren van tegenbewijs, het verzoek van verzoekers tot gerechtelijke vaststelling van het ouderschap van de man met betrekking tot hen kan worden toegewezen. Daartoe overweegt de rechtbank als volgt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>In de beschikking van 14 januari 2022 is, op grond van de door verzoekers overgelegde hoeveelheid en -naar het oordeel van de rechtbank- sterke bewijsmiddelen, voorshands bewezen geacht dat de man de verwekker is van verzoekers. [kinderen] hebben afgezien van het leveren van tegenbewijs, zodat de rechtbank nu het verwekkerschap van de man als vaststaand aanneemt.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Hiermee is voldaan aan de in artikel 1:207, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek gestelde voorwaarde dat het ouderschap van een persoon, ook indien deze overleden, op grond dat deze de verwekker is van het kind, door de rechtbank kan worden vastgesteld op verzoek van het kind. Ook aan de overige in artikel 1:207 BW genoemde voorwaarden is voldaan, zodat toewijzing de rechtbank gegrond en rechtmatig voorkomt. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De rechtbank zal de griffier gelasten een afschrift van deze beschikking te zenden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeenten [gemeente] , [gemeente] en [gemeente] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Nu de primaire verzoeken van verzoekers zullen worden toegewezen, kunnen de overige subsidiaire verzoeken onbesproken blijven. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>Beslissing:</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>stelt vast het ouderschap van <emphasis role="bold">[de man]</emphasis>, geboren op [geboortedatum] te [plaats] en overleden op [overlijdensdatum] te [plaats] betreffende de kinderen:</para>
      <para />
      <para>-	<emphasis role="bold">[verzoeker 1]</emphasis>, geboren op [geboortedatum] in de gemeente [gemeente] ;</para>
      <para />
      <para>-	<emphasis role="bold">[verzoekster]</emphasis>, geboren op [geboortedatum] te [plaats] , gemeente [gemeente] ;</para>
      <para />
      <para>-	<emphasis role="bold">[verzoeker 2]</emphasis>, geboren op [geboortedatum] in de gemeente [gemeente] ;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>wijst af het meer of anders verzochte;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>draagt de griffier - op grond van artikel 1: 20 e lid 1 BW - op niet eerder dan drie maanden na de dag van de uitspraak van deze beschikking -en indien daartegen geen hoger beroep is ingesteld- een afschrift van deze beschikking te zenden aan de ambtenaren van de burgerlijke stand van de gemeenten [gemeente] , [gemeente] en [gemeente] .</para>
      <para />
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beschikking is gegeven door mr. M.A.J. Berkers, in tegenwoordigheid van H.M. Zonneveld, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 22 februari 2022.</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para />
                <para>Tegen deze beschikking kan – voor zover er definitief is beslist – door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>