<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2022:11054</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-22T08:07:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-12-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">9914184 CV EXPL 22-3222</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2022:11054">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2022:11054</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-22T08:07:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2022:11054 Rechtbank Noord-Holland , 14-12-2022 / 9914184 CV EXPL 22-3222</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2022:11054:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vordering betaling proceskosten. Betaling hoofdsom voor het uitbrengen dagvaarding, maar toch gevorderd. Explootkosten, bik en rente een dag voor de eerste roldatum betaald.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2022:11054:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Insolventie</para>
    <para>locatie Haarlem</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr./rolnr.: 9914184 \ CV EXPL  22-3222</para>
      <para>Uitspraakdatum: 14 december 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>, handelend onder de naam <emphasis role="bold"> Diversity Welding </emphasis></para>
      <para>wonende te [plaats]</para>
      <para>eiser</para>
      <para>verder te noemen: [eiser]</para>
      <para>gemachtigde: M. Hennen (Juristu Incassodientsten)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap<emphasis role="bold"> Sam@Work B.V. </emphasis></para>
      <para>gevestigd te Beverwijk </para>
      <para>gedaagde  </para>
      <para>verder te noemen: Sam@Work</para>
      <para>gemachtigde: mr. J.P. Voorn</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft bij dagvaarding van 24 mei 2022 een vordering tegen Sam@Work ingesteld. Sam@Work schriftelijk geantwoord.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft hierop schriftelijk gereageerd en daarbij haar vordering verminderd, waarna Sam@Work een schriftelijke reactie heeft gegeven. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Partijen hebben op 11 november 2021 een overeenkomst gesloten ten aanzien van het uitvoeren van laswerkzaamheden.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft in opdracht van Sam@Work laswerkzaamheden uitgevoerd bij Scheepswerf Vooruit B.V. [eiser] heeft deze werkzaamheden in week 41 en week 42 van 2021 uitgevoerd. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Voor de werkzaamheden in week 42 is door [eiser] op 1 november 2021 een bedrag van  € 1.605,60 gefactureerd onder factuurnummer 21029. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Sam@Work heeft de factuur betwist omdat de werkzaamheden niet volgens afspraak zouden zijn uitgevoerd. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft de Sam@Work bij brief van 29 december 2021 in gebreke gesteld.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Sam@Work heeft op 22 april 2022 de hoofdsom van € 1.605,60 voldaan. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Sam@Work heeft op 14 juni 2022 een bedrag van € 417,52 voldaan. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert - na vermindering van eis - dat de kantonrechter Sam@Work veroordeelt tot betaling van de proceskosten. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [eiser] legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat hij een overeenkomst heeft gesloten met Sam@Work voor het uitvoeren van laswerkzaamheden. [eiser] heeft deze werkzaamheden uitgevoerd en hiervoor een factuur aan Sam@Work gestuurd. Sam@Work heeft deze factuur niet tijdig voldaan en is daardoor ook de incassokosten en de rente verschuldigd. [eiser] heeft Sam@Work gesommeerd deze kosten te voldoen, maar deze zijn niet tijdig ontvangen zodat [eiser] een dagvaarding heeft uitgebracht. [eiser] heeft op 22 april 2022 van Sam@Work betaling van de hoofdsom van € 1.605,60 ontvangen. Deze betaling heeft de dagvaarding gekruist zodat deze hierin niet is meegenomen. Daarnaast heeft Sam@Work op 14 juni 2022 nog een bedrag van € 417,52 ontvangen, maar deze is pas gezien na de eerste roldatum van 15 juni 2022 om 10:00 uur waardoor het te laat was om de dagvaarding nog in te trekken. [eiser] vordert daarom betaling van de proceskosten van Sam@Work.  </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Het verweer</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Sam@Work betwist de vordering (gedeeltelijk). Zij voert aan – samengevat – dat de hoofdsom ruim voor het uitbrengen van de dagvaarding was voldaan en dat ook de incassokosten, de wettelijke rente en de betekeningskosten voor de eerste roldatum zijn voldaan. De vordering tot betaling van de hoofdsom, buitengerechtelijke incassokosten, wettelijke rente en betekeningskosten zouden daarom afgewezen moeten worden en de proceskosten dienen voor rekening van [eiser] te komen. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>Bij dagvaarding heeft [eiser] een vordering ingesteld van € 1.846,44. Deze vordering bestond uit een hoofdsom van € 1.605,60 en € 240,84 aan buitengerechtelijke incassokosten. [eiser] heeft zijn vordering verminderd met € 2.023,12 zodat de hoofdsom, buitengerechtelijke incassokosten, wettelijke rente en de dagvaardingkosten zijn betaald.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>De kantonrechter merkt allereerst op dat onterecht voor een bedrag van € 1.846,44 is gedagvaard nu de hoofdsom van € 1.605,60 al voor de datum van de dagvaarding was betaald. De kanonrechter volgt [eiser] niet in zijn stelling dat de betaling de dagvaarding zal hebben gekruist aangezien deze betaling ruim een maand voor het uitbrengen van de dagvaarding al was voldaan. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft inmiddels zijn gehele vordering betaald gekregen. De kantonrechter is het met [eiser] eens dat deze betaling laat door Sam@Work is verricht, desalniettemin is de gehele vordering voor de eerste roldatum voldaan, zodat het op de weg van [eiser] had gelegen om de dagvaarding in te trekken en hiermee de verschuldigdheid van het griffierecht te voorkomen. Sam@Work heeft zich ingespannen om [eiser] op de hoogte te stellen van de betaling door op 14 juni 2022 een e-mail hierover te sturen en tweemaal te bellen naar de gemachtigde van [eiser]. Dat de gemachtigde van [eiser] niet bereikbaar was en daardoor de betaling niet tijdig heeft kunnen verwerken om de dagvaarding in te kunnen trekken, komt mede gelet op de inspanning van Sam@Work voor rekening en risico van [eiser]. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>Gelet op het voorgaande zal de kantonrechter de vordering afwijzen. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>
        [eiser] wordt in het ongelijk gesteld en zal daarom ook in de proceskosten worden veroordeeld. Daarbij wordt [eiser] ook veroordeeld tot betaling van € 62,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door Sam@Work worden gemaakt, De gevorderde rente over de proceskosten zal worden toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing	</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>wijst de vordering af;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <para>veroordeelt [eiser] tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van Sam@Work worden begroot op € 248,00 (2 punten á € 124,00) aan salaris van de gemachtigde van Sam@Work en veroordeelt [eiser] tot betaling van € 62,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door Sam@Work worden gemaakt, vermeerderd met de wettelijke rente over de proceskosten vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3.</nr>
      <parablock>
        <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;</para>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. W. Aardenburg en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier		De kantonrechter</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>